23 procent energieverbruik komt uit hernieuwbare bronnen
In 2025 kwam 22,7 procent van het totale energieverbruik uit hernieuwbare bronnen zoals wind, zon en biomassa, zoals resten van planten en dieren. Een jaar eerder was dit 20,2 procent. In totaal steeg het verbruik van hernieuwbare energie naar 401 petajoule (PJ), 11 procent meer dan een jaar eerder. Deze stijging komt vooral doordat het erg zonnig was en doordat het verbruik van biokerosine is toegenomen. Het totale energieverbruik daalde naar 1767 PJ. Dit blijkt uit voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
| Jaar | Windenergie (%) | Biomassa (%) | Zonne-energie (%) | Warmtepompen (%) | Overige (%) | Statistische overdracht²⁾ (%) |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2025* | 6,8 | 7,8 | 5,3 | 1,9 | 0,9 | 0,0 |
| 2024 | 6,5 | 6,8 | 4,5 | 1,7 | 0,8 | 0,0 |
| 2023 | 5,4 | 6,0 | 4,0 | 1,4 | 0,7 | 0,0 |
| 2022 | 4,2 | 6,0 | 3,3 | 1,1 | 0,7 | 0,0 |
| 2021 | 3,4 | 6,3 | 2,1 | 0,8 | 0,5 | |
| 2020 | 2,6 | 6,2 | 1,7 | 0,7 | 0,3 | 2,5 |
| 2019 | 1,9 | 5,2 | 1,0 | 0,5 | 0,3 | |
| 2018 | 1,7 | 4,4 | 0,7 | 0,4 | 0,2 | |
| 2017 | 1,7 | 3,9 | 0,4 | 0,4 | 0,2 | |
| 2016 | 1,4 | 3,6 | 0,3 | 0,3 | 0,2 | |
| * voorlopige cijfers ¹⁾ 2016-2020 berekend volgens RED I, 2021-2024 berekend volgens RED II, 2025 berekend volgens RED III ²⁾ Hernieuwbare energie administratief ingekocht van een andere EU-lidstaat, conform EU-Richtlijn Hernieuwbare Energie (RED). Bij een statistische overdracht is geen sprake van fysieke stroom. | ||||||
Meer biobrandstoffen
Ruim een derde (34 procent) van de hernieuwbare energie is afkomstig uit biomassa, in totaal 137 petajoule (PJ). Een petajoule komt overeen met de energie die nodig is om ongeveer 26 duizend woningen te verwarmen. In 2025 werd 13 procent meer energie uit biomassa verbruikt dan een jaar eerder. Dat komt vooral doordat er steeds meer biobrandstoffen gebruikt worden voor vervoer.
In 2025 is er 33 PJ biodiesel verbruikt, 11 procent meer dan een jaar eerder. Het verbruik van biokerosine steeg naar 14 PJ, bijna anderhalf keer zoveel als een jaar eerder. Het verbruik van biobenzine bleef met 11 PJ ongeveer gelijk.
Weinig nieuwe windmolens
Het verbruik van windenergie is in 2025 ten opzichte van een jaar eerder met 4 procent toegenomen naar 121 PJ. Deze stijging is minder groot dan in de afgelopen jaren. Er zijn in 2025 weinig nieuwe windmolens bijgeplaatst.
De productie van windenergie op land is met 1 procent toegenomen, op zee is de toename 7 procent. Dat komt doordat windmolens die in 2024 nieuw in gebruik genomen zijn, in 2025 voor het eerst een heel jaar gedraaid hebben.
23 procent van de hernieuwbare energie bestaat uit zonne-energie
Er is 93 PJ zonnestroom in 2025 opgewekt, 19 procent meer dan in 2024. Dat komt vooral doordat de zon veel scheen. Daarnaast zijn er weer meer zonnepanelen bijgekomen. Daardoor is het opgesteld vermogen, dat is de maximale opwekcapaciteit van alle zonnepanelen bij elkaar, met 5 procent toegenomen.
Steeds meer hernieuwbare energie uit warmtepompen
De bijdrage van warmtepompen blijft toenemen. 34 PJ aan warmte is met behulp van warmtepompen uit buitenlucht en de bodem gehaald. Dat is 9 procent van de totale hoeveelheid hernieuwbare energie.
Veel hernieuwbare energie bij gebouwen, weinig in de industrie
Het gebruik van hernieuwbare energie verschilt sterk tussen sectoren. Dat heeft onder andere te maken met het type energie dat per sector gebruikt wordt. Om het gebruik van hernieuwbare energie te stimuleren zijn er op Europees niveau streefdoelen per sector afgesproken.
