Windenergie op land; productie en capaciteit per provincie

Windenergie op land; productie en capaciteit per provincie

Regio's Perioden Windmolens In gebruik genomen windmolens (aantal) Windmolens Uit gebruik genomen windmolens (aantal) Windmolens Opgestelde windmolens einde van jaar (aantal) Rotoroppervlak In gebruik genomen rotoroppervlak (1 000 m2) Rotoroppervlak Uit gebruik genomen rotoroppervlak (1 000 m2) Rotoroppervlak Opgesteld rotoroppervlak einde jaar (1 000 m2) Elektrisch vermogen In gebruik genomen vermogen (MW-elektrisch) Elektrisch vermogen Uit gebruik genomen vermogen (MW-elektrisch) Elektrisch vermogen Opgesteld vermogen einde jaar (MW-elektrisch) Elektriciteitsproductie Genormaliseerde productie (mln kWh) Elektriciteitsproductie Niet-genormaliseerde productie (mln kWh) Elektriciteitsproductie Productiefactor (%) Elektriciteitsproductie Productie per rotoroppervlak (kWh per m2) Elektriciteitsproductie Aantal vollasturen (uur)
Nederland 2018 66 18 2.029 632 38 8.199 207 16 3.436 6.578 6.918 23,7 877 2.075
Nederland 2019 49 46 2.032 485 168 8.515 159 68 3.527 7.429 7.935 25,9 943 2.265
Groningen (PV) 2018 2 2 218 25 13 895 8 6 447 927 975 25,0 1.097 2.189
Groningen (PV) 2019 1 0 219 4 0 899 2 0 450 986 1.054 26,7 1.172 2.342
Friesland (PV) 2018 5 302 5 494 2 196 388 408 23,7 822 2.075
Friesland (PV) 2019 1 0 303 2 0 496 1 0 197 415 444 25,8 897 2.264
Drenthe (PV) 2018 0 9 0 53 0 22 . . . . .
Drenthe (PV) 2019 0 0 9 0 0 53 0 0 22 . . . . .
Overijssel (PV) 2018 0 17 0 87 0 43 67 71 18,9 812 1.660
Overijssel (PV) 2019 8 0 25 67 0 154 19 0 61 86 92 23,1 941 2.022
Flevoland (PV) 2018 6 7 640 62 10 2.756 19 4 1.198 2.361 2.483 23,9 914 2.093
Flevoland (PV) 2019 0 15 625 0 58 2.698 0 23 1.175 2.424 2.589 24,8 944 2.170
Gelderland (PV) 2018 0 39 0 220 0 82 146 153 21,4 696 1.871
Gelderland (PV) 2019 0 0 39 0 0 220 0 0 82 152 163 22,7 739 1.987
Utrecht (PV) 2018 0 16 0 113 0 34 74 78 26,1 689 2.284
Utrecht (PV) 2019 0 0 16 0 0 113 0 0 34 78 83 27,8 736 2.439
Noord-Holland (PV) 2018 1 274 1 726 1 310 549 577 21,2 795 1.861
Noord-Holland (PV) 2019 15 29 260 145 108 763 47 44 313 635 678 24,0 876 2.106
Zuid-Holland (PV) 2018 18 1 158 177 5 904 64 2 375 638 671 23,4 868 2.047
Zuid-Holland (PV) 2019 15 2 171 200 3 1.101 64 1 437 956 1.021 27,7 971 2.425
Zeeland (PV) 2018 40 2 239 367 4 1.347 116 2 505 951 999 24,7 827 2.164
Zeeland (PV) 2019 6 0 245 23 0 1.370 14 0 519 1.189 1.270 28,3 935 2.479
Noord-Brabant (PV) 2018 0 0 111 0 0 578 0 0 212 418 439 23,6 760 2.067
Noord-Brabant (PV) 2019 3 0 114 44 0 621 13 0 225 442 472 25,3 812 2.213
Limburg (PV) 2018 0 6 0 27 0 13 . . . . .
Limburg (PV) 2019 0 0 6 0 0 27 0 0 13 . . . . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel zijn cijfers per provincie opgenomen over de capaciteit van windmolens en de gerealiseerde elektriciteitsproductie. De gegevens zijn exclusief de in zee opgestelde windmolens.

Gegevens beschikbaar vanaf:
1990, jaarlijks

Status
Deze tabel geeft definitieve cijfers tot en met 2018 en nader voorlopige cijfers over het verslagjaar 2019.

