Maatstaven Financiële-verhoudingswet (Fvw)

Maatstaven Financiële-verhoudingswet (Fvw)

Status cijfer Perioden Regio's Sociale zekerheid Personen in doelgroepregister (aantal) Vastgoed Belastingcapaciteit woningen (mln euro) Vastgoed Belastingcapaciteit niet-woningen (mln euro) Vastgoed Amendement De Pater (mln euro)
Voorlopig 2025 Nederland 3.310.137 545.883 19.449
Voorlopig 2026 Nederland 3.692.928 574.723 19.716
Voorlopig 2025 Utrecht (PV) 297.164 39.420 993
Voorlopig 2026 Utrecht (PV) 334.538 42.104 1.176
Voorlopig 2025 Almere 37.634 4.764 95
Voorlopig 2026 Almere 41.281 4.930 76
Voorlopig 2025 Diemen 7.564 975 9
Voorlopig 2026 Diemen 8.190 1.032 7
Voorlopig 2025 Emmen 13.362 2.187 89
Voorlopig 2026 Emmen 14.826 2.270 85
Voorlopig 2025 Goirle 4.773 395 25
Voorlopig 2026 Goirle 5.215 429 28
Voorlopig 2025 Gouda 12.645 1.551 75
Voorlopig 2026 Gouda 14.721 1.484 11
Voorlopig 2025 Harderwijk 8.916 1.308 33
Voorlopig 2026 Harderwijk 10.017 1.298 21
Voorlopig 2025 Kampen 8.524 1.429 110
Voorlopig 2026 Kampen 9.570 1.377 111
Voorlopig 2025 Leeuwarden 17.345 3.220 105
Voorlopig 2026 Leeuwarden 18.806 3.382 104
Voorlopig 2025 Leiden 26.806 3.798 70
Voorlopig 2026 Leiden 30.210 3.799 15
Voorlopig 2025 Meerssen 3.151 199 15
Voorlopig 2026 Meerssen 3.538 216 15
Voorlopig 2025 Nieuwegein 12.035 2.120 2
Voorlopig 2026 Nieuwegein 13.768 2.429 8
Voorlopig 2025 Noord-Beveland 2.156 275 39
Voorlopig 2026 Noord-Beveland 2.310 286 39
Voorlopig 2025 Stadskanaal 4.082 512 60
Voorlopig 2026 Stadskanaal 4.559 520 34
Voorlopig 2025 Voorne aan Zee 13.592 1.435 56
Voorlopig 2026 Voorne aan Zee 15.059 1.456 53
Definitief 2025 Nederland 144.210
Definitief 2026 Nederland 155.310
Definitief 2025 Utrecht (PV) 8.530
Definitief 2026 Utrecht (PV) 9.060
Definitief 2025 Almere 1.670
Definitief 2026 Almere 1.810
Definitief 2025 Diemen 150
Definitief 2026 Diemen 170
Definitief 2025 Emmen 1.510
Definitief 2026 Emmen 1.630
Definitief 2025 Goirle 170
Definitief 2026 Goirle 190
Definitief 2025 Gouda 650
Definitief 2026 Gouda 680
Definitief 2025 Harderwijk 360
Definitief 2026 Harderwijk 400
Definitief 2025 Kampen 510
Definitief 2026 Kampen 560
Definitief 2025 Leeuwarden 1.210
Definitief 2026 Leeuwarden 1.310
Definitief 2025 Leiden 1.000
Definitief 2026 Leiden 1.030
Definitief 2025 Meerssen 120
Definitief 2026 Meerssen 130
Definitief 2025 Nieuwegein 460
Definitief 2026 Nieuwegein 500
Definitief 2025 Noord-Beveland 60
Definitief 2026 Noord-Beveland 80
Definitief 2025 Stadskanaal 490
Definitief 2026 Stadskanaal 500
Definitief 2025 Voorne aan Zee 350
Definitief 2026 Voorne aan Zee 380
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens die (mede) als grondslag dienen bij het bepalen van de hoogte van de Algemene Uitkeringen aan gemeenten en provincies. Daarnaast zijn er enkele gegevens ten behoeve van de Decentralisatie Uitkering beschikbaar.
Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bepaalt deze uitkeringen aan de hand van verdeelmodellen. De hiervoor gebruikte eenheden die het CBS levert worden beschreven in de 'Toelichting op de berekeningen van de uitkeringen uit het gemeentefonds 1997 e.v. jaren', zie paragraaf 3. Dit verdeelstelsel is op 1 januari 1998 in werking getreden (Staatsblad, 1997, 526).

Gegevens beschikbaar vanaf: 2023.

Status van de cijfers:
Er worden zowel voorlopige als definitieve cijfers gepubliceerd.

