Maatstaven Financiële-verhoudingswet (Fvw)

Maatstaven Financiële-verhoudingswet (Fvw)

Status cijfer Perioden Regio's Inwoners stedelijk en landelijk gebied Totaal stedelijk gebied (aantal) Inwoners stedelijk en landelijk gebied Zeer sterk stedelijk (aantal) Inwoners stedelijk en landelijk gebied Sterk stedelijk (aantal) Inwoners stedelijk en landelijk gebied Matig stedelijk (aantal) Inwoners stedelijk en landelijk gebied Totaal landelijk gebied (aantal) Inwoners stedelijk en landelijk gebied Weinig stedelijk (aantal) Inwoners stedelijk en landelijk gebied Niet stedelijk (aantal) Particuliere huishoudens Huishoudens met relatief laag inkomen (aantal) Bedrijfsvestigingen (aantal)
Definitief 2023 Nederland 8.879.780 4.450.800 4.428.980 2.983.750 5.947.760 2.985.260 2.962.500 2.354.600 2.358.600
Definitief 2024 Nederland 9.027.530 4.590.300 4.437.230 2.990.490 5.924.920 2.973.980 2.950.940 2.391.300
Definitief 2025 Nederland 9.117.040 4.654.760 4.462.280 3.007.070 5.919.920 2.972.860 2.947.050
Definitief 2026 Nederland 9.184.960 4.714.670 4.470.290 3.026.300 5.918.950 2.976.850 2.942.100
Definitief 2023 Utrecht (PV) 809.130 363.570 445.550 243.720 334.800 207.170 127.630 151.600 202.020
Definitief 2024 Utrecht (PV) 822.680 373.680 449.000 246.410 330.970 206.920 124.060 154.600
Definitief 2025 Utrecht (PV) 832.150 380.480 451.660 249.250 327.750 204.370 123.380
Definitief 2026 Utrecht (PV) 836.920 387.950 448.970 252.010 326.180 202.270 123.900
Definitief 2023 Almere 132.470 12.220 120.250 54.340 36.020 22.790 13.230 24.600 29.045
Definitief 2024 Almere 137.850 12.610 125.240 51.430 37.220 22.730 14.500 25.100
Definitief 2025 Almere 141.650 13.560 128.090 49.250 38.670 22.930 15.740
Definitief 2026 Almere 142.300 15.770 126.530 50.070 40.250 23.540 16.710
Definitief 2023 Diemen 27.440 18.490 8.940 4.830 520 440 80 3.600 4.685
Definitief 2024 Diemen 27.680 18.650 9.030 4.800 500 430 80 3.600
Definitief 2025 Diemen 27.960 19.080 8.880 4.770 500 430 80
Definitief 2026 Diemen 28.070 21.460 6.610 4.750 500 430 80
Definitief 2023 Emmen 12.730 0 12.730 29.550 66.490 26.160 40.330 17.900 10.685
Definitief 2024 Emmen 13.930 0 13.930 28.770 66.650 26.350 40.290 18.300
Definitief 2025 Emmen 12.780 0 12.780 30.200 66.700 27.000 39.700
Definitief 2026 Emmen 14.190 0 14.190 28.920 66.770 27.090 39.680
Definitief 2023 Goirle 7.430 0 7.430 7.950 8.800 5.490 3.310 2.700 2.950
Definitief 2024 Goirle 7.400 0 7.400 8.090 8.840 5.500 3.340 2.700
Definitief 2025 Goirle 8.750 0 8.750 6.820 8.900 5.510 3.390
Definitief 2026 Goirle 8.800 0 8.800 7.150 8.930 5.520 3.410
Definitief 2023 Gouda 60.840 35.180 25.660 10.210 4.270 3.490 780 9.800 8.735
Definitief 2024 Gouda 61.890 36.540 25.340 9.280 4.590 3.960 640 10.100
Definitief 2025 Gouda 64.290 36.720 27.580 7.340 4.880 4.490 390
Definitief 2026 Gouda 64.860 38.650 26.220 7.480 5.470 4.740 740
Definitief 2023 Harderwijk 23.600 3.740 19.860 17.850 7.460 3.840 3.610 6.100 6.065
Definitief 2024 Harderwijk 24.280 4.000 20.280 17.420 7.680 4.030 3.660 6.100
