Gezondheid en zorggebruik; persoonskenmerken

Gezondheid en zorggebruik; persoonskenmerken

Persoonskenmerken Marges Perioden Mondgezondheid Mondgezondheid, 12 jaar of ouder Goed of zeer goed (%) Mondgezondheid Mondgezondheid, 12 jaar of ouder Gaat wel (%) Mondgezondheid Mondgezondheid, 12 jaar of ouder Slecht of zeer slecht (%) Mondgezondheid Gebit en tanden, 18 jaar of ouder Kunstgebit (%) Mondgezondheid Gebit en tanden, 18 jaar of ouder Echte tanden en kiezen (aantal) Mondgezondheid Gebit en tanden, 18 jaar of ouder Geen echte tanden/kiezen (%) Mondgezondheid Klachten, 12 jaar of ouder Tand- of kiespijn (%) Mondgezondheid Klachten, 12 jaar of ouder Bloedend tandvlees (%) Mondgezondheid Functionele problemen, 65 jaar of ouder Kauwen van voedsel (%) Mondgezondheid Functionele problemen, 65 jaar of ouder Doorslikken van voedsel (%) Mondgezondheid Tandenpoetsen, 1 jaar of ouder Niet elke dag (%) Mondgezondheid Tandenpoetsen, 1 jaar of ouder Eén keer per dag (%) Mondgezondheid Tandenpoetsen, 1 jaar of ouder Minstens twee keer per dag (%) Mondgezondheid Flossen, stoken, ragen, 1 jaar of ouder (%) Pijn, 12 jaar of ouder Pijn (%) Pijn, 12 jaar of ouder Pijn: (heel) veel (%) Pijn, 12 jaar of ouder Belemmerd door pijn (%) Slaapproblemen, 12 jaar of ouder Slaapproblemen, 12 jaar of ouder (%) Slaapproblemen, 12 jaar of ouder Belemmerd door slaapproblemen (%)
Leeftijd: 0 tot 4 jaar Waarde 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 0 tot 4 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 0 tot 4 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 4 tot 12 jaar Waarde 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 4 tot 12 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 4 tot 12 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 12 tot 16 jaar Waarde 2025 90,1 9,4 0,5 . . . . . . . . . . . 11,2 3,8 5,5 . .
Leeftijd: 12 tot 16 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 86,9 7,0 0,2 . . . . . . . . . . . 8,7 2,4 3,7 . .
Leeftijd: 12 tot 16 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 92,6 12,5 1,6 . . . . . . . . . . . 14,3 5,9 8,0 . .
Leeftijd: 16 tot 20 jaar Waarde 2025 85,0 14,2 0,8 7,0 30,8 0,0 . . . . . . . . 15,6 5,9 8,6 . .
Leeftijd: 16 tot 20 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 81,4 11,3 0,3 4,3 30,6 0,0 . . . . . . . . 12,6 4,1 6,3 . .
Leeftijd: 16 tot 20 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 88,0 17,7 2,1 11,4 31,1 . . . . . . . . . 19,2 8,5 11,8 . .
Leeftijd: 20 tot 30 jaar Waarde 2025 75,7 21,0 3,3 6,7 30,3 0,3 . . . . . . . . 18,4 6,0 7,8 . .
Leeftijd: 20 tot 30 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 72,9 18,6 2,3 5,2 30,1 0,1 . . . . . . . . 16,1 4,7 6,3 . .
Leeftijd: 20 tot 30 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 78,3 23,7 4,7 8,5 30,5 1,0 . . . . . . . . 20,9 7,7 9,7 . .
Leeftijd: 30 tot 40 jaar Waarde 2025 75,6 19,9 4,5 6,3 29,4 0,5 . . . . . . . . 19,4 8,5 10,9 . .
Leeftijd: 30 tot 40 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 73,0 17,6 3,4 5,0 29,2 0,2 . . . . . . . . 17,2 6,9 9,2 . .
Leeftijd: 30 tot 40 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 78,0 22,3 6,0 7,9 29,6 1,0 . . . . . . . . 21,8 10,3 12,9 . .
Leeftijd: 40 tot 50 jaar Waarde 2025 73,4 20,6 6,0 8,9 28,2 1,9 . . . . . . . . 20,9 8,3 12,4 . .
Leeftijd: 40 tot 50 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 70,5 18,2 4,6 7,3 27,8 1,2 . . . . . . . . 18,5 6,7 10,4 . .
