Economisch beeld weer positiever

© CBS / Alrik Swagerman
Het conjunctuurbeeld volgens de Conjunctuurklok van het CBS is in augustus opnieuw verbeterd, meldt het CBS. In de Conjunctuurklok van medio augustus presteerden 8 van de 13 indicatoren beter dan hun langjarige trend.

De Conjunctuurklok is een hulpmiddel voor het bepalen van de stand en het verloop van de Nederlandse conjunctuur. In de Conjunctuurklok komt vrijwel alle belangrijke economische informatie samen die het CBS tijdens de afgelopen maand c.q. het afgelopen kwartaal heeft gepubliceerd. Het conjunctuurbeeld volgens de Conjunctuurklok betreft een macro-economisch beeld en het gaat niet in gelijke mate op voor alle huishoudens, bedrijven of regio’s. 

Conjunctuurklokindicator (ongewogen gemiddelde van de indicatoren in de Conjunctuurklok)
jaarmaandcyclus (afwijking van de langetermijntrend (=0))
2014januari-0,92
2014februari-0,87
2014maart-0,84
2014april-0,82
2014mei-0,81
2014juni-0,8
2014juli-0,79
2014augustus-0,77
2014september-0,76
2014oktober-0,74
2014november-0,71
2014december-0,67
2015januari-0,63
2015februari-0,58
2015maart-0,53
2015april-0,48
2015mei-0,43
2015juni-0,38
2015juli-0,34
2015augustus-0,3
2015september-0,27
2015oktober-0,26
2015november-0,24
2015december-0,23
2016januari-0,23
2016februari-0,21
2016maart-0,2
2016april-0,18
2016mei-0,14
2016juni-0,11
2016juli-0,07
2016augustus-0,02
2016september0,02
2016oktober0,06
2016november0,12
2016december0,16
2017januari0,19
2017februari0,26
2017maart0,32
2017april0,33
2017mei0,44
2017juni0,46
2017juli0,49
2017augustus0,56
2017september0,6
2017oktober0,63
2017november0,69
2017december0,74
2018januari0,79
2018februari0,85
2018maart0,9
2018april0,89
2018mei0,97
2018juni0,96
2018juli0,98
2018augustus0,98
2018september0,98
2018oktober0,95
2018november0,93
2018december0,9
2019januari0,84
2019februari0,84
2019maart0,78
2019april 0,75
2019mei0,77
2019juni0,72
2019juli0,74
2019augustus0,7
2019september0,66
2019oktober0,63
2019november0,78
2019december0,63
2020januari0,63
2020februari0,6
2020maart0,54
2020april0,52
2020mei-0,96
2020juni-1,92
2020juli-1,48
2020augustus-1,43
2020september-1,05
2020oktober-0,88
2020november-0,57
2020december-0,49
2021januari-0,41
2021februari-0,83
2021maart-0,55
2021april-0,56
2021mei-0,1
2021juni0,14
2021juli0,53
2021augustus0,99

Producentenvertrouwen verbetert, consumentenvertrouwen nagenoeg gelijk

Het consumentenvertrouwen was in juli nagenoeg hetzelfde als in juni. Het producentenvertrouwen verbeterde in juli opnieuw. Beide vertrouwensindicatoren lagen boven het langjarige gemiddelde.

Consumenten- en producentenvertrouwen (seizoengecorrigeerd)
jaarmaandConsumentenvertrouwen (gemiddelde van de deelvragen)Producentenvertrouwen (gemiddelde van de deelvragen)
2017januari216
2017februari227
2017maart247,8
2017april268,3
2017mei236,1
2017juni237,2
2017juli256,6
2017augustus265,4
2017september238,5
2017oktober238,2
2017november229,1
2017december258,9
2018januari2410,3
2018februari2310,9
2018maart249,5
2018april258,2
2018mei239,8
2018juni237,7
2018juli236,3
2018augustus215,9
2018september195,7
2018oktober155,9
2018november137,2
2018december97,5
2019januari05,8
2019februari-26,3
2019maart-46,1
2019april-36,7
2019mei-34,7
2019juni 03,3
2019juli23,9
2019augustus03,9
2019september-23,3
2019oktober-13,6
2019november-22,8
2019december-22,9
2020januari-32,5
2020februari-23,7
2020maart-20,2
2020april-22-28,7
2020mei-31-25,1
2020juni-27-15,1
2020juli-26-8,7
2020augustus-29-5,4
2020september-28-4,8
2020oktober-30-5,6
2020november-26-3,8
2020december-20-0,4
2021januari-190,6
2021februari-190,1
2021maart-183,4
2021april-146,5
2021mei-98,8
2021juni-311,5
2021juli-412,3

Consumptie huishoudens, investeringen en uitvoer groeien

Consumenten hebben in het tweede kwartaal 9,3 procent meer besteed dan in het tweede kwartaal van 2020. Dat komt vooral door (geleidelijke) openstelling van winkels en horeca. Consumenten gaven in het tweede kwartaal van 2021 vooral meer uit aan horeca, medische diensten, kleding en auto’s. De consumptie door huishoudens is echter nog niet terug op het niveau van voor de coronacrisis. In vergelijking met het tweede kwartaal van 2019 lag de consumptie door huishoudens bijna 5 procent lager.

