Verdeling: Samenvatting
Om de informatie over de verdeling van de brede welvaart verder uit te diepen, is voor dertien brede welvaartsindicatoren allereerst nagegaan hoe de verdeling over groepen is, waarbij groepen zijn samengesteld op basis van geslacht, leeftijd, onderwijsniveau en herkomst. Daarnaast is op individueel niveau onderzocht of en in welke mate stapeling van gunstige en ongunstige uitkomsten op de brede welvaartsaspecten optreedt bij personen uit die groepen.
Geslacht:
- Tussen en mannen en vrouwen zijn er op een aantal indicatoren verschillen. Deze zijn niet heel groot, maar duidelijk is wel dat de brede welvaart voor mannen iets gunstiger dan gemiddeld en voor vrouwen juist wat minder gunstig.
- Sinds 2019 is er zowel voor mannen als vrouwen weinig veranderd in de brede welvaart. Bij mannen is alleen het institutioneel vertrouwen iets gedaald. Bij vrouwen is alleen de tevredenheid met werk gedaald.
Leeftijd:
- Het beeld van brede welvaart is het minst gunstig voor jongste leeftijdsgroepen tot 35 jaar. De brede welvaart is gunstiger voor 55- tot 65-jarigen.
- Ten opzichte van 2019 is het beeld van de brede welvaart ongunstiger voor de leeftijdsgroepen tot 55 jaar. Bij mensen jonger dan 25 jaar is de ontwikkeling het minst gunstig. De ontwikkeling is juist relatief gunstig bij 55- tot 65-jarigen.
Onderwijsniveau:
- Er zijn relatief grote verschillen in brede welvaart tussen hbo’ers en universitair geschoolden aan de ene kant (hoge brede welvaart) en mensen met basisonderwijs of een vmbo-diploma aan de andere kant (lagere brede welvaart).
- Hbo’ers en universitair geschoolden hebben meer ongunstige dan gunstige ontwikkelingen sinds 2019.
Herkomst:
- Mensen met een Nederlandse herkomst hebben een relatief hoge brede welvaart en ook een relatief gunstige ontwikkeling ten opzichte van 2019.
- Migranten van buiten Europa hebben meer ongunstige dan gunstige ontwikkelingen ten opzichte van 2019.
Stapeling:
- Bij hbo’ers en universitair geschoolden stapelen gunstige uitkomsten veel vaker dan bij mensen met een vmbo-diploma of daarmee vergelijkbaar, bij die laatste stapelen ongunstige uitkomsten juist vaak.
- Ook naar leeftijd en herkomst zijn er behoorlijke verschillen in stapeling. Zo komt een stapeling van ongunstige uitkomsten relatief vaak voor onder 65- tot 75-jarigen.
- Verder zitten mensen met een Nederlandse herkomst relatief vaak aan de bovenkant van de verdeling van gunstige uitkomsten en juist niet vaak aan de onderkant. De tweede generatie met een Europese herkomst bevindt zich ook relatief vaak aan de bovenkant van de verdeling. In deze groep zitten echter tegelijkertijd beduidend meer mensen met een ongunstige stapeling dan onder mensen met een Nederlandse herkomst. Migranten van buiten Europa zitten duidelijk vaker onderin en minder vaak bovenin de verdeling.
Samenvattend beeld
De analyses van de verdeling van de brede welvaart leveren voor de geselecteerde thema’s en indicatoren inzicht in de situatie in 2025 (en voor inkomen, vermogen en de woonquote 2024), en in de ontwikkeling sinds 2019 voor bevolkingsgroepen naar geslacht, leeftijd, onderwijsniveau en herkomst. Daarnaast brengen de analyses in beeld of en hoe gunstige en ongunstige uitkomsten zich stapelen bij individuen en wat de kenmerken van die individuen zijn.
