Consumptie huishoudens 1 procent hoger in januari

Consumenten hebben in januari 1,0 procent meer besteed dan in januari 2019, meldt het CBS. De groei van de consumptie door huishoudens was daarmee een stuk kleiner dan in december (2,9 procent). Dat komt onder meer doordat huishoudens minder gas verstookten.

Volgens de CBS Consumptieradar zijn de omstandigheden voor de consumptie in maart minder gunstig dan in januari.

De consumptiecijfers zijn gecorrigeerd voor prijsveranderingen en veranderingen in de samenstelling van de koopdagen.

Binnenlandse consumptie door huishoudens (volume, koopdaggecorrigeerd) (%-verandering t.o.v. een jaar eerder)
jaarmaand%-verandering
2016februari0
maart1,1
april0,8
mei1,4
juni0,8
juli2,1
augustus1,2
september0,9
oktober1,7
november2,4
december1,6
2017januari3,3
februari2,7
maart2,2
april2,8
mei3
juni2,7
juli2,5
augustus2,3
september3,3
oktober1
november2,5
december1,7
2018januari1,8
februari3,2
maart3,1
april3,3
mei2,2
juni2,7
juli3
augustus2,8
september2,2
oktober2,3
november2,5
december2
2019januari1,4
februari1,0
maart1,5
april1,6
mei2,5
juni1,4
juli1,0
augustus1,0
september1,9
oktober1,9
november1,6
december2,9
'20januari1,0

Consument besteedt vooral meer aan apparaten en woninginrichting

Consumenten hebben in januari 3,1 procent meer besteed aan duurzame goederen. Ze gaven vooral meer uit aan elektrische apparaten, woninginrichting en auto’s. Consumenten hebben verder 1,0 procent meer uitgegeven aan voedings- en genotmiddelen. Aan overige goederen, zoals gas en motorbrandstoffen, gaven ze 5,1 procent minder uit dan in januari 2019. Er werd vooral minder gas verbruikt doordat het in januari veel minder koud was dan in januari 2019.

Vorige week meldde het CBS dat de detailhandel in januari 3,7 procent meer heeft omgezet dan in januari 2019. Het verkoopvolume was 2,2 procent hoger. Ook deze cijfers zijn gecorrigeerd voor de samenstelling van koopdagen.

De uitgaven aan diensten, zoals verzekeringen, woninghuur, openbaar vervoer en een bezoek aan restaurant of kapper, lagen in januari 1,8 procent hoger dan een jaar eerder. Uitgaven aan diensten maken ruim de helft van de totale binnenlandse consumptieve bestedingen uit.

Binnenlandse consumptie door huishoudens naar categorie (volume, koopdaggecorrigeerd), januari 2020 (%-verandering t.o.v. een jaar eerder)
 %-verandering
Duurzame goederen3,6
Diensten1,8
Voedings- en genotmiddelen1,0
Overige goederen (w.o. gas)-5,1
Totaal1,0

Omstandigheden voor consumptie in maart minder gunstig dan in januari

Het CBS publiceert elke maand ook over de omstandigheden voor de consumptie in de consumptieradar. De consumptie door huishoudens hangt onder meer samen met de verwachtingen van consumenten, de situatie op de arbeidsmarkt en de ontwikkeling van hun vermogen. De indicatoren in de radar hangen goed samen met de consumptie door huishoudens, maar een verbetering van de omstandigheden betekent niet per se een hogere groei van de consumptie.

Volgens de CBS Consumptieradar zijn de omstandigheden voor de consumptie door Nederlandse huishoudens in maart minder gunstig dan in januari. Dat komt vooral doordat de jaar-op-jaarstijging van de beurskoersen is omgeslagen in een daling.

In de cijfers van de consumptie over de verslagmaand januari zijn de gebeurtenissen rondom het coronavirus nog niet zichtbaar. De consumptieradar bevat twee deelindicatoren van het consumentenvertrouwen met cijfers van maart. Ongeveer 85 procent van de respondenten van het consumentenonderzoek had al gereageerd op de enquête voordat de vergaande maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus donderdag 12 maart van kracht werden. Waarschijnlijk komt het effect van deze maatregelen nog niet tot uiting in het gemeten consumentenvertrouwen van maart.

De cijfers in dit bericht zijn voorlopig en kunnen worden bijgesteld.

Relevante links