SDG 6 Schoon water en sanitair
SDG 6 gaat over toegang tot drinkwater en sanitaire voorzieningen, en over duurzaam beheer van water. In Nederland gaat het vooral om de betaalbaarheid van drinkwater, de waterkwaliteit en de efficiëntie van watergebruik.
- De prijs van drinkwater blijft stijgen.
- De efficiëntie van watergebruik neemt toe.
- Fauna van zoetwater en moeras neemt trendmatig toe.
Het dashboard en de indicatoren
Middelen en mogelijkheden
Gebruik
in EU
in 2023
in EU
in 2023
in EU
in 2022
Uitkomsten
in EU
in 2022
in EU
in 2024
Beleving
| Thema | Indicator | Waarde | Trend | Positie in EU | Positie op EU-ranglijst |
|---|---|---|---|---|---|
| Middelen en mogelijkheden | Productiekosten drinkwaterbedrijf | € 1,65 per m3 (lopende prijzen) in 2024 | stijgend (daling brede welvaart) | ||
| Middelen en mogelijkheden | Prijs van drinkwater (eindafnemers) | € 2,17 per m3 drinkwater in 2024 | stijgend (daling brede welvaart) | ||
| Gebruik | Zuiveringsrendement stikstof stedelijk afvalwater | 84% van alle stikstof in het afvalwater wordt verwijderd in 2024 | |||
| Gebruik | Zuiveringsrendement fosfor stedelijk afvalwater | 87% van alle fosfor in het afvalwater wordt verwijderd in 2024 | |||
| Gebruik | Onttrekking zoet oppervlaktewater | 346 m3 per inwoner in 2024 | dalend (stijging brede welvaart) | 12e van 16 in 2023 | midden van de ranglijst |
| Gebruik | Onttrekking grondwater | 50 m3 per inwoner in 2024 | dalend (stijging brede welvaart) | 5e van 16 in 2023 | midden van de ranglijst |
| Gebruik | Waterproductiviteit | € 132 toegevoegde waarde per m3 (prijzen 2021) in 2024 | stijgend (stijging brede welvaart) | 13e van 27 in 2022 | midden van de ranglijst |
| Uitkomsten | Niveau van waterstress | 15,3% zoetwater onttrokken aan totaal beschikbare zoetwaterbronnen in 2024 | 15e van 27 in 2022 | midden van de ranglijst | |
| Uitkomsten | Fauna van zoetwater en moeras | 159 index (trend 1990=100) in 2024 | stijgend (stijging brede welvaart) | ||
| Uitkomsten | Oppervlaktewater van goede biologische kwaliteit | 3,0% van het areaal beschermd oppervlaktewater in 2025 | |||
| Uitkomsten | Oppervlaktewater van voldoende chemische kwaliteit | 0,5% van het areaal beschermd oppervlaktewater in 2025 | |||
| Uitkomsten | Stikstofemissie naar oppervlaktewater | 6,4 kilo per inwoner in 2023 | |||
| Uitkomsten | Kwaliteit van zwemwater binnenwateren | 70,4% heeft de kwalificatie 'uitstekend' in 2025 | dalend (daling brede welvaart) | 16e van 25 in 2024 | midden van de ranglijst |
| Beleving | Klanttevredenheid drinkwater B) | 8,6 score op schaal 1-10 (10= volledig tevreden) in 2022 |
Uitleg dashboard, kleuren en noten
De drinkwatervoorziening is in Nederland zeer goed geregeld. Wel geven de waterbedrijven aan dat zij zich voor de toekomst zorgen maken over het nakomen van hun leveringsplicht. De vraag naar water groeit: de zomers worden droger en er komen elk jaar meer mensen, bedrijven en woningen bij. De beschikbaarheid van zoet water voor de productie van drinkwater wordt kleiner. Daarnaast is de kwaliteit van grondwater en oppervlaktewater voor het maken van drinkwater steeds vaker niet goed genoeg.
Middelen en mogelijkheden betreffen de omvang van watervoorraden en de kosten om huishoudens te voorzien van schoon drinkwater. Omdat de productiekosten voor de drinkwaterbedrijven toenemen, neemt de prijs van drinkwater voor eindgebruikers toe. In 2024 waren de productiekosten van drinkwaterbedrijven opgelopen tot 1,65 euro per kubieke meter. Deze stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door de toegenomen prijzen voor grondstoffen en materialen. Verder zijn veel investeringen nodig in drinkwaterzuivering en infrastructuur. Uiteindelijk betaalden de eindgebruikers hierdoor meer voor hun drinkwater. In 2024 bedroeg de prijs van drinkwater 2,17 euro per kubieke meter. Het tarief voor de eindgebruiker is hoger dan de productiekosten omdat ook kosten voor grondwaterheffing, drinkwaterleidingen in gemeentegrond, belasting op leidingwater en btw worden doorberekend.
