Economisch beeld minder gunstig

Het conjunctuurbeeld volgens de Conjunctuurklok van het CBS is in februari minder gunstig dan een maand eerder, meldt het CBS. In de Conjunctuurklok van half februari presteren 9 van de 13 indicatoren beter dan hun langjarige trend.

De Conjunctuurklok is een hulpmiddel voor het bepalen van de stand en het verloop van de Nederlandse conjunctuur. In de Conjunctuurklok komt vrijwel alle belangrijke economische informatie samen die het CBS tijdens de afgelopen maand c.q. het afgelopen kwartaal heeft gepubliceerd. Het conjunctuurbeeld volgens de Conjunctuurklok betreft een macro-economisch beeld en het gaat niet in gelijke mate op voor alle huishoudens, bedrijven of regio’s.

Conjunctuurklokindicator (ongewogen gemiddelde van de indicatoren in de Conjunctuurklok) (afwijking van de langetermijntrend (=0))
jaarmaandcyclus
2012januari-0,04
februari-0,09
maart-0,12
april-0,15
mei-0,23
juni-0,29
juli-0,35
augustus-0,46
september-0,54
oktober-0,62
november-0,75
december-0,85
2013januari-0,94
februari-1,06
maart-1,15
april-1,2
mei-1,27
juni-1,3
juli-1,3
augustus-1,29
september-1,23
oktober-1,16
november-1,08
december-0,99
2014januari-0,93
februari-0,88
maart-0,85
april-0,84
mei-0,82
juni-0,82
juli-0,81
augustus-0,79
september-0,79
oktober-0,77
november-0,74
december-0,7
2015januari-0,65
februari-0,6
maart-0,54
april-0,49
mei-0,43
juni-0,37
juli-0,34
augustus-0,3
september-0,27
oktober-0,26
november-0,24
december-0,23
2016januari-0,23
februari-0,21
maart-0,21
april-0,2
mei-0,16
juni-0,14
juli-0,11
augustus-0,06
september-0,02
oktober0,02
november0,07
december0,12
2017januari0,16
februari0,22
maart0,27
april0,3
mei0,36
juni0,39
juli0,42
augustus0,47
september0,51
oktober0,54
november0,6
december0,63
2018januari0,67
februari0,72
maart0,76
april0,78
mei0,8
juni0,81
juli0,79
augustus0,79
september0,78
oktober0,75
november0,73
december0,69
2019januari0,64
februari0,59
maart0,54
april 0,51
mei0,48
juni0,46
juli0,43
augustus0,4
september0,36
oktober0,32
november0,29
december0,26
2020januari0,24
februari0,21

Consumentenvertrouwen verandert nauwelijks, producentenvertrouwen lager

Het consumentenvertrouwen was in januari ongeveer hetzelfde als in december. Het producentenvertrouwen was minder positief dan in december. Het vertrouwen van producenten en consumenten ligt boven het langjarige gemiddelde.

Consumenten- en producentenvertrouwen (seizoengecorrigeerd) (gemiddelde van de deelvragen)
jaarmaandConsumentenvertrouwenProducentenvertrouwen
2015januari-22,8
februari-12
maart71,4
april103,3
mei114,1
juni144,6
juli133,7
augustus133,5
september113,8
oktober122,4
november144
december133
2016januari113,2
februari73,1
maart23,9
april64,7
mei74,4
juni115,4
juli95,1
augustus91,2
september123,4
oktober174,3
november213,4
december214,7
2017januari216
februari227
maart247,8
april268,3
mei236,1
juni237,2
juli256,6
augustus265,4
september238,5
oktober238,2
november229,1
december258,9
2018januari2410,3
februari2310,9
maart249,5
april258,2
mei239,8
juni237,7
juli236,3
augustus215,9
september195,7
oktober155,9
november137,2
december97,5
2019januari15,8
februari-26,3
maart-46,1
april-36,7
mei-34,7
juni 03,3
juli23,9
augustus03,9
september-23,3
oktober-13,6
november-22,8
december-22,9
2020januari-32,5

Investeringen, export en consumptie huishoudens groeien

In het vierde kwartaal van 2019 was het volume van de investeringen in vaste activa 4,2 procent groter dan een jaar eerder. Dat is vooral te danken aan hogere investeringen in personenauto’s, vliegtuigen en machines.

