Overige lokale overheid; inkomsten en uitgaven per kwartaal op kasbasis

Overige lokale overheid; inkomsten en uitgaven per kwartaal op kasbasis

Perioden Inkomsten (mln euro) Uitgaven (mln euro) Saldo (mln euro)
2021 4e kwartaal 10.026 10.769 -743
2022 1e kwartaal 10.758 9.311 1.447
2022 2e kwartaal 10.878 10.888 -10
2022 3e kwartaal 10.633 10.137 496
2022 4e kwartaal 10.790 11.045 -255
2023 1e kwartaal* 11.394 10.047 1.347
2023 2e kwartaal* 11.742 11.525 217
2023 3e kwartaal* 10.872 10.889 -17
2023 4e kwartaal* 11.445 12.145 -700
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat kwartaalramingen over de kasuitgaven, kasinkomsten en het saldo van overige lokale overheidsinstellingen. De ramingen geven een kwaliteitsindicatie voor de Europese Commissie over de bijdrage aan het overheidssaldo van de overige decentrale overheidsinstellingen per kwartaal. Voor het officiële overheidssaldo per kwartaal kunt u de cijfers gepubliceerd in de nationale rekeningen gebruiken. Met deze tabel wordt invulling gegeven aan EU-richtlijn 2011/85. Deze richtlijn maakt deel uit van zes Europese wetgevende maatregelen die bekend staan onder de naam 'Sixpack'.

Het CBS heeft in juni 2018 de gereviseerde Nationale Rekeningen gepubliceerd. Onder andere het bbp en de totale overheidsuitgaven zijn door de revisie naar boven bijgesteld. Als onderdeel van de revisie is de bepaling van de populatie lokale instellingen zonder winstoogmerk kwalitatief verbeterd. De waargenomen populatie is daarbij gegroeid in omvang. Vanaf het eerste kwartaal van 2018 worden in deze tabel voor de overige lokale overheden de kasuitgaven, kasinkomsten en het saldo na revisie gepubliceerd. De cijfers over de kwartalen ervoor zijn niet aangepast op basis van de revisie. Tussen het vierde kwartaal van 2017 en het eerste kwartaal van 2018 komt daardoor een breuk voor als gevolg van de veranderde waargenomen populatie lokale instellingen zonder winstoogmerk.

Gegevens beschikbaar vanaf: eerste kwartaal 2014.

Status van de cijfers:
Het verslagjaar 2023 heeft de status voorlopig, de verslagjaren 2022 en eerder hebben de status definitief.

Wijzigingen per 29 maart 2024:
De voorlopige cijfers voor het vierde kwartaal 2023 zijn opgenomen.
De eerste drie kwartalen van 2023 zijn geactualiseerd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De nieuwe kwartaalcijfers worden drie maanden na afloop van het kwartaal gepubliceerd. Bij publicatie van een nieuw kwartaal kunnen de voorlopige cijfers van het vorige kwartaal worden aangepast. Na publicatie van jaarcijfers worden de cijfers definitief. Bij een revisie van de Nationale Rekeningen krijgen alle verslagjaren voorafgaand aan het meest actuele eerste kwartaal de status definitief.

Toelichting onderwerpen

Inkomsten
Inkomsten van overige lokale overheidsinstellingen.
De inkomsten bestaan vooral uit Rijksbijdrage, maar bijvoorbeeld ook uit verkopen en rente.
---
Tot de overige lokale overheid behoren de bekostigde onderwijsinstellingen (exclusief universiteiten) en lokale instellingen zonder winstoogmerk (zoals bibliotheken, musea en jeugdhulpverlening).
De overige lokale overheid is een onderdeel van de sector lokale overheid. Onder de sector lokale overheid vallen ook de decentrale overheden met daarin de provincies, gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen.
Uitgaven
Uitgaven van overige lokale overheidsinstellingen.
De uitgaven bestaan vooral uit personeelsuitgaven, maar bijvoorbeeld ook uit uitgaven voor huisvesting en investeringen.
---
Tot de overige lokale overheid behoren de bekostigde onderwijsinstellingen (exclusief universiteiten) en lokale instellingen zonder winstoogmerk (zoals bibliotheken, musea en jeugdhulpverlening).
De overige lokale overheid is een onderdeel van de sector lokale overheid. Onder de sector lokale overheid vallen ook de decentrale overheden met daarin de provincies, gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen.
Saldo
Het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven.