Maatstaven Financiële-verhoudingswet (Fvw), regio, 2007 - 2023

Maatstaven Financiële-verhoudingswet (Fvw), regio, 2007 - 2023

Status cijfer Regio's Perioden Vastgoed Belastingcapaciteit woningen (mln euro) Vastgoed Belastingcapaciteit niet-woningen (mln euro) Vastgoed Amendement De Pater (mln euro) Bedrijfsvestigingen (aantal) Uitwonende studenten (aantal)
Voorlopig Nederland, Buitenland, Niet in te delen 2020
Voorlopig Nederland 2020 2.121.964 455.998 18.017 364.060
Voorlopig Buitenland 2020
Voorlopig Nederland; niet in te delen 2020
Voorlopig Noord-Nederland (LD) 2020 158.572 36.882 2.821 50.340
Voorlopig Oost-Nederland (LD) 2020 391.186 82.736 5.338 66.240
Voorlopig West-Nederland (LD) 2020 1.146.306 240.125 5.279 186.960
Voorlopig West-Nederland, exclusief G4 (LD) 2020
Voorlopig Zuid-Nederland (LD) 2020 425.900 96.255 4.579 60.530
Voorlopig Extra-Regio (LD) 2020
Voorlopig Buitenland (LD) 2020
Voorlopig Niet in te delen (LD) 2020
Voorlopig Groningen (PV) 2020 51.297 13.706 761 36.170
Voorlopig Fryslân (PV) 2020 60.164 13.431 1.148 10.750
Voorlopig Drenthe (PV) 2020 47.111 9.745 912 3.420
Voorlopig Overijssel (PV) 2020 116.485 27.207 2.112 21.090
Voorlopig Flevoland (PV) 2020 40.669 9.742 512 3.890
Voorlopig Gelderland (PV) 2020 234.032 45.787 2.714 41.270
Voorlopig Utrecht (PV) 2020 187.708 34.344 1.112 35.700
Voorlopig Noord-Holland (PV) 2020 471.720 93.644 1.730 60.150
Voorlopig Zuid-Holland (PV) 2020 444.173 100.959 1.631 88.500
Voorlopig Zeeland (PV) 2020 42.705 11.178 806 2.610
Voorlopig Noord-Brabant (PV) 2020 311.002 69.115 3.567 43.350
Voorlopig Limburg (PV) 2020 114.898 27.140 1.012 17.180
Voorlopig Extra-Regio (PV) 2020
Voorlopig Buitenland (PV) 2020
Voorlopig Niet in te delen (PV) 2020
Voorlopig Oost-Groningen (CR) 2020 9.971 2.472 225 620
Voorlopig Delfzijl en omgeving (CR) 2020 3.180 1.332 93 230
Voorlopig Overig Groningen (CR) 2020 38.146 9.902 443 35.320
Voorlopig Noord-Friesland (CR) 2020 28.079 6.418 509 8.460
Voorlopig Zuidwest-Friesland (CR) 2020 14.376 3.012 322 900
Voorlopig Zuidoost-Friesland (CR) 2020 17.709 4.001 317 1.390
Voorlopig Noord-Drenthe (CR) 2020 19.994 3.769 352 1.400
Voorlopig Zuidoost-Drenthe (CR) 2020 14.018 3.229 230 960
Voorlopig Zuidwest-Drenthe (CR) 2020 13.099 2.747 330 1.050
Voorlopig Noord-Overijssel (CR) 2020 38.813 9.765 663 5.340
Voorlopig Zuidwest-Overijssel (CR) 2020 16.400 3.181 264 2.200
Voorlopig Twente (CR) 2020 61.272 14.261 1.185 13.550
Voorlopig Veluwe (CR) 2020 83.380 17.118 987 12.550
Voorlopig Achterhoek (CR) 2020 42.238 8.706 859 2.010
Voorlopig Arnhem/Nijmegen (CR) 2020 82.156 14.643 377 25.670
Voorlopig Zuidwest-Gelderland (CR) 2020 26.258 5.320 491 1.040
Voorlopig Utrecht (CR) 2020 187.708 34.344 1.112 35.700
Voorlopig Kop van Noord-Holland (CR) 2020 40.461 8.632 599 1.670
Voorlopig Alkmaar en omgeving (CR) 2020 33.076 5.877 166 1.660
Voorlopig IJmond (CR) 2020 25.709 3.767 73 1.120
Voorlopig Agglomeratie Haarlem (CR) 2020 44.744 4.868 167 3.130
Voorlopig Zaanstreek (CR) 2020 19.635 3.462 48 1.250
Voorlopig Groot-Amsterdam (CR) 2020 261.426 61.768 512 49.200
Voorlopig Het Gooi en Vechtstreek (CR) 2020 46.669 5.270 165 2.130
Voorlopig Agglomeratie Leiden en Bollenstreek (CR) 2020 63.313 9.686 291 15.540
Voorlopig Agglomeratie 's-Gravenhage (CR) 2020 115.910 19.876 289 20.160
Voorlopig Delft en Westland (CR) 2020 28.991 7.583 136 15.260
Voorlopig Oost-Zuid-Holland (CR) 2020 38.714 6.934 300 2.560
Voorlopig Groot-Rijnmond (CR) 2020 159.748 48.512 446 32.520
Voorlopig Zuidoost-Zuid-Holland (CR) 2020 37.497 8.368 169 2.460
Voorlopig Zeeuwsch-Vlaanderen (CR) 2020 11.729 3.290 221 260
Voorlopig Overig Zeeland (CR) 2020 30.976 7.888 585 2.350
Voorlopig West-Noord-Brabant (CR) 2020 74.426 18.089 806 9.170
Voorlopig Midden-Noord-Brabant (CR) 2020 54.277 12.946 578 13.500
Voorlopig Noordoost-Noord-Brabant (CR) 2020 82.578 16.409 1.147 5.650
Voorlopig Zuidoost-Noord-Brabant (CR) 2020 99.721 21.671 1.036 15.020
Voorlopig Noord-Limburg (CR) 2020 29.653 8.027 377 1.620
Voorlopig Midden-Limburg (CR) 2020 25.929 5.755 275 1.120
Voorlopig Zuid-Limburg (CR) 2020 59.316 13.358 360 14.430
Voorlopig Flevoland (CR) 2020 40.669 9.742 512 3.890
Voorlopig Extra-Regio (CR) 2020
Voorlopig Buitenland (CR) 2020
Voorlopig Niet in te delen (CR) 2020
Voorlopig Geen stadsgewest (SG) 2020
Voorlopig Groningen (SG) 2020
Voorlopig Leeuwarden (SG) 2020
Voorlopig Zwolle (SG) 2020
Voorlopig Enschede (SG) 2020
Voorlopig Apeldoorn (SG) 2020
Voorlopig Arnhem (SG) 2020
Voorlopig Nijmegen (SG) 2020
Voorlopig Amersfoort (SG) 2020
Voorlopig Utrecht (SG) 2020
Voorlopig Amsterdam (SG) 2020
Voorlopig Haarlem (SG) 2020
Voorlopig Leiden (SG) 2020
Voorlopig 's-Gravenhage (SG) 2020
Voorlopig Rotterdam (SG) 2020
Voorlopig Dordrecht (SG) 2020
Voorlopig Breda (SG) 2020
Voorlopig Tilburg (SG) 2020
Voorlopig 's-Hertogenbosch (SG) 2020
Voorlopig Eindhoven (SG) 2020
Voorlopig Geleen/Sittard (SG) 2020
Voorlopig Heerlen (SG) 2020
Voorlopig Maastricht (SG) 2020
Voorlopig Buitenland (SG) 2020
Voorlopig Niet in te delen (SG) 2020
Voorlopig Geen grootstedelijke agglomeratie (GA) 2020
Voorlopig Groningen (GA) 2020
Voorlopig Leeuwarden (GA) 2020
Voorlopig Zwolle (GA) 2020
Voorlopig Enschede (GA) 2020
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens die mede als grondslag dienen bij het bepalen van de hoogte van de Algemene Uitkeringen aan gemeenten en provincies.
Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bepaalt deze uitkeringen aan gemeenten en provincies aan de hand van verdeelmodellen. De hiervoor gebruikte eenheden die het CBS levert voor de definitieve en voorlopige cijfers van de maatstaven worden beschreven in de 'Toelichting op de berekeningen van de uitkeringen uit het gemeentefonds 1997 e.v. jaren', uitgave Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Het aantal inwoners in stedelijke en landelijke gebieden wordt berekend ten behoeve van het verdeelstelsel gehanteerd door het Provinciefonds. Dit verdeelstelsel is op 1 januari 1998 in werking getreden (Staatsblad, 1997, 526).

Met ingang van verslagjaar 2016 worden er door CBS geen gegevens meer gepubliceerd over grootstedelijke agglomeraties en stadsgewesten.
Door diverse maatschappelijke ontwikkelingen zijn de filosofie en methode die ten grondslag liggen aan de afbakening niet langer actueel.
Daarnaast blijkt dat andere instanties, afhankelijk van het toepassingsgebied, een afwijkende indeling van grootstedelijke agglomeraties en stadsgewesten hanteren, waardoor er niet meer gesproken kan worden van één standaard.

De herindeling van gemeenten Amsterdam en Weesp tot de nieuwgevormde gemeente Amsterdam vond plaats op 24 maart 2022.
In de “Wet van 9 juni 2021 tot herindeling van de gemeenten Amsterdam en Weesp” wordt bij berekening van de Algemene Uitkering afgeweken van de ingangsdatum van herindeling en uitgegaan van nieuwvorming van Amsterdam per 1 januari 2022.
In deze tabel wordt daarom uitgegaan van nieuwvorming van de gemeente Amsterdam per 1 januari 2022 en wordt het grondgebied van Weesp toegevoegd aan COROP 23 in plaats van COROP 24.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2007.

Status van de cijfers:
Er worden zowel voorlopige als definitieve cijfers gepubliceerd.

