Regionale kerncijfers Nederland

Regionale kerncijfers Nederland

Regio's Perioden Bevolking Bevolkingssamenstelling op 1 januari Inwoners naar stedelijkheidsklasse Zeer sterk stedelijk (aantal) Bevolking Bevolkingssamenstelling op 1 januari Inwoners naar stedelijkheidsklasse Sterk stedelijk (aantal) Bevolking Bevolkingssamenstelling op 1 januari Inwoners naar stedelijkheidsklasse Matig stedelijk (aantal) Bevolking Bevolkingssamenstelling op 1 januari Inwoners naar stedelijkheidsklasse Weinig stedelijk (aantal) Bevolking Bevolkingssamenstelling op 1 januari Inwoners naar stedelijkheidsklasse Niet stedelijk (aantal)
Nederland 2026 4.714.670 4.470.290 3.026.300 2.976.850 2.942.100
Noord-Nederland (LD) 2026 217.160 204.260 265.090 380.240 707.840
Oost-Nederland (LD) 2026 400.620 980.920 823.120 836.910 796.960
West-Nederland (LD) 2026 3.520.680 2.352.170 1.167.760 954.850 706.270
Zuid-Nederland (LD) 2026 576.200 932.930 770.330 804.850 731.020
Groningen (PV) 2026 140.530 65.770 84.080 112.180 198.730
Fryslân (PV) 2026 61.270 75.250 90.340 150.330 288.010
Drenthe (PV) 2026 15.370 63.240 90.670 117.730 221.100
Overijssel (PV) 2026 161.400 273.260 222.370 282.830 262.510
Flevoland (PV) 2026 15.770 188.040 109.720 86.610 62.670
Gelderland (PV) 2026 223.450 519.630 491.040 467.460 471.780
Utrecht (PV) 2026 387.950 448.970 252.010 202.270 123.900
Noord-Holland (PV) 2026 1.363.370 739.240 376.590 308.360 221.820
Zuid-Holland (PV) 2026 1.745.420 1.092.270 489.140 338.500 217.380
Zeeland (PV) 2026 23.950 71.690 50.020 105.710 143.170
Noord-Brabant (PV) 2026 455.840 656.020 556.550 554.180 454.360
Limburg (PV) 2026 120.360 276.910 213.780 250.660 276.660
Oost-Groningen (CR) 2026 0 14.240 26.230 36.190 60.860
Delfzijl en omgeving (CR) 2026 0 1.370 11.550 11.530 20.390
Overig Groningen (CR) 2026 140.530 50.150 46.300 64.450 117.480
Noord-Friesland (CR) 2026 51.600 24.580 38.580 75.580 140.370
Zuidwest-Friesland (CR) 2026 3.330 17.170 23.430 29.780 69.060
Zuidoost-Friesland (CR) 2026 6.340 33.510 28.330 44.970 78.580
Noord-Drenthe (CR) 2026 11.620 19.120 36.400 50.100 80.850
Zuidoost-Drenthe (CR) 2026 0 16.140 33.570 40.150 81.910
Zuidwest-Drenthe (CR) 2026 3.740 27.980 20.700 27.490 58.340
Noord-Overijssel (CR) 2026 38.460 85.780 61.390 94.260 112.710
Zuidwest-Overijssel (CR) 2026 29.480 26.600 34.980 38.090 34.120
Twente (CR) 2026 93.460 160.880 126.000 150.480 115.690
Veluwe (CR) 2026 81.260 200.750 170.500 135.600 143.890
Achterhoek (CR) 2026 6.360 51.620 108.270 122.920 119.700
Arnhem/Nijmegen (CR) 2026 132.680 234.290 172.490 140.300 94.550
Zuidwest-Gelderland (CR) 2026 3.140 32.970 39.780 68.640 113.630
Utrecht (CR) 2026 387.950 448.970 252.010 202.270 123.900
Kop van Noord-Holland (CR) 2026 13.070 91.220 79.210 103.210 104.400
Alkmaar en omgeving (CR) 2026 52.570 91.190 55.650 35.500 23.960
