Kerncijfers wijken en buurten 2018

Kerncijfers wijken en buurten 2018

Wijken en buurten Arbeid Nettoarbeidsparticipatie (%) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; Bijstand (aantal) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; AO (aantal) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; WW (aantal) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; AOW (aantal)
Nederland 68 455.140 733.600 280.280 3.037.060
Aa en Hunze 66 410 1.120 470 6.090
Wijk 00 Annen 68 40 100 70 810
Annen 68 30 100 70 780
Verspreide huizen Annen . 0 0 0 30
Wijk 01 Eext 69 30 50 30 270
Eext 70 20 40 30 220
Verspreide huizen Eext 63 0 10 0 50
Wijk 02 Anloo 60 10 20 10 120
Anloo 63 0 10 0 90
Verspreide huizen Anloo . 10 10 0 30
Wijk 03 Gasteren 66 10 10 10 100
Gasteren 66 10 10 10 100
Verspreide huizen Gasteren . . . . .
Wijk 04 Anderen 71 0 20 10 50
Anderen 71 0 10 10 50
Verspreide huizen Anderen . . . . .
Wijk 05 Schipborg 56 10 20 10 190
Schipborg 57 10 20 10 170
Verspreide huizen Schipborg . 0 0 0 20
Wijk 06 Eexterveen 74 0 10 0 60
Eexterveen 74 0 10 0 60
Verspreide huizen Eexterveen . . . . .
Wijk 07 Spijkerboor . 0 0 0 20
Spijkerboor . 0 0 0 20
Verspreide huizen Spijkerboor . . . . .
Wijk 08 Nieuw-Annerveen . 0 0 0 20
Nieuw-Annerveen . 0 0 0 20
Verspreide huizen Nieuw-Annerveen . . . . .
Wijk 09 Oud-Annerveen . 0 10 0 20
Oud-Annerveen . 0 10 0 20
Verspreide huizen Oud-Annerveen . . . . .
Wijk 11 Annerveenschekanaal 71 10 30 10 50
Annerveenschekanaal 71 10 30 10 50
Verspreide huizen Annerveenschekanaal . . . . .
Wijk 12 Eexterveenschekanaal 62 0 30 10 50
Eexterveenschekanaal 61 0 20 10 50
Verspreide huizen Eexterveenschekanaal . . . . .
Wijk 13 Eexterzandvoort . 0 10 0 30
Eexterzandvoort . 0 0 0 20
Verspreide huizen Eexterzandvoort . . . . .
Wijk 14 Gasselte 62 30 60 40 560
Gasselte 62 30 40 30 460
Kostvlies . 0 0 0 40
Verspreide huizen Gasselte 59 10 20 10 60
Wijk 15 Gasselternijveen 62 80 90 40 350
Gasselternijveen 61 80 90 30 340
Gasselterboerveen . . . . .
Verspreide huizen Gasselternijveen . . . . .
Wijk 16 Gasselternijveenschemond 64 20 60 10 120
Gasselternijveenschemond 63 20 50 10 120
Gasselterboerveenschemond . . . . .
Verspr.h. Gasselternijveenschemond . . . . .
Wijk 17 Gieten 65 80 150 90 1.330
Gieten 65 80 150 90 1.280
Verspreide huizen Gieten . 0 0 10 50
Wijk 18 Gieterveen 68 20 50 20 230
Gieterveen 70 20 30 10 110
Bonnerveen . 0 0 0 20
Nieuwediep 64 0 10 10 60
Verspreide huizen Gieterveen 65 0 10 0 50
Wijk 19 Rolde 65 60 350 80 1.400
Rolde 64 60 130 70 1.250
Ballo . 0 10 0 40
Nijlande . 0 0 0 10
Deurze . 0 0 0 10
Verspreide huizen Nooitgedacht 74 10 210 0 60
Verspreide huizen Rolde . 0 0 0 30
Wijk 20 Grolloo 73 20 50 20 220
Grolloo 73 10 20 10 110
Schoonloo 72 10 10 0 40
Verspreide huizen Papenvoort . 0 10 0 10
Verspreide huizen Grolloo 73 10 20 0 50
Wijk 21 Ekehaar 71 0 20 10 100
Ekehaar 69 0 10 0 60
Amen . 0 0 0 20
Verspreide huizen Ekehaar . 0 0 0 20
Aalburg 73 130 360 150 2.100
Wijk 00 Wijk en Aalburg 72 70 180 70 1.030
Wijk en Aalburg 71 60 160 60 910
Spijk 79 0 10 10 90
Verspreide huizen Wijk en Aalburg 80 0 10 0 30
Wijk 01 Veen 74 40 70 30 360
Veen 74 30 70 30 360
Verspreide huizen Veen . 0 0 0 10
Wijk 02 Genderen 75 10 50 20 300
Genderen 75 10 50 20 280
Verspreide huizen Genderen . 0 0 0 20
Wijk 03 Eethen 71 10 30 10 140
Eethen 72 10 20 10 110
Verspreide huizen Eethen . 10 10 0 30
Wijk 04 Meeuwen 74 0 20 10 130
Meeuwen 74 0 20 10 110
Verspreide huizen Meeuwen . 0 0 0 20
Wijk 05 Drongelen 75 0 10 10 70
Drongelen 73 0 10 10 50
Verspreide huizen Drongelen . 0 0 0 20
Wijk 06 Babyloniënbroek 77 0 10 0 70
Babyloniënbroek 75 0 10 0 60
Verspreide huizen Babyloniënbroek . 0 0 0 10
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Overzicht van statistische gegevens van gemeenten, wijken en buurten in Nederland.

