Overledenen naar medische beslissing rond levenseinde;leeftijd,doodsoorzaak

Overledenen naar medische beslissing rond levenseinde;leeftijd,doodsoorzaak

Leeftijd Doodsoorzaken Perioden Totaal overledenen (aantal) Zonder MBL-handelwijze Totaal zonder MBL-handelwijze (aantal) Zonder MBL-handelwijze Plotseling en onverwacht overleden (aantal) Zonder MBL-handelwijze Niet plotseling/onverwacht overleden (aantal) Met MBL-handelwijze Totaal met MBL-handelwijze (aantal) Met MBL-handelwijze NIS rekening houdend met overlijden (aantal) Met MBL-handelwijze PSB rekening houdend met overlijden (aantal) Met MBL-handelwijze PSB overlijden mede doel (aantal) Met MBL-handelwijze NIS overlijden uitdrukkelijk doel (aantal) Met MBL-handelwijze Toedienen middel overlijden uitdr. doel Totaal toedienen middel (aantal) Met MBL-handelwijze Toedienen middel overlijden uitdr. doel Euthanasie (aantal) Met MBL-handelwijze Toedienen middel overlijden uitdr. doel Hulp bij zelfdoding (aantal) Met MBL-handelwijze Toedienen middel overlijden uitdr. doel Levensbeëindigend hand. zonder verzoek (aantal)
Totaal Totaal doodsoorzaken 2015 147.134 61.607 24.542 37.066 85.527 7.437 50.911 1.712 18.213 7.254 6.672 150 431
Totaal Aangeboren aandoeningen (nuljarigen) 2015 163 30 0 30 133 16 28 10 79 0 0 0 0
Totaal Ov./onbekende doodsoorzaken (nuljarigen) 2015 398 165 85 81 233 36 68 0 129 0 0 0 0
Totaal Kwaadaardige nieuwvormingen (>0 jaar) 2015 44.155 12.392 1.449 10.943 31.762 1.793 20.747 838 3.735 4.649 4.419 77 153
Totaal Hart- en vaatziekten excl. CVA (>0 jaar) 2015 29.679 18.218 10.556 7.662 11.461 1.370 6.402 146 3.206 337 310 17 10
Totaal Ziekten ademhalingsorganen (>0 jaar) 2015 12.766 5.497 2.089 3.408 7.269 471 4.266 151 1.904 477 477 0 0
Totaal Ziekten zenuwstelsel incl.CVA (>0 jaar) 2015 17.211 6.267 1.800 4.467 10.944 1.126 5.959 120 3.053 686 580 7 99
Totaal Suïcide (>0 jaar) 2015 1.871 1.831 1.641 190 41 4 0 0 32 5 0 5 0
Totaal Ov./onbekende doodsoorzaken (>0 jaar) 2015 40.891 17.207 6.922 10.285 23.685 2.621 13.441 448 6.075 1.100 886 45 170
0 jaar Totaal doodsoorzaken 2015 561 195 85 111 366 52 96 10 208 0 0 0 0
0 jaar Aangeboren aandoeningen (nuljarigen) 2015 163 30 0 30 133 16 28 10 79 0 0 0 0
0 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (nuljarigen) 2015 398 165 85 81 233 36 68 0 129 0 0 0 0
0 jaar Kwaadaardige nieuwvormingen (>0 jaar) 2015
0 jaar Hart- en vaatziekten excl. CVA (>0 jaar) 2015
0 jaar Ziekten ademhalingsorganen (>0 jaar) 2015
0 jaar Ziekten zenuwstelsel incl.CVA (>0 jaar) 2015
0 jaar Suïcide (>0 jaar) 2015
0 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (>0 jaar) 2015
1 tot 17 jaar Totaal doodsoorzaken 2015 296 153 110 43 143 10 85 10 38 0 0 0 0
1 tot 17 jaar Aangeboren aandoeningen (nuljarigen) 2015
1 tot 17 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (nuljarigen) 2015
1 tot 17 jaar Kwaadaardige nieuwvormingen (>0 jaar) 2015 100 18 0 18 83 0 54 10 19 0 0 0 0
1 tot 17 jaar Hart- en vaatziekten excl. CVA (>0 jaar) 2015 7 0 0 0 7 0 7 0 0 0 0 0 0
1 tot 17 jaar Ziekten ademhalingsorganen (>0 jaar) 2015 4 0 0 0 4 0 4 0 0 0 0 0 0
1 tot 17 jaar Ziekten zenuwstelsel incl.CVA (>0 jaar) 2015 40 20 20 0 20 0 16 0 4 0 0 0 0
1 tot 17 jaar Suïcide (>0 jaar) 2015 30 30 28 2 0 0 0 0 0 0 0 0 0
1 tot 17 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (>0 jaar) 2015 114 85 62 23 29 10 4 0 15 0 0 0 0
