Jeugdbescherming en jeugdreclassering 2025

1. Jeugdbescherming

1.1 Jongeren met jeugdbescherming

Als de ontwikkeling van een kind of jongere ernstig wordt bedreigd en ouders de zorg die nodig is om de bedreiging weg te nemen niet of onvoldoende accepteren, kan een rechter een jeugdbeschermingsmaatregel uitspreken. Hierbij kan het gezag van de ouder worden beperkt middels een ondertoezichtstelling, of kan het gezag worden toegewezen aan een gecertificeerde instelling, middels een voogdijmaatregel. 

Op 31 december 2025 stonden in totaal 17 920 jongeren onder toezicht. Dit zijn er minder dan op 31 december 2024, toen het ging om 18 025 jongeren (figuur 1.1.1). Nadat het aantal jongeren met ondertoezichtstelling is gestegen in de periode 2016 tot en met 2020 is er sinds 2021 sprake van een daling. In 2025 zette deze daling door. 

Op 31 december 2025 gold in totaal voor 7 500 jongeren een voogdijmaatregel. Sinds 2017 lag dit aantal redelijk constant rond de 10 duizend, maar sinds 2021 nam dit af (figuur 1.1.1). In 2025 zette deze daling door. 

1.1.1 Jongeren met jeugdbescherming op peildatum
DatumTotaal ondertoezichtstelling (aantal jongeren)Totaal voogdij (aantal jongeren)
2016204109890
20172070510075
20182112010120
20192207010070
20202309010085
2021223009750
2022198759330
2023185308755
2024180258120
2025*179207500

1.2 Jeugdbeschermingsmaatregelen

Het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen is niet gelijk aan het aantal jongeren met een lopende jeugdbeschermingsmaatregel. Jongeren kunnen meerdere jeugdbeschermingsmaatregelen achter elkaar hebben gehad. Om deze reden kan het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen hoger zijn dan het aantal jongeren met jeugdbescherming in dezelfde periode.

Op 31 december 2025 waren er ruim 25 duizend lopende jeugdbeschermingsmaatregelen. In 70 procent van de gevallen betrof het een vorm van ondertoezichtstelling (OTS). Bij 30 procent van de maatregelen ging het om een vorm van voogdij (tabel 1.2.1). 

1.2.1 Jeugdbeschermingsmaatregelen per type maatregel, 2025*1)
Peildatum (1-1-2025)InstroomUitstroomPeildatum (31-12-2025)
Totaal25 9708 8309 40025 400
Totaal ondertoezichtstelling17 8757 9607 94517 895
Ondertoezichtstelling17 6356 4606 53017 565
Voorlopige ondertoezichtstelling2401 5051 415325
Totaal voogdij8 0958651 4557 505
Voogdij7 8455401 1157 270
Voorlopige en tijdelijke voogdij250325340235

Bron: CBS.
1) Enkel actieve maatregelen worden meegeteld op de peildatumstanden. Dit betekent dat maatregelen die eindigen op de peildatum niet meetellen.

In de volgende secties worden zowel enkele kenmerken van jeugdbeschermingsmaatregelen als kenmerken van jongeren met jeugdbescherming uitgelicht. In paragraaf 1.3 tot en met paragraaf 1.5 gaat het over jeugdbeschermingsmaatregelen. In paragraaf 1.6 tot en met paragraaf 1.9 worden enkele kenmerken met betrekking tot jongeren met jeugdbescherming uitgelicht. In paragraaf 1.10 worden de aantallen jongeren met een machtiging uithuisplaatsing (MUHP) gepresenteerd, paragraaf 1.11 geeft het aandeel jongeren met jeugdbescherming per regio weer. Tot slot worden in paragraaf 1.12 de aantallen herhaald beroep gepresenteerd.

1.3 Meer maatregelen beëindigd dan gestart

Het aantal gestarte jeugdbeschermingstrajecten lag in 2025 ongeveer 1 procent lager dan in 2024 (figuur 1.3.1). In 2025 nam het aantal beëindigde trajecten af met 5 procent, ten opzicht van 2024. Bij de ondertoezichtstellingen was sprake van een daling in zowel de gestarte als de beëindigde trajecten. Bij de voorlopige ondertoezichtstellingen was sprake van een toename van het aantal gestarte en beëindigde trajecten, respectievelijk met 17 procent en 6 procent. Daarnaast werden meer voorlopige ondertoezichtstellingen gestart dan beëindigd.

Bij voogdijmaatregelen was sprake van een daling bij zowel de beëindigde als de gestarte trajecten. Er werden meer voogdijmaatregelen beëindigd dan gestart. Bij voorlopige en tijdelijke voogdijtrajecten was sprake van een stijging van het aantal beëindigde en gestarte trajecten. 

1.3.1 Instroom en uitstroom jeugdbescherming
MaatregelUitstroom (maatregelen)Instroom (maatregelen)
Totaal
2025*-94008830
2024-99008915
2023-108409020
2022-119709140
2021-1206011305
OTS
2025*-65306460
2024-70456720
2023-78956615
2022-89856570
2021-87408290
Vrl. OTS
2025*-14151505
2024-13351285
2023-14151365
2022-13501375
2021-15901560
Voogdij
2025*-1115540
2024-1235615
2023-1235750
2022-1350930
2021-13951145
Vrl. en tijd. voogdij
2025*-340325
2024-290290
2023-295295
2022-280265
2021-330305

1.4 Voogdijtrajecten meestal langer dan drie jaar

Van de beëindigde reguliere voogdijmaatregelen in 2025 duurde 80 procent drie jaar of langer (figuur 1.4.1). De meeste reguliere ondertoezichtstellingen duurden één tot drie jaar. Voorlopige ondertoezichtstellingen duurden vrijwel altijd (98,5 procent) korter dan 3 maanden; dit is officieel ook de maximale duur van een voorlopige OTS. Daarna dient deze ofwel te worden beëindigd ofwel te worden omgezet in een reguliere OTS. De meeste voorlopige voogdijmaatregelen duren minder dan een half jaar. Tijdelijke voogdij duurde altijd langer dan een jaar. Dit is een maatregel die wordt toegepast als gevolg van een gezagsvacuüm, bijvoorbeeld als de ouders langdurig in het buitenland verblijven of als zij minderjarig zijn.

