Innovatieve methode brengt segregatie scherper in beeld

19-11-2015 12:00 / Auteur: Jaap van Sandijk / Fotografie: Hollandse Hoogte / Categorie: Innovatie en ontwikkeling
CBS is via het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) betrokken bij een internationaal project waarin wordt gewerkt aan een innovatieve manier om segregatie (de relatieve concentratie van mensen die tot een bepaalde sociaal-economische categorie of herkomstgroep behoren binnen een bepaalde stadsbuurt) te meten. Hierbij wordt niet - zoals gebruikelijk - gemeten op het niveau van administratief afgebakende buurten en wijken, maar aan de hand van individuele personen en degenen die rond deze persoon wonen. CBS en NIDI verwachten hierdoor een verfijnder beeld van segregatie te krijgen en ook internationaal beter te kunnen vergelijken. Dat is belangrijk omdat segregatie hoog op de beleidsagenda staat in meerdere Europese landen.

Innovatief

Bart Sleutjes is postdoc onderzoeker bij het NIDI. Toch is hij de laatste tijd vaker te vinden op de werkvloer van CBS. Om precies te zijn bij de afdeling die innovatieve onderzoekstrajecten ondersteunt. Dat heeft alles te maken met zijn werkzaamheden voor het Europese ResSegr-project, waarin CBS en NIDI samenwerken. Daarbij zorgt CBS voor de data. Ruben van Gaalen, senior onderzoeker bij CBS en contactpersoon voor het NIDI: ‘Samenwerken met experts van het NIDI  in een groot internationaal project, waarbij een maatschappelijk zeer relevant thema als buurtsegregatie met wetenschappelijke methoden wordt onderzocht, past goed bij een kennisinstelling als CBS.’

Woonsegregatie

De naam van het project staat voor Residential Segregation, ofwel woonsegregatie. ‘In dit project werken we samen met universiteiten en statistiek- en onderzoekbureaus uit België, Noorwegen, Denemarken en Zweden’, legt Sleutjes uit. ‘Met elkaar werken we aan een andere, aanvullende manier van het meten van segregatie. Statistiekbureaus werken met eigen, administratief afgebakende wijken en buurten. In dit project omzeilen we die administratieve grenzen en meten we aan de hand van geografische coördinaten.’

Verfijnder beeld

De verwachting is dat deze meetwijze een verfijnder beeld van segregatie geeft. Kort gezegd komt de werkwijze erop neer dat door de inzet van geografische coördinaten en door het gebruik van speciale software (Equipop) kan worden bepaald welke personen het dichtstbij wonen, onafhankelijk van administratieve grenzen. Bijvoorbeeld: wie zijn de 200 dichtstbijzijnde buren? Zo kan gedetailleerder worden ingezoomd op concentraties van bewoners. ‘Tot op zeer gedetailleerd niveau kan worden aangegeven waar segregatie het sterkst is’, aldus Sleutjes.

Een belangrijke aanleiding voor het Europese project is het internationale debat over segregatie

Internationaal debat over segregatie

Een belangrijke aanleiding voor het Europese project is het internationale debat over segregatie. Het onderwerp staat hoog op de beleidsagenda in meerdere Europese landen en er is vraag naar een goede internationale vergelijking op het gebied van segregatie. ‘Die wordt echter belemmerd doordat landen werken met hun eigen, administratief begrensde wijken en buurten’, zegt Sleutjes. ‘Een internationale vergelijking is daardoor nooit zuiver. Maar ieder land heeft wel het stelsel van geografische coördinaten. Door de inzet hiervan kun je segregatie internationaal gelijkwaardiger vergelijken.’

Eerste bevindingen

Het Europese project ging in september 2014 van start. De eerste maanden werden vooral besteed aan  de data toegankelijk maken en het afstemmen van de indicatoren waarop gemeten zou gaan worden. Ook werd gewerkt aan de visuele presentatie van de data, met kaarten. Inmiddels kunnen de eerste bevindingen gedeeld worden. Sleutjes: ‘Op basis van onze eerste bevindingen lijken we tot gedetailleerdere resultaten te komen. Binnen kleine ruimtelijke eenheden zie je soms grote verschillen. Zo blijkt dat segregatie zich vooral concentreert op gedetailleerd niveau, bijvoorbeeld tot op enkele flats. Verder zien we dat in buurten waar veel hoog opgeleiden wonen minder sterke concentraties zijn van niet-EU-migranten. In Amsterdam concentreren hoger opgeleiden zich binnen de A10-ring en beneden het IJ, concentraties van niet-EU-migranten zijn er vooral buiten de ring.’

Effecten van segregatie

Het is nog te vroeg om de impact van de aanvullende werkwijze te kunnen beoordelen, zegt Sleutjes. ‘Maar in de toekomst willen we ons met deze nieuwe werkwijze ook toeleggen op de effecten van segregatie op personen. Daar gaat het om vragen als: in hoeverre hebben concentraties van sociaal-economische problemen effect op persoonlijke kansen en in hoeverre belemmert segregatie de integratie van migranten? Het is dan interessant om te zien of effecten en patronen zoals die zijn vastgesteld met de traditionele methode anders uitpakken met onze andere manier van meten.’

Demografiedag

In de loop van 2016 komt de projectgroep met de eerste internationale vergelijking. Dan worden bijvoorbeeld Nederland en België, maar ook de overige deelnemende landen, naast elkaar gelegd. Nog voor dit alles is de projectgroep op 25 november a.s. aanwezig op de Demografiedag van de Nederlandse Vereniging voor Demografie (NVD) in Utrecht, waar het de eerste resultaten presenteert.

Wat is segregatie?

Het begrip ‘segregatie’ meet de mate waarin twee of meer groepen mensen fysiek van elkaar gescheiden wonen binnen een stad of regio (zie Massey & Denton, 1988). Meestal gaat het hierbij om de relatieve concentratie van mensen die tot een bepaalde sociaal-economische categorie (denk aan inkomen, werkloosheid of opleidingsniveau) of herkomstgroep behoren binnen een bepaalde stadsbuurt. In een gesegregeerde buurt is een bepaalde groep oververtegenwoordigd ten opzichte van de rest van de stad. In een stad zonder segregatie zouden alle groepen exact gelijk zijn verspreid over de verschillende buurten.