Dierlijke mest en mineralen 2025

4. Rekenmethodiek staldieren

De stikstof- en fosfaatexcretie van varkens en pluimvee is in 2025 gedaald ten opzichte van 2024. Dit komt vooral door een afname van het aantal dieren.

4.1 Krachtvoer

Het voer voor staldieren kan bestaan uit mengvoer, enkelvoudige krachtvoergrondstoffen en, voor sommige diercategorieën, vochtrijk krachtvoer. In de toegepaste kengetallen van het voerverbruik van staldieren wordt het verbruik uitgedrukt als droog voer met een drogestofgehalte van 87 procent.

Voor de bepaling van het krachtvoerverbruik en de voersamenstelling bij varkens is uitgegaan van de geregistreerde voerleveringen (VJO) bij RVO en de opgave van mengvoerbedrijven bij Nevedi.

In het VJO van RVO zijn ook leveringen van vochtrijk voer opgenomen. Het drogestofgehalte van deze voeders kan niet uit de voerleveringen worden afgeleid, maar ligt voor de meest verbruikte soorten tussen 10 en 30 procent. Door het ontbreken van informatie over het drogestofgehalte is het niet mogelijk om de samenstelling van leveringen van vochtrijk voer om te rekenen naar de samenstelling van droog voer zoals die in kengetallen over het voerverbruik worden toegepast. Leveringen van vochtrijk voer zijn daarom uit de RVO-bestanden verwijderd om de gemiddelde stikstof- en fosforgehalten van droog voer te kunnen berekenen. Het stikstofgehalte van het geleverde voer is hierbij gebruikt als indicatie van de levering van vochtrijk voer. Het verbruik en de samenstelling van vochtrijk voer bestemd voor varkens is afkomstig van de Circular Feed association (CFa).

Varkens

De stikstof- en fosforgehalten van het mengvoer voor gespeende biggen en vleesvarkens zijn overgenomen van Nevedi. De Nevedi-cijfers van zeugenvoer omvatten ook het voer voor opfokzeugen en beren. De aandelen van opfokzeugen en beren in de afzet van zeugenvoer zijn hieruit afgeleid door de voerleveringen (VJO) te koppelen aan de Landbouwtelling en het stikstof- en fosforgehalte van het voer voor deze diercategorieën gelijk te stellen aan die van voerleveringen aan bedrijven met uitsluitend opfokzeugen of beren. Daarbij is aangenomen dat de voersamenstelling op gemengde bedrijven vergelijkbaar is met die op gespecialiseerde bedrijven. Door het verbruik van opfokzeugen en beren te vermenigvuldigen met het aantal dieren, is het totale verbruik voor deze groepen geschat. Het resterende deel van het mengvoer in het Nevedi-overzicht is toegerekend aan zeugen.

Het verbruik van enkelvoudig droog voer is afgeleid uit het VJO, waarbij bedrijven zijn gekoppeld aan de Landbouwtelling. Voor elke diercategorie is de samenstelling gebaseerd op de voerleveringen aan bedrijven die uitsluitend die categorie houden. Voor zeugen is dit berekend als het verschil tussen het totale verbruik van enkelvoudig voer en de som van het verbruik door de overige diercategorieën. Alle verbruiken zijn vervolgens omgerekend naar het aantal dieren in de Landbouwtelling. Ten slotte is per diercategorie de gemiddelde samenstelling van het totaal aan droge krachtvoeders berekend.

Pluimvee

Bij pluimvee spelen vochtrijke voeders geen rol. Hierdoor is het mogelijk een gemiddelde samenstelling van het verstrekte voer te berekenen op basis van mengvoer en enkelvoudig voer. Voor het mengvoer zijn de afzetcijfers van Nevedi leidend. Deze cijfers geven echter alleen totalen voor leg- en vleespluimvee, zonder uitsplitsing naar diercategorie. De voersamenstelling per categorie is daarom afgeleid door de voerleveringen (VJO) te koppelen aan bedrijven in de Landbouwtelling, waarna kalibratie plaatsvindt met de samenstelling van leg- en vleespluimveevoer volgens Nevedi. De samenstelling van enkelvoudig voer voor pluimvee is, net als bij varkens, afgeleid van het VJO. Een uitzondering hierop vormen de vleeskuikens, vanwege het aandeel enkelvoudige tarwe in het rantsoen. Dit aandeel is, gezien de samenstelling van het mengvoer, grotendeels inbegrepen in het afzetcijfer van Nevedi.

