Regionale kerncijfers Nederland

Regionale kerncijfers Nederland

Regio's Perioden Sociale zekerheid Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd Bijstand(gerelateerd) tot AOW-leeftijd (aantal) Sociale zekerheid Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd Bijstand(gerelateerd) vanaf AOW-leeftijd (aantal) Sociale zekerheid Uitkeringsontvangers per soort uitkering Bijstand en bijstandsgerelateerd Bijstand tot de AOW-leeftijd (aantal)
Nederland 2025 445.120 63.830 408.990
Noord-Nederland (LD) 2025 49.770 3.600 45.740
Oost-Nederland (LD) 2025 85.710 10.590 78.800
West-Nederland (LD) 2025 228.860 39.710 209.600
Zuid-Nederland (LD) 2025 80.490 9.860 74.700
Groningen (PV) 2025 19.780 1.470 18.460
Fryslân (PV) 2025 18.380 1.150 16.880
Drenthe (PV) 2025 11.610 980 10.400
Overijssel (PV) 2025 28.320 3.870 26.290
Flevoland (PV) 2025 10.520 1.600 9.540
Gelderland (PV) 2025 46.870 5.120 42.980
Utrecht (PV) 2025 29.170 4.110 26.990
Noord-Holland (PV) 2025 77.440 14.470 69.810
Zuid-Holland (PV) 2025 114.770 20.330 105.770
Zeeland (PV) 2025 7.490 800 7.030
Noord-Brabant (PV) 2025 53.180 6.430 49.160
Limburg (PV) 2025 27.310 3.430 25.530
Oost-Groningen (CR) 2025 4.160 270 3.890
Delfzijl en omgeving (CR) 2025 1.380 100 1.300
Overig Groningen (CR) 2025 14.240 1.110 13.270
Noord-Friesland (CR) 2025 10.350 640 9.470
Zuidwest-Friesland (CR) 2025 3.100 170 2.860
Zuidoost-Friesland (CR) 2025 4.930 340 4.550
Noord-Drenthe (CR) 2025 4.340 340 3.710
Zuidoost-Drenthe (CR) 2025 4.600 390 4.200
Zuidwest-Drenthe (CR) 2025 2.680 260 2.490
Noord-Overijssel (CR) 2025 8.160 720 7.460
Zuidwest-Overijssel (CR) 2025 3.890 360 3.590
Twente (CR) 2025 16.270 2.790 15.240
Veluwe (CR) 2025 12.220 1.280 11.110
Achterhoek (CR) 2025 7.360 620 6.670
Arnhem/Nijmegen (CR) 2025 23.580 2.780 21.720
Zuidwest-Gelderland (CR) 2025 3.720 440 3.480
Utrecht (CR) 2025 29.170 4.110 26.990
Kop van Noord-Holland (CR) 2025 6.240 750 5.820
Alkmaar en omgeving (CR) 2025 4.830 630 4.440
IJmond (CR) 2025 4.150 450 3.970
Agglomeratie Haarlem (CR) 2025 4.690 630 4.320
Zaanstreek (CR) 2025 4.170 550 3.920
Groot-Amsterdam (CR) 2025 48.840 10.920 43.150
Het Gooi en Vechtstreek (CR) 2025 4.510 550 4.190
Agglomeratie Leiden en Bollenstreek (CR) 2025 7.570 990 7.030
Agglomeratie 's-Gravenhage (CR) 2025 32.500 6.540 29.180
Delft en Westland (CR) 2025 4.960 870 4.670
Oost-Zuid-Holland (CR) 2025 6.170 800 5.860
Groot-Rijnmond (CR) 2025 54.410 9.940 50.550
Zuidoost-Zuid-Holland (CR) 2025 9.160 1.200 8.490
Zeeuwsch-Vlaanderen (CR) 2025 1.770 250 1.680
Overig Zeeland (CR) 2025 5.720 550 5.350
West-Noord-Brabant (CR) 2025 14.640 1.640 13.650
Midden-Noord-Brabant (CR) 2025 11.560 1.220 10.550
Noordoost-Noord-Brabant (CR) 2025 11.010 1.480 10.300
Zuidoost-Noord-Brabant (CR) 2025 15.970 2.100 14.670
Noord-Limburg (CR) 2025 5.970 710 5.500
Midden-Limburg (CR) 2025 4.520 690 4.240
Zuid-Limburg (CR) 2025 16.820 2.030 15.790
Flevoland (CR) 2025 10.520 1.600 9.540
Aa en Hunze 2025 410 30 360
Aalburg 2025
Aalsmeer 2025 370 50 350
Aalten 2025 370 30 360
Ter Aar 2025
Aarle-Rixtel 2025
Abcoude 2025
Achtkarspelen 2025 620 40 570
Akersloot 2025
Alblasserdam 2025 430 40 410
Albrandswaard 2025 500 40 360
Alkemade 2025
Alkmaar 2025 2.760 400 2.540
Almelo 2025 2.630 560 2.480
Almere 2025 6.080 1.020 5.480
Alphen aan den Rijn 2025 1.940 250 1.830
Alphen en Riel 2025
Alphen-Chaam 2025 90 10 90
Altena 2025 690 40 650
Ambt Delden 2025
Ambt Montfort 2025
Ameland 2025 10 0 10
Amerongen 2025
Amersfoort 2025 3.880 620 3.490
Ammerzoden 2025
Amstelveen 2025 1.300 290 1.250
Amsterdam 2025 41.020 9.500 35.770
Andijk 2025
Angerlo 2025
Anloo 2025
Anna Paulowna 2025
Apeldoorn 2025 4.130 420 3.620
Appingedam 2025
Arcen en Velden 2025
Arnemuiden 2025
Arnhem 2025 7.810 1.150 7.210
Assen 2025 2.290 220 2.010
Asten 2025 200 10 190
Avereest 2025
Axel 2025
Baarle-Nassau 2025 100 10 60
Baarn 2025 420 50 360
Bakel en Milheeze 2025
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel zijn voor een groot aantal onderwerpen de belangrijkste statistische gegevens weergegeven voor diverse regionale indelingen.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1995.

