Ondernemingsklimaat; macro-econ. condities intern. vergeleken 1990-2012


Deze tabel geeft een internationale vergelijking van macro-economische condities op basis van een aantal elementaire prestatie-indicatoren:
- Inflatie
- Langetermijnrente
- Saldo overheidsfinanciën
- Staatsschuld
- Werkloosheid
- Openheid van de economie
- Goederenhandel met niet-EU-landen
- Containervervoer
Deze indicatoren geven een globaal beeld van de internationale concurrentiepositie van een land. De macro-economische omstandigheden bepalen het basisklimaat waarbinnen ondernemingen hun activiteiten ontplooien. Goede macro-economische condities zorgen voor een gunstig klimaat waarin ondernemingen goed kunnen functioneren.

Let op: Om een internationale vergelijking mogelijk te maken is bij de bepaling van de hier gepresenteerde cijfers gebruik gemaakt van internationaal vergelijkbare definities, die soms afwijken van de normaal door het CBS gehanteerde definities. Hierdoor kunnen verschillen optreden tussen deze cijfers en elders op de CBS-website gepubliceerde nationale cijfers.

Gegevens beschikbaar vanaf 1990 tot en met 2012.

Status van de cijfers:
De externe bronnen van deze cijfers leveren regelmatig bijgestelde gegevens over voorgaande perioden. Deze bijgestelde gegevens worden in de tabel niet als zodanig gekenmerkt.

Wijzigingen per 22 december 2017:
Geen, tabel is stop gezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet.

Ondernemingsklimaat; macro-econ. condities intern. vergeleken 1990-2012

Landen Perioden Inflatie (%) Langetermijnrente (%) Saldo overheidsfinanciën (% van bbp) Staatsschuld (% van bbp) Werkloosheid (% van de beroepsbevolking) Openheid van de economie (% van bbp) Goederenhandel met niet-EU-landen (% van bbp)
België 1995 1,3 7,38 -4,5 130,4 9,69 127,0 31,5
België 2000 2,7 5,57 0,0 107,8 6,87 153,4 41,0
België 2005 2,5 3,37 -2,5 92,0 8,48 153,5 44,2
België 2010 2,3 3,35 -3,8 96,0 8,27 157,3 49,2
België 2011 3,5 4,18 -3,7 98,0 7,18 167,6 54,4
Denemarken 1995 2,0 8,27 -2,9 72,6 6,70 71,0 13,3
Denemarken 2000 2,7 5,66 2,3 52,4 4,24 87,0 17,3
Denemarken 2005 1,7 3,40 5,2 37,8 4,79 93,1 18,2
Denemarken 2010 2,2 2,93 -2,5 42,9 7,25 95,4 18,7
Denemarken 2011 2,7 2,73 -1,8 46,5 7,38 101,9 20,1
Duitsland 1995 . 6,86 . 55,6 7,90 47,4 15,5
Duitsland 2000 1,4 5,27 1,1 60,2 7,47 66,5 20,0
Duitsland 2005 1,9 3,35 -3,3 68,6 10,69 77,4 22,5
Duitsland 2010 1,2 2,74 -4,3 83,0 6,75 88,2 27,1
Duitsland 2011 2,5 2,61 -1,0 81,2 5,74 95,2 29,5
Finland 1995 0,4 8,79 -6,2 56,6 16,70 65,5 19,3
Finland 2000 2,9 5,48 6,9 43,8 9,81 78,0 23,3
Finland 2005 0,8 3,35 2,8 41,7 8,40 79,4 24,5
Finland 2010 1,7 3,01 -2,5 48,4 8,43 79,4 23,7
Finland 2011 3,3 3,01 -0,5 48,6 7,81 78,7 25,2
Japan 1995 -0,1 3,44 -4,7 86,2 3,15 16,9 14,8
Japan 2000 -0,7 1,74 -7,4 137,5 4,73 20,3 18,1
Japan 2005 -0,3 1,35 -4,8 169,5 4,43 27,2 24,2
Japan 2010 -0,7 1,15 -8,4 192,7 5,06 29,2 26,7
Japan 2011 -0,3 1,10 -9,5 205,5 4,59 31,4 28,7
Nederland 1995 1,4 6,90 . 76,1 6,81 113,0 24,6
Nederland 2000 2,3 5,41 2,0 53,8 2,95 134,6 37,7
Nederland 2005 1,5 3,37 -0,3 51,8 5,11 130,7 41,6
Nederland 2010 0,9 2,99 -5,1 62,9 4,38 148,6 52,1
Nederland 2011 2,5 2,99 -4,7 65,2 4,36 157,3 55,9
Verenigd Koninkrijk 1995 2,7 8,20 -5,9 51,2 8,62 56,6 18,3
Verenigd Koninkrijk 2000 0,8 5,33 3,6 41,0 5,46 57,1 19,2
Verenigd Koninkrijk 2005 2,1 4,41 -3,4 42,5 4,85 56,2 17,0
Verenigd Koninkrijk 2010 3,3 3,61 -10,2 79,6 7,86 62,8 20,3
Verenigd Koninkrijk 2011 4,5 3,12 -8,3 85,7 8,07 66,5 22,0
Verenigde Staten 1995 2,8 6,58 -3,3 70,7 5,60 23,3 18,4
Verenigde Staten 2000 3,4 6,03 1,5 54,5 3,99 25,9 20,3
Verenigde Staten 2005 3,4 4,29 -3,3 67,6 5,08 26,5 21,0
Verenigde Staten 2010 1,6 3,21 -10,7 98,3 9,63 29,0 22,5
Verenigde Staten 2011 3,2 2,79 -9,7 102,7 8,95 31,6 24,9
Zuid-Korea 1995 . 12,40 3,5 . 2,06 57,4 50,4
Zuid-Korea 2000 2,3 8,55 5,4 . 4,42 74,3 62,4
Zuid-Korea 2005 2,8 4,95 3,4 25,5 3,73 75,8 64,7
Zuid-Korea 2010 2,9 4,77 1,3 34,6 3,72 102,0 87,3
Zuid-Korea 2011 4,0 4,20 1,8 34,7 3,41 120,0 106,3
Zweden 1995 2,7 10,27 -7,4 72,8 10,48 72,6 17,0
Zweden 2000 1,3 5,37 3,6 53,9 6,75 86,7 23,3
Zweden 2005 0,8 3,38 2,2 50,4 7,65 89,0 23,4
Zweden 2010 1,9 2,89 0,3 39,4 8,37 93,2 25,3
Zweden 2011 1,4 2,61 0,3 38,4 7,51 93,8 25,7
Bron: CBS.
Verklaring van tekens