20260520T083000Z
Een grote schok kan gevolgen hebben voor de brede welvaart van latere generaties. Wanneer de natuur verslechtert, de sociale samenhang verdwijnt of de economische infrastructuur verzwakt, is onze samenleving mogelijk niet sterk genoeg om grote schokken op te vangen. Dat maakt het moeilijk voor de volgende generatie om een zelfde niveau van brede welvaart ‘hier en nu’ te bereiken.
- De Nederlandse samenleving is in 2025 minder robuust geworden.
- De Nederlandse economie lijkt robuust.
Robuustheid van biosfeer
in EU
in 2024
Robuustheid van samenleving
in EU
in 2023
in EU
in 2023
in EU
in 2023
Robuustheid van economie
in EU
in 2024
in EU
in 2024
in EU
in 2024
in EU
in 2024
| Thema | Indicator | Waarde | Trend | Positie in EU | Positie op EU-ranglijst |
|---|---|---|---|---|---|
| Robuustheid van biosfeer | Groen-blauwe ruimte, exclusief reguliere landbouw | 953,7 m2 groen- en zoetwatergebied per inwoner in 2024 | dalend (daling brede welvaart) | ||
| Robuustheid van biosfeer | Stikstofdepositie en landnatuur | 69,9% van de landnatuur kampt met stikstofoverschrijding grens in 2023 | dalend (stijging brede welvaart) | ||
| Robuustheid van biosfeer | Hernieuwbare energie | 20,2% van het totale eindverbruik energie in 2024 | stijgend (stijging brede welvaart) | 18e van 27 in 2024 | midden van de ranglijst |
| Robuustheid van samenleving | Vertrouwen in andere mensen | 63,3% van de bevolking van 15+ vindt de meeste mensen te vertrouwen in 2025 | 2e van 19 in 2023 | bovenste kwart van de ranglijst | |
| Robuustheid van samenleving | Discriminatiegevoelens | 12,0% van de bevolking van 15+ ziet zich als lid van een gediscrimineerde groep in 2023 | 18e van 19 in 2023 | onderste kwart van de ranglijst | |
| Robuustheid van samenleving | Vertrouwen in instituties | 60,6% van de bevolking van 15+ heeft (heel veel of tamelijk veel) vertrouwen in 2025 | 3e van 19 in 2023 | bovenste kwart van de ranglijst | |
| Robuustheid van samenleving | Sociale cohesie in de woonbuurt | 6,5 is het rapportcijfer (op een schaal van 0-10) in 2025 | |||
| Robuustheid van economie | Fysieke kapitaalgoederenvoorraad | € 169 per gewerkt uur (prijzen 2021) in 2024 | 7e van 12 in 2024 | midden van de ranglijst | |
| Robuustheid van economie | Kenniskapitaalgoederenvoorraad | € 11,62 per gewerkt uur (prijzen 2021) in 2024 | 5e van 13 in 2024 | midden van de ranglijst | |
| Robuustheid van economie | Brutoarbeidsparticipatie | 76,2% van de bevolking van 15-74 in 2025 | stijgend (stijging brede welvaart) | 1e van 27 in 2024 | bovenste kwart van de ranglijst |
| Robuustheid van economie | Behaald onderwijsniveau: hbo, wo | 38,2% van de 15 t/m 74-jarigen heeft als behaald onderwijsniveau hbo of wo in 2025 | stijgend (stijging brede welvaart) | 7e van 27 in 2024 | bovenste kwart van de ranglijst |
| Robuustheid van economie | Mediane solvabiliteit van niet-financiële bedrijven | 63% van het totale vermogen bestaat uit eigen vermogen in 2024 | stijgend (stijging brede welvaart) |
Uitleg dashboard, kleuren en noten
De brede welvaart van latere generaties is afhankelijk van hulpbronnen die de huidige generaties op de lange termijn nalaten. De vraag is of de grote systemen die de huidige brede welvaart mogelijk maken – biosfeer, samenleving en economie – robuust genoeg zijn om grote (externe) schokken op te vangen.
De hoeveelheid landnatuur die kampt met een stikstofoverschrijding is sinds het begin van de meting in 1995 geleidelijk afgenomen van 74,6 procent naar 69,9 procent in 2023. Het aandeel van hernieuwbare energie in het totale energieverbruik groeit daarentegen sterk. Tussen 2017 en 2024 is dit aandeel ongeveer drie keer zo groot geworden. Dit betekent dat we in Nederland relatief minder fossiele brandstoffen nodig hebben om in ons energieverbruik te voorzien. De oppervlakte groen-blauwe ruimte per inwoner neemt geleidelijk af. Dit komt voornamelijk door een stijging van het aantal inwoners.
De Nederlandse samenleving is in recente jaren minder hecht geworden en daardoor minder schokbestendig. De stijgende trend van het vertrouwen in andere mensen is gestopt. In 2025 waren het vertrouwen in andere mensen en het vertrouwen in instituties lager dan in 2024. Wel was het vertrouwen ten opzichte van de andere EU-landen in 2023 hoog. Ook de sociale cohesie in de woonbuurt is in de meest recente jaren (tussen 2023 en 2025) gedaald. Relatief veel mensen in Nederland voelden zich gediscrimineerd. In 2023 zag 12 procent van de bevolking van 15 jaar of ouder (ruim 1,8 miljoen mensen) zich als lid van een gediscrimineerde groep. Dit was het op een-na-hoogste niveau in de EU (18e van 19 landen).
De Nederlandse economie lijkt robuust. De brutoarbeidsparticipatie, het aandeel mensen met een hbo- of wo-opleiding en de mediane solvabiliteit van niet-financiële bedrijven nemen toe. De brutoarbeidsparticipatie was in 2024 de hoogste van de EU. De fysieke kapitaalgoederenvoorraad per gewerkt uur is stabiel ondanks een afname in 2024 en de kenniskapitaalgoederenvoorraad per gewerkt uur daalt niet langer. De fysieke kapitaalgoederenvoorraad en de kenniskapitaalgoederenvoorraad per gewerkt uur meten de kapitaalintensiteit van de productie. Deze kapitaalintensiteit is de waarde van de beschikbare productiemiddelen ten opzichte van de hoeveelheid arbeid die wordt ingezet. Verder terugkijkend dan de trendperiode (2018 tot en met 2025) neemt de kapitaalintensiteit geleidelijk af. De fysieke kapitaalgoederenvoorraad groeide vanaf het begin van de tijdreeks in 1995 tot 2013 tot 177 euro per gewerkt uur (prijzen 2021), maar is sindsdien geleidelijk gedaald naar 169 euro in 2024. Tussen 1995 en 2015 nam de kenniskapitaalgoederenvoorraad nog toe van 7,14 euro naar 12,97 euro per gewerkt uur. Vanaf 2015 is deze voorraad licht afgenomen naar 11,62 euro in 2024. De totale waarden van deze goederenvoorraden, gecorrigeerd voor inflatie, nemen wel gestaag toe maar de gewerkte uren stijgen harder. Nederland is een van de weinige landen waar de kenniskapitaalgoederenvoorraad per gewerkt uur daalt in plaats van stijgt.