IJmond (CR) 2026 66.830 70.000 35.080 23.970 7.620
Agglomeratie Haarlem (CR) 2026 148.070 54.800 11.700 16.370 6.390
Zaanstreek (CR) 2026 54.670 77.000 21.200 15.420 13.250
Groot-Amsterdam (CR) 2026 939.090 292.770 133.860 79.580 45.440
Het Gooi en Vechtstreek (CR) 2026 89.070 62.260 39.880 34.300 20.750
Agglomeratie Leiden en Bollenstreek (CR) 2026 151.320 179.300 62.840 31.450 24.540
Agglomeratie 's-Gravenhage (CR) 2026 644.530 187.990 59.240 24.930 11.110
Delft en Westland (CR) 2026 102.030 64.780 38.720 30.450 12.330
Oost-Zuid-Holland (CR) 2026 83.900 80.310 73.550 66.640 51.160
Groot-Rijnmond (CR) 2026 674.270 423.380 197.330 141.790 80.760
Zuidoost-Zuid-Holland (CR) 2026 89.370 156.500 57.470 43.230 37.480
Zeeuwsch-Vlaanderen (CR) 2026 0 9.500 17.680 31.810 47.540
Overig Zeeland (CR) 2026 23.950 62.190 32.340 73.900 95.630
West-Noord-Brabant (CR) 2026 121.960 171.700 137.600 138.700 88.160
Midden-Noord-Brabant (CR) 2026 112.990 119.130 97.970 99.100 84.660
Noordoost-Noord-Brabant (CR) 2026 57.580 161.940 144.280 163.780 158.230
Zuidoost-Noord-Brabant (CR) 2026 163.320 203.250 176.700 152.590 123.310
Noord-Limburg (CR) 2026 23.770 50.880 53.530 72.100 92.430
Midden-Limburg (CR) 2026 14.730 35.120 39.600 68.830 86.040
Zuid-Limburg (CR) 2026 81.860 190.910 120.660 109.740 98.200
Flevoland (CR) 2026 15.770 188.040 109.720 86.610 62.670
Aa en Hunze 2026 0 0 0 4.830 21.230
Aalburg 2026
Aalsmeer 2026 0 910 16.720 13.500 2.320
Aalten 2026 0 930 8.710 9.830 8.140
Ter Aar 2026
Aarle-Rixtel 2026
Abcoude 2026
Achtkarspelen 2026 0 0 0 12.940 15.310
Akersloot 2026
Alblasserdam 2026 0 11.450 4.880 3.640 280
Albrandswaard 2026 0 330 14.970 10.650 600
Alkemade 2026
Alkmaar 2026 44.300 44.960 9.760 6.000 8.170
Almelo 2026 9.260 27.400 23.100 10.630 4.790
Almere 2026 15.770 126.530 50.070 23.540 16.710
Alphen aan den Rijn 2026 45.240 19.880 22.760 17.830 11.570
Alphen en Riel 2026
Alphen-Chaam 2026 0 0 0 3.580 6.910
Altena 2026 0 0 8.140 17.770 33.030
Ambt Delden 2026
Ambt Montfort 2026
Ameland 2026 0 0 0 0 3.820
Amerongen 2026
Amersfoort 2026 53.080 81.550 18.780 8.500 1.860
Ammerzoden 2026
Amstelveen 2026 53.810 30.610 6.660 3.180 1.570
Amsterdam 2026 802.710 104.920 17.320 10.260 6.730
Andijk 2026
Angerlo 2026
Anloo 2026
Anna Paulowna 2026
Apeldoorn 2026 30.460 85.900 17.230 13.890 21.730
Appingedam 2026
Arcen en Velden 2026
Arnemuiden 2026
Arnhem 2026 54.210 78.320 25.040 11.570 2.690
Assen 2026 11.620 17.380 22.120 14.580 5.060
Asten 2026 0 3.170 5.810 3.870 4.640
Avereest 2026
Axel 2026
Baarle-Nassau 2026 0 0 0 3.680 3.580
Baarn 2026 1.410 13.350 6.950 2.100 1.620
Bakel en Milheeze 2026
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel zijn voor een groot aantal onderwerpen de belangrijkste statistische gegevens weergegeven voor diverse regionale indelingen.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1995.