In het tweede kwartaal van 2021 zijn de investeringen in vaste activa met 9,5 procent gegroeid. Er werd vooral meer geïnvesteerd in woningen, bedrijfsgebouwen, personenauto’s, overige wegvervoer en machines en installaties. Ook de investeringen zijn nog niet terug op het pre-coronaniveau en lagen in vergelijking met het tweede kwartaal van 2019 nog ongeveer 1 procent lager.

De uitvoer van goederen en diensten lag in het tweede kwartaal 14 procent hoger dan een jaar eerder. Er gingen vooral meer machines, chemische producten en transportmiddelen naar het buitenland. De export van Nederlands fabricaat kwam 16 procent hoger uit, de wederuitvoer (de uitvoer van eerder ingevoerde producten) groeide met 21,1 procent.

Productie industrie groeit met 17,9 procent in juni

De gemiddelde dagproductie van de Nederlandse industrie was in juni 17,9 procent hoger dan in juni 2020. Een maand eerder kwam de groei uit op 16,4 procent. De productie van de industrie lag in juni op het hoogste niveau ooit. Ten opzichte van juni 2019 bedroeg de groei ruim 7 procent. Daarmee is het in juni 2020 door de coronacrisis geleden verlies ruimschoots goedgemaakt.

Minder faillissementen in juli

Het aantal failliet verklaarde bedrijven, voor zittingsdagen gecorrigeerd, is gedaald. Er zijn in juli 12 bedrijven minder failliet verklaard dan in juni. Het aantal tot en met juli uitgesproken faillissementen lag in 2021 ruim de helft lager dan in dezelfde periode in 2020.

Prijsstijging koopwoningen opnieuw hoger

Bestaande koopwoningen waren in juni 14,6 procent duurder dan een jaar eerder. Dat is de grootste prijsstijging na december 2000. De prijsstijging zwakte in 2019 wat af, maar trok in 2020 weer aan.

Meer gewerkte uren, meer vacatures, minder werklozen

Het aantal gewerkte uren in het tweede kwartaal lag, gecorrigeerd voor seizoeninvloeden, 1 procent hoger dan in het eerste kwartaal van 2021. In totaal werkten werknemers en zelfstandigen in het eerste kwartaal ruim 3,4 miljard uur.

Ten opzichte van het eerste kwartaal van 2021 daalde het aantal werklozen met 27 duizend. Hiermee daalt de werkloosheid voor het derde kwartaal op rij. In het tweede kwartaal waren er 307 duizend mensen werkloos, 3,3 procent van de beroepsbevolking.

Eind juni 2021 stonden er 327 duizend vacatures open, 82 duizend meer dan aan het eind van het eerste kwartaal. Sinds het begin van de meting in 1997 is er kwartaal op kwartaal nooit zo’n grote toename geweest.

Voor het eerst sinds het begin van de meting in 2003 is de spanning op de arbeidsmarkt zo hoog opgelopen dat er meer vacatures zijn dan werklozen. In het tweede kwartaal van 2021 stonden er tegenover elke 100 werklozen 106 openstaande vacatures. De toename van de spanning is vooral toe te schrijven aan een recordgroei van het aantal openstaande vacatures.

De omzet van uitzendbureaus en arbeidsbemiddeling steeg in het eerste kwartaal 2021 met 1,1 procent in vergelijking met een kwartaal eerder. Ten opzichte van een jaar eerder kromp de omzet met 2,3 procent.

Bruto binnenlandse product (volume), seizoengecorrigeerd
JaarKwartaalIndex (2015=100)
20141e kwartaal97,3
20142e kwartaal97,9
20143e kwartaal98,1
20144e kwartaal99
20151e kwartaal99,6
20152e kwartaal99,9
20153e kwartaal100,2
20154e kwartaal100,3
20161e kwartaal101,2
20162e kwartaal101,4
20163e kwartaal102,6
20164e kwartaal103,4
20171e kwartaal103,9
20172e kwartaal104,9
20173e kwartaal105,6
20174e kwartaal106,5
20181e kwartaal106,9
20182e kwartaal107,5
20183e kwartaal107,9
20184e kwartaal108,4
20191e kwartaal109
20192e kwartaal109,5
20193e kwartaal109,9
20194e kwartaal110,4
20201e kwartaal108,6
20202e kwartaal99,5
20203e kwartaal107
20204e kwartaal107
20211e kwartaal106,2
20212e kwartaal109,5

Bbp groeit met 3,1 procent in tweede kwartaal 2021

Volgens de eerste berekening van het CBS is het bruto binnenlands product (bbp) in het tweede kwartaal van 2021 met 3,1 procent gegroeid ten opzichte van een kwartaal eerder. Dat is vooral toe te schrijven aan een stijging van de consumptie door huishoudens en het handelssaldo. Ook de consumptie van de overheid droeg positief bij. Ten opzichte van het tweede kwartaal 2020 was de omvang van het bbp 9,7 procent groter.