De onderwerpen: belastingcapaciteit woningen, belastingcapaciteit niet-woningen en amendement De Pater kunnen door nagekomen berichten ondanks de status definitief alsnog worden aangepast.

Wijzigingen per december 2024:
Definitieve gegevens 2023
- Uitwonende studenten
Definitieve gegevens 2022
- Belastingcapaciteit woningen
- Belastingcapaciteit niet-woningen
- Amendement De Pater
- Bedrijfsvestigingen


Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Nieuwe cijfers worden onregelmatig gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Vastgoed
De volgende cijfers zijn opgenomen;
- De voorraadcijfers uit de BAG, uitgesplitst naar woningen, woningen met logies en utiliteit (niet-woningen) met logies.
- De belastingcapaciteit van WOZ-objecten woningen en niet-woningen en de waardevermindering op de niet-woningen. Door nagekomen berichten van gemeenten kunnen deze cijfers ondanks de status definitief alsnog worden aangepast.

Met ingang van 2024 wordt de belastingcapaciteit woningen en niet-woningen bepaald volgens een nieuw proces. In dit nieuwe proces blijft de wijze van berekening van de variabelen hetzelfde, maar worden de onderliggende, ontbrekende WOZ-waarden op verbeterde wijze ingeschat. Dit kan bij sommige gemeenten leiden tot grotere verschillen t.o.v. van voorgaande jaren, dan uitsluitend op basis van de waardeontwikkeling verwacht zou worden.
Belastingcapaciteit woningen
De belastingcapaciteit wordt bepaald aan de hand van de som van de in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) vastgestelde waarden van de objecten waarover door de gemeente onroerendezaakbelasting (OZB) kan worden geheven. Woningen betreffen de onroerende zaken die tot woning dienen, bedoeld in artikel 220, onderdeel b, van de Gemeentewet.
In de belastingcapaciteit worden ook meegenomen de waarden van de objecten waarvan de gemeenten op vrijwillige basis vrijstelling van OZB verlenen.

WOZ-objecten woningen worden onderscheiden in:
- Woning dienend tot hoofdverblijf (WOZ-objectcode 10)
- Woning met praktijkruimte (WOZ-objectcode 11)
- Recreatiewoningen en overige woningen (WOZ-objectcode 12)

De waardepeildatum verslagjaar 2007 is 1 januari 2005.
De waardepeildatum verslagjaar 2008 is 1 januari 2007.
Vanaf 2008 worden onroerende goederen getaxeerd naar de waarde van 1 januari van het voorgaande jaar.


Belastingcapaciteit niet-woningen
De belastingcapaciteit wordt bepaald aan de hand van de som van de in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) vastgestelde waarden van de objecten waarover door de gemeente onroerendezaakbelasting (OZB) kan worden geheven. Niet-woningen zijn de overige onroerende goederen waarin in hoofdzaak bedrijfsmatige activiteiten worden uitgevoerd. In de belastingcapaciteit worden ook meegenomen de waarden van de objecten waarvan de gemeenten op vrijwillige basis vrijstelling van OZB verlenen.

WOZ-objecten niet-woningen worden onderscheiden in:
- Boerderijen (WOZ-objectcode 20)
- Niet-woningen deels in gebruik als woning (WOZ-objectcode 21)
- Niet-woningen (WOZ-objectcode 30)
- Uitgezonderd gebouwd object (WOZ-objectcode 31)
- Terreinen (WOZ-objectcode 40)

De waardepeildatum verslagjaar 2007 is 1 januari 2005.
De waardepeildatum verslagjaar 2008 is 1 januari 2007.
Vanaf 2008 worden onroerende goederen getaxeerd naar de waarde van 1 januari van het voorgaande jaar.
Amendement De Pater
Het bedrag waarmee de belastingcapaciteit voor niet-woningen verminderd moet worden in verband met het buiten aanmerking laten van het woondeel bij gemengde panden.
Het amendement De Pater-van der Meer beoogt huishoudens met een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, te laten profiteren van de afschaffing van het gebruikersdeel op woningen, in het kader van de Wet 'Afschaffing gebruikersdeel OZB op woningen'.
Bedrijfsvestigingen
Totaal aantal vestigingen van bedrijven.

Vestiging: Elke afzonderlijk gelegen ruimte, terrein of complex van ruimten of terreinen, benut door een onderneming voor de uitoefening van de activiteiten.
Iedere onderneming bestaat uit ten minste één vestiging.

Van dit onderdeel worden alleen definitieve cijfers gebruikt.
Uitwonende studenten
Uitwonende studenten (WO en HBO)

Voor deze indicator wordt naar de positie in het huishouden volgens de Basisregistratie personen (BRP) gekeken om te bepalen of iemand thuis- of uitwonend is. Personen die op hun ouderlijk adres staan ingeschreven in de BRP krijgen de positie van kind in het huishouden toegewezen. Personen die niet op hun ouderlijk adres staan ingeschreven krijgen een andere positie in het huishouden, dit geldt dan als uitwonend. Vervolgens wordt gekeken of de persoon een inschrijving in het hoger onderwijs (bestaande uit WO en HBO) heeft om te bepalen of hij of zij een student is.