Definitief 2025 Harderwijk 24.850 4.080 20.770 17.810 7.380 3.610 3.770
Definitief 2026 Harderwijk 25.310 5.450 19.860 18.910 6.440 2.670 3.770
Definitief 2023 Kampen 24.580 4.200 20.380 14.590 16.440 8.360 8.080 7.400 6.100
Definitief 2024 Kampen 24.650 4.190 20.460 14.620 16.910 8.380 8.530 7.400
Definitief 2025 Kampen 24.920 4.220 20.700 14.570 17.050 8.490 8.560
Definitief 2026 Kampen 24.930 4.240 20.680 14.600 17.310 8.430 8.880
Definitief 2023 Leeuwarden 69.640 45.900 23.750 15.790 41.640 19.760 21.880 20.600 14.975
Definitief 2024 Leeuwarden 72.290 51.070 21.230 14.640 41.870 20.290 21.580 21.000
Definitief 2025 Leeuwarden 73.420 49.970 23.450 14.600 41.960 20.470 21.490
Definitief 2026 Leeuwarden 73.490 51.600 21.880 14.800 41.870 20.390 21.480
Definitief 2023 Leiden 125.380 102.120 23.250 1.520 190 80 110 16.900 15.880
Definitief 2024 Leiden 128.400 105.800 22.600 1.540 160 50 110 17.600
Definitief 2025 Leiden 128.910 107.380 21.520 1.540 190 60 120
Definitief 2026 Leiden 128.620 107.640 20.980 1.520 200 70 120
Definitief 2023 Meerssen 0 0 0 830 17.770 10.140 7.630 2.400 2.200
Definitief 2024 Meerssen 0 0 0 830 17.740 10.140 7.610 2.400
Definitief 2025 Meerssen 0 0 0 830 17.630 10.030 7.600
Definitief 2026 Meerssen 0 0 0 820 17.640 10.040 7.600
Definitief 2023 Nieuwegein 51.150 16.800 34.360 10.290 3.980 3.800 180 8.500 7.835
Definitief 2024 Nieuwegein 51.420 17.950 33.470 10.550 4.000 3.920 80 8.500
Definitief 2025 Nieuwegein 53.550 18.270 35.280 9.100 4.140 4.060 80
Definitief 2026 Nieuwegein 56.020 21.940 34.080 8.050 4.180 4.120 70
Definitief 2023 Noord-Beveland 0 0 0 0 7.860 0 7.860 1.100 1.240
Definitief 2024 Noord-Beveland 0 0 0 0 7.940 0 7.940 1.100
Definitief 2025 Noord-Beveland 0 0 0 0 8.050 0 8.050
Definitief 2026 Noord-Beveland 0 0 0 0 8.070 0 8.070
Definitief 2023 Stadskanaal 3.830 0 3.830 6.280 22.020 9.900 12.120 5.900 3.070
Definitief 2024 Stadskanaal 3.860 0 3.860 6.300 21.860 9.800 12.050 6.000
Definitief 2025 Stadskanaal 3.860 0 3.860 6.400 21.780 9.770 12.010
Definitief 2026 Stadskanaal 3.890 0 3.890 6.410 21.800 9.720 12.090
Definitief 2023 Voorne aan Zee 24.740 1.600 23.140 16.670 32.540 20.600 11.940 8.300 8.155
Definitief 2024 Voorne aan Zee 24.980 2.340 22.640 16.520 32.810 20.600 12.220 8.400
Definitief 2025 Voorne aan Zee 25.850 2.360 23.490 15.720 32.960 20.630 12.330
Definitief 2026 Voorne aan Zee 26.050 2.430 23.620 15.940 33.020 20.680 12.340
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens die (mede) als grondslag dienen bij het bepalen van de hoogte van de Algemene Uitkeringen aan gemeenten en provincies. Daarnaast zijn er enkele gegevens ten behoeve van de Decentralisatie Uitkering beschikbaar.
Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bepaalt deze uitkeringen aan de hand van verdeelmodellen. De hiervoor gebruikte eenheden die het CBS levert worden beschreven in de 'Toelichting op de berekeningen van de uitkeringen uit het gemeentefonds 1997 e.v. jaren', zie paragraaf 3. Dit verdeelstelsel is op 1 januari 1998 in werking getreden (Staatsblad, 1997, 526).