1.4.1 Duur van beëindigde jeugdbeschermingsmaatregelen in 2025*
 0 tot 3 maanden (%)3 tot 6 maanden (%)6 tot 12 maanden (%)12 tot 36 maanden (%)36 maanden of langer (%)
Totaal16,8414,935,928,4
OTS13,419,648,727,3
Vrl. OTS98,61,4
Voogdij1,43,214,780,6
Vrl. voogdij32,335,424,67,7
Tijd. voogdij¹⁾
¹⁾ De aantallen per categorie zijn zodanig klein dat deze vanuit privacy-overwegingen niet gepubliceerd worden.

De gemiddelde duur van de beëindigde reguliere voogdijmaatregelen is in 2025 met 115 dagen toegenomen ten opzichte van 2024. Daarnaast was de gemiddelde duur van voogdijmaatregelen met 2 663 dagen (ruim 7 jaar) langer dan die van de ondertoezichtstellingen (936 dagen of 2,5 jaar). Sinds 2021 neemt de gemiddelde duur van voogdijmaatregelen toe (figuur 1.4.2). Ook de gemiddelde duur van ondertoezichtstellingen nam tussen 2021 en 2024 toe, maar in 2025 was er een kleine afname van 4 dagen. 

1.4.2 Gemiddelde duur beëindigde maatregelen¹⁾
Maatregel2025* (dagen)2024 (dagen)2023 (dagen)2022 (dagen)2021 (dagen)
Totaal9831006963946901
OTS936940915882846
Vrl. OTS7776787675
Voogdij26632548243923622298
Vrl. voogdij162177143152153
Tijd. voogdij20621960159917531981
¹⁾ Jeugdbeschermingsmaatregelen beëindigd in de verslagperiode.

1.5 Meeste ondertoezichtstellingen beëindigd volgens plan

In  2025 werden ongeveer 9 400 jeugdbeschermingsmaatregelen beëindigd, waarvan 7 945 ondertoezichtstellingen en 1 455 voogdijmaatregelen. De meeste ondertoezichtstellingen werden in 2025, in lijn met eerdere jaren, beëindigd volgens plan (figuur 1.5.1). Tussen 2021 en 2023 is er een stijging te zien in het aandeel maatregelen dat wordt beëindigd volgens plan. Vanaf 2024 komt hier verandering in en zien we een lichte daling in het aandeel dat wordt beëindigd volgens plan. Deze daling zet zich voort in 2025. Het aandeel ondertoezichtstellingen dat werd beëindigd vanwege het bereiken van meerderjarigheid bleef in 2025 gelijk ten opzichte van 2024 (figuur 1.5.1). 

1.5.1 Reden beëindiging ondertoezichtstelling¹⁾
Reden beeindiging OTS2025* (%)2024 (%)2023 (%)2022 (%)2021 (%)
Beeindiging volgens plan65,366,366,965,761,2
VOTS naar OTS14,813,712,911,113,3
Bereiken meerderjarigheid11,411,49,911,312,4
Gezagsbeeindigende maatregel4,55,166,58,7
Tussentijdse opheffing3,93,54,45,34,4
Niet verlengd
Overlijden jeugdige
¹⁾ Ondertoezichtstellingen en voorlopige ondertoezichtstellingen, beëindigd in de verslagperiode.

De meest voorkomende reden voor het beëindigen van voogdij in 2025 is, net zoals in eerdere jaren, het bereiken van de meerderjarigheid. Vanaf 2024 is er een daling te zien in het aandeel voogdijtrajecten met deze reden beëindiging (figuur 1.5.2). Het aandeel voogdijmaatregelen dat beëindigd werd door het herstellen van gezag neemt in 2025 toe ten opzichte van 2024.

1.5.2 Reden beëindiging voogdij¹⁾
 2025* (%)2024 (%)2023 (%)2022 (%)2021 (%)
Bereiken meerderjarigheid62,163,470,969,371,6
Herstel gezag25,722,521,62220
Voogdij naar pleegouder8,79,56,47,87,2
Voogdij naar contactpersoon3,64,610,81,1
Overlijden jeugdige
¹⁾ Voogdij, tijdelijke voogdij en voorlopige voogdij beëindigd in de verslagperiode.

1.6 Samenloop jeugdbescherming met jeugdreclassering neemt toe

Van alle 0- tot 18-jarigen die in 2025 jeugdbescherming ontvingen, had 3,5 procent in hetzelfde jaar ook een jeugdreclasseringsmaatregel lopen (figuur 1.6.1). Het aandeel jongeren dat in hetzelfde jaar jeugdbescherming en jeugdreclassering ontving neemt sinds 2021 toe. De toename is het grootst bij de samenloop van ondertoezichtstellingen en jeugdreclassering. 

Het gaat in deze cijfers om alle jongeren die in het jaar op enig moment jeugdbescherming ontvingen. Van hen is bepaald voor welk percentage ook een jeugdreclasseringsmaatregel gold in dezelfde periode. 