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief tenzij is aangegeven in de toelichting bij 'perioden' of 'onderwerp' dat ze voorlopig of nader voorlopig zijn.

Wijzigingen per 6 maart 2026:

Onderwijs
Er heeft een herontwerp plaatsgevonden van de onderwerpen binnen de categorie ‘Onderwijs’.

Onder ‘Naar woongemeente - Leerlingen/studenten’ is toegevoegd: ‘Basisonderwijs’, ‘Voortgezet algemeen volwassenenonderwijs’.
Onder ‘Naar woongemeente - Leerlingen/studenten’ is samengevoegd: ‘Beroepsopleidende leerweg’ en ‘Beroepsbegeleidende leerweg’ tot ‘Middelbaar beroepsonderwijs’.

Onder ‘Naar woongemeente - Gediplomeerden’ is toegevoegd: ‘Voortgezet algemeen volwassenenonderwijs’.
Onder ‘Naar woongemeente - Gediplomeerden’ is gewijzigd: ‘Wo master/doctoraal’ naar ‘Wetenschappelijk onderwijs master’.

De categorie ‘Hoogstbehaald onderwijsniveau’ is toegevoegd, met daaronder:
‘Basisonderwijs, vmbo, mbo1’
‘Havo, vwo, mbo2-4’
‘Hbo, wo’

Onderwijs naar woongemeente - Leerlingen/studenten
De cijfers van 2023 en 2024 zijn toegevoegd.

Onderwijs naar woongemeente - Gediplomeerden
De cijfers van 2022 en 2023 zijn toegevoegd.

Bevolkingsontwikkeling - Doodsoorzaken
De cijfers van 2024 zijn bijgesteld.

Sociale zekerheid
De cijfers van 2025 zijn bijgesteld.

Milieu en bodemgebruik - Afval van huishoudens
De cijfers van 2024 zijn toegevoegd. De cijfers van 2021, 2022 en 2023 zijn bijgesteld.

Verkeer en vervoer - Lengte van wegen
De cijfers van 2025 zijn toegevoegd. De cijfers van 2024 en 2023 zijn bijgesteld.

Bodemgebruik - Naar functie
De cijfers van 2020 en 2022 zijn toegevoegd.


Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Juni 2026.

Toelichting onderwerpen

Sociale zekerheid
Uitkeringsontvangers per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en AOW-uitkeringen.

De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.
Cijfers over het aantal personen met een AOW-uitkering zijn vanaf 2013 toegevoegd.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering. In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.
Bijstand en bijstandsgerelateerd
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de bijstandswet of bijstandsgerelateerde wet.

De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

Vanaf 1 januari 2015 is de Wet werk en bijstand opgegaan in de Participatiewet. Een ieder die kan werken maar daarbij ondersteuning nodig heeft, valt sinds 1 januari 2015 onder de Participatiewet.

Bijstandsgerelateerde wetten zijn de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz).
Personen met een uitkering in het kader van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) zijn uitsluitend opgenomen in het totaal aantal personen dat een bijstandsuitkering of bijstandsgerelateerde uitkering ontvangt.

Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz):
Het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) is ingesteld om een zelfstandige tijdelijk een uitkering te verstrekken totdat hij weer in zijn eigen levensbehoeften kan voorzien.
Degenen die in aanmerking komen voor het Bbz zijn gevestigde zelfstandigen die tijdelijk in financiële problemen verkeren, of startende zelfstandigen.
Daarnaast biedt het Bbz ook hulp aan oudere zelfstandigen met een niet-levensvatbaar bedrijf of hulp wanneer zelfstandigen hun bedrijf willen beëindigen.
Bijstand(gerelateerd) tot AOW-leeftijd
Het aantal personen tot de AOW-gerechtigde leeftijd dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet (PW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), de Wet werk en inkomen kunstenaars (WWIK) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz).

De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is:
Tot 2013: 65 jaar.
Vanaf 2013: gekoppeld aan de levensverwachting,
Bijstand(gerelateerd) vanaf AOW-leeftijd
Het aantal personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet.

De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is:
Tot 2013: 65 jaar.
Vanaf 2013: gekoppeld aan de levensverwachting,
Bijstand tot de AOW-leeftijd
Het aantal personen tot de AOW-gerechtigde leeftijd dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet. Ingaande 1 januari 2015 is de Wet werk en bijstand opgegaan in de Participatiewet. Een ieder die kan werken maar daarbij ondersteuning nodig heeft, valt sinds 1 januari 2015 onder de Participatiewet.

De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagperiode.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is:
Tot 2013: 65 jaar.
Vanaf 2013: gekoppeld aan de levensverwachting,