Economie groeit met 0,1 procent in eerste kwartaal 2026

Dit zijn de nieuwste cijfers over dit onderwerp. Bekijk eerdere cijfers.
© ANP / Hans van Rhoon

Erratum:

De eerste zin onder de derde tussenkop ’ Economie 1,2 procent groter dan in eerste kwartaal 2025’ moet zijn:
De economie groeide in het eerste kwartaal van 2026 met 1,2 procent ten opzichte van het eerste kwartaal van 2025.

In plaats van:
De economie groeide in het eerste kwartaal van 2026 met 1,2 procent ten opzichte van het vierde kwartaal van 2025.

Volgens de eerste berekening van het CBS, op basis van nu beschikbare gegevens, steeg het bruto binnenlands product (bbp) in het eerste kwartaal van 2026 met 0,1 procent ten opzichte van het vierde kwartaal van 2025. In het vierde kwartaal van 2025 was de groei van het bbp 0,4 procent. De overheidsconsumptie, de investeringen en de verandering in voorraden droegen positief bij aan de groei van het bbp in het eerste kwartaal, maar de uitvoer negatief.

Bruto binnenlandse product (volume), seizoengecorrigeerd
JaarKwartaalIndex (2021=100)
20222e kwartaal105,6
20223e kwartaal105,8
20224e kwartaal105,5
20231e kwartaal105
20232e kwartaal104,6
20233e kwartaal103,9
20234e kwartaal104,1
20241e kwartaal104,3
20242e kwartaal105,4
20243e kwartaal106
20244e kwartaal106,4
20251e kwartaal106,8
20252e kwartaal107,1
20253e kwartaal107,6
20254e kwartaal108,1
20261e kwartaal108,1

Alle cijfers in dit bericht betreffen volumecijfers. Dat wil zeggen dat ze zijn gecorrigeerd voor prijsveranderingen.

Investeringen en consumptie overheid stijgen het hardst

De investeringen in vaste activa stegen met 0,7 procent in vergelijking met het vierde kwartaal. Dat komt vooral door meer investeringen in vliegtuigen en machines. De overheidsconsumptie nam met 0,5 procent toe. De overheid gaf meer uit aan zorg en aan lonen. Huishoudens consumeerden evenveel als in het vierde kwartaal. Ze hebben meer besteed aan kleding en voedingsmiddelen, maar minder aan vervoersmiddelen en brandstoffen.

De uitvoer van goederen en diensten daalde in het eerste kwartaal van 2026 met 0,6 procent ten opzichte van het vierde kwartaal van 2025. Dat komt doordat de export van goederen met 1,2 procent daalde. Er werden vooral minder machines en transportmiddelen uitgevoerd. De export van diensten steeg echter met 0,8 procent. De invoer van goederen en diensten was even groot als een kwartaal eerder. Hierdoor droeg het handelssaldo (uitvoer – invoer) negatief bij aan de groei in het eerste kwartaal van 2026.

Bestedingen naar categorie (volume)
 1e kwartaal 2026 (%-verandering t.o.v. kwartaal eerder)4e kwartaal 2025 (%-verandering t.o.v. kwartaal eerder)
Bruto binnenlands product0,10,4
Invoer goederen en diensten00,3
Investeringen in vaste activa0,70,3
Consumptie overheid0,50,7
Consumptie huishoudens00,1
Uitvoer goederen en diensten-0,61

Overheid en zorg en financiële instellingen dragen het meest bij aan groei

De toegevoegde waarde (het verschil tussen productie en verbruik van energie, materialen en diensten) van de financiële instellingen steeg in het eerste kwartaal het sterkst van de bedrijfstakken (2,1 procent). Hoewel de toegevoegde waarde van de sector overheid en zorg, met 0,6 procent, minder sterk groeide, droeg deze sector samen met de financiële dienstverlening het meest bij aan de groei. De industrie en de zakelijke dienstverlening droegen het meest negatief bij aan de groei.

Toegevoegde waarde naar bedrijfstak (volume)
 1e kwartaal 2026 (%-verandering t.o.v. kwartaal eerder)4e kwartaal 2025 (%-verandering t.o.v. kwartaal eerder)
Financiële instellingen2,1-0,5
Waterbedrijven en afvalbeheer1,4-0,1
Informatie en communicatie1,4-0,3
Overheid, onderwijs en zorg0,60,5
Handel, horeca, vervoer en opslag0,40,8
Verhuur en handel onroerend goed0,40,3
Cultuur, sport, recreatie en overige diensten0,4-0,4
Zakelijke dienstverlening-0,40
Energiebedrijven-0,8-0,2
Bouwnijverheid-0,81
Landbouw, bosbouw en visserij-1,32,5
Industrie-1,80,6
Delfstoffenwinning-3,6-8,8

Economie 1,2 procent groter dan in eerste kwartaal 2025

De economie groeide in het eerste kwartaal van 2026 met 1,2 procent ten opzichte van het eerste kwartaal van 2025. De verandering in voorraden en de consumptie door de overheid droegen het meest bij aan deze groei.

De overheidsconsumptie was 2,7 procent hoger, de consumptie door huishoudens was 0,6 procent hoger. De investeringen groeiden met 1,5 procent. De stijging van de uitvoer was 1,4 procent, terwijl de invoer, met 2,3 procent, sterker groeide. Hierdoor droeg het handelssaldo negatief bij aan de jaar-op-jaargroei.

Van de bedrijfstakken leverden de overheid en zorg en de sector handel, horeca, vervoer en opslag de grootste bijdragen aan de economische groei ten opzichte van het eerste kwartaal van 2025.

Bruto binnenlands product (volume)
JaarKwartaalMutatie (%-verandering t.o.v. jaar eerder)
20222e kwartaal5,5
20223e kwartaal3,8
20224e kwartaal3,9
20231e kwartaal1,1
20232e kwartaal-0,9
20233e kwartaal-1,5
20234e kwartaal-1,1
20241e kwartaal-0,3
20242e kwartaal0,9
20243e kwartaal1,7
20244e kwartaal1,9
20251e kwartaal2,1
20252e kwartaal1,6
20253e kwartaal1,7
20254e kwartaal1,8
20261e kwartaal1,2

Eerste berekening

De eerste berekening, 30 dagen na afloop van een kwartaal, wordt gepubliceerd op basis van de dan beschikbare informatie. Hiermee geeft het CBS een eerste beeld van de stand van de Nederlandse economie. Na deze eerste berekening komt voortdurend meer informatie beschikbaar over de Nederlandse economie, die vervolgens wordt verwerkt in nieuwe berekeningen. De tweede berekening van de economische groei maakt het CBS bekend op woensdag 24 juni.

De absolute bijstelling van de tweede berekening ten opzichte van de eerste berekening was de afgelopen vijf jaar (2021-2025) gemiddeld 0,2 procentpunt. De twee uitersten bedroegen -0,4 en 0,7 procentpunt, respectievelijk in 2024 en 2021.

Bij elke nieuwe berekening bepaalt het CBS ook de nieuwe seizoengecorrigeerde cijfers van de eerder gepubliceerde kwartalen. Het groeicijfer van het vierde kwartaal van 2025 is bijgesteld van 0,5 naar 0,4 procent en dat van het eerste kwartaal van 2025 van 0,3 naar 0,4 procent. De twee tussenliggende kwartalen zijn niet bijgesteld.

De cijfers in dit bericht zijn voorlopig en kunnen worden bijgesteld.