Leeftijd: 40 tot 50 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 76,1 23,3 7,7 10,9 28,5 3,0 . . . . . . . . 23,6 10,2 14,6 . .
Leeftijd: 50 tot 55 jaar Waarde 2025 70,3 21,3 8,5 10,5 27,2 3,2 . . . . . . . . 27,5 12,2 15,0 . .
Leeftijd: 50 tot 55 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 66,3 18,0 6,3 8,1 26,6 2,0 . . . . . . . . 23,9 9,7 12,2 . .
Leeftijd: 50 tot 55 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 74,0 24,9 11,2 13,5 27,8 5,3 . . . . . . . . 31,5 15,3 18,4 . .
Leeftijd: 55 tot 65 jaar Waarde 2025 69,0 23,8 7,2 20,0 25,0 5,9 . . . . . . . . 30,4 14,6 16,4 . .
Leeftijd: 55 tot 65 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 66,5 21,6 5,8 17,9 24,5 4,7 . . . . . . . . 28,0 12,8 14,5 . .
Leeftijd: 55 tot 65 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 71,5 26,2 8,7 22,2 25,4 7,3 . . . . . . . . 32,9 16,6 18,5 . .
Leeftijd: 65 tot 75 jaar Waarde 2025 67,9 26,7 5,4 38,4 20,5 14,6 . . . . . . . . 26,1 10,3 14,2 . .
Leeftijd: 65 tot 75 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 65,3 24,3 4,2 35,7 19,9 12,7 . . . . . . . . 23,7 8,7 12,3 . .
Leeftijd: 65 tot 75 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 70,5 29,2 6,8 41,1 21,1 16,7 . . . . . . . . 28,7 12,1 16,3 . .
Leeftijd: 75 jaar of ouder Waarde 2025 65,9 27,9 6,2 56,6 15,7 25,1 . . . . . . . . 32,0 14,3 20,4 . .
Leeftijd: 75 jaar of ouder Ondergrens 95%-interval 2025 62,9 25,2 4,8 53,4 14,9 22,5 . . . . . . . . 29,1 12,2 17,9 . .
Leeftijd: 75 jaar of ouder Bovengrens 95%-interval 2025 68,8 30,8 7,9 59,6 16,4 28,0 . . . . . . . . 35,0 16,7 23,0 . .
Leeftijd: 0 tot 12 jaar Waarde 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 0 tot 12 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 0 tot 12 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Leeftijd: 12 tot 18 jaar Waarde 2025 87,9 11,7 0,5 . . . . . . . . . . . 13,1 4,4 7,3 . .
Leeftijd: 12 tot 18 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 85,2 9,4 0,2 . . . . . . . . . . . 10,8 3,1 5,5 . .
Leeftijd: 12 tot 18 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 90,2 14,3 1,2 . . . . . . . . . . . 15,8 6,1 9,6 . .
Leeftijd: 18 jaar of ouder Waarde 2025 71,9 22,6 5,5 19,6 25,7 6,5 . . . . . . . . 24,2 10,3 13,3 . .
Leeftijd: 18 jaar of ouder Ondergrens 95%-interval 2025 70,8 21,7 5,0 18,7 25,5 6,0 . . . . . . . . 23,3 9,6 12,5 . .
Leeftijd: 18 jaar of ouder Bovengrens 95%-interval 2025 72,9 23,6 6,1 20,5 25,9 7,1 . . . . . . . . 25,2 11,0 14,1 . .
Positie: alleenstaande <40 jaar Waarde 2025 74,3 21,9 3,8 7,2 29,8 0,4 . . . . . . . . 18,8 8,4 10,0 . .
Positie: alleenstaande <40 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 70,1 18,4 2,4 5,0 29,4 0,1 . . . . . . . . 15,5 6,3 7,6 . .
Positie: alleenstaande <40 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 78,0 25,9 6,0 10,2 30,1 1,7 . . . . . . . . 22,6 11,3 13,0 . .
Positie: alleenstaande 40 tot 65 jaar Waarde 2025 61,9 26,2 11,9 19,4 24,6 7,5 . . . . . . . . 30,4 15,1 19,6 . .
Positie: alleenstaande 40 tot 65 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 57,5 22,5 9,2 16,2 23,9 5,5 . . . . . . . . 26,5 12,2 16,3 . .