Gegevens beschikbaar vanaf: 2023.

Status van de cijfers:
Er worden zowel voorlopige als definitieve cijfers gepubliceerd.

De onderwerpen: Belastingcapaciteit woningen, belastingcapaciteit niet-woningen en Amendement De Pater kunnen door nagekomen berichten ondanks de status definitief alsnog worden aangepast.

Wijzigingen per 2 juni 2026:
De volgende cijfers zijn toegevoegd.
- Inwoners stedelijk en landelijk, 2026, definitief
- Centrumfunctie, 2026, definitief
- Woonkernen, 2026, definitief
- Bedrijfsvestigingen, 2026, voorlopig
- Omgevingsadressendichtheid, 2026, definitief
- Regionaal klantenpotentieel, 2026, definitief
- Regiocode, 2026, definitief

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Nieuwe cijfers worden onregelmatig gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Inwoners stedelijk en landelijk gebied
Het aantal inwoners per regio ingedeeld naar vijf stedelijkheidsklassen.
De indeling naar stedelijkheidsklasse wordt afgeleid van de Omgevingsadressendichtheid (OAD) die wordt weergegeven in adressen per km².
De volgende klassen worden onderscheiden:
- Zeer sterk stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van 2 500 of meer)
- Sterk stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van 1 500 tot 2 500)
- Matig stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van 1 000 tot 1 500)
- Weinig stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van 500 tot 1 000)
- Niet-stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van minder dan 500).

Inwoners landelijk gebied is de som van het aantal inwoners in de klassen weinig stedelijk en niet stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van minder dan 1 000).

Het aantal inwoners in het stedelijk gebied is met ingang van 2012 geen onderdeel meer van de uitkeringen uit het Provinciefonds. Inwoners stedelijk gebied is de som van het aantal inwoners in de klassen zeer sterk stedelijk en sterk stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van 1 500 of meer).
Inwoners in de klasse matig stedelijk worden niet tot landelijk of stedelijk gebied gerekend.


Definitieve cijfers
Met ingang van de cijfers over 2015 wordt de OAD per vierkant van 500 meter bij 500 meter berekend naar de BAG van 1 januari, waarbij aan alle in gebruik zijnde verblijfsobjecten, standplaatsen en ligplaatsen een vierkant van 500 meter bij 500 meter is toegekend.
Inwoners per rastervierkant zijn afkomstig door alle personen van de Basis Registratie Personen per 1 januari van het peiljaar aan vierkanten toe te delen.

Voorlopige cijfers
Berekening wordt uitgevoerd in november van het voorgaand jaar.
De gemeentelijke indeling van het peiljaar is afgeleid van een herindeling en eventuele grootschalige opsplitsing van gemeenten van het voorgaande jaar. Kleinere grenscorrecties tussen gemeenten worden hierbij buiten beschouwing gelaten.
Met ingang van 2015 wordt berekening van voorlopige cijfers van een peiljaar gebruik gemaakt van de BAG van 1 september van het voorgaand jaar voor afleiding van de stedelijkheidsklasse van het vierkant. De toedeling van aantallen inwoners naar stedelijkheidsklasse vindt plaats door gebruik te maken van definitieve bevolkingsaantallen per rastervierkant van 1 januari van het voorgaand jaar.
Totaal stedelijk gebied
Inwoners stedelijk gebied is de som van het aantal inwoners in de klassen zeer sterk stedelijk en sterk stedelijk (Omgevingsadressendichtheid van 1 500 of meer adressen/km2).