Van het kaliumgehalte van het mengvoer is geen jaarlijkse informatie beschikbaar. De samenstelling van het voer voor staldieren is weergegeven in Tabel 4.1.1.

4.1.1 Samenstelling van staldiervoeders (g/kg)
Stikstof (N)Stikstof (N)Fosfor (P)Fosfor (P)Kalium (K)Kalium (K)
202420252024202520242025
Varkensvoer voor:
Opfokzeugen en -beren1)23,322,14,55,59,19,1
Zeugen, inclusief biggen tot spenen1)21,522,55,04,99,39,1
Gespeende biggen1)26,427,04,74,88,98,9
Beren1)22,022,35,25,28,98,9
Vleesvarkens1)23,824,34,34,39,39,1
Pluimveevoer
Vleeskuikenvoer2)29,030,24,24,27,37,3
Opfokvoer voor vleeskuikenouderdieren23,423,65,14,87,07,0
Foktoomvoer voor vleeskuikenouderdieren21,221,54,13,96,76,7
Opfokvoer voor legrassen25,726,05,05,07,37,3
Legvoer25,025,04,54,57,07,0
Eendenvoer23,725,14,64,98,18,1
Kalkoenenvoer29,627,94,84,47,47,4
Voer voor:
Konijnen24,925,05,05,015,015,0
1) Inclusief vochtrijk krachtvoer en enkelvoudig vervoederde grondstoffen.
2) Inclusief enkelvoudig vervoederde tarwe.

4.2 Dierlijke productie


De vastlegging van mineralen in dierlijke producten is afhankelijk van het productieniveau van vlees en eieren en van de mineralengehalten van die producten. De mineralengehalten van dierlijke producten worden jaarlijks afgestemd op de forfaitaire waarden in de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet of op de nieuwste wetenschappelijk onderbouwde inzichten. Nieuwe gegevens over het levend gewicht van staldieren en de gehalten aan stikstof en fosfor van het levend gewicht komen incidenteel beschikbaar. De samenstelling van dierlijke producten is weergegeven in tabel 4.2.1.