| Thema | Indicator voor verdeling | CES-thema |
|---|---|---|
| Subjectief welzijn | Tevredenheid met het leven | subjectief welzijn (HWB1) |
| Materiële welvaart | Gestandaardiseerd besteedbaar inkomen | consumptie en inkomen (HWB2) |
| Vermogen | consumptie en inkomen (HWB2) | |
| Gezondheid | Ervaren gezondheid | gezondheid (HWB4) |
| Arbeid en vrije tijd | Nettoarbeidsparticipatie | arbeid (HWB5) |
| Tevredenheid met werk | arbeid (HWB5) | |
| Tevredenheid met vrije tijd | vrije tijd (HWB8) | |
| Wonen | Woonquote | wonen (HWB7) |
| Samenleving | Vrijwilligerswerk | vertrouwen (HWB13) |
| Vertrouwen in mensen | vertrouwen (HWB13) | |
| Vertrouwen in instituties | instituties (HWB14) | |
| Veiligheid | Slachtofferschap van criminaliteit | fysieke veiligheid (HWB9) |
| Milieu | Last van milieuproblemen in woonomgeving | land en ecosystemen (HWB10), water (HWB11), luchtkwaliteit (HWB12) |
Indicatoren in 2025 en ontwikkelingen ten opzichte van 2019
Op basis van de geselecteerde indicatoren blijkt dat de brede welvaart vooral sterk samenhangt met herkomst, onderwijsniveau en in iets mindere mate met leeftijd. Ook zijn er sinds 2019 op alle thema’s veranderingen zichtbaar. Deze waren voor vier thema’s gunstig (materiële welvaart, milieu, veiligheid en wonen) of overwegend gunstig (werk en vrije tijd), voor één thema (samenleving) overwegend neutraal of ongunstig en voor twee thema’s was de ontwikkeling ongunstig (gezondheid en subjectief welzijn). Voor de verschillende bevolkingsgroepen is gekeken of de ontwikkeling op de diverse thema’s en indicatoren ten opzichte van 2019 gunstiger of ongunstiger was dan de gemiddelde ontwikkeling voor de gehele bevolking. Dit wordt hieronder per achtergrondkenmerk beschreven.
Ook als er geen significante gunstige/ongunstige ontwikkeling was ten opzichte van de algemene ontwikkeling, kan een cijfer sinds 2019 zijn veranderd. Dat geldt zowel voor de totaalcijfers als de cijfers per groep. De precieze cijfers, per verslagjaar, per indicator en per bevolkingsgroep zijn te vinden in Maatwerk Monitor Brede Welvaart 2026.
Geslacht: de verschillen tussen mannen en vrouwen zijn niet zo groot als tussen de andere bevolkingsgroepen, maar het beeld is voor mannen wel iets gunstiger dan voor vrouwen. Op twee thema’s is de uitkomst voor mannen gunstiger dan voor vrouwen. Op één thema zien we voor vrouwen een gunstiger uitkomst. Binnen het thema samenleving is het beeld wat diverser; op één indicator is er geen verschil, op één aspect hebben mannen een gunstige uitkomst en op het derde aspect is dat voor vrouwen het geval. Als rekening gehouden wordt met de samenhang van geslacht met leeftijd, onderwijsniveau en herkomst (standaardisatie), verandert er niets aan dit patroon.
Vergeleken met 2019 gebeurde er zowel bij mannen als vrouwen weinig. Wel was er binnen het thema werk, op de indicator tevredenheid met het werk, voor mannen een gunstiger ontwikkeling. Binnen het thema samenleving is het beeld voor vrijwilligerswerk bij mannen wat gunstiger geworden, terwijl er bij het vertrouwen in instituties juist voor vrouwen een gunstiger ontwikkeling is.
Leeftijd: het beeld voor de jongste groepen (jonger dan 25 jaar en 25 tot 35 jaar) is relatief vaak ongunstig. Voor de mensen tussen 55 en 65 jaar zijn er juist veel gunstige uitkomsten. Dit is het geval op vier van de acht thema’s, tegenover één thema waar deze leeftijdsgroep een ongunstiger beeld laat zien. Als rekening gehouden wordt met de samenhang van leeftijd met geslacht, onderwijsniveau en herkomst (standaardisatie) verandert het beeld enigszins. Op basis van de gestandaardiseerde cijfers verbetert het beeld vooral voor de 75-plussers; op het thema samenleving hebben zij dan niet langer een ongunstiger beeld dan gemiddeld. Bij de leeftijdsgroep van 25 tot 35 jaar treden juist enkele ongunstige verschuivingen op. Deze liggen beide op het gebied van vertrouwen.
Ten opzichte van 2019 was bij de leeftijdsgroepen tot 55 jaar en vooral bij de jongste leeftijdsgroep (tot 25 jaar) het aantal relatief ongunstige ontwikkelingen groter dan het aantal gunstige. Bij deze groepen nam de brede welvaart dus wat af. De groep 55- tot 65-jarigen zag juist veel relatief gunstige ontwikkelingen ten opzichte van 2019.
