Landbouw; output goederen en diensten, nationale rekeningen

Landbouw; output goederen en diensten, nationale rekeningen

Landbouwgoederen en diensten Perioden Waarde in werkelijke prijzen Output basisprijzen (mln euro) Volumemutatie t.o.v. voorafgaand jaar Output basisprijzen (%)
Totaal bedrijfstak landbouw 2007 24.066 2,8
Totaal bedrijfstak landbouw 2008 24.881 3,3
Totaal bedrijfstak landbouw 2009 23.264 1,8
Totaal bedrijfstak landbouw 2010 25.475 1,2
Totaal bedrijfstak landbouw 2011 26.021 -0,2
Totaal bedrijfstak landbouw 2012 26.976 -0,3
Totaal bedrijfstak landbouw 2013 28.408 1,2
Totaal bedrijfstak landbouw 2014 27.266 1,0
Totaal bedrijfstak landbouw 2015 26.933 0,8
Totaal bedrijfstak landbouw 2016 27.246 1,9
Totaal bedrijfstak landbouw 2017 28.937 0,8
Totaal bedrijfstak landbouw 2018 28.162 -1,9
Totaal bedrijfstak landbouw 2019* 29.138 1,3
Totaal landbouwgoederen en diensten 2007 23.446 2,3
Totaal landbouwgoederen en diensten 2008 24.017 2,6
Totaal landbouwgoederen en diensten 2009 22.427 2,0
Totaal landbouwgoederen en diensten 2010 24.534 0,6
Totaal landbouwgoederen en diensten 2011 25.046 -0,2
Totaal landbouwgoederen en diensten 2012 26.058 0,0
Totaal landbouwgoederen en diensten 2013 27.493 1,2
Totaal landbouwgoederen en diensten 2014 26.385 1,1
Totaal landbouwgoederen en diensten 2015 26.084 1,0
Totaal landbouwgoederen en diensten 2016 26.465 2,0
Totaal landbouwgoederen en diensten 2017 28.138 0,7
Totaal landbouwgoederen en diensten 2018 27.329 -2,0
Totaal landbouwgoederen en diensten 2019* 28.308 1,4
Totaal producten 2007 21.276 2,1
Totaal producten 2008 21.641 2,3
Totaal producten 2009 20.013 2,1
Totaal producten 2010 22.060 0,3
Totaal producten 2011 22.452 -0,6
Totaal producten 2012 23.498 0,2
Totaal producten 2013 24.892 1,4
Totaal producten 2014 23.725 1,0
Totaal producten 2015 23.535 1,3
Totaal producten 2016 23.899 2,2
Totaal producten 2017 25.468 0,7
Totaal producten 2018 24.633 -2,1
Totaal producten 2019* 25.552 1,6
Totaal diensten 2007 2.170 3,7
Totaal diensten 2008 2.375 5,6
Totaal diensten 2009 2.414 1,3
Totaal diensten 2010 2.474 2,4
Totaal diensten 2011 2.595 3,1
Totaal diensten 2012 2.561 -2,1
Totaal diensten 2013 2.601 -0,2
Totaal diensten 2014 2.660 1,6
Totaal diensten 2015 2.549 -2,0
Totaal diensten 2016 2.566 0,5
Totaal diensten 2017 2.670 1,4
Totaal diensten 2018 2.697 -0,5
Totaal diensten 2019* 2.756 -0,4
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2007 621 24,8
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2008 864 29,9
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2009 837 -4,6
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2010 941 18,4
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2011 974 0,3
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2012 918 -6,7
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2013 915 0,9
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2014 881 -1,1
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2015 849 -2,6
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2016 781 -3,4
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2017 798 3,0
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2018 833 0,9
Totaal niet tot de landbouw behorende... 2019* 830 -0,5
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens uit de landbouwrekeningen. De cijfers hebben betrekking op de output uit de productierekening van de bedrijfstak landbouw.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1995

Status van de cijfers:
De jaren in de periode 1995-2017 zijn definitief. Gegevens van de jaren 2018 en 2019 hebben de status voorlopig.