4.2.1 Gewicht en samenstelling van staldieren en van dierlijke producten in 2025
Gewicht (Gew) (kg)Stikstof (N) (g/kg)Fosfor (P) (g/kg)Kalium (K) (g/kg)Bron [Gew] [N] [P] [K]
Varkens
Doodgeboren big 1,318,76,151,81[1] [2] [2] [2]
Uitval biggen2,823,15,362,64[2] [2] [2] [2]
Big op speenleeftijd7,524,05,172,64[11] [20] [20] [2]
Big bij afleveren25,925,35,252,42[3] [20] [20] [2]
Vleesvarken12525,05,252,28[3] [2] [20] [2]
Opfokzeug 14024,95,782,25[4] [2] [5] [2]
Fokzeug 23025,05,352,08[6] [7] [7] [2]
Fokbeer - begingewicht15024,95,782,25[4] [2] [5] [2]
Fokbeer - eindgewicht30025,05,352,04[4] [7] [7] [2]
Kippen
Eendagskuiken - legsector0,04225,82,532,00[8] [9] [9] [10]
Eendagskuiken - vleessector0,04225,82,532,40[8] [9] [9] [10]
Witte leghen - ca. 18 weken1,20035,75,501,91[8] [19] [7] [10]
Witte leghen - eindgewicht 1,60030,76,001,85[6] [19] [19] [10]
Middelzware leghen - ca. 18 weken1,40035,75,501,65[8] [19] [7] [10]
Middelzware leghen - eindgewicht1,70031,66,001,85[6] [19] [19] [10]
Moederdier van reguliere vleesrassen - ca. 20 weken2,37033,44,932,50[16] [12] [12] [12]
Moederdier van trager groeiende vleesrassen - ca. 20 weken1,60033,44,932,50[16] [12] [12] [12]
Moederdier van reguliere vleesrassen - eindgewicht3,90028,45,412,20[6] [12] [12] [12]
Moederdier van trager groeiende vleesrassen - eindgewicht2,20028,45,412,20[6] [12] [12] [12]
Vaderdier van vleesrassen - ca. 20 weken3,00034,55,462,50[16] [12] [12] [12]
Vaderdier van vleesrassen - eindgewicht5,00035,45,682,50[6] [12] [12] [12]
Vleeskuiken - regulier2,50028,34,432,40[6] [15] [14] [12]
Vleeskuiken - trager groeiend2,60028,34,432,40[6] [15] [14] [12]
Eenden en kalkoenen
Eend - begingewicht0,04728,02,971,83[16] [15] [15] [16]
Vleeseend3,20029,55,072,49[6] [15] [15] [16]
Kalkoen - begingewicht0,05330,03,402,04[7] [8] [7] [7]
Vleeskalkoen, hen1033,05,002,04[6] [7] [7] [7]
Vleeskalkoen, haan2033,05,202,04[6] [7] [7] [7]
Konijnen
Eindgewicht voedster1)4,530,25,202,00[18][17][17][17]
Eindgewicht ram1)730,25,202,00[18][17][17][17]
Uitvalgewicht vóór spenen1)0,227,15,402,00[18][17][17][17]
Uitvalgewicht na spenen1)1,6528,24,902,00[18][17][17][17]
Eieren
Legsector2)18,51,701,20[nvt] [7][7][7]
Vleessector0,06219,31,901,20[8] [12][12][12]
1) Gemiddelde samenstelling van de dierlijke productie.
2) In de berekening van de vastlegging wordt gerekend met de totale omvang van de eierproductie in kg.
N.B. Het gewicht van dieren is het levend gewicht.
[1] Coppoolse et al. (1990).
[2] Jongbloed en Kemme (2002a).
[3] Agrovision kengetallen vleesvarkens en zeugen (jaarlijks).
[4] Handboek Varkenshouderij (2018). Wageningen Livestock Research, ISBN 978-94-6257-533-2 (1e druk 2015).
[5] Jongbloed (2010).
[6] KWIN-V 2025-2026.
[7] Jongbloed en Kemme (2002b).
[8] Jongbloed en Kemme (2005).
[9] Ipema en Jongbloed (2011).
[10] WPSA (1985).
[11] Uniformeringsafspraken Varkenshouderij (2022). Wageningen Livestock Research.
[12] Versteegh en Jongbloed (2000a).
[13] Bedrijveninformatienet (BIN). Wageningen Economic Research.
[14] Versteegh en Jongbloed (2000b).
[15] Tabellen mestbeleid.
[16] Managementgidsen (Lohmann, Ross, Hubbard), Managementgids V20220510.
[17] Interne notitie Wageningen Livestock Research, 2012.
[18] Opgave deskundigen konijnensector (konijnenhouder, voerleverancier en KI) (2023).
[19] Van Eck et al. (2024).
[20] Royer en Bikker (2025).

4.3 Mineralenexcretie


De excretiefactoren voor staldieren staan in Tabel 4.3.1. Voor vleesvarkens, zeugen, leghennen en vleeskuikens is de berekening van de excretiefactoren in deze paragraaf opgenomen. Alle excretiefactoren gelden per geteld dier. Omdat de definitieve excretiecijfers voortaan later in het jaar uitkomen is de voorlopige landbouwtelling van 2026 al beschikbaar. Op basis van de aantallen in de definitieve landbouwtelling 2025 en de voorlopige landbouwtelling 2026 is een correctie uitgevoerd om de gemiddelde aantallen in 2025 beter te benaderen.