1.6.1 Samenloop jeugdreclassering naar type jeugdbescherming¹⁾
Samenloop2025* (%)2024 (%)2023 (%)2022 (%)2021 (%)
Jeugdbescherming en jeugdreclassering
% van totaal aantal jongeren met jeugdbescherming3,53,22,92,72,5
Ondertoezichtstelling en jeugdreclassering²⁾
% van totaal aantal jongeren met ondertoezichtstelling43,63,33,22,9
Voogdij en jeugdreclassering³⁾
% van totaal aantal jongeren met voogdij221,71,41,3
¹⁾ Personen van 0 tot 18 jaar met een jeugdbeschermingsmaatregel. ²⁾ Inclusief voorlopige ondertoezichtstellingen. ³⁾ Inclusief tijdelijke voogdij en voorlopige voogdij.

1.7 De meeste jongeren met een OTS krijgen ook jeugdhulp

In 2025 ontving 82 procent van de jongeren met een OTS ook jeugdhulp (figuur 1.7.1). Het aandeel jongeren met een OTS en jeugdhulp met en zonder verblijf is in 2025 gelijk gebleven ten opzichte van 2024. 

1.7.1 Samenloop ondertoezichtstelling met jeugdhulp¹⁾
Samenloop2025* (%)2024 (%)2023 (%)2022 (%)2021 (%)
OTS en Jeugdhulp8282818079
OTS en JH zonder verblijf7272716968
w.v.
Wijkteam101110910
Ambulant4848464544
Daghulp89887
Netwerk jongere3940403937
OTS en JH met verblijf3535343334
w.v.
Pleegzorg1617161618
Gezinsgericht77666
Gesloten plaatsing22233
Overig²⁾1616151414
¹⁾ Personen van 0 tot 18 jaar met een ondertoezichtstelling én jeugdhulp, als percentage van het totaal aantal jongeren met een ondertoezichtstelling. Jongeren met meerdere jeugdhulpvormen komen meerdere malen in de tabel voor. ²⁾ Verblijf bij een jeugdhulpaanbieder anders dan pleegzorg, gezinsgerichte jeugdhulp of gesloten plaatsing.

Van alle jongeren die een voogdijmaatregel hadden in 2025, ontving 93 procent daarnaast ook jeugdhulp (figuur 1.7.2). Het aandeel jongeren dat in 2025 naast voogdij ook jeugdhulp zonder verblijf kreeg, is in 2025 iets gedaald ten opzichte van 2024; van 55 naar 53 procent. In 2025 ontving 86 procent van de jongeren met voogdij daarbij ook jeugdhulp met verblijf. Dit percentage is lager dan in de jaren daarvoor, waarbij het ging om 88 procent. Niet alle jongeren met voogdij krijgen ook jeugdhulp met verblijf. Hieruit kan afgeleid worden dat er ook jongeren met voogdij zijn die op informele basis (dus zonder tussenkomst van jeugdhulpinstelling en/of pleegzorgaanbieder) in het eigen netwerk worden opgevangen, dus bijvoorbeeld door opa en oma. 

1.7.2 Samenloop voogdij met jeugdhulp¹⁾
Samenloop2025* (%)2024 (%)2023 (%)2022 (%)2021 (%)
Voogdij en Jeugdhulp9394949494
Voogdij en JH zonder verblijf5355535150
w.v.
Wijkteam34445
Ambulant4041403937
Daghulp78877
Netwerk jongere1920181716
Voogdij en JH met verblijf8688888888
w.v.
Pleegzorg5961616366
Gezinsgericht1919171615
Gesloten plaatsing22222
Overig²⁾2222222120
¹⁾ Personen van 0 tot 18 jaar met voogdij én jeugdhulp, als percentage van het totaal aantal jongeren met voogdij. Jongeren met meerdere jeugdhulpvormen komen meerdere malen in de tabel voor. ²⁾ Verblijf bij een jeugdhulpaanbieder anders dan pleegzorg, gezinsgerichte jeugdhulp of gesloten plaatsing.

1.8 Bijna 1 procent van alle jongeren ontvangt jeugdbescherming

Van alle jongeren van 0 tot 18 jaar ontvangt 0,8 procent jeugdbescherming op 31 december 2025. Bij jongeren die jeugdbescherming ontvingen ging het naar verhouding ongeveer even vaak om jongens als om meiden. In totaal ontvingen 13 060 jongens en 12 355 meiden op 31 december 2025 jeugdbescherming (tabel 1.8.1).

1.8.1 Jongeren met jeugdbescherming naar geslacht, peildatum
31 december 2025*1)
TotaalGeslacht: JongensGeslacht: Meiden
Totaal aantal jongeren2)3 293 2051 689 0651 604 140
Totaal aantal jongeren met jeugdbescherming25 41513 06012 355
Totaal ondertoezichtstelling17 9209 2658 650
Ondertoezichtstelling17 5909 1108 480
Voorlopige ondertoezichtstelling330160170
Totaal voogdij7 5103 8053 705
Voogdij7 2753 6853 590
Voorlopige en tijdelijke voogdij235120120
Bron: CBS.
1) Personen van 0 tot 18 jaar.
2) De peildatum voor alle jongeren in Nederland is 1 januari 2025 en komt dus niet overeen met de peildatum voor jongeren met jeugdbescherming (31 december 2025).