Wijzigingen per 30juli 2020:
De onderliggende database van deze statistiek is gereviseerd om mogelijk te maken dat ook op lager regionaal niveau dan provincie tellingen gemaakt kunnen worden. In deze revisie is preciezer gekeken naar de vermelde gemeente waarin windmolens geplaatst zijn en daarbij is een aansluiting gemaakt op recente regio-indelingen.
Een gevolg van deze revisie is dat de capaciteit en de productie van de windmolens in Noord-Brabant wat hoger is en in Zeeland wat lager. Het betreft aanpassing met een omvang van 9 MW in termen van elektrisch vermogen in de periode 2014-2018.

Wijzigingen per 24 juni 2020:
Nader voorlopige cijfers over 2019 zijn toegevoegd.
De cijfers voor de provincies Utrecht en Noord Brabant zijn aangepast voor 2012 tot en met 2018, omdat een aantal windmolens met een verkeerde plaatsaanduiding in de database stonden. Het gaat om molens met gezamenlijke capaciteit van ongeveer 10 megawatt.


Wanneer komen er nieuwe cijfers:
Nader voorlopige cijfers over het voorafgaande jaar verschijnen elk jaar in juni.
Definitive cijfers over het voorafgaande jaar verschijnen elk jaar in december.

Toelichting onderwerpen

Windmolens
In gebruik genomen windmolens
Het aantal windmolens dat in het verslagjaar in gebruik is genomen.
Uit gebruik genomen windmolens
Het aantal windmolens dat in het verslagjaar uit gebruik is genomen en als verwijderd wordt beschouwd.
Opgestelde windmolens einde van jaar
Het aantal windmolens dat op 31 december van het verslagjaar in gebruik is.
Rotoroppervlak
Het totale oppervlak dat door de draaiende wieken van de molens bestreken wordt.
In gebruik genomen rotoroppervlak
Het rotororoppervlak dat in het verslagjaar in gebruik is genomen.
Uit gebruik genomen rotoroppervlak
Het rotoroppervlak dat in het verslagjaar uit gebruik is genomen en als verwijderd wordt beschouwd.
Opgesteld rotoroppervlak einde jaar
Het rotoroppervlak dat op 31 december van het verslagjaar in gebruik is.
Elektrisch vermogen
De hoeveelheid elektriciteit die de windmolens onder optimale omstandigheden kunnen produceren per tijdseenheid (bijvoorbeeld per uur).
In gebruik genomen vermogen
Het elektrisch vermogen dat in het verslagjaar in gebruik is genomen.
Uit gebruik genomen vermogen
Het elektrisch vermogen dat in het verslagjaar uit gebruik is genomen en als verwijderd wordt beschouwd.
Opgesteld vermogen einde jaar
Het elektrisch vermogen dat op 31 december van het verslagjaar in gebruik is.
Elektriciteitsproductie
Binnenlandse productie van hernieuwbare elektriciteit.
Genormaliseerde productie
De genormaliseerde elektriciteitsproductie is uitgerekend volgens definities uit de EU-Richtlijn Hernieuwbare Energie uit 2009. Het doel is de productie te corrigeren voor veranderingen in weersomstandigheden; fluctuaties in het windaanbod. De genormaliseerde productie voor heel Nederland voor alle windenergie in Nederland (op land en op zee samen) in een bepaald jaar wordt daarbij berekend als het gemiddelde van de capaciteit aan het begin en einde van een verslagjaar maal de gemiddelde productie per eenheid capaciteit in de afgelopen vijf jaar. De genormaliseerde productie is verdeeld over land en zee en over de provincies naar rato van de daadwerkelijke productie op zee, op land of per provincie.

Niet-genormaliseerde productie
Hernieuwbare elektriciteitsproductie, niet gecorrigeerd voor weersomstandigheden.
Productiefactor
De gerealiseerde productie gedeeld door de maximale productie berekend op basis van de capaciteit van de windmolens. In perioden met meer wind is de productiefactor hoger. Bij de berekening van de maximale productie telt het vermogen van de windmolens naar rato van het aantal maanden in een jaar dat de windmolens in gebruik zijn. De productiefactor is recht evenredig met het aantal vollasturen.
Productie per rotoroppervlak
De elektriciteitsproductie per rotoroppervlak is berekend door de productie te delen door het gemiddelde rotoroppervlak gedurende een jaar. Het gemiddelde rotoroppervlak gedurende een jaar is berekend als het gemiddelde van de rotoroppervlakten aan het einde van elke maand, waarbij gewogen is met het aantal dagen per maand.
Aantal vollasturen
Het aantal uren per jaar dat de windmolens op vol vermogen zouden moeten draaien om de gerealiseerde productie te halen. Bij de berekening van het aantal vollasturen telt het vermogen van de windmolens naar rato van de periode in een jaar dat de windmolens in gebruik zijn. Het aantal vollasturen is recht evenredig met de productiefactor.