Windenergie op land; productie en capaciteit per provincie

Windenergie op land; productie en capaciteit per provincie

Regio's Perioden Windmolens In gebruik genomen windmolens (aantal) Windmolens Uit gebruik genomen windmolens (aantal) Windmolens Opgestelde windmolens einde van jaar (aantal) Rotoroppervlak In gebruik genomen rotoroppervlak (1 000 m2) Rotoroppervlak Uit gebruik genomen rotoroppervlak (1 000 m2) Rotoroppervlak Opgesteld rotoroppervlak einde jaar (1 000 m2) Elektrisch vermogen In gebruik genomen vermogen (megawatt) Elektrisch vermogen Uit gebruik genomen vermogen (megawatt) Elektrisch vermogen Opgesteld vermogen einde jaar (megawatt) Elektriciteitsproductie Genormaliseerde productie (mln kWh) Elektriciteitsproductie Niet-genormaliseerde productie (mln kWh) Elektriciteitsproductie Productiefactor (%) Elektriciteitsproductie Productie per rotoroppervlak (kWh per m2) Elektriciteitsproductie Aantal vollasturen (uur)
Nederland 2020 206 88 2.150 2.252 212 10.555 745 84 4.188 8.962 9.794 29,0 1.035 2.549
Nederland 2021** 283 18 2.415 3.652 47 14.160 1.140 19 5.310 10.556 10.053 23,9 800 2.090
Groningen (PV) 2020 48 25 242 677 62 1.514 205 34 620 1.056 1.154 27,7 1.164 2.437
Groningen (PV) 2021** 26 1 267 378 0 1.891 114 0 734 1.626 1.548 25,3 869 2.212
Fryslân (PV) 2020 2 11 294 13 6 502 4 2 198 453 495 28,6 993 2.511
Fryslân (PV) 2021** 91 7 378 1.188 8 1.682 387 4 581 998 951 23,2 711 2.030
Drenthe (PV) 2020 8 0 17 84 0 137 28 0 50 . . . . .
Drenthe (PV) 2021** 44 0 61 593 0 730 172 0 222 217 207 16,8 460 1.469
Overijssel (PV) 2020 2 0 27 15 0 169 5 0 66 140 153 26,6 917 2.339
Overijssel (PV) 2021** 2 0 29 30 0 198 8 0 74 141 135 22,2 749 1.947
Flevoland (PV) 2020 13 27 611 47 75 2.670 28 34 1.169 2.544 2.780 27,1 1.041 2.380
Flevoland (PV) 2021** 44 2 653 545 4 3.210 184 2 1.351 2.443 2.327 21,9 830 1.917
Gelderland (PV) 2020 15 1 53 218 0 438 61 0 143 305 334 27,9 806 2.447
Gelderland (PV) 2021** 8 0 61 86 0 524 28 0 171 364 346 24,2 690 2.120
Utrecht (PV) 2020 1 1 16 0 0 113 0 0 34 88 96 32,0 849 2.814
Utrecht (PV) 2021** 0 0 16 0 0 113 0 0 34 75 72 24,0 634 2.101
Noord-Holland (PV) 2020 95 14 341 999 21 1.741 336 8 641 1.267 1.385 30,7 1.012 2.696
Noord-Holland (PV) 2021** 12 0 353 94 0 1.835 26 0 668 1.692 1.611 27,7 884 2.425
Zuid-Holland (PV) 2020 8 7 172 75 9 1.167 26 4 460 1.117 1.220 31,7 1.103 2.785
Zuid-Holland (PV) 2021** 20 0 192 247 0 1.414 76 0 535 1.105 1.052 23,4 785 2.054
Zeeland (PV) 2020 2 1 246 15 36 1.350 8 0 527 1.339 1.463 31,8 1.089 2.795
Zeeland (PV) 2021** 13 7 252 166 32 1.484 53 13 567 1.228 1.170 25,1 856 2.199
Noord-Brabant (PV) 2020 10 0 124 84 0 705 34 0 259 541 591 27,8 898 2.441
Noord-Brabant (PV) 2021** 11 1 134 137 2 840 42 1 300 562 536 22,7 725 1.993
Limburg (PV) 2020 2 1 7 25 2 50 9 1 21 . . . . .
Limburg (PV) 2021** 12 0 19 189 0 239 52 0 72 104 99 26,6 765 2.328
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel zijn cijfers per provincie opgenomen over de capaciteit van windmolens en de gerealiseerde elektriciteitsproductie. De gegevens zijn exclusief de in zee opgestelde windmolens.

Gegevens beschikbaar vanaf:
1990, jaarlijks

Status van de cijfers:
Deze tabel geeft definitieve cijfers tot en met 2020 en nader voorlopige cijfers over 2021.