In de leeftijdscategorie van 12 tot 18 jaar waren er op 31 december 2025 12 240 jongeren met jeugdbescherming; dit komt neer op 1 procent van alle jongeren in deze leeftijdsgroep (tabel 1.8.2). Van alle 8 tot 12-jarigen in Nederland ontvingen 6 495 (0,9 procent) jongeren jeugdbescherming. Van alle 4 tot 8-jarigen ontving 4 440 (0,6 procent) jeugdbescherming. De groep 0 tot 4-jarigen was met 2 235 het kleinst; bijna 0,3 procent in deze leeftijdsgroep ontving jeugdbescherming (tabel 1.8.2).

1.8.2 Jongeren met jeugdbescherming naar leeftijd, peildatum
31 december 2025*1)
TotaalLeeftijd: 0 tot 4 jaarLeeftijd: 4 tot 8 jaarLeeftijd: 8 tot 12 jaarLeeftijd: 12 tot 18 jaar
Totaal aantal jongeren2)3 293 205684 760698 355723 0151 152 200
Totaal aantal jongeren met jeugdbescherming25 4152 2354 4406 49512 240
Totaal ondertoezichtstelling17 9201 8953 5954 6907 740
Ondertoezichtstelling17 5901 8153 5454 6307 600
Voorlopige ondertoezichtstelling330805055145
Totaal voogdij7 5103408501 8104 510
Voogdij7 2752858151 7804 390
Voorlopige en tijdelijke voogdij235553030120
Bron: CBS.
1) Personen van 0 tot 18 jaar.
2) De peildatum voor alle jongeren in Nederland is 1 januari 2025 en komt dus niet overeen met de peildatum voor jongeren met jeugdbescherming (31 december 2025).

Onder de jongeren met een ondertoezichtstelling of een voorlopige ondertoezichtstelling is de groep jongeren van 12 tot 18 jaar gestegen in 2025 ten opzichte van 2021. De stijging was het grootst bij de voorlopige ondertoezichtstellingen; van 40,2 procent naar bijna 44 procent (figuur 1.8.3). Bij voogdijmaatregelen was ook een stijging te zien bij de groep 12 tot 18-jarigen. 

1.8.3 Jongeren naar leeftijd¹⁾²⁾
Jaar0 tot 4 jaar (%)4 tot 8 jaar (%)8 tot 12 jaar (%)12 tot 18 jaar (%)
Nederland
2025*21,0221,4322,1935,36
202420,8621,4322,2335,48
20232121,422,335,4
202220,921,422,435,2
202120,621,422,635,4
OTS
2025*10,3220,1526,3243,21
202410,3820,4226,8942,33
202392127,642,5
202210,320,427,941,4
202110,721,227,240,8
Vrl. OTS
2025*24,2415,1516,6743,94
202428161642
202311,91820,749,5
2022262413,836,2
202125,517,117,140,2
Voogdij
2025*3,9211,224,4760,34
20244,0612,9424,1158,88
20233,61424,857,6
2022514,724,256,1
20215,71524,355,1
Vrl. en tijd. voogdij
2025*23,412,7712,7751,06
202420,4114,2922,4544,9
202310,514,523,851,2
202223,212,617,946,3
202119,710,218,951,1
¹⁾ De cijfers over de jaren 2021 t/m 2022 zijn vanwege herstel van een fout bij het berekenen van de aandelen per leeftijdsgroep licht gewijzigd ten opzichte van eerdere edities van deze rapportage. ²⁾ Voor het totaal aantal jongeren in Nederland is gekeken naar peildatum 1 januari en voor de jongeren met jeugdbescherming naar peildatum 31 december.

1.9 Jeugdbescherming hangt samen met kenmerken van ouders en huishouden

Uit eerder CBS-onderzoek is gebleken dat bepaalde achtergrondkenmerken van de ouders en het huishouden van de jongere in meer of mindere mate samenhang vertonen met het krijgen van jeugdbescherming. Dat wil overigens niet zeggen dat jeugdbescherming het gevolg is van deze kenmerken of een combinatie ervan. Van een aantal achtergrondkenmerken is in deze paragraaf weergegeven hoe de situatie van jongeren met jeugdbescherming afwijkt van de jongeren zonder jeugdbescherming. 

De inzet van jeugdbescherming hangt samen met huishoudkenmerken van de jongere (figuur 1.9.1). Bij 77 procent van de Nederlandse jongeren woonden beide juridische ouders in hetzelfde huishouden. Voor jongeren met jeugdbescherming was dit 12 procent. Eenzelfde patroon is te zien voor jongeren uit huishoudens waar ook gebruik wordt gemaakt van ondersteuning op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of waarin zorgkosten zijn gemaakt voor geestelijke gezondheidszorg (GGZ) dan wel GGZ-medicatie is voorgeschreven. Ruim 5 procent van alle jongeren in Nederland had te maken met Wmo-gebruik in het huishouden, en ruim 26 procent met GGZ-zorg en/of GGZ-medicatie. Bij jongeren met jeugdbescherming was dit respectievelijk bijna 35 en 52 procent. Daarnaast werd bij bijna 5 procent van alle jongeren in Nederland iemand in het huishouden als verdachte van een misdrijf aangemerkt. Bij jongeren met jeugdbescherming was dit bijna 29 procent (figuur 1.9.1).

