Belevingen

Wat behelst het onderzoek?

Doel

Samenstellen van gegevens op landelijk niveau over actuele onderwerpen die in de samenleving spelen, waarbij de nadruk ligt op de vraag hoe de Nederlandse bevolking deze ervaart. Het gaat dan niet alleen om oordelen over actuele kwesties, maar ook om de beleving van de eigen situatie. Onderwerpen die in eerdere onderzoeken aan de orde zijn geweest, zijn solidariteit in de gezondheidszorg, verantwoordelijkheden van overheid en burgers, welzijn en veiligheidsbeleving.

Doelpopulatie

Personen van 18 jaar of ouder in particuliere huishoudens in Nederland.

Statistische eenheid

Personen.

Aanvang onderzoek

Het Belevingenonderzoek is voor het eerst uitgevoerd in 2010. In dit pilot-onderzoek kwamen de onderwerpen ‘solidariteit in de gezondheidszorg’ en ‘welzijn’ aan bod. In 2012 is een tweede pilot uitgevoerd, met als onderwerp ‘verantwoordelijkheden van de overheid en van burgers zelf’. In de jaren daarna zijn de volgende thema’s aan bod gekomen:

  • 2013: arbeid en vergrijzing;
  • 2014: gezondheidszorg;
  • 2015: leefsituatie van jongeren (eenmalig onderzoek onder 12- tot 25-jarigen);
  • 2016: veiligheidsbeleving;
  • 2017: duurzaamheid, vluchtelingen, sociale media, timing van het krijgen van kinderen;
  • 2018: gezondheidszorg;
  • 2019: leefsituatie van 55-plussers (onderzoek onder 55-plussers);
  • 2020: klimaatverandering en energietransitie.

Frequentie

Jaarlijks.

Publicatiestrategie

Definitieve cijfers.

Hoe wordt het onderzoek uitgevoerd

Soort onderzoek

Belevingen is een onderzoek waarbij de gegevens via een enquêteonderzoek worden verzameld. Hiertoe wordt een personensteekproef getrokken op basis van de Basisregistratie Personen (BRP). De gegevens worden doorgaans verzameld in het voorjaar, in de periode februari-juni.

Waarnemingsmethode

De methode van dataverzameling is mixed-mode. Alle geselecteerde steekproefpersonen ontvangen een aanschrijfbrief waarin gevraagd wordt om de vragenlijst via internet in te vullen (CAWI). Daarna volgen twee schriftelijke rappelronden waarbij alle steekproefpersonen die nog niet gerespondeerd hebben een brief ontvangen. Een deel van de personen die uiteindelijk niet via CAWI hebben gerespondeerd, wordt vervolgens door interviewers telefonisch (CATI) of aan huis (CAPI) benaderd met het verzoek alsnog deel te nemen. In 2018 is CAPI doelgroepgericht ingezet. Sinds 2019 gebeurt dit zowel in CATI en CAPI: interviewers benaderen vooral nog personen uit groepen met relatief lage deelname via CAWI om een betere weerspiegeling van de doelpopulatie in de totale respons te krijgen.

Berichtgevers

Personen van 18 jaar of ouder in particuliere huishoudens. In 2015 is het onderzoek uitgevoerd onder jongeren van 12 tot 25 jaar. In 2019 zijn alleen 55-plussers benaderd.

Responsomvang

De resultaten van Belevingen zijn gebaseerd op de antwoorden van jaarlijks circa 3 500 personen.

Controle- en correctiemethoden

Bij elk belevingenonderzoek wordt een nonresponsanalyse en een plausibiliteitscontrole uitgevoerd.

Weging

Voor verschillen tussen de samenstelling van de steekproef en de totale bevolking wordt een correctie toegepast door middel van een wegingsfactor, veelal gebaseerd op de kenmerken leeftijd, geslacht, burgerlijke staat, migratieachtergrond, omvang van het huishouden, gestandaardiseerd huishoudensinkomen, provincie en de mate van stedelijkheid. De gewichten zijn bepaald op persoonsniveau.

Voor Belevingen 2020 is eveneens een wegingsfactor ontwikkeld op huishoudensniveau zodat uitspraken gedaan kunnen worden op zowel persoons- als huishoudensniveau.

Wat is de kwaliteit van de uitkomsten?

Nauwkeurigheid

Omdat de enquête een steekproef betreft, zijn de cijfers onderhevig aan toevalsfluctuaties. Indien het aantal steekproefpersonen voor een bepaalde indelingscategorie kleiner is dan 100 worden hierover geen resultaten gepresenteerd vanwege te grote marges.

Respons

Tot 2018 lag de respons van de belevingenonderzoeken telkens rond de 60 procent. Door de invoering van doelgroepgerichte inzet van interviewermodes worden sinds 2018 minder personen herbenaderd, die ook nog minder vaak responderen. Dit heeft een lager responspercentage tot gevolg. In 2018 bedroeg de respons 41 procent. In 2019 was dit 55 procent in de doelpopulatie van 55-plussers. In 2020 was de respons 39 procent.