De onderwerpen: Belastingcapaciteit woningen, belastingcapaciteit niet-woningen en Amendement De Pater kunnen door nagekomen berichten ondanks de status definitief alsnog worden aangepast.

Wijzigingen per 1 september 2026:
De definitieve cijfers van 2026 voor Sociale zekerheid - Personen met loonkostensubsidie zijn toegevoegd.
De voorlopige cijfers van 2026 voor vastgoed - Belastingcapaciteit woningen, vastgoed - Belastingcapaciteit niet-woningen en vastgoed - Amendement De Pater zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Nieuwe cijfers worden onregelmatig gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Sociale zekerheid
Personen in doelgroepregister
Het aantal personen per gemeente die tot de gemeentelijke doelgroep behoort en op peildatum 30 juni van het voorgaand jaar met één of meer lopende grondslag(en) arbeidsbeperktheid in het Doelgroepregister opgenomen was.

De grondslagen arbeidsbeperktheid, die bij de gemeentelijke doelgroep behoren, zijn:
- Indicatie banenafspraak.
- Werken met een gemeente-voorziening.
- Verminderde loonwaarde.
- Geldige WSW-indicatie, maar geen sw-plaatsing.
- Begeleiding jobcoach.
- WIW- of ID-baan.
- Tijdelijke registraties, afgewezen Wajong.
- Tijdelijke registraties; schoolverlaters VSO/PRO en MBO entree.
- Afgewezen Wajong aanvragen.
- VSO leerlingen.
- PRO leerlingen.

Het Doelgroepregister is een landelijk register waarin alle mensen staan die vallen onder de banenafspraak. Het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) beheert dit register. Met de gegevens uit het Doelgroepregister kan het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) controleren of werkgevers de afgesproken extra banen voor mensen met ziekte of handicap realiseren. Werkgevers en gemeenten kunnen zien of een werknemer, sollicitant, uitzendkracht of gedetacheerde werknemer in het Doelgroepregister staat.
Naast personen, die onder de banenafspraak vallen, zijn ook personen in het register opgenomen, die niet onder de banenafspraak vallen, zoals bijvoorbeeld personen met een beschikking beschut werk.

Van dit onderdeel worden alleen definitieve cijfers gebruikt.

Vastgoed
De volgende cijfers zijn opgenomen;
- De voorraadcijfers uit de BAG, uitgesplitst naar woningen, woningen met logies en utiliteit (niet-woningen) met logies.
- De belastingcapaciteit van WOZ-objecten woningen en niet-woningen en de waardevermindering op de niet-woningen. Door nagekomen berichten van gemeenten kunnen deze cijfers ondanks de status definitief alsnog worden aangepast.

Met ingang van 2024 wordt de belastingcapaciteit woningen en niet-woningen bepaald volgens een nieuw proces. In dit nieuwe proces blijft de wijze van berekening van de variabelen hetzelfde, maar worden de onderliggende, ontbrekende WOZ-waarden op verbeterde wijze ingeschat. Dit kan bij sommige gemeenten leiden tot grotere verschillen t.o.v. van voorgaande jaren, dan uitsluitend op basis van de waardeontwikkeling verwacht zou worden.




Belastingcapaciteit woningen
De belastingcapaciteit wordt bepaald aan de hand van de som van de in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) vastgestelde waarden van de objecten waarover door de gemeente onroerendezaakbelasting (OZB) kan worden geheven. Woningen betreffen de onroerende zaken die tot woning dienen, bedoeld in artikel 220, onderdeel b, van de Gemeentewet.
In de belastingcapaciteit worden ook meegenomen de waarden van de objecten waarvan de gemeenten op vrijwillige basis vrijstelling van OZB verlenen.
Met ingang van 2008 worden onroerende goederen getaxeerd naar de waarde per 1 januari van het voorgaande jaar.

Belastingcapaciteit niet-woningen
De belastingcapaciteit wordt bepaald aan de hand van de som van de in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) vastgestelde waarden van de objecten waarover door de gemeente onroerendezaakbelasting (OZB) kan worden geheven. Niet-woningen zijn de overige onroerende goederen waarin in hoofdzaak bedrijfsmatige activiteiten worden uitgevoerd. In de belastingcapaciteit worden ook meegenomen de waarden van de objecten waarvan de gemeenten op vrijwillige basis vrijstelling van OZB verlenen.
Met ingang van 2008 worden onroerende goederen getaxeerd naar de waarde per 1 januari van het voorgaande jaar.
Amendement De Pater
Het bedrag waarmee de belastingcapaciteit voor niet-woningen verminderd moet worden in verband met het buiten aanmerking laten van het woondeel bij gemengde panden.
Het amendement De Pater-van der Meer beoogt huishoudens met een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, te laten profiteren van de afschaffing van het gebruikersdeel op woningen, in het kader van de Wet 'Afschaffing gebruikersdeel OZB op woningen'.