Nederlandse overheid heeft voor 11,9 miljard euro aan Griekenland geleend

De Europese landen hebben samen 195 miljard euro uitgeleend aan de Griekse overheid. De Nederlandse bijdrage is 11,9 miljard, ofwel ruim 700 euro per Nederlander. De Griekse overheidsschuld bestaat tegenwoordig voornamelijk uit leningen van Europese landen in plaats van staatsobligaties.

Griekse overheidsschuld 176 procent van bbp

In 2010 bleek dat het Griekse overheidstekort over 2009 hoger was dan eerder gemeld. De rente op staatsobligaties steeg daarna fors. De Griekse overheidsschuld liep in 2011 vervolgens op tot 171 procent van het Griekse bruto binnenlands product (bbp, de omvang van de economie). Dit was bijna drie keer zoveel als de Europese schuldnorm van 60 procent. In 2012 volgde een grootschalige herstructurering van Griekse schulden, waardoor zowel de overheidsschuld als de rentelasten fors lager werden. In het derde kwartaal van 2014 liep de relatieve overheidsschuld echter weer op tot 176 procent van het Griekse bbp, wat neerkomt op 29 duizend euro per Griek. Na Griekenland hebben Italië en Ierland de hoogste schulden, ruim 130 procent van het bbp.

Van obligaties naar langlopende leningen

Voordat in 2010 de Griekse schuldencrisis begon, bestond de Griekse overheidsschuld net als die van de meeste eurolanden voor meer dan 80 procent uit staatsobligaties. Obligaties zijn verhandelbare schulden waarvan de rente bij uitgifte wordt bepaald door de markt. Obligaties zijn vooral in het bezit van financiële instellingen. Tijdens de crisis steeg de rente op Griekse obligaties echter sterk waardoor het moeilijker werd voor Griekenland om haar schulden terug te betalen. De Griekse overheid is daarop (niet-verhandelbare) leningen aangegaan bij EU-landen en internationale instellingen. De rente op deze leningen was lager dan de rente waartegen Griekenland op dat moment op de markt kon lenen. Sinds de herstructurering van de Griekse schuld bestaat deze daardoor grotendeels uit langlopende leningen. In het derde kwartaal van 2014 had Griekenland 245 miljard euro aan leningen uitstaan op een totale schuld van 316 miljard euro. Behalve Griekenland zijn ook Portugal, Ierland en Cyprus voor een groot deel afhankelijk van leningen.

Nederland vijfde verstrekker van leningen aan Griekenland

De bijdrage van elk Europees lidstaat is bepaald met een verdeelsleutel die gebaseerd is op het bbp. Zodoende is ruim een kwart van de leningen verstrekt door Duitsland, gevolgd door Frankrijk, Italië en Spanje. Nederland is in omvang de vijfde verstrekker van Europese leningen aan Griekenland, met 11,9 miljard euro. Dit komt overeen met 6,1 procent van het totaal. Naast de Europese leningen heeft Griekenland een lening van het IMF gekregen. Ook bezit de Europese Centrale Bank Griekse staatsobligaties. De Nederlandse overheid loopt op beide een indirect financieel risico doordat Nederland mogelijk extra kapitaal moet verstrekken aan deze instellingen als Griekenland haar schulden niet terugbetaalt. Op de Griekse staatsobligaties is door de ECB winst gemaakt, maar deze wordt sinds 2013 door de Europese landen weer volledig teruggegeven aan Griekenland. Voor Nederland ging het om meer dan 100 miljoen euro per jaar in 2013 en 2014.

Bron: Eurostat (tabel).