Kerncijfers wijken en buurten 2018

Kerncijfers wijken en buurten 2018

Wijken en buurten Bevolking Particuliere huishoudens Huishoudens totaal (aantal) Bevolking Particuliere huishoudens Eenpersoonshuishoudens (aantal) Bevolking Particuliere huishoudens Huishoudens zonder kinderen (aantal) Bevolking Particuliere huishoudens Huishoudens met kinderen (aantal) Bevolking Particuliere huishoudens Gemiddelde huishoudensgrootte (aantal) Wonen Gemiddelde WOZ-waarde van woningen (x 1 000 euro) Wonen Woningen naar bouwjaar Bouwjaar vanaf 2000 (%) Inkomen Inkomen van personen Aantal inkomensontvangers   (aantal) Inkomen Inkomen van personen Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger  (x 1 000 euro) Inkomen Inkomen van personen Gemiddeld inkomen per inwoner  (x 1 000 euro) Inkomen Inkomen van personen 40% personen met laagste inkomen (%) Inkomen Inkomen van personen 20% personen met hoogste inkomen (%) Inkomen Inkomen van huishoudens Gem. gestandaardiseerd inkomen van huish (x 1 000 euro)
Surhuisterveen 2.500 875 820 815 2,2 165 13 4.300 25,6 20,4 47,9 10,4 24,7
Verspreide huizen Surhuisterveen 150 15 60 70 2,7 249 50 300 28,1 21,1 44,6 16,0 28,9
Huiswaard 3.665 1.495 990 1.175 2,1 170 8 6.200 28,6 23,4 39,7 15,2 26,6
Huiswaard-1-Zuid 1.290 520 340 430 2,2 173 11 2.200 26,5 21,1 44,5 12,6 24,7
Huiswaard-2-West 1.090 360 335 395 2,2 192 0 2.000 32,9 27,1 30,2 21,7 30,9
Huiswaard-2-Oost 925 430 210 275 2,0 165 16 1.500 29,6 24,3 36,5 15,2 27,1
Stadhuisplein 310 210 80 20 1,4 190 39 400 33,9 31,7 37,0 26,2 25,5
Het Hallehuis 620 170 150 305 2,4 236 0 1.200 34,3 27,0 35,8 23,3 30,9
Scheepvaarthuisbuurt 490 315 115 60 1,5 542 2 600 43,8 38,1 30,7 33,5 34,1
Lucas/Andreasziekenhuis e.o. 845 800 45 0 1,1 . . 300 28,8 27,8 43,5 24,4 18,1
Woudhuis 2.410 610 665 1.140 2,5 241 13 4.800 34,9 27,6 37,5 25,4 32,2
Wolthuis 100 30 35 45 2,5 339 9 200 31,9 27,2 40,2 14,0 41,0
Provinciaal Ziekenhuis 230 75 65 90 2,5 834 87 400 76,7 52,6 30,9 41,0 69,0
Vogelenzang Psychiatrisch Ziekenhuis 165 110 40 15 1,5 328 41 200 34,5 31,6 42,5 21,7 33,8
Verspr.h. Bovenstehuis en Peelsehuis 125 25 30 70 3,0 351 10 300 32,1 26,3 41,7 20,4 37,9
Blokhuiswetering 1.400 275 415 715 2,7 265 0 3.000 31,5 24,7 37,7 20,9 32,3
Wijk 14 Vlieghuis en Padhuis 45 5 20 20 2,6 . 12 100 . 23,5 . . .
Verspreide huizen Vlieghuis en Padhuis 45 5 20 20 2,6 . 12 100 . 23,5 . . .
Vinke-Brookhuis 240 20 75 140 3,1 324 53 600 35,3 28,3 35,6 28,1 37,9
De Happert Ziekenhuis 80 15 35 25 2,5 439 9 200 47,9 39,4 32,1 37,7 .
Dokkum Weeshuislanden 475 90 160 225 2,6 184 3 1.000 28,6 21,9 42,6 17,9 28,5
Spaanshuisken 15 10 5 5 1,9 . . 0 . . . . .
Buitengebied Spaanshuisken 5 0 0 0 2,0 . . 0 . . . . .
Withuis-Stationsstraat 80 20 25 35 2,5 262 14 200 33,8 28,2 38,8 21,8 .
Gasthuis-Wolfshuis 55 30 10 20 2,0 . 2 100 . 29,5 . . .
Het Hooghuis 2.295 710 675 915 2,3 201 2 4.200 31,1 24,9 36,3 18,1 28,2
Genoenhuis 1.440 285 440 715 2,6 313 25 3.000 39,9 31,8 33,6 30,4 37,3
Raadhuisplein 780 425 195 160 1,8 292 15 1.100 42,0 35,4 32,5 27,3 34,8
Slachthuiswijk 2.760 1.230 700 830 1,9 207 16 4.300 27,8 23,0 42,7 13,1 24,6
Kruithuis 535 305 180 55 1,6 224 43 800 30,5 28,2 38,3 15,8 28,4
Ziekenhuis 0 0 0 0 1,8 . 8 0 . . . . .
Huisduinen 270 95 95 80 2,1 283 10 500 40,3 33,0 29,0 32,5 36,5
Wijk 14 Brouwhuis 3.970 1.280 1.080 1.615 2,3 188 3 7.300 29,3 23,3 40,2 16,7 27,2
Brouwhuis-Dorp 1.385 325 430 630 2,5 222 6 2.800 31,1 24,8 38,4 19,9 29,7
Brouwhuis-West 1.255 450 325 485 2,2 153 0 2.200 27,5 21,7 40,5 12,8 25,2
Brouwhuis-Oost 1.115 370 275 470 2,3 181 2 2.000 29,5 23,2 40,1 17,3 27,0
Raadhuiskwartier 645 230 155 265 2,4 620 4 1.100 60,5 44,5 32,2 40,8 47,2
Zevenhuis - Buurt 36 00 0 0 0 0 . . . 0 . . . . .
Verspreide huizen Zevenhuis 170 100 35 40 1,8 411 23 200 34,2 27,8 40,6 21,3 31,0
Verspreide huizen Duifhuis-Kreitsberg 95 20 35 40 2,7 334 5 200 29,3 24,7 39,7 18,7 .
Blokhuisplein 295 210 65 20 1,4 78 26 400 21,5 19,8 57,0 5,9 18,6
Vierhuisterweg e.o. 140 95 30 20 1,5 89 0 200 24,8 21,4 57,7 13,1 20,9
Bos- en Gasthuisdistrict 11.150 6.295 2.425 2.430 1,8 205 11 15.900 30,6 25,4 44,2 18,4 25,3
Gasthuiswijk 1.490 925 305 260 1,6 169 14 2.100 27,5 23,5 46,4 15,3 22,6
Pesthuiswijk 1.255 1.005 205 40 1,3 254 77 1.300 27,2 24,1 51,4 15,0 18,3
Raadhuiskwartier 950 350 230 370 2,2 277 1 1.600 42,4 32,4 31,2 32,2 35,0
Stadhuisstraat 365 255 90 20 1,4 135 20 500 22,5 21,3 59,4 6,2 20,7
Het Ravelijn, Ziekenhuisweg 240 160 75 0 1,3 126 77 300 20,1 19,9 60,3 1,9 20,6
Wijk 02 Huissen 8.245 2.330 2.800 3.120 2,3 228 28 15.200 32,6 26,2 36,7 20,5 30,4
Oude Stad Huissen 435 215 145 70 1,7 177 12 600 30,1 26,6 38,7 12,8 27,3
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Overzicht van statistische gegevens van gemeenten, wijken en buurten in Nederland.