Wijzigingen per 13 augustus 2020:
De gegevens van de voorlopige raming van 2019 zijn toegevoegd aan deze tabel.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Na afloop van het verslagjaar worden na ongeveer 6 maanden de voorlopige cijfers gepubliceerd. Na 18 maanden worden de definitieve cijfers gepubliceerd, tegelijkertijd met het verschijnen van de nationale rekeningen. In december komen de zeer voorlopige cijfers van het actuele jaar beschikbaar. Deze gegevens worden door het Landbouw Economisch Instituut in samenspraak met het CBS vastgesteld. Een update van de zeer voorlopige cijfers vindt in januari plaats.
Met ingang van medio 2016 is het publicatie- en revisiebeleid van de nationale rekeningen herzien. In paragraaf 3 wordt verwezen naar aanvullende informatie over deze veranderingen.

Toelichting onderwerpen

Waarde in werkelijke prijzen
De bedragen zijn uitgedrukt in prijzen van de betreffende verslagperiode. Dit in tegenstelling tot zogeheten constante prijzen, waarbij bedragen zijn uitgedrukt in prijzen van een bepaalde basisperiode.
Output basisprijzen
Het totaal aan goederen en diensten dat is geproduceerd, ook wel productie genoemd. Hiervan bestaan drie soorten:
- marktoutput: goederen en diensten die op de markt zijn afgezet of waarvoor dit in de toekomst de bedoeling is
- output voor eigen finaal gebruik: goederen en diensten voor eigen consumptie of voor investeringen door dezelfde bedrijfseenheid als die welke die goederen en diensten heeft geproduceerd
- niet-marktoutput: goederen en diensten die gratis of tegen economisch niet-significante prijzen aan andere eenheden zijn geleverd.

De output wordt hier gewaardeerd tegen basisprijzen. Dit zijn de prijzen die door producenten zelf zijn ervaren: de productgebonden belastingen zijn er vanaf getrokken en de productgebonden subsidies erbij opgeteld. Door de producent afzonderlijk in rekening gebrachte vervoerskosten zijn niet inbegrepen. Ook de waardeverandering van financiële en niet-financiële activa (productiemiddelen) tijdens de verslagperiode zijn niet inbegrepen.

Inbegrepen is de output van alle in Nederland opererende bedrijfseenheden, dus ook degenen die in buitenlandse handen zijn. Ook overheidsinstanties en andere niet-commerciële instanties behoren hiertoe.

Volumemutatie t.o.v. voorafgaand jaar
Het gewogen gemiddelde van de veranderingen in de hoeveelheid en de kwaliteit van de onderdelen van een bepaalde goederen- of dienstentransactie of salditransactie, jaarlijkse procentuele veranderingen.
Output basisprijzen
Het totaal aan goederen en diensten dat is geproduceerd, ook wel productie genoemd. Hiervan bestaan drie soorten:
- marktoutput: goederen en diensten die op de markt zijn afgezet of waarvoor dit in de toekomst de bedoeling is
- output voor eigen finaal gebruik: goederen en diensten voor eigen consumptie of voor investeringen door dezelfde bedrijfseenheid als die welke die goederen en diensten heeft geproduceerd
- niet-marktoutput: goederen en diensten die gratis of tegen economisch niet-significante prijzen aan andere eenheden zijn geleverd.

De output wordt hier gewaardeerd tegen basisprijzen. Dit zijn de prijzen die door producenten zelf zijn ervaren: de productgebonden belastingen zijn er vanaf getrokken en de productgebonden subsidies erbij opgeteld. Door de producent afzonderlijk in rekening gebrachte vervoerskosten zijn niet inbegrepen. Ook de waardeverandering van financiële en niet-financiële activa (productiemiddelen) tijdens de verslagperiode zijn niet inbegrepen.

Inbegrepen is de output van alle in Nederland opererende bedrijfseenheden, dus ook degenen die in buitenlandse handen zijn. Ook overheidsinstanties en andere niet-commerciële instanties behoren hiertoe.