© Hollandse Hoogte / Marcel van den Bergh

Wie werken er in de sector zorg en welzijn?

In 2017 zijn bijna 1,26 miljoen mensen werkzaam in de sector zorg en welzijn. Exclusief kinderopvang zijn dit ruim 1,17 miljoen mensen. Een ruime meerderheid (84,0 procent) is vrouw. Voor de hele Nederlandse arbeidsmarkt is de man-vrouwverdeling evenwichtiger (46,9 procent vrouw). In de Geestelijke gezondheidszorg en het Sociaal werk zijn in verhouding tot de andere branches binnen zorg en welzijn de meeste mannen werkzaam (respectievelijk 26,1 procent en 26,9 procent).

Binnen de sector zorg en welzijn is de verpleging, verzorging en thuiszorg de grootste branche (391,8 duizend personen), gevolgd door de drie branches ziekenhuizen, universitair medische centra en overige medisch specialistische zorg (292,0 duizend personen). Met 29,8 duizend personen is de jeugdzorg de branche met het kleinste aantal werknemers.

Er is 33,2 procent van de werknemers in de sector zorg en welzijn jonger dan 35 jaar en 22,7 procent is ouder dan 55 jaar. Daarmee zijn werknemers in deze sector gemiddeld net wat ouder dan in de rest van de Nederlandse arbeidsmarkt. In de kinderopvang zijn relatief veel jongeren (47,9 procent) en weinig ouderen werkzaam (11,8 procent). In de verpleging, verzorging en thuiszorg zijn juist relatief veel ouderen (27,2 procent) en weinig jongeren werkzaam (28,7 procent).

Het AZW-programma kent 28 arbeidsmarktregio’s. De regio Rijnmond telt met 79,3 duizend de meeste werkenden in de sector zorg en welzijn, gevolgd door Haaglanden en Nieuwe Waterweg Noord en Utrecht en omgeving. Gooi- en Vechtstreek telt met 16,6 duizend de minste werknemers in de sector.