Per regio op 1 januari (afgerond op10-tallen).
Zeer sterk stedelijk
Aantal inwoners in zeer sterk stedelijk gebied (Omgevingsadressendichtheid van 2 500 of meer adressen/km²).

Per regio op 1 januari (afgerond op 10-tallen).
Sterk stedelijk
Aantal inwoners in sterk stedelijk gebied (Omgevingsadressendichtheid van 1 500 tot 2 500 adressen/km²).

Per regio op 1 januari (afgerond op 10-tallen).
Matig stedelijk
Aantal inwoners in matig stedelijk gebied (Omgevingsadressendichtheid van 1 000 tot 1 500 adressen/km²).

Per regio op 1 januari (afgerond op 10-tallen).
Totaal landelijk gebied
Aantal inwoners in weinig stedelijk en niet stedelijk gebied (Omgevingsadressendichtheid van minder dan 1 000 adressen/km²).

Per regio op 1 januari (afgerond op 10-tallen).
Weinig stedelijk
Aantal inwoners in weinig stedelijk gebied (Omgevingsadressendichtheid van 500 tot 1 000 adressen/km²).

Per regio op 1 januari (afgerond op 10-tallen).
Niet stedelijk
Aantal inwoners in niet-stedelijk gebied (Omgevingsadressendichtheid minder dan 500 adressen/km²).

Per regio op 1 januari (afgerond op 10-tallen).
Particuliere huishoudens
Een particulier huishouden is een verzameling van één of meer personen die een woonruimte bewoont en zichzelf daar particulier, d.w.z. niet bedrijfsmatig voorziet in huisvesting en dergelijke levensbehoeften.

Een particulier huishouden wordt afgeleid uit de Basis Registratie Personen en belastingdienstgegevens over samenwonende paren met waar nodig gebruikmaking van de Enquête Beroepsbevolking.
Huishoudens met relatief laag inkomen
Het aantal particuliere huishoudens exclusief studentenhuishoudens in een regio in het 2e, 3e en 4e deciel van de landelijke inkomensverdeling van het gestandaardiseerd besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens exclusief studentenhuishoudens.

Het huishoudensinkomen bestaat uit de som van de inkomens van de afzonderlijke leden van de huishoudens.

Het gestandaardiseerd besteedbaar inkomen is het besteedbaar inkomen gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Deze correctie vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren. In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze is het welvaartsniveau van verschillende typen huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt.

In tabellen met inkomensverdelingen zijn de huishoudens in tien inkomensklassen verdeeld. De klassengrenzen van de verdeling zijn als volgt bepaald. De huishoudens worden gerangschikt naar hoogte van besteedbaar inkomen. Daarna worden de eenheden in tien, qua aantal gelijke groepen (zogenaamde decielgroepen) verdeeld en wordt het hoogste inkomen in elke groep bepaald. Deze inkomens vormen de klassengrenzen of decielen. Voor de maatstaf geldt het totaal aantal huishoudens met een inkomen in het 2e, 3e en 4e deciel.

Voorlopige cijfers betreffen voorlopige gegevens over het voorgaand jaar. Definitieve cijfers betreffen definitieve gegevens over het voorgaand jaar.


Bedrijfsvestigingen
Vestiging: Elke afzonderlijk gelegen ruimte, terrein of complex van ruimten of terreinen, benut door een onderneming voor de uitoefening van de activiteiten.
Iedere onderneming bestaat uit ten minste één vestiging.
Van dit onderdeel worden alleen definitieve cijfers gebruikt.