Voortijdig schoolverlaters; geslacht, woonregio

Voortijdig schoolverlaters; geslacht, woonregio

Geslacht Regiokenmerken Perioden Leerlingen (aantal) Voortijdig schoolverlaters (aantal) Niet-voortijdig schoolverlaters (aantal) Voortijdig schoolverlaters (percentage) (%)
Totaal mannen en vrouwen Nederland 2019/'20* 1.321.950 26.160 1.295.790 2
Totaal mannen en vrouwen Groningen (PV) 2019/'20* 42.320 810 41.520 2
Totaal mannen en vrouwen Fryslân (PV) 2019/'20* 55.400 920 54.480 2
Totaal mannen en vrouwen Drenthe (PV) 2019/'20* 41.470 720 40.750 2
Totaal mannen en vrouwen Overijssel (PV) 2019/'20* 100.740 1.730 99.020 2
Totaal mannen en vrouwen Flevoland (PV) 2019/'20* 38.050 790 37.260 2
Totaal mannen en vrouwen Gelderland (PV) 2019/'20* 168.160 3.060 165.100 2
Totaal mannen en vrouwen Utrecht (PV) 2019/'20* 106.420 1.970 104.450 2
Totaal mannen en vrouwen Noord-Holland (PV) 2019/'20* 206.000 4.510 201.500 2
Totaal mannen en vrouwen Zuid-Holland (PV) 2019/'20* 271.850 5.960 265.890 2
Totaal mannen en vrouwen Zeeland (PV) 2019/'20* 28.340 550 27.790 2
Totaal mannen en vrouwen Noord-Brabant (PV) 2019/'20* 191.700 3.720 187.980 2
Totaal mannen en vrouwen Limburg (PV) 2019/'20* 71.510 1.430 70.080 2
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over de jaarlijkse aanwas van voortijdig schoolverlaters vanuit het voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs en voortgezet algemeen volwassenenonderwijs naar geslacht en woonregio (gemeente, gemeentegrootte, provincie, landsdeel en RMC-regio).

Gegevens beschikbaar vanaf: 2012/'13.

Status van de cijfers:
De cijfers voor de meest recente periode zijn voorlopig. Deze cijfers worden definitief bij de publicatie van de volgende periode.

Wijzigingen per 7 mei 2021:
De definitieve cijfers over het schooljaar 2018/'19 en de voorlopige cijfers over het schooljaar 2019/'20 zijn toegevoegd.

Na een stijging de afgelopen jaren is in het schooljaar 2019/20 het aantal voortijdig schoolverlaters afgenomen. Vermoedelijk is dit een gevolg van de coronacrisis. Hierdoor was de gediplomeerde uitstroom uit onderwijs hoger (hoger slagingspercentage in het voortgezet onderwijs in schooljaar 2019/’20) en de ongediplomeerde uitstroom uit onderwijs lager (leerlingen gingen door in onderwijs).

De onderliggende coderingen van de in deze tabel gebruikte classificaties zijn aangepast. Deze sluiten nu aan bij de door het CBS vastgelegde standaardcoderingen.
De structuur en de gegevens van de tabel zijn niet aangepast.

Vanaf 01-01-2020 hanteert het CBS de Friese naam (Fryslân) voor de provincie Friesland. Bij actualisering van tabellen wordt deze taalwijziging doorgevoerd. Stopgezette tabellen worden niet meer aangepast.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het tweede kwartaal van 2022 komen de definitieve cijfers over het schooljaar 2019/'20 en de voorlopige cijfers over het schooljaar 2020/’21 beschikbaar.

Toelichting onderwerpen

Leerlingen
Leerlingen die op 1 oktober van een schooljaar staan ingeschreven in het voortgezet onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs en het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs én die op dat moment en op 1 oktober van het volgend schooljaar staan ingeschreven in de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA).

Let op, door te kiezen voor leerlingen die op beide momenten staan ingeschreven in de GBA, wijkt het aantal leerlingen in de onderzoekspopulatie af van het totaal aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs en het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs.

Voortijdig schoolverlaters
Leerlingen die in een gegeven jaar het onderwijs verlaten zonder startkwalificatie. Het gaat hierbij dus om de jaarlijkse aanwas. De periode 2016/’17, bijvoorbeeld, beschrijft leerlingen die op 1 oktober 2016 staan ingeschreven in het voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs of voortgezet algemeen volwassenenonderwijs en op 1 oktober 2017 het onderwijs zonder startkwalificatie hebben verlaten. Een leerling beschikt over een startkwalificatie met een havo- of vwo-diploma of met een mbo-2 diploma. Een vmbo-diploma of een mbo-1 diploma volstaat niet als startkwalificatie. Een in Nederland gangbare leeftijdsgrens is 23 jaar bij schoolverlaten. Dat wil zeggen dat personen die bij schoolverlaten 23 jaar of ouder zijn en niet beschikken over een startkwalificatie niet tot de voortijdig schoolverlaters worden gerekend. In deze StatLinetabel is de leeftijdsgrens van 23 jaar gehanteerd bij de definitie van voortijdig schoolverlaters.
De Europese definitie van voortijdig schoolverlaters gaat uit van het totale volume in plaats van de jaarlijkse aanwas. Bij de Europese doelstelling om het aantal schoolverlaters terug te dringen wordt gekeken naar het totaal aantal niet-onderwijsvolgende personen van 18 tot 25 jaar zonder startkwalificatie.
Niet-voortijdig schoolverlaters
Aantal leerlingen dat op 1 oktober van het volgend schooljaar onderwijs volgt of dat geen onderwijs meer volgt, maar in het bezit is van een startkwalificatie (een havo- of vwo-diploma, of een diploma op mbo niveau 2 of hoger).
Voortijdig schoolverlaters (percentage)
Percentage leerlingen dat op 1 oktober van het volgend schooljaar het onderwijs heeft verlaten zonder startkwalificatie (een havo- of vwo-diploma, of een diploma op mbo niveau 2 of hoger).
Er is gepercenteerd op het totaal aantal leerlingen in de betreffende (sub)groep van het totaal aantal leerlingen.