4.3.1 Excretiefactoren van staldieren in 2025 (kg/dier/jaar)
Stikstof (N)Fosfaat (P2O5)Kali (K2O)
Vleesvarkens12,34,48,5
Opfokzeugen en -beren13,57,78,9
Zeugen, inclusief biggen tot spenen23,411,714,0
Gespeende biggen2,40,771,9
Opfokberen, 50 kg en meer13,57,78,9
Dekrijpe beren21,111,611,1
Vleeskuikens0,460,120,24
Ouderdieren van vleesrassen-opfok, jonger dan ca. 20 weken0,310,170,16
Ouderdieren van vleesrassen-leg, ca. 20 weken en ouder0,890,410,43
Leghennen-opfok, jonger dan ca. 18 weken0,320,150,15
Leghennen-leg, ca. 18 weken en ouder0,780,390,36
Vleeseenden0,610,320,46
Vleeskalkoenen1,530,550,83
Konijnen (voedsters)1)8,54,19,1
1) Inclusief excretie van vleeskonijnen, mannelijke dieren en opfokdieren.
N.B. De factoren gelden per bij de landbouwtelling geteld dier.

Varkens

De technische kengetallen van vleesvarkens en zeugen worden jaarlijks geactualiseerd op basis van cijfers van Agrovision. De kengetallen van de overige categorieën varkens zijn geactualiseerd op basis van het Handboek Kwantitatieve Informatie Veehouderij (KWIN 2025-2026) en overige bronnen, zie Bijlage 1.

De bij RVO geregistreerde leveringen van mengvoer en enkelvoudig voer en de opgave van mengvoerleveranciers bij Nevedi in kilogrammen voer, stikstof en fosfor zijn gebruikt bij de bepaling van de mineralengehalten van droge voeders voor de onderscheiden categorieën varkens zoals beschreven in paragraaf 4.1.

Hoewel het aantal dieren is afgenomen, werd er per zeug en per vleesvarken wel meer voer verbruikt. Bij vleesvarkens is ook de productieronde korter met een hogere groei per dag. De biggenproductie van zeugen is toegenomen met als gevolg een hogere voerbehoefte. De uitgangspunten en de excretieberekening voor vleesvarkens zijn weergegeven in Tabel 4.3.2, voor zeugen met biggen tot spenen in Tabel 4.3.3 en voor gespeende biggen in Tabel 4.3.4.

4.3.2 Mineralenexcretie van vleesvarkens
CategorieEenheid20242025
Verbruik startvoerkg/dier/jaar166173
Verbruik vleesvarkensvoerkg/dier/jaar678685
Vastlegging in vleeskg/dier/jaar337343
Eindgewicht vleesvarkenkg125125
Stikstofgehalte vleesg N/kg24,924,9
Fosforgehalte vleesg P/kg5,35,3
Kaliumgehalte vleesg K/kg2,22,2
Stikstofopnamekg N/dier/jaar20,020,8
Fosforopnamekg P/dier/jaar3,73,7
Kaliumopnamekg K/dier/jaar7,87,8
Stikstofvastleggingkg N/dier/jaar8,48,5
Fosforvastleggingkg P/dier/jaar1,81,8
Kaliumvastleggingkg K/dier/jaar0,80,8
Stikstofexcretiekg N/dier/jaar11,612,3
Fosfaatexcretie1)kg P2O5/dier/jaar4,34,4
Kali-excretie2)kg K2O/dier/jaar8,58,5
1) De omrekenfactor voor P in P2O5 is 2,29.
2) De omrekenfactor voor K in K2O is 1,205.


4.3.3 Mineralenexcretie van zeugen met biggen tot spenen
CategorieEenheid20242025
Verbruik biggenvoerkg/big0,80,8
Verbruik biggenvoerkg/zeug/jaar2424
Verbruik zeugenvoerkg/zeug/jaar13141328
Vastlegging zeugkg/dier/jaar3434
Gespeende biggenaantal/zeug/jaar31,532,0
Gespeende biggenkg/zeug/jaar236240
Uitval biggenkg/zeug/jaar12,113,2
Doodgeboren biggenkg/zeug/jaar3,63,6
Gewicht big op speenleeftijdkg7,57,5
Stikstofgehalte vastlegging zeugg N/kg25,225,2
Fosforgehalte vastlegging zeugg P/kg4,74,7
Kaliumgehalte vastlegging zeugg K/kg1,81,8
Stikstofgehalte vastlegging gespeende biggeng N/kg24,024,0
Fosforgehalte vastlegging gespeende biggeng P/kg5,25,2
Kaliumgehalte vastlegging gespeende biggeng K/kg2,62,6
Stikstofgehalte vastlegging uitgevallen biggeng N/kg23,123,1
Fosforgehalte vastlegging uitgevallen biggeng P/kg5,45,4
Kaliumgehalte vastlegging uitgevallen biggeng K/kg2,62,6
Stikstofgehalte vastlegging doodgeboren biggeng N/kg18,718,7
Fosforgehalte vastlegging doodgeboren biggeng P/kg6,26,2
Kaliumgehalte vastlegging doodgeboren biggeng K/kg1,81,8
Stikstofopnamekg N/dier/jaar28,730,4
Fosforopnamekg P/dier/jaar6,76,6
Kaliumopnamekg K/dier/jaar12,512,3
Stikstofvastleggingkg N/dier/jaar6,97,0
Fosforvastleggingkg P/dier/jaar1,51,5
Kaliumvastleggingkg K/dier/jaar0,70,7
Stikstofexcretiekg N/dier/jaar21,823,4
Fosfaatexcretie1)kg P2O5/dier/jaar12,011,7
Kali-excretie2)kg K2O/dier/jaar14,214,0
1) De omrekenfactor voor P in P2O5 is 2,29.
2) De omrekenfactor voor K in K2O is 1,205.