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief tenzij is aangegeven in de toelichting bij 'perioden' of 'onderwerp' dat ze voorlopig of nader voorlopig zijn.

Wijzigingen per 30 juli 2026:

Bevolking - Bevolkingssamenstelling op 1 januari
De definitieve cijfers over 2026 zijn toegevoegd voor
Totale bevolking
Geslacht
Leeftijd
Burgerlijke staat

Er heeft een herontwerp plaatsgevonden binnen de categorie ‘Bevolkingssamenstelling op 1 januari’.
De onderwerpgroep ‘Migratieachtergrond’ is vervangen door een nieuwe onderwerpgroep ‘Bevolking naar herkomst’. Cijfers zijn beschikbaar vanaf 2022.
De onderwerpgroep ‘Leeftijd’ is vervangen door een nieuwe onderwerpgroep ‘Leeftijdsgroepen’. De indeling in leeftijdsgroepen is vernieuwd.
Uit de onderwerpgroep ‘Burgerlijke staat’ is verwijderd: ‘Bevolking 15 jaar en ouder’.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
September 2026.

Toelichting onderwerpen

Bevolking
De geregistreerde bevolking van Nederland.
Bevolkingssamenstelling op 1 januari
Bevolking:
De inwoners van een bepaald gebied.

In de bevolkingsaantallen zijn uitsluitend personen begrepen die zijn opgenomen in het bevolkingsregister van een Nederlandse gemeente. In principe wordt iedereen die voor onbepaalde tijd in Nederland woont, opgenomen in het bevolkingsregister van de woongemeente. Personen die tot de bevolking van Nederland behoren, maar voor wie geen vaste woonplaats valt aan te wijzen, zijn opgenomen in het bevolkingsregister van de gemeente 's-Gravenhage. In de bevolkingsregisters zijn niet opgenomen de in Nederland wonende personen waarvoor uitzonderingsregels gelden met betrekking tot opneming in de bevolkingsregisters (bijvoorbeeld diplomaten en NAVO militairen) en personen die niet legaal in Nederland verblijven.
Inwoners naar stedelijkheidsklasse
Inwoners naar stedelijkheid op 1 januari afgerond op tientallen. De som van de afgeronde getallen is hierdoor niet altijd gelijk aan de afgeronde som.

De stedelijkheid is een maat voor de concentratie van menselijke activiteiten (zoals wonen, werken, schoolgaan, winkelen en uitgaan) en gebaseerd op de gemiddelde omgevingsadressendichtheid (OAD).

Vanaf 2015 is gebruik gemaakt van de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) als bron voor de OAD. Hiervoor werd het Geografisch Basisregister (GBR) als bron gebruikt. Deze bronwijziging veroorzaakt een trendbreuk in de cijfers ten opzichte van 2014. De veranderingen die te maken hebben met deze bronwijziging betreffen onder andere:
- De objecten zijn nu grondslag en niet de adressen. De BAG bevat vaak meer objecten dan er voorheen adressen waren;
- Van alle objecten is nu direct al de exacte geografische locatie bekend. Voorheen was die van een groot aantal nieuwe adressen nog niet bekend;
- Veel gemeenten voeren nu alle recreatiewoningen op. Wanneer deze dicht bij de kern liggen verhogen ze de OAD.

Voor de berekening van de gemiddelde OAD wordt eerst voor ieder adres de OAD vastgesteld. Dat is het aantal adressen binnen een cirkel met een straal van één kilometer rondom een adres, gedeeld door de oppervlakte van de cirkel. De OAD wordt uitgedrukt in adressen per km².
Daarna is het gemiddelde berekend van de omgevingsadressendichtheid van alle afzonderlijke adressen binnen het beschouwde gebied. De hier gebruikte OAD komt overeen met de definitieve OAD in de StatLine-publicatie Maatstaven Financiële-verhoudingswet (Fvw).
De definitieve OAD wordt gebruikt voor de vaststelling van de definitieve uitkering voor het Gemeentefonds, dus inclusief gemeentelijke herindelingen, grenscorrecties, sloop en nieuwe adressen.
Voor de berekening per gemeente (of bijvoorbeeld provincie) van het aantal inwoners naar stedelijkheidsklasse wordt per vierkant van 500 bij 500 m aan de hand van de gemiddelde OAD van dat vierkant de stedelijkheidsklasse bepaald. Vervolgens zijn per categorie van de stedelijkheidsklasse de inwoners van de betreffende gemeente samengeteld.

Er worden vijf categorieën onderscheiden:
- zeer sterk stedelijk: gemiddelde OAD van 2 500 of meer adressen per km²;
- sterk stedelijk: gemiddelde OAD van 1 500 tot 2 500 adressen per km²;
- matig stedelijk: gemiddelde OAD van 1 000 tot 1 500 adressen per km²;
- weinig stedelijk: gemiddelde OAD van 500 tot 1 000 adressen per km²;
- niet stedelijk: gemiddelde OAD van minder dan 500 adressen per km².
Zeer sterk stedelijk
Gebied met een omgevingsadressendichtheid groter of gelijk aan 2 500 adressen per vierkante kilometer.
Sterk stedelijk
Gebied met een omgevingsadressendichtheid groter of gelijk aan 1 500 en kleiner dan 2 500 adressen per vierkante kilometer.
Matig stedelijk
Gebied met een omgevingsadressendichtheid groter of gelijk aan 1 000 en kleiner dan 1 500 adressen per vierkante kilometer.
Weinig stedelijk
Gebied met een omgevingsadressendichtheid groter of gelijk aan 500 en kleiner dan 1 000 adressen per vierkante kilometer.
Niet stedelijk
Gebied met een omgevingsadressendichtheid kleiner dan 500 adressen per vierkante kilometer.