Laag en langdurig laag inkomen van personen; huishoudenskenmerken

Laag en langdurig laag inkomen van personen; huishoudenskenmerken

Kenmerken van huishoudens Inkomensgrens huishouden Duur inkomenspositie Perioden Personen (x 1 000) Personen, relatief (%) Kinderen (x 1 000) Kinderen, relatief (%)
Particuliere huishoudens Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2018 1.028,9 6,3 258,0 7,9
Particuliere huishoudens Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2019* 1.014,6 6,2 251,1 7,8
Particuliere huishoudens Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2018 391,3 2,5 102,0 3,3
Particuliere huishoudens Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2019* 397,7 2,5 99,2 3,2
Type: Eenoudergezin Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2018 207,3 15,8 110,0 22,5
Type: Eenoudergezin Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2019* 198,6 14,9 105,0 21,3
Type: Eenoudergezin Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2018 70,4 5,8 41,6 9,3
Type: Eenoudergezin Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2019* 66,0 5,3 38,5 8,6
Type: Paar, met kind(eren) Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2018 308,6 4,1 144,3 5,4
Type: Paar, met kind(eren) Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2019* 305,3 4,1 142,8 5,4
Type: Paar, met kind(eren) Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2018 116,8 1,6 59,3 2,3
Type: Paar, met kind(eren) Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2019* 117,7 1,6 59,6 2,3
Bron: Inkomen als werknemer/zelfstandige Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2018 283,4 2,4 84,6 2,9
Bron: Inkomen als werknemer/zelfstandige Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2019* 304,4 2,6 91,3 3,1
Bron: Inkomen als werknemer/zelfstandige Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2018 66,1 0,6 24,5 0,9
Bron: Inkomen als werknemer/zelfstandige Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2019* 68,4 0,6 25,1 0,9
Bron: Overdrachtsinkomen Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2018 745,4 16,3 173,3 52,5
Bron: Overdrachtsinkomen Inkomen tot lage-inkomensgrens Ten minste 1 jaar 2019* 710,3 15,6 159,9 50,6
Bron: Overdrachtsinkomen Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2018 325,1 7,5 77,5 28,4
Bron: Overdrachtsinkomen Inkomen tot lage-inkomensgrens Vier jaar of langer 2019* 329,3 7,6 74,1 28,0
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat uitkomsten over alle personen en over minderjarige kinderen in huishoudens met een relatief laag inkomen. De uitkomsten worden uitgesplitst naar huishoudenskenmerken als geslacht en leeftijd van de hoofdkostwinner, en de huishoudenssamenstelling en voornaamste inkomensbron van het huishouden. Voor de indeling naar hoogte van het inkomen worden twee inkomensgrenzen gehanteerd: de lage-inkomensgrens en het beleidsmatig minimum. Voor deze indelingen wordt het aantal personen gepubliceerd, zowel absoluut als in procenten van de totale populatie. De tabel bevat ook gegevens over het aantal personen in huishoudens dat langdurig (4 jaar en langer) van een inkomen onder de gebruikte inkomensgrens moest rondkomen. De uitkomsten worden onder meer gebruikt in rapportages over armoede.
De gegevens hebben betrekking op alle personen in particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar. Studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden zijn buiten beschouwing gebleven.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2011.

Status van de cijfers:
De cijfers over de jaren 2011 - 2018 zijn definitief.
De cijfers over 2019 zijn voorlopig.

Wijzigingen per 2 december 2020:
Actualisatie met definitieve cijfers voor 2018 en voorlopige cijfers voor 2019.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De nieuwe cijfers komen in december 2021 beschikbaar.

Toelichting onderwerpen

Personen
Het aantal personen in particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar, waarbij studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden buiten beschouwing zijn gebleven.
Personen, relatief
Het % personen in particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar, waarbij studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden buiten beschouwing zijn gebleven.
Kinderen
Het aantal minderjarige kinderen in particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar, waarbij studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden buiten beschouwing zijn gebleven.
Kinderen, relatief
Het % minderjarige kinderen in particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar, waarbij studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden buiten beschouwing zijn gebleven.