Gegevens beschikbaar over: 2018.

Status van de cijfers:
Definitief, tenzij in de toelichting bij het onderwerp expliciet is vermeld dat het voorlopige cijfers betreft.

Wijzigingen per oktober 2024
De indicator ‘Gemiddelde woningwaarde’ binnen thema Wonen is alsnog hernoemd tot ‘Gemiddelde WOZ-waarde van woningen’ ten behoeve van de aansluiting op andere verslagjaren. De definitie in deze jaartabel is ongewijzigd gebleven.

Wijzigingen per juni 2023
Binnen het thema bevolking zijn gecorrigeerde cijfers toegevoegd. De correctie is het gevolg van een wijziging in de methode van afronden. Deze afronding hoort aselect te zijn, wat onafhankelijk en willekeurig gebeurt. Dit was niet geheel het geval, omdat door een fout in de toepassing van de methode de cijfers vaker naar beneden dan naar boven werden afgerond. Bij het maken van tellingen over afgeronde aantallen gaf dit in sommige gevallen een vertekend beeld. Er zijn tevens hier en daar zeer kleine verschuivingen in de cijfers van wijken en buurten door de ‘kennis van nu’: daar waar aanvankelijk geen waarnemingen waren en op het moment van correctie wel.
De cijfers, met uitzondering van relatieve cijfers, zijn voor wijken en buurten gecorrigeerd. De correctie heeft geen gevolgen voor de landelijke of gemeentelijke aantallen met betrekking tot de genoemde onderwerpen. De correctie heeft ook geen gevolgen voor aantallen van andere onderwerpen in de tabel.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Voor deze tabel zijn geen nadere updates meer te verwachten.

Toelichting onderwerpen

Arbeid
Deze variabelen geven per gemeente, wijk en buurt inzicht in de nettoarbeidsparticipatie en het percentage werknemers en zelfstandigen.