Onderwijsniveau: net als in eerdere edities van de Monitor Brede Welvaart & SDG’s zijn er opnieuw relatief grote verschillen naar onderwijsniveau. Mensen met basisonderwijs of een vmbo-diploma hebben op vijf van de acht thema’s een ongunstiger beeld dan gemiddeld en op één thema een gunstiger beeld. Bij hbo’ers en universitair opgeleiden is er op één thema een ongunstiger beeld dan gemiddeld, terwijl er op zes thema’s een gunstig beeld is. Als rekening gehouden wordt met de samenhang van onderwijsniveau met geslacht, leeftijd en herkomst wordt bovenstaand beeld nog wat versterkt. Het beeld voor mensen met basisonderwijs of een vmbo-diploma wordt nog iets minder gunstig en ook voor mensen met een havo-, vwo-, of mbo-diploma is het beeld op enkele aspecten wat minder gunstig. Voor hbo’ers en universitair geschoolden is het beeld juist nog net iets gunstiger.
Vergeleken met 2019 waren er voor mensen met basisonderwijs of een vmbo-diploma meer gunstige ontwikkelingen dan ongunstige. Bij hbo’ers en universitair geschoolden was het beeld juist ongunstig, met één relatief gunstige ontwikkeling tegenover zes ongunstige.
Herkomst: Bij mensen met een Nederlandse herkomst is het beeld heel duidelijk. Zij hebben op vijf thema’s een gunstige uitkomst, op twee thema’s een overwegend gunstige of neutrale uitkomst en op één thema was de uitkomst neutraal. Zij hebben op geen enkel thema een lager dan gemiddelde uitkomst. Bij mensen van de tweede generatie is het beeld veel ongunstiger. Dit is ook het geval bij migranten, vooral van buiten Europa. Als rekening gehouden wordt met de samenhang van herkomst met geslacht, leeftijd en onderwijsniveau blijft dit beeld grotendeels ongewijzigd.
De positie van mensen met een Nederlandse herkomst ontwikkelde zich ten opzichte van 2019 relatief gunstig, met twee thema’s en één indicator op een thema met drie indicatoren waarop een relatief gunstige ontwikkeling te zien was. Dit stond tegenover één thema (materiële welvaart) waarop, voor één van de twee indicatoren, een ongunstige ontwikkeling plaatsvond. Bij migranten van buiten Europa, was de ontwikkeling relatief iets minder gunstig; bij hen waren er op twee thema’s (materiële welvaart en wonen) wel gunstige ontwikkelingen, maar daar stonden op twee andere thema’s (arbeid en vrije tijd en samenleving), en daarbinnen op drie indicatoren, ongunstige ontwikkelingen tegenover.
Legenda
* De percentages zijn gebaseerd op gelijke weging van de 8 thema’s: elk thema telt voor 12,5% mee. Indicatoren verdelen dit gewicht gelijk binnen het thema: bij 1 indicator 12,5%, bij 2 indicatoren elk 6,25% en bij 3 indicatoren elk 4,2%.
| Categorie | Groep | Ontwikkeling | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Tevredenheid met het leven | Gest. besteedbaar inkomen | Vermogen | Ervaren gezondheid | Nettoarbeidsparticipatie | Tevredenheid met werk | Tevredenheid met vrije tijd | Woonquote | Vrijwilligerswerk | Vertrouwen in mensen | Vertrouwen in instituties | Slachtofferschap van criminaliteit | Last van milieuproblemen in woonomgeving | Hoger dan gemiddeld | Gemiddeld | Lager dan gemiddeld | |||
| Geslacht | Mannen | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Geen data | 2024: Geen data | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Geen data | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 25,0 | 33,3 | 16,7 |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Geen data | Geen data | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Geen data | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 12,5 | 58,3 | 4,2 | ||
| Vrouwen | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Geen data | 2024: Geen data | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Geen data | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 16,7 | 33,3 | 25,0 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Geen data | Geen data | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Geen data | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 4,2 | 62,5 | 8,3 | ||
| Leeftijd | Jonger dan 25 jaar | Meest recente jaar | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 20,8 | 20,8 | 58,3 |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Lager dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | 12,5 | 29,2 | 58,3 | ||
| 25 tot 35 jaar | Meest recente jaar | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 20,8 | 22,9 | 56,2 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 0,0 | 68,8 | 31,3 | ||
| 35 tot 45 jaar | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 14,6 | 45,8 | 39,6 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | 18,8 | 43,7 | 37,5 | ||