Gebruik betreft de onttrekking van water aan het milieu, de efficiëntie van watergebruik en de zuivering van afvalwater. De onttrekking van zoet oppervlaktewater en grondwater neemt af. In 2024 was de totale onttrekking van zoet oppervlaktewater 346 m3 per inwoner. Dit is een afname ten opzichte van 2023, toen er 356 m3 per inwoner werd onttrokken. De daling kwam voornamelijk doordat elektriciteitscentrales in 2024 minder koelwater hebben gebruikt vanwege de lagere elektriciteitsproductie (bijna 7 procent minder dan in 2023). Nederland telt veel koelwater-intensieve bedrijven. Koelen wordt steeds meer gedaan met zout oppervlaktewater (zeewater). Desondanks heeft koelen met zoet oppervlaktewater (water uit rivieren en meren) een groot effect op de onttrekking per inwoner. Voor economische activiteiten wordt naast oppervlaktewater ook grondwater onttrokken. De totale hoeveelheid onttrokken grondwater hangt sterk samen met het weer, voornamelijk voor de landbouwsector. Omgerekend per inwoner is in 2018, 2019, 2020 en 2022 relatief veel grondwater onttrokken. Droge zomers in die jaren leidden tot flink meer grondwaterverbruik door de landbouw en drinkwaterbedrijven. De jaren 2021, 2023 en 2024 waren relatief nat, waardoor in die jaren juist minder grondwater onttrokken werd.
Water wordt steeds efficiënter gebruikt in de economie. De waterproductiviteit neemt toe. Voor de landbouw, industrie en dienstensector gezamenlijk was de waterproductiviteit in 2024 verder gestegen tot 132 euro toegevoegde waarde per kubieke meter. Deze stijging komt onder andere ook door het natte jaar en het wederom verminderde verbruik van koelwater. Door gebruik van water in huishoudens en in bedrijven ontstaat afvalwater. De zuiveringsrendementen voor stikstof en fosfor in stedelijk afvalwater zijn een maat voor de efficiëntie van de waterzuivering. Ze lagen in 2024 op respectievelijk 84 en 87 procent. De onttrekking van water aan het milieu en het vrijkomen van afvalwater zorgen samen voor een druk op het milieu.
Uitkomsten hebben betrekking op de druk van watergebruik op beschikbare voorraden, de kwaliteit van water in de natuur en de kwaliteit van het drinkwater. In 2024 werd 15,3 procent van het water uit de beschikbare zoetwaterbronnen onttrokken. Hoewel er een stabiele trend is voor het niveau van waterstress, is er na 2022 een daling. Dit is voornamelijk vanwege de dalende onttrekkingen van zoet oppervlaktewater en grondwater en gaat gepaard met een stijging van zout oppervlaktewatergebruik voor koeling door de energiesector. Deze waterstress geeft de verhouding weer tussen de totale hoeveelheid zoet water die door alle sectoren in de economie wordt onttrokken en de totale hoeveelheid in hernieuwbare zoetwaterbronnen die beschikbaar is. Bij de berekening is rekening gehouden met de minimaal benodigde zoetwaterbronnen voor instandhouding van het watermilieu.
De kwaliteit van water in de natuur schiet tekort maar de biodiversiteit die hiervan afhankelijk is neemt toe. De biologische waterkwaliteit (als leefmilieu voor algen, waterplanten, vissen en macrofauna) en de chemische waterkwaliteit worden beoordeeld volgens de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). In deze monitor wordt daarbij gekeken naar de oppervlakte van de waterlichamen in plaats van de aantallen waterlichamen. Het percentage van de totale oppervlakte van water met een goede biologische kwaliteit fluctueert maar is nog altijd klein (3,0 procent in 2025). Veel kleine waterlichamen voldoen wel aan de norm van de KRW voor goede biologische kwaliteit. Want op basis van aantallen waterlichamen voldeed in 2024 ongeveer 15 procent aan de richtlijn. In 2025 was het deel van de oppervlakte van zoete oppervlaktewateren dat aan de chemische kwaliteitsnorm voldoet 0,5 procent. Wanneer in een waterlichaam de grens voor minimaal een van de chemische stoffen of groepen van stoffen waarop onderzocht wordt is overschreden, voldoet de chemische kwaliteit van dat water niet.
De belasting van het oppervlaktewater met stikstofverbindingen (zoals nitraat en ammonium) was in 2023 6,4 kilo per inwoner. In 2023 was er veel neerslag, waardoor er veel uit- en afspoeling was vanaf landbouw- en natuurbodems en uit het riool. Hierdoor is er relatief veel stikstof geloosd op het oppervlaktewater.
Een deel van de Nederlandse fauna is grotendeels of geheel afhankelijk van een goede kwaliteit van rivieren, meren, kanalen en sloten. Bij 176 soorten vissen, broedvogels, amfibieën, libellen, zoogdieren en vlinders die typerend zijn voor deze leefomgeving, is gemiddeld sprake van een toename van de populatie. De oorzaken van deze stijging zijn divers en per soortgroep verschillend. In 2025 is er voor een groot aantal libellensoorten een ander manier van tellen gebruikt. Hierdoor ontstaat een minder positief beeld over de ontwikkeling van populaties dan in de vorige publicatie, hoewel de trend nog altijd positief is.
De kwaliteit van zwemwater van binnenwateren in Nederland is niet langer constant en neemt af. De kwaliteit van het zwemwater in Europa wordt jaarlijks gemonitord door het Europees milieuagentschap (EEA). In 2025 kreeg 70,4 procent van het natuurlijk zwemwater in Nederland het oordeel ‘uitstekend’. Het deel van het zwemwater van uitstekende kwaliteit in Nederland is niet hoog of laag vergeleken met andere landen binnen de EU (16e van 25 EU-landen in 2024).
Beleving betreft tevredenheid over het drinkwater en over de kwaliteit van water in de natuur. In 2022 gaven klanten van waterleidingbedrijven de kwaliteit van hun drinkwater een hoog rapportcijfer: 8,6.