Meer ondersteuning vanuit de Wmo, vooral meer hulp bij huishouden

© Hollandse Hoogte / Robin Utrecht
In 2024 maakten bijna 1,3 miljoen mensen gebruik van maatwerkvoorzieningen vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), 23 procent meer dan in 2017. Hiermee helpen gemeenten inwoners om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen. Er is vooral meer gebruik van hulp bij het huishouden. Ook de totale gemeentelijke uitgaven aan deze voorzieningen bereikten met 6 miljard euro een nieuwe piek. Dit blijkt uit de Landelijke Monitor Wmo van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), op basis van cijfers uit de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein.

Mensen die gebruikmaken van Wmo-maatwerkvoorzieningen
JaartalTotaal²⁾ (x 1 000)Hulp bij het huishouden (x 1 000)Hulpmiddelen en diensten (x 1 000)Ondersteuning thuis (x 1 000)Verblijf en opvang (x 1 000)
20171046,03393,69690,49237,7134,82
20181092,98389,74719,70251,5943,27
20191161,86437,60753,42253,5445,05
20201216,76495,16767,75261,4947,30
2021¹⁾508,46770,28256,74
20221239,95527,67772,52253,3433,81
20231247,76535,31774,03250,9833,56
20241283,86555,94795,34252,4834,64
1) Het totaal aantal Wmo-cliënten in 2021 is niet bekend, omdat niet alle gemeenten gegevens over Verblijf en opvang aanleverden. 2) Cliënten kunnen meerdere voorzieningen gebruiken. Het aantal cliënten per categorie telt daardoor niet op tot het totaal.

Hulpmiddelen en diensten meest gebruikt

De meeste mensen in de Wmo maken gebruik van maatwerkvoorzieningen uit de categorie hulpmiddelen en diensten. Hieronder vallen onder andere woonvoorzieningen, vervoervoorzieningen, rolstoelen en andere hulpmiddelen. In 2024 gebruikten 795 duizend mensen deze voorziening, in 2017 waren dit er nog 690 duizend. Dit is 15 procent meer.

Hulp bij het huishouden groeit het hardst

Het aantal mensen dat gebruikmaakt van hulp bij het huishouden, neemt het sterkst toe: van 394 duizend in 2017 naar 556 duizend in 2024. Dit is 41 procent meer. Vooral in 2019 en 2020 liep de vraag naar hulp bij het huishouden snel op. Die groei hangt samen met het Wmo-abonnementstarief dat in 2019 werd ingevoerd. De ontwikkeling van het aantal Wmo-cliënten kan daarnaast beïnvloed worden door de vergrijzing van de bevolking en ouderen die langer thuis wonen, maar ook door beleidskeuzes van gemeenten over toegang tot de Wmo en indicatiestelling.

Vooral 75-plussers hebben vaker hulp bij huishouden

In 2024 maakten 212 duizend mensen van 75 tot 85 jaar gebruik van hulp bij het huishouden. Dat is 60 procent meer dan in 2017. Dit komt deels door vergrijzing: in 2024 waren er meer ouderen dan in 2017. Maar ook als hier rekening mee wordt gehouden, krijgen meer ouderen hulp bij het huishouden. In 2017 had 14 procent van alle 75- tot 85-jarigen hulp bij het huishouden, in 2024 was dat 16 procent.

Ook onder 85-plussers neemt het toe. In 2024 maakten 125 duizend 85-plussers gebruik van hulp bij het huishouden. Dat is 24 procent meer dan in 2017. In 2017 maakte 28 procent van alle 85-plussers gebruik van hulp bij het huishouden, in 2024 was dat 30 procent.

Hulp bij het huishouden, cliënten naar leeftijd
PeriodenJonger dan 30 jaar (% van bevolking in dezelfde leeftijdsgroep)30 tot 45 jaar (% van bevolking in dezelfde leeftijdsgroep)45 tot 60 jaar (% van bevolking in dezelfde leeftijdsgroep)60 tot 75 jaar (% van bevolking in dezelfde leeftijdsgroep)75 tot 85 jaar (% van bevolking in dezelfde leeftijdsgroep)85 jaar of ouder (% van bevolking in dezelfde leeftijdsgroep)
20170,00,61,23,313,627,9
20180,00,61,23,313,126,4
20190,10,61,33,814,627,2
20200,10,71,54,316,129,1
20210,10,71,54,416,429,1
20220,10,71,54,416,529,7
20230,00,71,54,416,229,6
20240,00,71,54,416,330,3

Uitgaven aan Wmo stijgen naar 6 miljard euro

Gemeenten geven steeds meer uit aan Wmo-maatwerkvoorzieningen. In 2024 bereikten de uitgaven een nieuwe piek van 6 miljard euro, 32 procent meer dan in 2017. Vooral de uitgaven aan hulp bij het huishouden zijn in de afgelopen jaren toegenomen. De uitgaven stijgen niet alleen omdat er meer cliënten zijn; ook de gemiddelde kosten per cliënt stijgen. Dit kan onder andere komen door zwaardere zorgvraag van cliënten en hogere tarieven.

Uitgaven aan Wmo-maatwerkvoorzieningen
JaarTotaal (x mrd)Hulp bij het huishouden (x mrd)Hulpmiddelen en diensten (x mrd)Ondersteuning thuis (x mrd)Verblijf en opvang (x mrd)
20174,600,940,541,391,73
20184,940,990,591,531,82
20195,311,150,671,621,85
20205,601,310,681,661,92
20215,111,400,661,691,33
20225,111,460,691,671,28
20235,521,620,791,701,40
2024*6,051,810,831,851,54
*voorlopige cijfers