Lonen: Cao-lonen stijgen verder

In het eerste kwartaal van 2016 zijn de cao-lonen (per uur inclusief bijzondere beloningen) 1,8 procent toegenomen. Deze toename is hoger dan in 2015, toen de gemiddelde loonstijging nog uitkwam op 1,4 procent.

De contractuele loonkosten stegen in het eerste kwartaal van 2016 met 1,9 procent.

Dit komt naast de cao-loonstijging doordat werkgevers meer bijdragen aan WAO-en WW-premies. De stijging van de loonkosten werd nog enigszins afgeremd door lagere pensioenpremies bij het ABP, de werkgeversheffing Zorgverzekeringswet en premies bij verschillende sectorfondsen. Hierdoor komen de contractuele loonkosten in tegenstelling tot vorig jaar net iets boven de loonstijging uit.

De lonen bij de sector overheid stegen met 3,1 procent een stuk sterker in het eerste kwartaal van 2016 dan die bij de sector particuliere bedrijven (1,6 procent) en de gesubsidieerde sector (1,3 procent). In de loonstijging bij de overheid zijn de loonafspraken voor 2015 en 2016 verwerkt die voortvloeien uit het afgelopen zomer afgesloten Centraal Akkoord.

Het voorlopige cijfer over het eerste kwartaal van 2016 is gebaseerd op 84 procent van de cao’s waaruit de statistiek is opgebouwd. Ongeveer acht van de tien werknemers vallen onder een cao.

Ontwikkeling cao-lonen en contractuele loonkosten
Ontwikkeling cao-lonen en contractuele loonkosten
 Cao-lonen inclusief bijzondere beloningenContractuele loonkosten
2011 I0,91,2
2011 II11,3
2011 III1,21,6
2011 IV1,31,7
2012 I1,32,1
2012 II1,42,5
2012 III1,52,5
2012 IV1,52,5
2013 I1,42
2013 II1,21,6
2013 III11,4
2013 IV0,91,3
2014 I0,91,3
2014 II0,91,2
2014 III0,91,2
2014 IV11,3
2015* I1,30,5
2015* II1,40,6
2015* III1,50,7
2015* IV1,60,7
2016* I1,81,9

Loon(kosten) volgens Nationale rekeningen

 De lonen per arbeidsjaar waren in het tweede kwartaal van 2016 1,3 procent hoger dan in het tweede kwartaal van 2015. Bij het openbaar bestuur stegen de lonen met 3,5 procent het meest. In de informatie en communicatie daalden de lonen met 0,8 procent. De loonkosten per arbeidsjaar, waarin ook de werkgeverspremies zijn opgenomen, stegen met 1,0 procent. De werkgeverspremies voor de WAO/WIA gingen omhoog.

 

Gemiddelde loonontwikkeling
Gemiddelde loonontwikkeling
 LonenLoonkosten
2008 I2,93,9
2008 II33,8
2008 III2,83,7
2008 IV2,23,2
2009 I2,32,1
2009 II3,43
2009 III2,72,5
2009 IV2,72,3
2010 I1,40,6
2010 II0,60,2
2010 III1,10,1
2010 IV2,51,5
2011 I2,42,9
2011 II1,72,2
2011 III22,6
2011 IV2,12,5
2012 I1,32,1
2012 II1,52,7
2012 III1,82,7
2012 IV1,62,7
2013 I1,94
2013 II1,62,2
2013 III1,92,8
2013 IV2,41,4
2014 I11,6
2014 II0,31,2
2014 III0,61,6
2014 IV0,22,9
2015 I2,50,2
2015 II2,10,5
2015 III2,20,4
2015 IV1,4-0,5
2016 I1,91,6
2016 II1,31

Deze gegevens zijn gebaseerd op de beloning van werknemers volgens de Nationale rekeningen. Ze wijken af van de cao-gegevens over lonen en loonkosten. Dit komt onder meer doordat:

- de gegevens van de Nationale rekeningen de gehele werknemerspopulatie beschrijven en de cao-gegevens alleen de werknemers die onder een cao vallen. Naar schatting acht van de tien werknemers valt onder een cao.

- de gegevens van de Nationale rekeningen zijn gebaseerd op werkelijke geldstromen en alle looncomponenten en werkgeverslasten bevatten. De cao-lonen en contractuele loonkosten laten de ontwikkeling zien van de lonen en sociale lasten voor zover die onvoorwaardelijk voor alle werknemers gelden.

- de ontwikkeling op basis van cao-informatie is structuurvrij, want wijzigingen in de werknemerspopulatie hebben geen effect op de ontwikkeling van de loon(kosten). Deze wijzigingen werken wel door in de gegevens van de Nationale rekeningen.