| 45 tot 55 jaar | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 33,3 | 50,0 | 16,7 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 12,5 | 72,9 | 14,6 | ||
| 55 tot 65 jaar | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 50,0 | 37,5 | 12,5 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | 37,5 | 56,2 | 6,2 | ||
| 65 tot 75 jaar | Meest recente jaar | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 43,8 | 35,4 | 20,8 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 29,2 | 64,6 | 6,2 | ||
| 75 jaar of ouder | Meest recente jaar | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Geen data | 2025: Geen data | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 47,9 | 0,0 | 43,7 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Geen data | Geen data | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 50,0 | 35,4 | 6,2 | ||
| Onderwijsniveau | Basisonderwijs, vmbo, mbo1 | Meest recente jaar | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 16,7 | 12,5 | 70,8 |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 8,3 | 72,9 | 18,8 | ||
| Havo, vwo, mbo-2-4 | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 16,7 | 75,0 | 8,3 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 22,9 | 68,8 | 8,3 | ||
| Hbo, wo | Meest recente jaar | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 70,8 | 16,7 | 12,5 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 12,5 | 54,2 | 33,3 | ||
| Herkomst | Geboren in NL, ouders in NL | Meest recente jaar | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 77,1 | 22,9 | 0,0 |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 29,2 | 64,6 | 6,2 | ||
| Geboren in NL, ouder(s) in Europa | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 0,0 | 58,3 | 41,7 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | 25,0 | 68,8 | 6,2 | ||
| Geboren in NL, ouder(s) buiten Europa | Meest recente jaar | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 16,7 | 18,8 | 64,6 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | 16,7 | 62,5 | 20,8 | ||
| Geboren in Europa (excl. NL) | Meest recente jaar | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Hoger dan het nationaal gemiddelde | 12,5 | 20,8 | 66,7 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | 25,0 | 68,7 | 6,2 | ||
| Geboren buiten Europa | Meest recente jaar | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2024: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 2025: Lager dan het nationaal gemiddelde | 2025: Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 0,0 | 16,7 | 83,3 | |
| Relatieve ontwikkeling ten opzichte van 2019 | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Hoger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Lager dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | Niet gunstiger of ongunstiger dan het nationaal gemiddelde | 25,0 | 62,5 | 12,5 | ||
| * De percentages zijn gebaseerd op gelijke weging van de 8 thema’s: elk thema telt voor 12,5% mee. Indicatoren verdelen dit gewicht gelijk binnen het thema: bij 1 indicator 12,5%, bij 2 indicatoren elk 6,25% en bij 3 indicatoren elk 4,2%. | ||||||||||||||||||
Stapeling
De stapelingsanalyse kijkt op individueel niveau hoe gunstige en ongunstige uitkomsten, gezien vanuit brede welvaart, zich opstapelen bij dezelfde personen en wat de kenmerken van die personen zijn. Daarbij komen negen indicatoren aan bod.
De bovenkant van de verdeling – de groep die bij zeven of meer indicatoren een gunstige brede welvaart heeft – bestaat uit 21,9 procent van de volwassen bevolking. Dit is het laagste aandeel sinds de start van de meting van de stapeling van indicatoren in 2019. De onderkant – drie of meer ongunstige uitkomsten – omvat 18,8 procent van de bevolking. De rest van de mensen (59,3 procent) vormt het midden van de verdeling. In vergelijking met 2019 is de groep aan de bovenkant van de verdeling wat kleiner geworden. Maar ook de groep aan de onderkant is in 2024 kleiner dan in 2019. Dat betekent dat er meer mensen in de middengroep (bij wie stapeling van gunstige of van ongunstige uitkomsten dus minder voorkomt) vallen. Tussen de bevolkingsgroepen zijn de volgende verschillen te zien:
Geslacht: tussen mannen en vrouwen is er een beperkt verschil in stapeling van gunstige uitkomsten. Mannen zitten daarbij iets vaker aan de bovenkant van de verdeling en vrouwen iets vaker aan de onderkant. Het aandeel mannen aan de bovenkant van de verdeling is gedaald, terwijl dat aandeel bij vrouwen niet veranderd is. Het aandeel aan de onderkant van de verdeling is bij mannen iets minder sterk gedaald dan bij vrouwen. Zowel bij mannen als vrouwen is de middengroep groter geworden ten opzichte van 2019.
