Elders: Samenvatting
| Thema | Indicator | Positie in de Europese Unie | Positie in EU-ranglijst | Trend (2018-2025) | Ontwikkeling |
|---|---|---|---|---|---|
| Handel en hulp | Invoer van goederen uit lageinkomenslanden | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Stijging brede welvaart | Stijging brede welvaart (2024-2025) |
| Handel en hulp | Invoer van goederen uit lagemiddeninkomenslanden | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Geen verandering | Geen verandering (2024-2025) |
| Handel en hulp | Invoer van goederen uit hogemiddeninkomenslanden | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Stijging brede welvaart | Geen verandering (2024-2025) |
| Handel en hulp | Invoer van goederen uit hogeinkomenslanden | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Geen verandering | Geen verandering (2024-2025) |
| Handel en hulp | Ontwikkelingshulp | 2024: 5e van 27 | Hoog | Geen verandering | Geen verandering (2023-2024) |
| Handel en hulp | Overdrachten | 2024: 6e van 27 | Hoog | Geen verandering | Geen verandering (2023-2024) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer fossiele energiedragers | 2024: 27e van 27 | Laag | Geen verandering | Geen verandering (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer fossiele energiedragers uit LDC's | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Daling brede welvaart | Geen verandering (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer metalen | 2024: 24e van 27 | Laag | Geen verandering | Geen verandering (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer metalen uit LDC's | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Geen verandering | Geen verandering (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer niet-metaal mineralen | 2024: 22e van 27 | Laag | Stijging brede welvaart | Geen verandering (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer niet-metaal mineralen uit LDC's | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Geen verandering | Geen verandering (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer biomassa | 2024: 25e van 27 | Laag | Geen verandering | Geen verandering (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Invoer biomassa uit LDC's | Onvoldoende data(kwaliteit) | Geen data | Daling brede welvaart | Stijging brede welvaart (2024-2025) |
| Milieu en grondstoffen | Landvoetafdruk | 2023: 4e van 27 | Hoog | Stijging brede welvaart | Geen verandering (2022-2023) |
| Milieu en grondstoffen | Grondstofvoetafdruk | 2023: 7e van 27 | Hoog | Geen verandering | Stijging brede welvaart (2022-2023) |
| Milieu en grondstoffen | Broeikasgasvoetafdruk | 2023: 16e van 27 | Midden | Geen verandering | Geen verandering (2022-2023) |
Brede welvaart ‘elders’ gaat over de gevolgen van keuzes die Nederlanders maken voor de brede welvaart ‘hier en nu’ en ‘later’ van mensen elders in de wereld. Nederland heeft een grote voetafdruk in de wereld, die positieve en negatieve effecten heeft op de brede welvaart van huidige en toekomstige generaties in andere landen.
Uitleg dashboard, kleuren en noten
De keuzes van Nederlanders om hun leven vorm te geven hebben gevolgen voor mensen in de rest van de wereld. Deze gevolgen kunnen positief zijn omdat ze bijvoorbeeld banen en inkomens stimuleren in het buitenland, maar ze kunnen ook negatief zijn doordat ze bijvoorbeeld de druk op hulpbronnen en het milieu in andere landen verhogen.
Handel en hulp
Er wordt voor meer geld aan goederen ingevoerd uit lage-inkomenslanden naar Nederland, maar het overgrote deel komt nog steeds uit hoge- en hogemiddeninkomenslanden. Hier komen dus ook de meeste effecten op banen en inkomens terecht. Slechts 0,2 procent van de goedereninvoer komt uit lage-inkomenslanden.
Nederland heeft de OESO-norm voor ontwikkelingshulp van 0,7 procent van het bruto nationaal inkomen (bni) niet gehaald in 2024. Ontwikkelingshulp bedroeg in 2024 0,6 procent van het bni. De inkomensoverdrachten door mensen die in Nederland wonen (ingezetenen) aan mensen die in andere landen wonen (niet-ingezetenen) en salarissen van niet-ingezetenen bedroegen 1,5 procent van het bbp. Hiermee stond Nederland in 2024 bovenin de EU-ranglijst (6e van de 27 landen). De echte effecten op brede welvaart ‘elders’ worden bepaald door de manier waarop de ontvanger het geld uitgeeft.
Milieu en grondstoffen
Een deel van de invoer bestaat uit grondstoffen. Het winnen van deze grondstoffen gaat vaak gepaard met druk op de leefomgeving in de landen van herkomst. Nederland importeert per inwoner meer grondstoffen dan de meeste Europese landen. De invoer van fossiele brandstoffen per inwoner was in 2024 zelfs de hoogste van de EU.
Er wordt steeds minder land gebruikt om de consumptie van burgers en overheid in Nederland mogelijk te maken. Ondanks de structurele afname was er in 2023 meer dan driemaal de landoppervlakte van Nederland nodig. In 2023 nam ook de benodigde hoeveelheid grondstoffen af. De grondstofvoetafdruk daalde in het meest recente jaar (2023) met 11,7 procent. De broeikasgasvoetafdruk is stabiel. In 2023 werd per inwoner 12,2 ton CO2-equivalenten uitgestoten. Vergeleken met andere landen in de EU zijn er voor de Nederlandse consumptie weinig land en grondstoffen in het buitenland nodig.
De invoer van grondstoffen uit de 44 Least Developed Countries (LDC’s) is niet langer stabiel voor biomassa en fossiele brandstoffen. De invoer van beide soorten grondstoffen neemt trendmatig toe. In 2025 is de invoer van fossiele brandstoffen afkomstig uit de LDC’s sterk gestegen. Dit komt door een verschuiving van de invoer uit niet-LDC’s naar LDC’s. Van alle invoer van grondstoffen samen kwam in 2025 2,3 procent uit de LDC’s.
Het beeld van de brede welvaart ‘elders’ is waarschijnlijk te positief. Veel aspecten zijn ingewikkeld om te meten. Het is bijvoorbeeld moeilijk te bepalen wat de kwaliteit is van de banen die elders ontstaan door de Nederlandse invoer. Zo is het nog niet mogelijk om slechte arbeidsomstandigheden, kinderarbeid en gedwongen arbeid in de waardeketens van Nederlandse consumptiegoederen te kwantificeren.
Bovendien worden de cijfers over milieu en grondstoffen vergeleken met landen die, net als Nederland, horen bij de landen die wereldwijd de hoogste voetafdrukken hebben. De Spillover Index van de Verenigde Naties meet de positieve en negatieve effecten die ieder land heeft op alle andere landen. De Spillover Index is niet goed genoeg om te worden gebruikt voor statistische monitoring, maar geeft wel een indruk van de positie van de 27 EU-lidstaten (Sachs, Lafortune & Fuller, 2024; zie ook Fanning et al., 2022). Nederland staat hier bijna onderaan (164e van 167 beschikbare landen). Dit betekent dat Nederland veel meer negatieve dan positieve effecten heeft op andere landen. Het EU-land met de hoogste positie is Bulgarije op de 118e plaats.