Gegevens beschikbaar over: 2018.

Status van de cijfers:
Definitief, tenzij in de toelichting bij het onderwerp expliciet is vermeld dat het voorlopige cijfers betreft.

Wijzigingen per oktober 2024
De indicator ‘Gemiddelde woningwaarde’ binnen thema Wonen is alsnog hernoemd tot ‘Gemiddelde WOZ-waarde van woningen’ ten behoeve van de aansluiting op andere verslagjaren. De definitie in deze jaartabel is ongewijzigd gebleven.

Wijzigingen per juni 2023
Binnen het thema bevolking zijn gecorrigeerde cijfers toegevoegd. De correctie is het gevolg van een wijziging in de methode van afronden. Deze afronding hoort aselect te zijn, wat onafhankelijk en willekeurig gebeurt. Dit was niet geheel het geval, omdat door een fout in de toepassing van de methode de cijfers vaker naar beneden dan naar boven werden afgerond. Bij het maken van tellingen over afgeronde aantallen gaf dit in sommige gevallen een vertekend beeld. Er zijn tevens hier en daar zeer kleine verschuivingen in de cijfers van wijken en buurten door de ‘kennis van nu’: daar waar aanvankelijk geen waarnemingen waren en op het moment van correctie wel.
De cijfers, met uitzondering van relatieve cijfers, zijn voor wijken en buurten gecorrigeerd. De correctie heeft geen gevolgen voor de landelijke of gemeentelijke aantallen met betrekking tot de genoemde onderwerpen. De correctie heeft ook geen gevolgen voor aantallen van andere onderwerpen in de tabel.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Voor deze tabel zijn geen nadere updates meer te verwachten.