1.9.1 Jongeren met jeugdbescherming in 2025* naar huishoudkenmerken¹⁾
JaarJa (%)Nee (%)
Ouders op hetzelfde adres
Nederland2548710744495
Totaal jeugdbescherming387528110
Ondertoezichtstelling²⁾316020670
Voogdij³⁾7157440
WMO in huishouden
Nederland1744803113655
Totaal jeugdbescherming1084520445
Ondertoezichtstelling²⁾766516070
Voogdij³⁾31854375
GGZ in huishouden
Nederland8602552427880
Totaal jeugdbescherming1630514985
Ondertoezichtstelling²⁾1243511300
Voogdij³⁾38753685
Verdachte in huishouden
Nederland1531103135025
Totaal jeugdbescherming901522280
Ondertoezichtstelling²⁾644017295
Voogdij³⁾25754985
¹⁾ Personen van 0 tot 18 jaar. ²⁾ Inclusief voorlopige ondertoezichtstellingen. ³⁾ Inclusief voorlopige voogdij en tijdelijke voogdij.

Ook het huishoudinkomen hangt samen met de inzet van jeugdbescherming (figuur 1.9.2). In Nederland woonden in 2025 453 duizend jongeren tot 18 jaar in een huishouden met een inkomen dat tot de laagste 20 procent behoort, het laagste kwintiel. Van hen ontving 3,4 procent jeugdbescherming. Het aandeel jongeren met jeugdbescherming daalt naarmate het huishoudinkomen hoger is. In de 20 procent rijkste huishoudens, het hoogste kwintiel, ontving 0,1 procent jeugdbescherming. 

1.9.2 Jongeren met jeugdbescherming in 2025* naar huishoudinkomen¹⁾
JaarJongeren met jeugdbescherming (%)
Totaal jeugdbescherming
Totaal1
Laagste kwintiel3,4
2e kwintiel1,5
3e kwintiel0,5
4e kwintiel0,2
Hoogste kwintiel0,1
Ondertoezichtstelling²⁾
Totaal0,7
Laagste kwintiel2,6
2e kwintiel1,1
3e kwintiel0,4
4e kwintiel0,2
Hoogste kwintiel0,1
Voogdij³⁾
Totaal0,2
Laagste kwintiel0,8
2e kwintiel0,3
3e kwintiel0,1
4e kwintiel0
Hoogste kwintiel0
¹⁾ Personen van 0 tot 18 jaar. ²⁾ Inclusief voorlopige ondertoezichtstellingen. ³⁾ Inclusief tijdelijke voogdij en voorlopige voogdij.

Daarnaast is er samenhang tussen de herkomst van een jongere en de inzet van jeugdbescherming (figuur 1.9.3). Van de jongeren die in Nederland zijn geboren heeft 1 procent jeugdbescherming. Van de jongeren die niet in Nederland zijn geboren heeft ook 1 procent jeugdbescherming. Bij jongeren met een herkomst uit Turkije en Indonesië is minder vaak sprake van jeugdbescherming dan het landelijke gemiddelde, ongeacht of ze geboren zijn Nederland. Bij jongeren met een herkomst uit Suriname en het Nederlands-Caribisch gebied is relatief vaker sprake van jeugdbescherming, ongeacht of ze geboren zijn in Nederland. Jongeren met een ouder uit Marokko die zelf geboren zijn in Nederland hebben minder vaak jeugdbescherming (0,7 procent) dan jongeren die in Marokko geboren zijn (1,6 procent).

1.9.3. Jongeren met jeugdbescherming in 2025* naar herkomst¹⁾
 Jongeren met jeugdbescherming (%)
Totaal geboren in Nederland1
Nederland0,9
Europa (exclusief Nederland)1,1
Turkije0,6
Marokko0,7
Suriname2
Nederlands-Caribisch gebied2,8
Indonesië0,7
Overig Afrika, Azië, Amerika en Oceanië1,1
Totaal niet geboren in Nederland1
Europa (exclusief Nederland)1
Turkije0,6
Marokko1,6
Suriname1,5
Nederlands-Caribisch gebied2,5
Indonesië0,5
Overig Afrika, Azië, Amerika en Oceanië0,9
¹⁾ Personen van 0 tot 18 jaar.

1.10 Daling machtigingen uithuisplaatsing zet door

Sinds 2022 ontvangt het CBS van de gecertificeerde instellingen ook informatie over de machtigingen uithuisplaatsing (MUHP) die door een rechter zijn opgelegd. Een MUHP is geen op zichzelf staande maatregel maar gaat altijd samen met een ondertoezichtstelling. Als een kind onder toezicht wordt gesteld, dan blijft het kind meestal thuis wonen. Soms zijn de zorgen over het kind echter zo ernstig dat het beter is als het kind ergens anders gaat wonen en wordt er ook een MUHP opgelegd. Ook als ouders het zelf van belang vinden en het ermee eens zijn dat het kind ergens anders gaat wonen, is er een MUHP nodig. Bij een voogdijmaatregel gaat het kind altijd ergens anders wonen en legt de rechter geen afzonderlijke MUHP op. 

In 2025 waren er 9 190 jeugdigen over wie de rechter een MUHP heeft uitgesproken (tabel 1.10.1). Dit is een daling van minder dan 1 procent ten opzichte van 2024. Bij 7 365 jongeren werd de machtiging uithuisplaatsing opgelegd in combinatie met een OTS. Bij 1 720 jongeren ging het bij de start van de MUHP om een voorlopige OTS en dus om een spoedmachtiging uithuisplaatsing. Over 3 885 jongeren werd in 2025 een nieuwe MUHP uitgesproken. Van 4 215 jongeren liep de opgelegde MUHP af in 2025.