Het volume van de export goederen en diensten was in het vierde kwartaal 3,7 procent groter dan in het vierde kwartaal van 2018. Vooral de export van machines, aardolie- en chemische producten groeide.

Consumenten hebben in het vierde kwartaal 1,8 procent meer besteed dan een jaar eerder. Ze gaven vooral meer uit aan woninginrichting, elektrische apparaten, auto’s en diensten.

Productie industrie 0,6 procent lager in december

De gemiddelde dagproductie van de Nederlandse industrie was in december 0,6 procent lager dan in december 2018. De daling op jaarbasis is kleiner dan in de voorgaande maand.

Meer faillissementen in januari

In januari 2020 zijn er voor zittingsdagen gecorrigeerd 28 bedrijven meer failliet verklaard dan in december. De trend is de afgelopen jaren redelijk vlak.

Aantal banen blijft stijgen

Het totale aantal banen van werknemers en zelfstandigen nam in het vierde kwartaal met 48 duizend toe tot 10 740 duizend. De groei van het aantal banen ten opzichte van het voorgaande kwartaal komt daarmee op 0,4 procent. In een jaar tijd kwamen er 153 duizend banen bij.

Het aantal banen groeit al bijna zes jaar achter elkaar. Vanaf het tweede kwartaal van 2014 zijn er 1 012 duizend banen bijgekomen.

Werknemers en zelfstandigen werkten in het vierde kwartaal van 2019 in totaal bijna 3,5 miljard uur. Dat is, gecorrigeerd voor seizoeninvloeden, 0,8 procent meer dan een kwartaal eerder.

Eind december was het aantal openstaande vacatures opgelopen tot 291 duizend. Dat is een toename van ruim 3 duizend vergeleken met een kwartaal eerder.

Het aantal werklozen (ILO-definitie) daalde in het vierde kwartaal met 3 duizend naar 316 duizend. Hiermee was 3,4 procent van de beroepsbevolking werkloos.

De spanning op de arbeidsmarkt is in het vierde kwartaal iets toegenomen naar gemiddeld 92 vacatures per 100 werklozen. In het derde kwartaal waren dat nog 90 vacatures per 100 werklozen.

Bruto binnenlandse product (volume), seizoengecorrigeerd (2010=100)
   index
20121e kwartaal100,8
2e kwartaal100,9
3e kwartaal100,5
4e kwartaal99,8
20131e kwartaal100,1
2e kwartaal99,9
3e kwartaal100,5
4e kwartaal101,1
20141e kwartaal101
2e kwartaal101,6
3e kwartaal101,9
4e kwartaal102,8
20151e kwartaal103,4
2e kwartaal103,7
3e kwartaal104,1
4e kwartaal104,1
20161e kwartaal105,1
2e kwartaal105,3
3e kwartaal106,5
4e kwartaal107,4
20171e kwartaal108
2e kwartaal108,9
3e kwartaal109,7
4e kwartaal110,5
20181e kwartaal111,2
2e kwartaal111,9
3e kwartaal112,2
4e kwartaal112,8
20191e kwartaal113,3
2e kwartaal113,7
3e kwartaal114,2
4e kwartaal114,6

Bbp groeit met 0,4 procent in vierde kwartaal 2019

Volgens de eerste berekening van het CBS is het bruto binnenlands product (bbp) in het vierde kwartaal van 2019 met 0,4 procent gegroeid ten opzichte van een kwartaal eerder. De groei is te danken aan de consumptie, investeringen en het handelssaldo. Ten opzichte van het vierde kwartaal 2018 was de omvang van het bbp 1,5 procent groter.

Woensdag 25 maart 2020 komt het CBS met de tweede berekening van het bbp en het aantal banen in het vierde kwartaal van 2019. 

Relevante links