Toelichting onderwerpen

Bevolking
De bevolking van Nederland op 1 januari.

Bevolking:
De inwoners van Nederland.
In de bevolkingsaantallen zijn uitsluitend personen begrepen die zijn opgenomen in het bevolkingsregister van een Nederlandse gemeente.
In principe wordt iedereen die voor onbepaalde tijd in Nederland woont, opgenomen in het bevolkingsregister van de woongemeente. Personen die tot de bevolking van Nederland behoren, maar voor wie geen vaste woonplaats valt aan te wijzen, zijn opgenomen in het bevolkingsregister van de gemeente 's-Gravenhage.
In de bevolkingsregisters zijn niet opgenomen de in Nederland wonende personen waarvoor uitzonderingsregels gelden met betrekking tot opneming in de bevolkingsregisters (bijvoorbeeld diplomaten en NAVO militairen) en personen die niet legaal in Nederland verblijven.

Om redenen van statistische geheimhouding zijn de aantallen op wijk- en buurtniveau aselect afgerond op veelvouden van 5.
Bij aselect afronden wordt door loten bepaald of een getal naar boven of naar beneden wordt afgerond. De daarbij gehanteerde kansen zijn omgekeerd evenredig met de afrondverschillen. Gemiddeld wordt een getal hierdoor op zichzelf afgerond. Het gemiddelde afrondverschil per getal is evenwel groter dan het geval is bij afronding op het dichtstbijzijnde veelvoud van 5. Door afrondverschillen is de som van afgeronde getallen niet altijd gelijk aan de afgeronde som. Hierdoor kan het voorkomen dat wanneer een wijk uit één buurt bestaat of een gemeente uit één wijk, dit afgerond niet overeenkomt.

Het komt voor dat van inwoners wel bekend is binnen welke gemeente ze geregistreerd zijn, maar niet exact waar ze verblijven. Deze inwoners zijn daarom wel meegeteld in de gemeentecijfers, maar niet in de cijfers per wijk en buurt. De cijfers per gemeente kunnen daardoor afwijken van de onderliggende wijken of buurten, zelfs wanneer een gemeente slechts uit één wijk bestaat.
Particuliere huishoudens
Betreft de huishoudens op 1 januari.
Particuliere huishoudens bestaan uit één of meer personen die alleen of samen in een woonruimte zijn gehuisvest en zelf in hun dagelijks onderhoud voorzien. Naast eenpersoonshuishoudens onderscheiden we meerpersoonshuishoudens (niet-gehuwde paren, niet-gehuwde paren met kinderen, echtparen, echtparen met kinderen, eenouderhuishoudens en overige huishoudens). De institutionele huishoudens worden hiertoe niet gerekend.
Huishoudens totaal
Totaal particuliere huishoudens.
Eenpersoonshuishoudens
Een particulier huishouden bestaande uit één persoon.
Huishoudens zonder kinderen
Meerpersoonshuishoudens zonder kinderen bestaan uit niet-gehuwde paren zonder kinderen, echtparen zonder kinderen en overige huishoudens.
Huishoudens met kinderen
Meerpersoonshuishoudens met kinderen bestaan uit niet-gehuwde paren met kinderen, echtparen met kinderen en eenouderhuishoudens.
Gemiddelde huishoudensgrootte
Dit gemiddelde is berekend als het aantal in particuliere huishoudens levende personen gedeeld door het aantal particuliere huishoudens.
Wonen
Gemiddelde WOZ-waarde van woningen
De gemiddelde waarde onroerende zaken van woonobjecten gebaseerd op de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ-waarde).
Voor de bepaling van de gemiddelde woningwaarde wordt alleen gebruik gemaakt van die WOZ-objecten omschreven als woningen dienend tot hoofdverblijf (WOZ-objectcode 10) en woningen met praktijkruimte (WOZ-objectcode 11) met een waarde groter dan nul euro.

De (voorlopig) gemiddelde woningwaarde wordt bepaald met de waardepeildatum van voorgaand jaar, bijv:
- 2018: waardepeildatum 1 januari 2017

Wanneer de woningvoorraad kleiner is dan 20 woningen of het aantal WOZ-objecten kleiner is dan 50 wordt er geen WOZ-waarde opgenomen.