Niet alle door de rechter opgelegde machtigingen worden in de praktijk ook ten uitvoer gelegd. Een MUHP vervalt als deze niet binnen drie maanden wordt uitgevoerd. Het is niet bekend hoeveel machtigingen niet worden uitgevoerd. In de tabel is wel te zien dat 7 315 jongeren met een MUHP ook jeugdhulp met verblijf ontvingen (6 075 in combinatie met een OTS; 1 240 in combinatie met een voorlopige OTS). De verwachting is dat bij deze jongeren allemaal een MUHP is opgelegd die vervolgens ook in de praktijk is uitgevoerd. Het is echter niet uit te sluiten dat bij meer jongeren een opgelegde MUHP ook daadwerkelijk is uitgevoerd. Jongeren met een MUHP die zonder tussenkomst van een jeugdhulpinstelling of pleegzorgaanbieder op informele basis in het eigen netwerk worden opgevangen, bijvoorbeeld bij opa en oma, blijven namelijk buiten beeld. 

1.10.1 Aantal jongeren met een door de rechter opgelegde machtiging uithuisplaatsing1)2)
2025*202420232022
Totaal Totaal 9 190 9 225 9 535 10 025
Totaal Waarvan i.c.m. OTS 7 365 7 340 7 520 7 910
Totaal   Waarvan i.c.m. jeugdhulp met verblijf 6 075 6 265 6 480 6 795
Totaal   Waarvan zonder jeugdhulp met verblijf tijdens MUHP 1 285 1 075 1 040 1 110
Totaal Waarvan i.c.m. voorlopige OTS 1 720 1 790 1 935 2 020
Totaal   Waarvan i.c.m. jeugdhulp met verblijf 1 240 1 405 1 560 1 665
Totaal   Waarvan zonder jeugdhulp met verblijf tijdens MUHP480385375355
InstroomTotaal 3 885 3 820 3 920 3 920
InstroomWaarvan i.c.m. OTS 2 730 2 795 2 860 2 860
Instroom  Waarvan i.c.m. jeugdhulp met verblijf 1 980 2 235 2 360 2 310
Instroom  Waarvan zonder jeugdhulp met verblijf tijdens MUHP750560505550
InstroomWaarvan i.c.m. voorlopige OTS 1 110970 1 025 1 010
Instroom  Waarvan i.c.m. jeugdhulp met verblijf710705780770
Instroom  Waarvan zonder jeugdhulp met verblijf tijdens MUHP400265250240
UitstroomTotaal 4 215 4 090 4 235 4 530
UitstroomWaarvan i.c.m. OTS 2 750 2 860 3 075 3 370
Uitstroom  Waarvan i.c.m. jeugdhulp met verblijf 2 200 2 315 2 515 2 750
Uitstroom  Waarvan zonder jeugdhulp met verblijf tijdens MUHP550540560620
UitstroomWaarvan i.c.m. voorlopige OTS 1 440 1 195 1 125 1 110
Uitstroom  Waarvan i.c.m. jeugdhulp met verblijf 1 040895870885
Uitstroom  Waarvan zonder jeugdhulp met verblijf tijdens MUHP400300250225
Bron: CBS.
1) Dit betreft alle machtigingen uithuisplaatsingen (MUHP) die op enig moment in de verslagperiode liepen, ongeacht of ze vóór of in die periode gestart zijn en ongeacht of ze in of ná die periode beëindigd zijn.
2) In het geval een jongere in een periode meerdere machtigingen uithuisplaatsing had met verschillende typen jeugdbescherming, is de jongere meegeteld bij de machtigingen uithuisplaatsing i.c.m. een voorlopige OTS; als er zowel periodes met als periodes zonder jeugdhulp met verblijf waren, is de jongere meegeteld in de groep met jeugdhulp met verblijf.

1.11 Jeugdbescherming vooral in Limburg, Zeeland en Twente

De vijf jeugdregio’s met het grootste aandeel jeugdbescherming waren Zuid-Limburg, Zeeland, Midden-Limburg Oost, Twente en Friesland (figuur 1.11.1). In de gemeenten Heerlen, Almelo en Doesburg kwamen met 1,79 procent of meer relatief veel jongeren met jeugdbescherming voor (zie figuur 1.11.2 voor het aandeel per gemeente). De laagst scorende regio’s liggen in Haarlemmermeer en Food Valley (tabel 1.11.3).

1.11.1 Jeugdbescherming bij 0 tot 18-jarigen naar jeugdregio, 31 december 2025*¹⁾
Jeugdzorgregios_naamaandeelJB (%)
Groningen1
Friesland(Frysl�n)1,09
KopvanNoord-Holland0,94
Drenthe0,8
WestFriesland0,82
Alkmaar(Noord-Kennemerland)0,89
IJsselland0,89
Flevoland0,89
Zaanstreek-Waterland0,58
IJmond(MiddenKennemerland)0,82
ZuidKennemerland0,49
Noord-Veluwe0,78
Amsterdam-Amstelland0,56
Twente1,11
Haarlemmermeer0,45
GooienVechtstreek0,51
MiddenIJssel/OostVeluwe0,76
HollandRijnland0,6
UtrechtWest0,5
Eemland0,55
FoodValley0,48
UtrechtStad0,66
ZuidoostUtrecht0,56
Haaglanden0,64
Achterhoek0,93
Lekstroom0,63
MiddenHolland0,69
CentraalGelderland0,81
Rijnmond0,85
Rivierenland0,61
Zuid-HollandZuid0,68
RijkvanNijmegen0,74
NoordoostBrabant0,75
WestBrabantOost0,68
Midden-Brabant(HartvanBrabant)0,75
WestBrabantWest0,74
Noord-Limburg0,98
Zeeland1,13
Zuidoost-Brabant0,66
Zuid-Limburg1,18
Midden-LimburgOost1,12
Midden-LimburgWest1,06
¹⁾ De peildatum van het totale aantal jongeren is 1 januari 2025 en komt dus niet overeen met de peildatum van het aantal jongeren met jeugdbescherming (31 december 2025).

