Consumentenprijzen stijgen minder in maart

De consumentenprijzen waren in maart 1 procent hoger dan een jaar eerder, meldt het CBS. In februari was de prijsstijging van goederen en diensten op jaarbasis 1,2 procent.

De CPI is een belangrijke indicator voor het verschijnsel inflatie, maar is niet hetzelfde. De index geeft het prijsverloop weer van een pakket goederen en diensten zoals dagelijkse boodschappen, kleding, benzine, huur en verzekeringspremies. Inflatie is breder dan de prijsontwikkeling van consumentengoederen en –diensten, want bijvoorbeeld ook koopwoningen, industriële producten, aandelen en goud veranderen van prijs.

De consumentenprijsindex (CPI) is één van de inflatie-indicatoren die is opgenomen in het prijzendashboard. Hierin staan ook andere inflatie-indicatoren zoals de prijsindex bestaande koopwoningen en de in- en uitvoerprijzen van de industrie.

Consumentenprijsindex (CPI) (%-mutatie t.o.v. een jaar eerder)
   CPI
2013jan3
feb3
mrt2,9
apr2,6
mei2,8
jun2,9
jul3,1
aug2,8
sep2,4
okt1,6
nov1,5
dec1,7
2014jan1,4
feb1,1
mrt0,8
apr1,2
mei0,8
jun0,9
jul0,9
aug1
sep0,9
okt1,1
nov1
dec0,7
2015jan0
feb0,2
mrt0,4
apr0,6
mei1,1
jun1
jul1
aug0,8
sep0,6
okt0,6
nov0,7
dec0,7
2016jan0,6
feb0,6
mrt0,6
apr0
mei0
jun0
jul-0,2
aug0,2
sep0,1
okt0,4
nov0,6
dec1
2017jan1,7
feb1,8
mrt1,1
apr1,6
mei1,1
jun1,1
jul1,3
aug1,4
sep1,5
okt1,3
nov1,5
dec1,3
2018jan1,5
feb1,2
mrt1

Prijsstijging van voedingsmiddelen neemt af

In maart stegen de consumentenprijzen minder hard dan in februari. Dit kwam vooral door de ontwikkeling van de prijzen van een aantal voedingsproducten zoals vlees, zuivel, fruit en aardappelen. De prijsstijging van voedingsmiddelen op jaarbasis is voor de zesde maand op rij afgenomen. Ook de prijsontwikkeling van kleding drukte de stijging van de consumentenprijzen. Daarentegen had de prijsontwikkeling van mobiele telefoondiensten, onderhoud van privé-voertuigen en autobrandstoffen een verhogend effect op de ontwikkeling van de consumentenprijzen.

CPI; belangrijkste bijdragen aan de jaarmutatie (%-punt)
 feb-18mrt-18
Totaal1,21
Huisvesting, water en energie0,610,58
Diverse goederen en diensten0,230,24
Recreatie en cultuur0,20,17
Horeca0,180,16
Vervoer0,040,14
Voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken0,20,08
Consumptie in het buitenland0,01-0,02
Kleding en schoeisel-0,1-0,24
Communicatie-0,27-0,21
 

Consumentenprijzen in Nederland stijgen minder dan in de eurozone

Naast de consumentenprijsindex (CPI) berekent het CBS ook de Europees geharmoniseerde prijsindex (HICP).

In maart waren de prijzen van goederen en diensten in Nederland volgens de HICP 1 procent hoger dan een jaar eerder. Dat was in februari nog 1,3 procent. Daarmee is de prijsstijging in Nederland lager dan die van de eurozone, waar de prijsstijging toenam van 1,1 naar 1,4 procent. In de eurozone was vooral de prijsstijging van voeding, alcohol en tabak sterker dan in februari.

Geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP) (%-mutatie t.o.v. een jaar eerder)
   NederlandEurozone
2013jan3,22
feb3,21,9
mrt3,21,7
apr2,81,2
mei3,11,4
jun3,21,6
jul3,11,6
aug2,81,3
sep2,41,1
okt1,30,7
nov1,20,9
dec1,40,8
2014jan0,80,8
feb0,40,7
mrt0,10,5
apr0,60,7
mei0,10,5
jun0,30,5
jul0,30,4
aug0,40,4
sep0,30,3
okt0,40,4
nov0,30,3
dec-0,1-0,2
2015jan-0,7-0,6
feb-0,5-0,3
mrt-0,3-0,1
apr00
mei0,70,3
jun0,50,2
jul0,80,2
aug0,40,1
sep0,3-0,1
okt0,40,1
nov0,40,1
dec0,50,2
2016jan0,20,3
feb0,3-0,2
mrt0,50
apr-0,2-0,2
mei-0,2-0,1
jun-0,20,1
jul-0,60,2
aug0,10,2
sep-0,10,4
okt0,30,5
nov0,40,6
dec0,71,1
2017jan1,61,8
feb1,72
mrt0,61,5
apr1,41,9
mei0,71,4
jun11,3
jul1,51,3
aug1,51,5
sep1,41,5
okt1,31,4
nov1,51,5
dec1,21,4
2018jan1,51,3
feb1,31,1
mrt11,4

De HICP wordt volgens de Europees geharmoniseerde methode berekend zodat deze kan worden vergeleken met andere lidstaten van de Europese Unie. De prijsindexcijfers voor de eurozone en de Europese Unie als geheel worden berekend uit de HICP’s van de afzonderlijke lidstaten. De Europese Centrale Bank (ECB) gebruikt deze cijfers voor het monetaire beleid.

De HICP houdt in tegenstelling tot de CPI geen rekening met de kosten van het wonen in de eigen woning. In de CPI worden deze kosten berekend aan de hand van de ontwikkeling van woninghuren.