Wijzigingen per 15 december 2022:
De cijfers over 2021 zijn geactualiseerd. De cijfers over 2020 zijn herzien aan de hand van nieuw verkregen informatie.

Wijzigingen per juni 2022:
Nader voorlopige cijfers over 2021 zijn toegevoegd. De cijfers over 2020 zijn herzien aan de hand van nieuw verkregen informatie. Dit zorgt voor een klein verschil in het totaal opgestelde vermogen en de elektriciteitsproductie in 2020 met de landelijke tabellen. Bij de uitsplitsingen naar provincie treden de grootste verschillen op bij de provincie Zuid-Holland.

Wanneer komen er nieuwe cijfers:
Nader voorlopige cijfers over het voorafgaande jaar verschijnen elk jaar in juni. Deze cijfers worden daarna bijgesteld in december en blijven nader voorlopig.
Definitieve cijfers verschijnen in december in tweede jaar na het verslagjaar.


Toelichting onderwerpen

Windmolens
In gebruik genomen windmolens
Het aantal windmolens dat in het verslagjaar in gebruik is genomen.
Uit gebruik genomen windmolens
Het aantal windmolens dat in het verslagjaar uit gebruik is genomen en als verwijderd wordt beschouwd.
Opgestelde windmolens einde van jaar
Het aantal windmolens dat op 31 december van het verslagjaar in gebruik is.
Rotoroppervlak
Het totale oppervlak dat door de draaiende wieken van de molens bestreken wordt.
In gebruik genomen rotoroppervlak
Het rotororoppervlak dat in het verslagjaar in gebruik is genomen.
Uit gebruik genomen rotoroppervlak
Het rotoroppervlak dat in het verslagjaar uit gebruik is genomen en als verwijderd wordt beschouwd.
Opgesteld rotoroppervlak einde jaar
Het rotoroppervlak dat op 31 december van het verslagjaar in gebruik is.
Elektrisch vermogen
De hoeveelheid elektriciteit die de windmolens onder optimale omstandigheden kunnen produceren per tijdseenheid (bijvoorbeeld per uur).
In gebruik genomen vermogen
Het elektrisch vermogen dat in het verslagjaar in gebruik is genomen.
Uit gebruik genomen vermogen
Het elektrisch vermogen dat in het verslagjaar uit gebruik is genomen en als verwijderd wordt beschouwd.
Opgesteld vermogen einde jaar
Het elektrisch vermogen dat op 31 december van het verslagjaar in gebruik is.
Elektriciteitsproductie
Binnenlandse productie van hernieuwbare elektriciteit.
Genormaliseerde productie
De genormaliseerde elektriciteitsproductie is uitgerekend volgens definities uit de EU-Richtlijn Hernieuwbare Energie. Het doel is de productie te corrigeren voor veranderingen in weersomstandigheden, en daarmee de fluctuaties in het windaanbod te neutraliseren. De genormaliseerde productie voor alle windenergie in Nederland in een bepaald verslagjaar wordt als volgt berekend: het gemiddelde van de capaciteit aan het begin en einde van een verslagjaar vermenigvuldigd met de gemiddelde productie per eenheid capaciteit in de afgelopen vijf jaar. Vanaf verslagjaar 2021 wordt deze berekening apart gedaan voor wind op land en wind op zee. Zie voor een rekenvoorbeeld Protocol Monitoring Hernieuwbare Energie RVO CBS.
Niet-genormaliseerde productie
Daadwerkelijke (gemeten) hernieuwbare elektriciteitsproductie in een verslagperiode, niet gecorrigeerd voor weersomstandigheden.
Productiefactor
De gerealiseerde productie gedeeld door de maximale productie berekend op basis van de capaciteit van de windmolens. In perioden met meer wind is de productiefactor hoger. Bij de berekening van de maximale productie telt het vermogen van de windmolens naar rato van het aantal maanden in een jaar dat de windmolens in gebruik zijn. De productiefactor is recht evenredig met het aantal vollasturen.
Productie per rotoroppervlak
De elektriciteitsproductie per rotoroppervlak is berekend door de productie te delen door het gemiddelde rotoroppervlak gedurende een jaar. Het gemiddelde rotoroppervlak gedurende een jaar is berekend als het gemiddelde van de rotoroppervlakten aan het einde van elke maand, waarbij gewogen is met het aantal dagen per maand.
Aantal vollasturen
Het aantal uren per jaar dat de windmolens op vol vermogen zouden moeten draaien om de gerealiseerde productie te halen. Bij de berekening van het aantal vollasturen telt het vermogen van de windmolens naar rato van de periode in een jaar dat de windmolens in gebruik zijn. Het aantal vollasturen is recht evenredig met de productiefactor.