Leeftijd: stapeling van gunstige uitkomsten komt relatief veel voor bij 18- tot 25-jarigen en bij 45- tot 65-jarigen en juist veel minder bij 65-plussers. Stapeling van ongunstige uitkomsten komt het vaakst voor onder 65- tot 75-jarigen. Ten opzichte van 2019 valt op dat in elke leeftijdsgroep de middengroep groter is geworden. Bij 18- tot 25-jarigen en bij 35- tot 45-jarigen komt dit vooral doordat de groep aan de bovenkant kleiner is geworden, terwijl onder 25- tot 35-jarigen ook de groep aan de onderkant van de verdeling minder groot is dan in 2019. Met name 65- tot 75-jarigen zitten vaker aan de bovenkant van de verdeling dan in 2019.
Onderwijsniveau: hier zijn relatief grote verschillen zichtbaar. Stapeling van gunstige uitkomsten komt het vaakst voor bij hbo’ers en universitair geschoolden en een stapeling van ongunstige uitkomsten is juist relatief vaak te zien bij mensen met basisonderwijs of een vmbo-diploma. Vergeleken met 2019 is bij de verschillende onderwijsniveaus te zien dat de ontwikkeling naar het midden trekt. Dit komt doordat de groepen aan de bovenkant én aan de onderkant van de verdeling gelijk zijn gebleven of kleiner zijn geworden.
Herkomst: ook hier zijn relatief grote verschillen te zien. Migranten van buiten Europa zitten relatief vaak onderin en minder vaak bovenin de verdeling. Mensen van de tweede generatie én migranten uit Europa zitten iets vaker aan de bovenkant en iets minder vaak aan de onderkant van de verdeling in vergelijking met migranten van buiten Europa. Bij mensen met een Nederlandse herkomst is er relatief veel stapeling van gunstige en weinig stapeling van ongunstige uitkomsten. Ten opzichte van 2019 vallen mensen van de tweede generatie van buiten Europa in 2025 beduidend vaker in het midden van de verdeling. Dit komt met name doordat bij hen het aandeel mensen aan de bovenkant relatief sterk gedaald is. Voor migranten van buiten Europa is een vergelijkbare verschuiving richting de middengroep te zien.
Rekening houdend met de onderlinge samenhang tussen geslacht, leeftijd, onderwijsniveau en herkomst blijkt het aantal indicatoren waarop mensen een gunstige of ongunstige uitkomst hebben het sterkst samen te hangen met het onderwijsniveau. Daarna volgen herkomst en leeftijd. Een geboorteland buiten Europa gaat daarbij gepaard met iets meer ongunstige indicatoren en een hogere leeftijd met iets meer gunstige indicatoren. Geslacht is het minst gerelateerd aan de stapeling van indicatoren.
Geslacht
Leeftijd
Behaald onderwijsniveau
Geboorteland en herkomst
| Categorie | Groep | ongunstige resultaten (%) | niet-gunstige en niet-ongunstige resultaten (%) | gunstige resultaten (%) |
|---|---|---|---|---|
| Geslacht | Mannen | 17,8 | 58,5 | 23,7 |
| Geslacht | Vrouwen | 19,9 | 60 | 20,1 |
| Leeftijd | 18-24 | 22,8 | 53,7 | 23,5 |
| Leeftijd | 25-34 | 17,1 | 63,6 | 19,2 |
| Leeftijd | 35-44 | 18 | 60,9 | 21,2 |
| Leeftijd | 45-54 | 18 | 54,1 | 27,9 |
| Leeftijd | 55-64 | 18,7 | 48,7 | 32,5 |
| Leeftijd | 65-74 | 24,9 | 58 | 17,1 |
| Leeftijd | 75+ | 12,7 | 80,5 | 6,8 |
| Behaald onderwijsniveau | Basisonderwijs, vmbo, mbo1 | 33,3 | 59,7 | 7 |
| Behaald onderwijsniveau | Havo, vwo, mbo2-4 | 18 | 62,7 | 19,3 |
| Behaald onderwijsniveau | Hbo, wo | 8,6 | 56,4 | 35 |
| Geboorteland en herkomst | Geboren in NL, ouders in NL | 14,1 | 61 | 24,9 |
| Geboorteland en herkomst | Geboren in NL, ouder(s) in Europa | 18,4 | 60,8 | 20,8 |
| Geboorteland en herkomst | Geboren in NL, ouder(s) buiten Europa | 25,9 | 58,8 | 15,4 |
| Geboorteland en herkomst | Geboren in Europa (excl. NL) | 24,7 | 60 | 15,3 |
| Geboorteland en herkomst | Geboren buiten Europa | 42,2 | 47,3 | 10,5 |