Woningen naar bouwjaar
De aanduiding van het bouwjaar van een pand, waarin een woning zich bevindt. Oorspronkelijk als het pand bouwkundig gereed is of wordt opgeleverd. Latere wijziging aan een pand leidt niet tot wijziging van het bouwjaar. Bij een verblijfobject dat in meerdere panden is gelegen, wordt het oudste bouwjaar genomen.
De bouwjaarklasse heeft hier twee waarden:
1) in of na het jaar 2000 gebouwd;
2) vóór het jaar 2000 gebouwd.
Bouwjaar vanaf 2000
Peildatum: 1 januari van het desbetreffende jaar.
Het aantal woningen met bouwjaar 2000 of later, uitgedrukt in hele procenten van het totaal aantal woningen. Het percentage is vermeld bij 20 woningen of meer per buurt.
Inkomen
Deze variabelen geven informatie over het persoonlijk inkomen van personen in particuliere huishoudens waarvan het inkomen is waargenomen en het inkomen van particuliere huishoudens met een waargenomen inkomen. De gegevens komen uit de Integrale Inkomens- en Vermogensstatistiek (IIVS) met als populatie de bevolking van Nederland op 1 januari van het verslagjaar met het inkomen over het verslagjaar.

De Integrale Inkomens- en Vermogensstatistiek van het CBS is voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van Financiën (de fiscale registers) en de bevolkingsregisters van de Nederlandse gemeenten (Basisregistratie personen). De Basisregistratie personen is een register waarin alle inwoners van een gemeente behoren te zijn ingeschreven. Uitgezonderd zijn:
- Inwoners van Nederland die gebruik maken van uitzonderingsregels die gelden met betrekking tot opneming in de bevolkingsregisters (niet-Nederlandse diplomaten en niet-Nederlandse NAVO militairen). Zij mogen zelf bepalen of zij in de bevolkingsregisters ingeschreven worden of niet.
- Asielzoekers die korter dan zes maanden in de centrale opvang verblijven en nog geen verblijfsvergunning hebben gekregen.
Inkomen van personen
De doelpopulatie bestaat uit personen behorende tot particuliere huishoudens waarvan het inkomen is waargenomen.

De inkomensgegevens zijn gebaseerd op het persoonlijk inkomen. Dit omvat de volgende bestanddelen van het bruto-inkomen van een persoon:
- inkomen uit arbeid;
- inkomen uit eigen onderneming;
- uitkering inkomensverzekeringen;
- uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Aantal inkomensontvangers  
Personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens.
De cijfers zijn afgerond op honderdtallen.

Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger 
Het rekenkundig gemiddeld persoonlijk inkomen per persoon op basis van personen met persoonlijk inkomen die deel uitmaken van particuliere huishoudens.
De waarde is vermeld bij minimaal minimaal 100 personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens per regio.
Gemiddeld inkomen per inwoner 
Het rekenkundig gemiddeld persoonlijk inkomen per persoon op basis van de totale bevolking in particuliere huishoudens.
De waarde is vermeld bij minimaal minimaal 100 personen in particuliere huishoudens per regio.

40% personen met laagste inkomen
Aandeel personen in particuliere huishoudens die behoren tot de landelijke 40% personen met het laagste persoonlijk inkomen.
Personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens zijn ingedeeld naar hoogte van het persoonlijk inkomen.
De indeling vindt plaats nadat alle personen landelijk zijn gerangschikt van laag naar hoog persoonlijk inkomen. Tot de laagste 40-procent-groep worden de veertig procent personen met het laagste persoonlijk inkomen gerekend.
Het persoonlijk inkomen omvat inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen onderneming, uitkering inkomensverzekeringen en uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens per regio.


20% personen met hoogste inkomen
Aandeel personen in particuliere huishoudens die behoren tot de landelijke 20% personen met het hoogste persoonlijk inkomen.
Personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens zijn ingedeeld naar hoogte van het persoonlijk inkomen.
De indeling vindt plaats nadat alle personen landelijk zijn gerangschikt van laag naar hoog persoonlijk inkomen. Tot de hoogste 20-procent-groep worden de twintig procent personen met het hoogste persoonlijk inkomen gerekend.
Het persoonlijk inkomen omvat inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen onderneming, uitkering inkomensverzekeringen en uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens per regio.

Inkomen van huishoudens
De doelpopulatie bestaat uit particuliere huishoudens waarvan het inkomen is waargenomen.
Gem. gestandaardiseerd inkomen van huish
Het besteedbaar inkomen gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Deze correctie vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren. In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze zijn de welvaartsniveaus van huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt. Het gestandaardiseerd inkomen is een maat voor de welvaart van (de leden van) een huishouden.