Werkloosheid gedaald naar 3,0 procent

Vrouw aan het werk op de kwaliteitscontrole in de electronische industrie
© Hollandse Hoogte / Westend61 GmbH
Het aantal mensen met betaald werk nam in de afgelopen drie maanden met gemiddeld 21 duizend per maand toe en bedroeg in januari 9,1 miljoen personen. Het aantal werklozen is in de afgelopen drie maanden gedaald met gemiddeld 13 duizend per maand naar 284 duizend. Zij hadden geen betaald werk en gaven aan recent naar werk te hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar te zijn. Hiermee kwam het werkloosheidspercentage in januari uit op 3,0. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers. UWV registreerde eind januari 241 duizend lopende WW-uitkeringen.

4,0 miljoen mensen hadden in januari 2020 om uiteenlopende redenen geen betaald werk. Naast werklozen ging het om 3,7 miljoen mensen die niet recent hebben gezocht en/of niet direct voor werk beschikbaar waren. Zij worden niet tot de beroepsbevolking gerekend. Hun aantal is in de laatste drie maanden gelijk gebleven.

Werkloosheidsindicator

Om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in verschillende landen te kunnen vergelijken, wordt vaak gebruikgemaakt van de werkloosheidsindicator van de International Labour Organization (ILO). Volgens deze indicator worden mensen van 15 tot 75 jaar zonder betaald werk die hier recent naar hebben gezocht en direct beschikbaar zijn met ‘werkloos’ aangeduid.

In januari van dit jaar waren er 284 duizend werklozen. Voor het eerst sinds 2003, het eerste jaar waarvoor maandcijfers beschikbaar zijn, ligt dat aantal onder de 300 duizend. Het vorig laagterecord op basis van maandcijfers werd in april 2019 bereikt. Daarna nam de werkloosheid licht toe en daalde in december en januari weer. Als percentage van de beroepsbevolking was de werkloosheid met 3,0 ook niet eerder zo laag sinds er maandcijfers worden samengesteld.

Werkloosheid en WW-uitkeringen
Jaar MaandWerkloosheidsindicator (ILO)
(15 tot 75 jaar, seizoengecorrigeerd) (x 1 000)
WW-uitkeringen (15 jaar tot AOW-leeftijd) (x 1 000)
2012januari486292
2012februari482299
2012maart487296
2012april502292
2012mei501291
2012juni502291
2012juli518298
2012augustus517304
2012september530304
2012oktober539310
2012november554322
2012december572340
2013januari589369
2013februari601377
2013maart619380
2013april625380
2013mei632378
2013juni648382
2013juli666395
2013augustus670399
2013september675400
2013oktober680408
2013november677419
2013december687438
2014januari691460
2014februari699460
2014maart692454
2014april684443
2014mei672436
2014juni656431
2014juli648437
2014augustus637430
2014september630420
2014oktober632419
2014november635425
2014december643441
2015januari645458
2015februari633455
2015maart626443
2015april625427
2015mei617416
2015juni611410
2015juli603420
2015augustus604420
2015september609417
2015oktober616421
2015november596427
2015december588446
2016januari574465
2016februari581469
2016maart574470
2016april572461
2016mei560448
2016juni550438
2016juli541432
2016augustus521427
2016september510424
2016oktober502420
2016november499410
2016december482412
2017januari480419
2017februari473416
2017maart463415
2017april456401
2017mei456386
2017juni446372
2017juli436364
2017augustus426362
2017september422351
2017oktober404343
2017november397337
2017december395330
2018januari380335
2018februari367330
2018maart357327
2018april355314
2018mei352301
2018juni354288
2018juli348279
2018augustus353278
2018september343274
2018oktober337269
2018november326267
2018december329263
2019januari329279
2019februari312274
2019maart307268
2019april300257
2019mei302251
2019juni313243
2019juli313234
2019augustus321237
2019september323233
2019oktober323233
2019november324228
2019december302223
2020januari284241

UWV: Meer WW in januari

UWV verstrekte eind januari 241 duizend lopende WW-uitkeringen. Dat zijn er 37,6 duizend minder dan een jaar eerder (-13,5 procent). Vergeleken met een maand eerder nam het aantal WW-uitkeringen toe met 18 duizend (+8,1 procent). Een toename van het aantal WW-uitkeringen in januari is een jaarlijks terugkerend seizoenspatroon. Zo lopen aan het begin van het jaar veel contracten af en kunnen bijvoorbeeld in de landbouw en de bouw bepaalde werkzaamheden niet of in mindere mate plaatsvinden.

