Ontwikkelingen flexwerk

In 2020 waren er 1,7 miljoen werknemers met een flexibele arbeidsrelatie. Zij hebben een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd óf een flexibel aantal uren per week. Daarnaast waren er 1,1 miljoen zelfstandigen zonder personeel. Daarmee was vorig jaar 32 procent van de werkenden een flexwerker. In 2003 was dat nog 22 procent. Dat komt neer op 1,1 miljoen meer flexwerkers in 2020 dan in 2003. Wel is in 2020 het aantal flexwerkers afgenomen ten opzichte van 2019, en wel met 159 duizend.

Flexwerkers (15 tot 75 jaar)
 Werknemer met flexibele arbeidsrelatie (x1 000)Zelfstandige zonder personeel (zzp) (x1 000)
20031092634
20041079653
20051137677
20061231711
20071385757
20081444810
20091431843
20101450865
20111471875
20121556906
20131639957
20141688988
201517671022
201618411028
201719481055
201819701074
201919231101
202017171148

Na de zzp’ers zijn oproep- en invalkrachten de grootste groep flexwerkers. In 2020 waren dit er 509 duizend. Dat zijn er bijna twee keer zoveel als in 2003. Omvangrijke groepen onder de flexwerkers zijn verder:

  • tijdelijke werknemers met uitzicht op een vaste aanstelling (349 duizend);
  • uitzendkrachten (211 duizend);
  • tijdelijke werknemers zonder vaste uren (211 duizend).

In 2020 groeiden alleen het aantal zzp’ers en het aantal tijdelijke werknemers met een contract van een jaar of meer. De overige groepen zijn kleiner geworden ten opzichte van 2019.

Typen flexwerkers (15 tot 75 jaar)
 2020 (x 1 000)2003 (x 1 000)
Zelfstandige zonder personeel (zzp)1148634
Oproep/-invalkracht509258
Werknemer tijdelijk, uitzicht op vast349200
Uitzendkracht211185
Werknemer tijdelijk, geen vaste uren211118
Werknemer tijdelijk < 1 jaar166162
Werknemer vast, geen vaste uren12067
Werknemer tijdelijk >= 1 jaar151102