17 tot 65 jaar Totaal doodsoorzaken 2015 22.166 11.378 6.577 4.801 10.788 797 6.515 379 1.459 1.638 1.544 13 81
17 tot 65 jaar Aangeboren aandoeningen (nuljarigen) 2015
17 tot 65 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (nuljarigen) 2015
17 tot 65 jaar Kwaadaardige nieuwvormingen (>0 jaar) 2015 10.623 2.945 479 2.465 7.678 353 5.134 241 667 1.283 1.201 13 69
17 tot 65 jaar Hart- en vaatziekten excl. CVA (>0 jaar) 2015 2.767 2.342 1.807 535 425 43 222 0 148 12 7 0 5
17 tot 65 jaar Ziekten ademhalingsorganen (>0 jaar) 2015 1.453 712 499 213 742 93 364 73 181 31 31 0 0
17 tot 65 jaar Ziekten zenuwstelsel incl.CVA (>0 jaar) 2015 1.336 521 365 156 814 146 217 0 246 205 205 0 0
17 tot 65 jaar Suïcide (>0 jaar) 2015 1.482 1.457 1.300 157 25 4 0 0 21 0 0 0 0
17 tot 65 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (>0 jaar) 2015 4.506 3.401 2.126 1.275 1.105 159 578 65 196 107 99 0 7
65 tot 80 jaar Totaal doodsoorzaken 2015 44.866 18.611 7.965 10.646 26.255 2.237 14.605 416 5.998 2.999 2.764 86 149
65 tot 80 jaar Aangeboren aandoeningen (nuljarigen) 2015
65 tot 80 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (nuljarigen) 2015
65 tot 80 jaar Kwaadaardige nieuwvormingen (>0 jaar) 2015 19.461 5.697 590 5.107 13.764 817 8.785 283 1.698 2.181 2.091 45 45
65 tot 80 jaar Hart- en vaatziekten excl. CVA (>0 jaar) 2015 8.056 5.965 4.471 1.494 2.090 365 833 28 763 101 86 10 5
65 tot 80 jaar Ziekten ademhalingsorganen (>0 jaar) 2015 3.906 1.769 871 898 2.138 136 1.242 0 559 201 201 0 0
65 tot 80 jaar Ziekten zenuwstelsel incl.CVA (>0 jaar) 2015 4.367 1.629 320 1.310 2.739 291 1.319 0 827 302 195 7 99
65 tot 80 jaar Suïcide (>0 jaar) 2015 281 265 248 17 16 0 0 0 11 5 0 5 0
65 tot 80 jaar Ov./onbekende doodsoorzaken (>0 jaar) 2015 8.794 3.286 1.466 1.820 5.507 629 2.425 105 2.139 209 190 19 0
80 jaar of ouder Totaal doodsoorzaken 2015 79.245 31.269 9.805 21.464 47.976 4.340 29.610 898 10.511 2.617 2.365 52 201
80 jaar of ouder Aangeboren aandoeningen (nuljarigen) 2015
80 jaar of ouder Ov./onbekende doodsoorzaken (nuljarigen) 2015
80 jaar of ouder Kwaadaardige nieuwvormingen (>0 jaar) 2015 13.971 3.733 380 3.353 10.238 623 6.775 304 1.351 1.185 1.127 19 39
80 jaar of ouder Hart- en vaatziekten excl. CVA (>0 jaar) 2015 18.849 9.911 4.278 5.633 8.938 962 5.340 118 2.294 224 217 7 0
80 jaar of ouder Ziekten ademhalingsorganen (>0 jaar) 2015 7.402 3.016 719 2.298 4.386 243 2.655 79 1.164 245 245 0 0
80 jaar of ouder Ziekten zenuwstelsel incl.CVA (>0 jaar) 2015 11.469 4.097 1.095 3.002 7.372 689 4.408 120 1.976 179 179 0 0
80 jaar of ouder Suïcide (>0 jaar) 2015 78 78 65 13 0 0 0 0 0 0 0 0 0
80 jaar of ouder Ov./onbekende doodsoorzaken (>0 jaar) 2015 27.477 10.435 3.269 7.166 17.042 1.823 10.433 277 3.725 784 596 26 162
Bron: CBS
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Het Sterfgevallenonderzoek geeft informatie over medische beslissingen die de behandelend arts rond het levenseinde heeft genomen. Voor het onderzoek is een steekproef getrokken uit de doodsoorzaakverklaringen van mensen die in de maanden augustus t/m november van het onderzoeksjaar zijn overleden en die op het moment van overlijden tot de bevolking van Nederland behoorden. De steekproefgegevens zijn omgerekend naar jaarcijfers.