Een persoon kan recht hebben op meer dan één WW-uitkering tegelijk. Eind januari 2020 ontvingen 236 duizend personen ten minste één WW-uitkering. Hiervan heeft 21,2 procent langer dan een jaar WW.

Werkloosheid onder 45-plussers verder gedaald

De werkloosheid onder 45-plussers daalde in januari naar 2,1 procent. Het aandeel werkloze 45-plussers in de beroepsbevolking nam in de afgelopen drie maanden verder af. De werkloosheid onder jongeren en 25- tot 45-jarigen nam gedurende 2019 iets toe, maar daalde voor beide groepen recent weer. De percentages kwamen in januari uit op respectievelijk 6,4 en 2,7. Dat is vrijwel gelijk aan de stand van begin 2019.

Werkloosheidspercentage
 Januari 2019 (% van de beroepsbevolking)April 2019 (% van de beroepsbevolking)Juli 2019 (% van de beroepsbevolking)Oktober 2019 (% van de beroepsbevolking)Januari 2020 (% van de beroepsbevolking)
15 tot 25 jaar6,56,26,77,36,4
25 tot 45 jaar2,72,62,82,92,7
45 tot 75 jaar3,32,82,72,62,1

Onbenut arbeidspotentieel

Het CBS publiceert maandelijks over de omvang van de werkzame beroepsbevolking en de niet-werkzame bevolking, waarbij de laatste groep wordt uitgesplitst naar de werkloze beroepsbevolking en de niet-beroepsbevolking (allemaal volgens ILO-definitie).

Met de werkloze beroepsbevolking wordt echter niet het totale onbenut arbeidspotentieel beschreven. Behalve werklozen behoren hiertoe nog andere groepen. Het gaat ook om mensen die óf recent gezocht hebben naar werk óf direct beschikbaar zijn voor werk. Deze mensen worden gerekend tot het onbenut arbeidspotentieel, maar vallen buiten de werkloosheidsdefinitie. Ook deeltijders die meer uren willen werken en hiervoor direct beschikbaar zijn, behoren tot het onbenut arbeidspotentieel.

De grootte en samenstelling van deze groepen worden alleen per kwartaal gepubliceerd. Het totaalbeeld dat de onderstaande figuur weergeeft is gebaseerd op de meest recente kwartaalcijfers. Het totale onbenut arbeidspotentieel bestond in het vierde kwartaal van 2019 uit 982 duizend mensen, 57 duizend minder dan een jaar eerder. De ontwikkeling van het totale onbenut arbeidspotentieel hangt sterk samen met de ontwikkeling van de werkloosheid.

Beroepsbevolking van 15 tot 75 jaar Niet-beroepsbevolking Niet gezocht en niet beschikbaar Wil en/of kan niet werken Wil wel werken Gezocht en niet beschikbaar Beschikbaar en niet gezocht Vanwege weinig resultaat Vanwege andere reden Beroepsbevolking Werkloos (ILO-definitie) Werkzaam Deeltijd Wil meer uren werken, beschikbaar Voltijd

Het CBS publiceert maandelijks volgens de internationale richtlijnen over de beroepsbevolking. De bijbehorende indicatoren, de werkzame en werkloze beroepsbevolking, worden wereldwijd gebruikt om de conjuncturele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te beschrijven. Daarbij zijn maandcijfers essentieel. Daarnaast publiceert het UWV maandelijks over het aantal WW-uitkeringen. Deze UWV-cijfers over uitkeringen zijn niet één-op-één vergelijkbaar met de indicatoren over de beroepsbevolking.

Bronnen