4.3.4 Mineralenexcretie van gespeende biggen
CategorieEenheid20242025
Verbruik biggenvoerkg/big29,230,1
Speenleeftijddagen28,326,3
Gewicht gespeende bigkg7,57,5
Leeftijd grootgebrachte bigdagen76,077,0
Gewicht grootgebrachte bigkg25,525,9
Stikstofgehalte vastlegging bigg N/kg25,825,8
Fosforgehalte vastlegging bigg P/kg5,35,3
Kaliumgehalte vastlegging bigg K/kg2,32,3
Stikstofopnamekg N/dier/jaar5,95,9
Fosforopnamekg P/dier/jaar1,11,0
Kaliumopnamekg K/dier/jaar2,01,9
Stikstofvastleggingkg N/dier/jaar3,53,4
Fosforvastleggingkg P/dier/jaar0,70,7
Kaliumvastleggingkg K/dier/jaar0,30,3
Stikstofexcretiekg N/dier/jaar2,42,4
Fosfaatexcretie1) kg P2O5/dier/jaar0,750,77
Kali-excretie2) kg K2O/dier/jaar2,01,9
1) De omrekenfactor voor P in P2O5 is 2,29.
2) De omrekenfactor voor K in K2O is 1,205.

Pluimvee en konijnen

De technische kengetallen voor leghennen ouder dan circa 18 weken worden jaarlijks deels geactualiseerd op basis van informatie in het Bedrijveninformatienet (BIN) van Wageningen Economic Research. De overige kengetallen van leghennen en de kengetallen van de overige categorieën pluimvee zijn geactualiseerd op basis van het Handboek Kwantitatieve Informatie Veehouderij (KWIN 2025-2026) en overige bronnen, zie Bijlage 1. In de excretieberekening van vleeskuikens in 2025 is onderscheid gemaakt tussen kengetallen voor reguliere en voor trager groeiende dieren. De mineralengehalten van het kippenvoer zijn afgeleid van de bij RVO geregistreerde leveringen van mengvoer en enkelvoudig voer en de opgave van mengvoerleveranciers bij Nevedi in kilogrammen voer, stikstof en fosfor zoals beschreven in paragraaf 4.1.

De uitgangspunten en de excretieberekening voor vleeskuikens zijn weergegeven in Tabel 4.3.5 en voor leghennen in Tabel 4.3.6.