1.11.2 Jeugdbescherming bij 0 tot 18-jarigen naar gemeente, 31 december 2025*¹⁾
Gemeente_naamJeugdbescherming (%)
Groningen0,97
Almere0,86
Stadskanaal1,49
Veendam1,62
Zeewolde1,09
Achtkarspelen0,98
Ameland0
Harlingen1,12
Heerenveen0,83
Leeuwarden1,36
Ooststellingwerf1,74
Opsterland0,56
Schiermonnikoog0
Smallingerland1,57
Terschelling0,28
Vlieland0
Weststellingwerf1,01
Assen0,7
Coevorden0,8
Emmen1,12
Hoogeveen0,69
Meppel0,92
Almelo1,87
Borne0,53
Dalfsen0,53
Deventer1,24
Enschede1,56
Haaksbergen0,75
Hardenberg0,72
Hellendoorn0,35
Hengelo(O.)1,37
Kampen0,74
Losser0,67
Noordoostpolder0,72
Oldenzaal0,91
Ommen0,4
Raalte0,8
Staphorst0,51
Tubbergen0,54
Urk0,24
Wierden0,41
Zwolle1,07
Aalten0,56
Apeldoorn0,87
Arnhem1,04
Barneveld0,39
Beuningen0,41
Brummen0,9
Buren0,82
Culemborg0,38
Doesburg1,79
Doetinchem1,27
Druten0,49
Duiven0,6
Ede0,44
Elburg0,89
Epe0,52
Ermelo1
Harderwijk0,77
Hattem0,49
Heerde0,38
Heumen0,27
Lochem0,3
Maasdriel0,47
Nijkerk0,5
Nijmegen0,88
Oldebroek0,63
Putten0,51
Renkum0,97
Rheden1,21
Rozendaal0
Scherpenzeel0,17
Tiel1,28
Voorst0,59
Wageningen0,42
Westervoort0,75
Winterswijk0,73
Wijchen0,57
Zaltbommel0,47
Zevenaar0,78
Zutphen1,1
Nunspeet0,61
Dronten0,63
Amersfoort0,58
Baarn0,51
DeBilt0,58
Bunnik0,32
Bunschoten0,99
Eemnes0,63
Houten0,58
Leusden0,22
Lopik0,62
Montfoort0,48
Renswoude0,71
Rhenen0,51
Soest0,48
Utrecht0,66
Veenendaal0,64
Woudenberg0,52
WijkbijDuurstede0,44
IJsselstein0,7
Zeist0,65
Nieuwegein0,82
Aalsmeer0,32
Alkmaar1,17
Amstelveen0,4
Amsterdam0,61
Bergen(NH.)0,43
Beverwijk0,86
Blaricum0,1
Bloemendaal0,18
Castricum0,45
Diemen0,42
Edam-Volendam0,42
Enkhuizen0,84
Haarlem0,55
Haarlemmermeer0,45
Heemskerk0,77
Heemstede0,17
Heiloo0,31
DenHelder1,55
Hilversum0,62
Hoorn0,91
Huizen0,58
Landsmeer0,84
Laren(NH.)0,42
Medemblik1,02
Oostzaan0,11
Opmeer0,54
Ouder-Amstel0,17
Purmerend0,56
Schagen0,5
Texel0,98
Uitgeest0,83
Uithoorn0,41
Velsen0,82
Zandvoort1,02
Zaanstad0,71
Alblasserdam0,83
AlphenaandenRijn0,59
Barendrecht0,48
Drechterland0,41
CapelleaandenIJssel0,79
Delft0,86
Dordrecht0,83
Gorinchem0,81
Gouda1,01
's-Gravenhage0,72
Hardinxveld-Giessendam0,38
Hendrik-Ido-Ambacht0,38
StedeBroec0,92
Hillegom0,48
Katwijk0,6
KrimpenaandenIJssel0,65
Leiden0,74
Leiderdorp0,38
Lisse0,78
Maassluis0,58
Nieuwkoop0,7
Noordwijk0,53
Oegstgeest0,37
Oudewater0,2
Papendrecht0,83
Ridderkerk0,77
Rotterdam1,05
Rijswijk(ZH.)0,65
Schiedam0,76
Sliedrecht0,55
Albrandswaard0,24
Vlaardingen1,03
Voorschoten0,37
Waddinxveen0,62
Wassenaar0,46
Woerden0,56
Zoetermeer0,74
Zoeterwoude0,28
Zwijndrecht1,12
Borsele1,29
Goes1,32
WestMaasenWaal0,36
Hulst1,73
Kapelle0,75
Middelburg(Z.)0,99
Reimerswaal0,62
Terneuzen1,56
Tholen0,97
Veere0,52
Vlissingen1,56
DeRondeVenen0,63
Tytsjerksteradiel0,57
Asten0,58
Baarle-Nassau0,69
BergenopZoom0,69
Best0,33
Boekel0,41
Boxtel0,72
Breda0,73
Deurne0,33
Pekela1,23
Dongen0,34
Eersel0,41
Eindhoven0,94
Etten-Leur0,49
Geertruidenberg0,82
GilzeenRijen0,5
Goirle0,65
Helmond0,83
's-Hertogenbosch0,87
Heusden0,51
Hilvarenbeek0,25
LoonopZand0,51
Nuenen,GerwenenNederwetten0,42
Oirschot0,24
Oisterwijk0,48
Oosterhout0,77
Oss0,93
Rucphen1,15
Sint-Michielsgestel0,47
Someren0,3
SonenBreugel0,41
Steenbergen0,61
Waterland0,19
Tilburg1,04
Valkenswaard0,82
Veldhoven0,53
Vught0,34
Waalre0,25
Waalwijk0,64
Woensdrecht0,53
Zundert0,5
Wormerland0,25
Landgraaf1,36
Beek(L.)0,72
Beesel1,76
Bergen(L.)0,8
Brunssum1,15
Gennep0,96
Heerlen1,94
Kerkrade1,6
Maastricht1,35
Meerssen0,14
MookenMiddelaar0,5
Nederweert0,97
Roermond1,12
Simpelveld1,26
Stein(L.)0,55
Vaals0,87
Venlo1,33
Venray0,79
Voerendaal0,37
Weert1,05
ValkenburgaandeGeul1,03
Lelystad1,48
HorstaandeMaas0,52
OudeIJsselstreek1,24
Teylingen0,76
UtrechtseHeuvelrug0,57
OostGelre0,83
Koggenland0,49
Lansingerland0,19
Leudal1,13
Maasgouw0,65
Gemert-Bakel0,48
Halderberge0,85
Heeze-Leende0,2
Laarbeek0,47
Reusel-DeMierden0,57
Roerdalen1,03
Roosendaal0,92
Schouwen-Duiveland0,68
AaenHunze0,65
Borger-Odoorn0,99
DeWolden0,65
Noord-Beveland0,99
Wijdemeren0,43
Noordenveld0,8
Twenterand1,42
Westerveld0,63
Lingewaard0,51
Cranendonck0,64
Steenwijkerland0,92
Moerdijk0,82
Echt-Susteren1,52
Sluis0,91
Drimmelen0,47
Bernheze0,57
Alphen-Chaam0,54
Bergeijk0,52
Bladel0,47
Gulpen-Wittem0,56
Tynaarlo0,35
Midden-Drenthe0,75
Overbetuwe0,26
HofvanTwente0,75
Neder-Betuwe0,68
Rijssen-Holten0,51
Geldrop-Mierlo0,84
Olst-Wijhe0,92
Dinkelland0,49
Westland0,38
Midden-Delfland0,28
Berkelland0,86
Bronckhorst0,78
Sittard-Geleen1,19
KaagenBraassem0,73
Dantumadiel1,18
Zuidplas0,36
PeelenMaas0,67
Oldambt1,69
Zwartewaterland0,75
S�dwest-Frysl�n1,07
Bodegraven-Reeuwijk0,45
Eijsden-Margraten0,37
StichtseVecht0,41
HollandsKroon0,69
Leidschendam-Voorburg0,55
Goeree-Overflakkee0,42
Pijnacker-Nootdorp0,3
Nissewaard1,14
Krimpenerwaard0,83
DeFryskeMarren0,78
GooiseMeren0,46
BergenDal0,94
Meierijstad0,68
Waadhoeke1,29
Westerwolde0,75
Midden-Groningen1,12
Beekdaelen0,59
Montferland0,78
Altena0,47
WestBetuwe0,35
Vijfheerenlanden0,46
HoekscheWaard0,5
HetHogeland0,56
Westerkwartier0,41
Noardeast-Frysl�n0,87
Molenlanden0,46
Eemsdelta1,31
DijkenWaard0,99
LandvanCuijk0,76
Maashorst0,8
VoorneaanZee0,55
¹⁾ De peildatum van het totale aantal jongeren is 1 januari 2025 en komt dus niet overeen met de peildatum van het aantal jongeren met jeugdbescherming (31 december 2025).

