De regionale economie 2025

1. Inleiding

‘De regionale economie’ is een jaarlijkse publicatie van het CBS over regionale ontwikkelingen op het gebied van economische groei, bedrijven en de arbeidsmarkt. Dit jaar wordt voor het eerst ook aandacht besteed aan de regionale brede welvaart. Deze editie verschijnt in mei in plaats van april; het voordeel hiervan is dat er meer actuele jaarcijfers kunnen worden gepresenteerd.

De cijfers uit deze publicatie komen van de regionale rekeningen, een onderdeel van de nationale rekeningen, het stelsel waarmee onder meer het bruto binnenlands product (bbp) wordt berekend. De regionale rekeningen leveren onder andere regionale cijfers over de economische groei, het bbp per hoofd van de bevolking, de werkgelegenheid en de verdeling van de toegevoegde waarde over de bedrijfstakken. Daarnaast worden in deze publicatie ook gegevens gepresenteerd uit de bedrijfsstatistieken, de sociaaleconomische en ruimtelijke statistieken, en de milieurekeningen.

Hoofdstuk 2 bespreekt de regionaal-economische ontwikkeling in 2025. Het gaat in op het regionale bbp en de toegevoegde waarde van bedrijfstakken. Aan bod komen zowel provincies, als binnen-provinciale regio’s en de vier grote steden.

Hoofdstuk 3 gaat dieper in op de regionale ontwikkeling van bedrijfstakken in 2025. Het gaat hier zowel om de aantallen bedrijven als om de perceptie van ondernemers: hoe kijken zij aan tegen bijvoorbeeld hun concurrentiepositie en hun personeelssterkte? In dit hoofdstuk wordt alleen gekeken naar verschillen tussen provincies.

Hoofdstuk 4 staat stil bij de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in de provincies. Daarbij komen de werkgelegenheid, de werkloosheid en de spanning op de arbeidsmarkt aan bod. Daarnaast wordt ingegaan op de arbeidsparticipatie per gemeente. De werkgelegenheid betreft informatie over 2024, de overige gegevens gaan over 2025.

Hoofdstuk 5 belicht de regionale brede welvaart. Het gaat hierbij met name om de vraag hoe vaak regio’s boven of onder het gemiddelde blijven en voor welke thema’s en onderliggende indicatoren. Naast verschillen op provincieniveau wordt ook ingegaan op binnen-provinciale regio’s.

Regionale indelingen

Een veel gebruikte regionale indeling die dieper gaat dan de provinciale is in die in 40 zogenoemde COROP-gebieden. Ook in deze publicatie wordt deze indeling op diverse plekken gebruikt. Omdat de indeling uit 1971 enigszins gedateerd is, worden ook wel uitbreidingen hierop gehanteerd, zoals die in 43 zogeheten COROP-sub-gebieden en in 52 COROP-plus-gebieden (hoofdstuk 2). De vier grote steden, de G4, zijn in deze publicatie gedefinieerd als hoofdgemeente plus een aantal omringende gemeenten. Meer precies:

  • Amsterdam betreft COROP-gebied Groot-Amsterdam;
  • Rotterdam betreft COROP-subgebied Rijnmond;
  • Den Haag omvat COROP-gebied Agglomeratie ’s-Gravenhage;
  • Utrecht ten slotte omvat COROP-plusgebied stadsgewest Utrecht.

Vaak worden de regio’s simpelweg aangeduid met de naam van de grootste gemeente.