In 2025 verbruikten gebouwen (woningen en de dienstensector) 597 PJ energie. Daarvan kwam 32 procent uit hernieuwbare bronnen. Het streefdoel voor 2030 is minimaal 49 procent. Het grootste deel van het hernieuwbare energieverbruik is hernieuwbare elektriciteit, waarvan ongeveer een vijfde uit eigen opwek, bijvoorbeeld door zonnestroom van zonnepanelen op daken.
De industrie is een energie-intensieve sector. In 2025 verbruikte deze sector 1036 PJ aan energie, waarvan 419 PJ ingezet als grondstof (bijvoorbeeld olie voor de productie van plastics). Van dit verbruik was 87 PJ hernieuwbaar (8 procent). Het streefdoel voor 2030 is minimaal 19,7 procent. Van de hernieuwbare energie is 0,2 PJ gebruikt als grondstof. Energie als grondstof is ingewikkelder te vervangen door hernieuwbare alternatieven zoals biomassa of hernieuwbare waterstof, omdat daarvoor in de meeste gevallen het productieproces moet worden aangepast.
| Categorie | Hernieuwbare elektriciteit van het net (%) | Hernieuwbare elektriciteit, eigen opwek (%) | Warmtepompen (%) | Biomassa (%) | Overig (%) |
|---|---|---|---|---|---|
| Gebouwen (woningen en diensten) | 16,2 | 3,8 | 5,7 | 3,9 | 2,3 |
| Industrie | 6,1 | 0,2 | 0,8 | 1,3 | |
| * voorlopige cijfers | |||||
Aandeel hernieuwbare energie in Nederland het sterkst toegenomen sinds 2019
In vijf jaar tijd is het aandeel hernieuwbare energie in Nederland het sterkst gegroeid van alle EU-lidstaten, met 127 procent. In 2024 stond Nederland met 20,2 procent op de achttiende plek van de EU-27. In 2019 was dat nog plek vijfentwintig. Zweden heeft met 62,8 procent het hoogste aandeel hernieuwbare energie en België met 14,3 procent het laagste.
In 2030 moet het aandeel hernieuwbare energie in de EU minimaal 42,5 procent zijn. Om dit gezamenlijke doel te halen, is voor ieder land een eigen doel afgesproken. Voor Nederland is dat 39 procent.
| Land | 2024 (%) | 2019 (%) |
|---|---|---|
| Zweden | 62,8 | 55,8 |
| Finland | 52,1 | 42,8 |
| Denemarken | 46,5 | 37,0 |
| Letland | 45,5 | 40,9 |
| Oostenrijk | 43,0 | 33,8 |
| Estland | 42,2 | 31,7 |
| Portugal | 36,3 | 30,6 |
| Litouwen | 35,4 | 25,5 |
| Kroatië | 26,5 | 28,5 |
| Spanje | 25,4 | 17,9 |
| Roemenië | 25,4 | 24,3 |
| Griekenland | 25,4 | 19,6 |
| EU-27 | 25,2 | 19,9 |
| Slovenië | 25,0 | 22,0 |
| Frankrijk | 23,2 | 17,2 |
| Bulgarije | 23,2 | 21,5 |
| Duitsland | 22,5 | 17,3 |
| Cyprus | 20,8 | 13,8 |
| Nederland | 20,2 | 8,9 |
| Italië | 19,4 | 18,2 |
| Tsjechië | 19,2 | 16,2 |
| Hongarije | 18,3 | 12,6 |
| Slowakije | 18,1 | 16,9 |
| Polen | 17,8 | 15,4 |
| Malta | 17,2 | 8,2 |
| Ierland | 16,1 | 12,0 |
| Luxenburg | 14,7 | 7,0 |
| België | 14,3 | 9,9 |
| Bron: CBS, Eurostat | ||
Bronnen
- Tabel – Hernieuwbare energie volgens red III 2025
- StatLine - Hernieuwbare energie; verbruik naar energiebron en techniek
- StatLine - Hernieuwbare warmte en koude; verbruik naar energiebron en techniek
- StatLine - Hernieuwbare elektriciteit; productie en vermogen
- KNMI - Jaar 2025
- Eurostat - Share of energy from renewable sources
Relevante links
- Dashboard - Dashboard duurzaamheid indicatoren
- European Commission - Renewable Energy Directive
- Protocol Monitoring Hernieuwbare Energie RVO
- Longread - De invloed van RED III op berekeningen hernieuwbare energie
- Nieuwsbericht - Elektriciteitsproductie en uitvoer op recordniveau
- Dossier - Energietransitie