De nettoarbeidsparticipatie is vermeld als percentage van het totaal aantal personen van 15 tot 75 jaar en vermeld bij minimaal 150 inwoners in een buurt. Het percentage werknemers en het percentage zelfstandigen zijn vermeld bij minimaal 150 werkenden (van 15 tot 75 jaar) in een buurt.
Nettoarbeidsparticipatie
Het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Sociale zekerheid
Deze variabelen geven per gemeente, wijk en buurt inzicht in het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van arbeidsongeschiktheid, bijstand, werkloosheid en ouderdom.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. In deze KWB-tabel zijn de cijfers van 17 juli 2021 opgenomen, bij latere revisies zullen deze niet meer aangepast worden. Later gereviseerde cijfers zijn te vinden via het thema sociale zekerheid in StatLine.
Personen per soort uitkering; Bijstand
Personen die een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet ontvangen.
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt sinds 1 januari 2015 de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet Sociale Werkvoorziening (WsW) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
De wet regelt in Nederland de ondersteuning bij arbeidsinschakeling en het verlenen van bijstand door gemeenten voor mensen die weinig of geen ander inkomen (waaronder andere uitkeringen) hebben en ook weinig of geen vermogen. Gemeenten voeren de wet uit en bepalen, binnen de wettelijke grenzen, hun eigen beleid.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.
Personen per soort uitkering; AO
Personen die een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).

Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)
Wet die als doel heeft om personen in loondienst te verzekeren van een loonvervangende uitkering bij langdurige arbeidsongeschiktheid.

Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ)
Een verplichte verzekering voor zelfstandigen, beroepsbeoefenaren, directeuren-grootaandeelhouders en meewerkende echtgenoten tegen de financiële gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid.
De WAZ is met ingang van 1 augustus 2004 geblokkeerd.

Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong)
Wettelijke voorziening in de financiële gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid van mensen die geen aanspraak kunnen maken op de WAO/WIA omdat er geen arbeidsverleden is opgebouwd.
Dit zijn mensen die arbeidsongeschikt zijn voor de dag dat zij 17 jaar worden of na hun 17e jaar arbeidsongeschikt worden en een opleiding of studie volgen.

Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong)
Met ingang van 1 januari 2010 is de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong) in werking getreden.
In tegenstelling tot de 'oude' Wajong hebben jongeren met een ziekte of handicap in de eerste plaats recht op hulp bij het vinden en houden van werk. Daaraan gekoppeld kunnen ze een inkomensondersteuning krijgen.
De 'oude' Wajong blijft gelden voor jongeren die voor 1 januari 2010 een uitkering hebben aangevraagd.

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA)
De wet geeft werknemers die na een wachttijd van twee jaar nog minstens 35 procent arbeidsongeschikt zijn, recht op een uitkering.
De wet is zo opgezet dat een persoon gestimuleerd wordt om naar vermogen te werken.
De WIA kent twee regelingen: de regeling inkomensvoorziening volledig arbeidsongeschikten (IVA) en de regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA).
De IVA regelt een loonvervangende uitkering voor werknemers die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn.
De WGA regelt een aanvulling op het met arbeid verdiende inkomen of een minimumuitkering als men niet of onvoldoende werkt.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.
Personen per soort uitkering; WW
Personen die een uitkering ontvangen op grond van de Werkloosheidswet (WW).

Werkloosheidswet (WW)
De wet heeft tot doel werknemers te verzekeren tegen de financiële gevolgen van werkloosheid.
De wet voorziet in een uitkering die gerelateerd is aan het laatstverdiende inkomen uit dienstbetrekking.
De duur van de uitkering is afhankelijk van het arbeidsverleden van de verzekerde. Het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) beoordeelt of men voor een WW-uitkering in aanmerking komt.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.
Personen per soort uitkering; AOW
Personen die een basispensioen van de Rijksoverheid ontvangen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW).

Algemene Ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2021 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.

Na 2021, tussen 2022 en 2024, kan de AOW-leeftijd geleidelijk oplopen naar 67 jaar. Na 2024 wordt beoogd de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen dan de levensverwachting. Dit betekent dat elk jaar levenswinst wordt vertaald in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.