Energieafhankelijkheid
De afhankelijkheid is berekend door het aandeel van de invoer in de som van winning en invoer te nemen, per primaire energiedrager en per land. Vervolgens wordt dit aandeel geschaald op de bijdrage in het energieverbruik in Nederland, opdat de doorvoer wordt verdisconteerd. De afhankelijkheid voor een energiedrager kan dus op twee manieren stijgen: door een stijging van invoer ten opzichte van winning of door een stijging van het aandeel van die energiedrager in het totale verbruik.
Voorbeeld: Stel dat aardgas 1/3 van het totale energieverbruik van Nederland is. Van aardgas wordt de helft in Nederland gewonnen en de helft ingevoerd uit Noorwegen. Dat betekent dat het Nederlandse energieverbruik voor 1/3 * 1/2 = 17% afhankelijk is van Noors gas.
Primaire energiedragers zijn bijvoorbeeld ruwe aardolie, aardgas, steenkool en houtpellets voor biomassa. Wind- en zonne-energie zijn eveneens primaire energiedragers, deze tellen als energie die in Nederland is gewonnen.