Vermogen van huishoudens; huishoudenskenmerken, regio 2011-2016


Deze tabel bevat gegevens over het vermogen van huishoudens naar kenmerken als samenstelling van het huishouden, leeftijd en migratieachtergrond van de hoofdkostwinner, voornaamste inkomensbron, woonsituatie, inkomensgroep, vermogensgroep en vermogensklasse. De gegevens zijn beschikbaar naar diverse regionale indelingen gebaseerd op de gemeentelijke indeling per 1 januari van het verslagjaar.

Gegevens beschikbaar van 2011 tot en met 2016
De gegevens betreffen de stand van het vermogen per 1 januari.

Status van de cijfers:
De cijfers zijn voorlopig.

Het samenstellen van de cijfers is per verslagjaar 2011 in vergelijking met voorgaande jaren op enkele onderdelen gewijzigd:
Vanaf 2011 is er completere informatie van bank- en spaartegoeden en effecten beschikbaar. Alle kleine tegoeden worden vanaf dat moment ook waargenomen. Hierdoor zijn er meer huishoudens met deze vermogensbestanddelen.
Vanaf 2011 is er completere informatie van de schulden beschikbaar. Studieschulden en leningen bij banken worden vanaf dat moment volledig waargenomen. Hierdoor zijn er meer huishoudens met overige schulden. Studieschulden behoorden t/m 2010 tot de overige schulden.

Wijziging per 20 februari 2019:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
Deze tabel wordt opgevolgd door de tabel 'Vermogen van huishoudens; huishoudenskenmerken, regio (indeling 2018)'. Zie paragraaf 3.

Vermogen van huishoudens; huishoudenskenmerken, regio 2011-2016

Kenmerken van huishoudens Regio's Perioden Particuliere huishoudens (x 1 000) Totaal vermogen (mld euro) Gemiddeld vermogen (1 000 euro) Mediaan vermogen (1 000 euro)
Particuliere huishoudens Nederland 2016* 7.623,2 1.167,2 153,1 22,2
Particuliere huishoudens Aa en Hunze 2016* 10,9 2,2 199,4 98,3
Particuliere huishoudens Amsterdam 2016* 444,0 56,1 126,4 4,2
Particuliere huishoudens Groningen (gemeente) 2016* 115,3 7,0 60,6 2,7
Particuliere huishoudens Heerlen 2016* 44,4 2,8 63,4 3,7
Particuliere huishoudens Rotterdam 2016* 310,7 22,9 73,7 1,9
Particuliere huishoudens Rozendaal 2016* 0,6 0,3 488,8 256,6
Particuliere huishoudens Utrecht (gemeente) 2016* 170,9 15,3 89,7 5,8
Bron: CBS.
Verklaring van tekens