Deze tabel betreft de overledenen naar medische beslissing rond het levenseinde per doodsoorzaak en leeftijd.

Gegevens beschikbaar: 2010, 2015

Status van de cijfers
De cijfers in deze tabel zijn definitief.

Wijzigingen per 9 augustus 2019:
De onderliggende coderingen van de in deze tabel gebruikte classificaties leeftijd en doodsoorzaak zijn aangepast. Deze sluiten nu aan bij de door het CBS vastgelegde standaardcoderingen. De structuur en de gegevens van de tabel zijn niet aangepast.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Het onderzoek vindt vijfjaarlijks plaats.

Toelichting onderwerpen

Totaal overledenen
De gegevens met betrekking tot deze tabel 'Overledenen naar medische beslissing rond levenseinde en doodsoorzaak' worden op woensdag 11 juli 2012 om 1.00 uur gepubliceerd in combinatie met een artikel in het Engelse vakblad 'The Lancet'.
Zonder MBL-handelwijze
Overleden personen zonder MBL-handelwijze.
Medische beslissing rond het levenseinde (MBL-handelwijze): indien een
arts meerdere beslissingen heeft genomen, dan is het sterfgeval getypeerd aan de hand van de meest ingrijpende beslissing. Deze wordt aangeduid als de laatst genoemde medische beslissing rond het levenseinde ofwel MBL-handelwijze.
Totaal zonder MBL-handelwijze
Plotseling en onverwacht overleden
Persoon die plotseling en onverwacht is overleden en van wie wordt
aangenomen dat er geen medische beslissingen rond het levenseinde zijn
genomen. Dit geldt ook als de behandelend arts heeft aangegeven dat zijn of haar eerste contact met de patiënt pas na het overlijden plaatsvond.
Niet plotseling/onverwacht overleden
Met MBL-handelwijze
Overleden personen met MBL-handelwijze.
Medische beslissing rond het levenseinde (MBL-handelwijze): indien een
arts meerdere beslissingen heeft genomen, dan is het sterfgeval getypeerd aan de hand van de meest ingrijpende beslissing. Deze wordt aangeduid als de laatst genoemde medische beslissing rond het levenseinde, ofwel MBL-handelwijze.
De in de tabel gepresenteerde indeling is oplopend gegroepeerd naar meest ingrijpende handelwijze.
Totaal met MBL-handelwijze
NIS rekening houdend met overlijden
Medische beslissing rond het levenseinde waarbij de arts kiest voor het niet instellen of staken van een behandeling (NIS) rekening houdend met bespoediging van het levenseinde van de patiënt.
PSB rekening houdend met overlijden
Medische beslissing rond het levenseinde waarbij de arts intensivering van pijn- en/of symptoombestrijding (PSB) toepast d.m.v. één of meer medicamenten. Hierbij houdt de arts er rekening mee de dat het levenseinde van de patiënt wordt bespoedigd.
PSB overlijden mede doel
Medische beslissing rond het levenseinde waarbij de arts intensivering van pijn- en/of symptoombestrijding (PSB) toepast d.m.v. één of meer medicamenten. Hierbij heeft de arts mede het doel het levenseinde van de patiënt te bespoedigen.
NIS overlijden uitdrukkelijk doel
Medische beslissing rond het levenseinde waarbij de arts kiest voor het niet instellen of staken van een behandeling (NIS) met bespoediging van het levenseinde van de patiënt als uitdrukkelijk doel.
Toedienen middel overlijden uitdr. doel
Levensbeëindigend handelen door een arts door middel van het
voorschrijven, verstrekken of toedienen van een middel met het
uitdrukkelijke doel het levenseinde van de patiënt te bespoedigen.
Totaal toedienen middel
Euthanasie
Er is sprake van euthanasie indien de arts heeft aangegeven dat:
- het overlijden van de patiënt het gevolg is geweest van het gebruik van een middel dat door hem/haar of door een collega is voorgeschreven,
verstrekt of toegediend met het uitdrukkelijke doel het levenseinde te
bespoedigen én
- tegelijkertijd is aangegeven dat de patiënt het middel niet uitsluitend
zelf heeft toegediend of tot zich heeft genomen én
- dat deze beslissing is genomen op uitdrukkelijk verzoek van de patiënt.
Hulp bij zelfdoding
Het opzettelijk verlenen van hulp bij levensbeëindigend handelen door de
betrokkene op diens verzoek. Van hulp bij zelfdoding is sprake indien door
de arts is aangegeven dat:
- het overlijden van de patiënt het gevolg is geweest van het gebruik van een middel dat door hem/haar of door een collega is voorgeschreven of verstrekt met het uitdrukkelijke doel het levenseinde te bespoedigen én
- tegelijkertijd is aangegeven dat de patiënt dit middel uitsluitend zelf
heeft toegediend of zelf tot zich heeft genomen én
- de beslissing over deze laatstgenoemde handelwijze is genomen op
uitdrukkelijk verzoek van de patiënt.
Levensbeëindigend hand. zonder verzoek
Er is sprake van levensbeëindiging zonder uitdrukkelijk verzoek van de
patiënt indien de arts heeft aangegeven dat:
- het overlijden van de patiënt het gevolg is geweest van het gebruik van een middel dat door hem/haar of door een collega is voorgeschreven,
verstrekt of toegediend met uitdrukkelijk doel het levenseinde te
bespoedigen én
- tegelijkertijd is aangegeven dat deze beslissing niet is genomen op
uitdrukkelijk verzoek van de patiënt.