1.11.3 Jeugdregio's met de hoogste en laagste aandelen jongeren met jeugdbescherming, peildatum 31 december 2025*1)
% van het totale aantal
personen van 0 tot 18 jaar2)
Hoogste aandelenZuid-Limburg1,18
Hoogste aandelenZeeland1,13
Hoogste aandelenMidden-Limburg Oost1,12
Hoogste aandelenTwente1,11
Hoogste aandelenFriesland (Fryslân)1,09
Laagste aandelenHaarlemmermeer0,45
Laagste aandelenFood Valley0,48
Laagste aandelenZuid Kennemerland0,49
Laagste aandelenUtrecht West0,50
Laagste aandelenGooi en Vechtstreek0,51
Bron: CBS.
1) Personen van 0 tot 18 jaar met jeugdbescherming.
2) De peildatum van het totale aantal jongeren is 1 januari 2025 en komt dus niet overeen met de peildatum van het aantal jongeren met jeugdbescherming (31 december 2025).

1.12 Herhaald beroep jeugdbescherming

Van de ondertoezichtstellingen die in 2025 zijn gestart ging het in 11 procent van de maatregelen om een herhaald beroep (figuur 1.12.1). Dat wil zeggen dat deze jongere in het betreffende kalenderjaar of in de vijf daaraan voorafgaande kalenderjaren al eens eerder jeugdbescherming heeft gehad. In 2025 is sprake van een daling bij herhaald beroep van ondertoezichtstellingen en voornamelijk voogdij. Bij voogdijmaatregelen gaat het wel om kleine absolute aantallen. 

1.12.1 Herhaald beroep jeugdbescherming¹⁾²⁾
Maatregel2025* (%)2024 (%)2023 (%)2022 (%)2021 (%)
Jeugdbeschermingsmaatregelen: Ondertoezichtstelling1112119,910
Jeugdbeschermingsmaatregelen: Voogdij45,43,13,23
¹⁾ Hierbij wordt teruggekeken naar de betreffende periode én de 5 daaraan voorafgaande kalenderjaren. ²⁾ Jeugdbeschermingsmaatregelen gestart in de betreffende periode.