4.3.5 Mineralenexcretie van vleeskuikens
CategorieEenheid20242025
Verbruik vleeskuikenvoer (regulier)kg/dier/jaar33,633,6
Verbruik vleeskuikenvoer (trager groeiend)kg/dier/jaar33,633,6
Groei vleeskuiken (regulier)g/dier/dag58,558,5
Groei vleeskuiken (trager groeiend)g/dier/dag45,745,7
Vastlegging vleeskuiken (regulier)kg/dier/jaar19,221,4
Vastlegging vleeskuiken (trager groeiend)kg/dier/jaar16,716,7
Aandeel reguliere vleeskuikens%53,060,0
Aandeel trager groeiende vleeskuikens%47,040,0
Stikstofgehalte vastlegging dierg N/kg28,328,3
Fosforgehalte vastlegging dierg P/kg4,54,5
Kaliumgehalte vastlegging dierg K/kg2,42,4
Stikstofopnamekg N/dier/jaar0,9741,013
Fosforopnamekg P/dier/jaar0,1400,140
Kaliumopnamekg K/dier/jaar0,2460,246
Stikstofvastleggingkg N/dier/jaar0,5430,552
Fosforvastleggingkg P/dier/jaar0,0850,087
Kaliumvastleggingkg K/dier/jaar0,0460,047
Stikstofexcretiekg N/dier/jaar0,430,46
Fosfaatexcretie1)kg P2O5/dier/jaar0,120,12
Kali-excretie2)kg K2O/dier/jaar0,240,24
1) De omrekenfactor voor P in P2O5 is 2,29.
2) De omrekenfactor voor K in K2O is 1,205.
N.B. De opname, vastlegging en excretie zijn berekend per gemiddeld aanwezig vleeskuiken.

4.3.6 Mineralenexcretie van leghennen
categorieEenheid20242025
Verbruik legvoerkg/dier/jaar46,545,2
Groei leghengram/dier/dag0,70,7
Vastlegging leghenkg/dier/jaar0,30,3
Eiproductie vanaf 20 wekenkg/dier/jaar20,619,5
Eiproductie vanaf 18 wekenkg/dier/jaar19,818,7
Stikstofgehalte vastlegging dierg N/kg31,031,0
Fosforgehalte vastlegging dierg P/kg7,77,7
Kaliumgehalte vastlegging dierg K/kg1,91,9
Stikstofgehalte vastlegging eiereng N/kg18,518,5
Fosforgehalte vastlegging eiereng P/kg1,71,7
Kaliumgehalte vastlegging eiereng K/kg1,21,2
Stikstofopnamekg N/dier/jaar1,1621,132
Fosforopnamekg P/dier/jaar0,2070,203
Kaliumopnamekg K/dier/jaar0,3270,318
Stikstofvastlegging dierkg N/dier/jaar0,0080,008
Fosforvastlegging dierkg P/dier/jaar0,0020,002
Kaliumvastlegging dierkg K/dier/jaar0,0000,000
Stikstofvastlegging eierenkg N/dier/jaar0,3660,347
Fosforvastlegging eierenkg P/dier/jaar0,0340,032
Kaliumvastlegging eierenkg K/dier/jaar0,0240,022
Stikstofexcretiekg N/dier/jaar0,790,78
Fosfaatexcretie1)kg P2O5/dier/jaar0,390,39
Kali-excretie2)kg K2O/dier/jaar0,360,36
1) De omrekenfactor voor P in P2O5 is 2,29.
2) De omrekenfactor voor K in K2O is 1,205.


4.4. Mestproductiehoeveelheid

De hoeveelheid mest per dier is gedefinieerd als de hoeveelheid mest in kilogram die na enkele maanden bewaring aanwezig is in de stalopslag, inclusief voerresten, schoonmaakwater en vermorst drinkwater.

De mestproductie van staldieren is weergegeven in Tabel 4.4.1.

4.4.1 Mestproductiefactoren van staldieren in 2024 en 2025 (kg/dier/jaar)
Categorie20242025
Vleesvarkens10901090
Opfokzeugen en -beren12001200
Fokzeugen inclusief biggen tot spenen45004500
Gespeende biggen330330
Opfokberen, 50 kg en meer12001200
Dekrijpe beren32003200
Vleeskuikens9,79,7
Ouderdieren van vleesrassen-opfok, jonger dan ca. 20 weken 88,0
Ouderdieren van vleesrassen-leg, ca. 20 weken en ouder17,617,6
Leghennen-opfok, jonger dan ca. 18 weken77,0
Leghennen-leg, ca. 18 weken en ouder18,118,1
Vleeseenden4040
Vleeskalkoenen4242
Konijnen (voedsters)1)350350
1) Excretie per voedster inclusief excretie van mannelijke dieren, vleeskonijnen en opfokkonijnen.
N.B. Varkensmest is dunne mest, pluimveemest is vaste mest.