Positie: alleenstaande 40 tot 65 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 66,1 30,3 15,2 23,2 25,4 10,2 . . . . . . . . 34,6 18,5 23,4 . .
Positie: alleenstaande >=65 jaar Waarde 2025 61,7 31,5 6,8 52,3 16,8 22,3 . . . . . . . . 33,7 16,3 21,7 . .
Positie: alleenstaande >=65 jaar Ondergrens 95%-interval 2025 57,8 28,0 5,0 48,3 15,9 19,1 . . . . . . . . 30,1 13,6 18,6 . .
Positie: alleenstaande >=65 jaar Bovengrens 95%-interval 2025 65,4 35,3 9,1 56,2 17,7 25,8 . . . . . . . . 37,5 19,5 25,2 . .
Positie: kind <18 jaar, eenoudergezin Waarde 2025 86,8 13,2 0,0 . . . . . . . . . . . 15,8 2,8 6,7 . .
Positie: kind <18 jaar, eenoudergezin Ondergrens 95%-interval 2025 77,5 7,4 0,0 . . . . . . . . . . . 9,3 0,7 2,8 . .
Positie: kind <18 jaar, eenoudergezin Bovengrens 95%-interval 2025 92,6 22,5 . . . . . . . . . . . . 25,5 10,6 15,2 . .
Positie: kind >= 18 jaar eenoudergezin Waarde 2025 70,4 25,9 3,7 5,9 30,2 0,0 . . . . . . . . 22,8 15,1 14,2 . .
Positie: kind >= 18 jaar eenoudergezin Ondergrens 95%-interval 2025 61,9 19,0 1,4 2,9 29,8 0,0 . . . . . . . . 16,3 9,7 9,0 . .
Positie: kind >= 18 jaar eenoudergezin Bovengrens 95%-interval 2025 77,6 34,1 9,4 11,5 30,6 . . . . . . . . . 31,1 22,8 21,8 . .
Positie: kind <18 jaar bij paar Waarde 2025 89,0 10,4 0,5 . . . . . . . . . . . 12,6 4,3 7,3 . .
Positie: kind <18 jaar bij paar Ondergrens 95%-interval 2025 86,2 8,1 0,2 . . . . . . . . . . . 10,2 3,0 5,4 . .
Positie: kind <18 jaar bij paar Bovengrens 95%-interval 2025 91,4 13,2 1,5 . . . . . . . . . . . 15,4 6,2 9,8 . .
Positie: kind >=18 jaar bij paar Waarde 2025 79,3 18,9 1,8 6,0 30,8 0,2 . . . . . . . . 16,6 4,3 6,2 . .
Positie: kind >=18 jaar bij paar Ondergrens 95%-interval 2025 75,2 15,5 0,8 4,1 30,6 0,0 . . . . . . . . 13,5 2,8 4,3 . .
Positie: kind >=18 jaar bij paar Bovengrens 95%-interval 2025 82,9 22,8 3,9 8,6 31,0 1,5 . . . . . . . . 20,3 6,5 8,8 . .
Positie: partner in paar met kind Waarde 2025 75,9 19,3 4,8 10,1 28,3 1,8 . . . . . . . . 19,9 7,7 9,7 . .
Positie: partner in paar met kind Ondergrens 95%-interval 2025 73,9 17,6 3,9 8,8 28,1 1,3 . . . . . . . . 18,1 6,6 8,4 . .
Positie: partner in paar met kind Bovengrens 95%-interval 2025 77,8 21,1 5,9 11,5 28,6 2,5 . . . . . . . . 21,7 9,0 11,1 . .
Positie: partner paar <40, geen kind Waarde 2025 74,8 20,0 5,2 5,8 29,7 0,2 . . . . . . . . 16,2 4,6 6,8 . .
Positie: partner paar <40, geen kind Ondergrens 95%-interval 2025 70,7 16,6 3,5 4,0 29,4 0,0 . . . . . . . . 13,1 3,0 4,8 . .
Positie: partner paar <40, geen kind Bovengrens 95%-interval 2025 78,6 23,8 7,7 8,4 29,9 1,1 . . . . . . . . 19,8 6,9 9,4 . .
Positie: partner paar 40-65, geen kind Waarde 2025 72,5 21,4 6,1 16,2 25,7 4,6 . . . . . . . . 30,0 13,7 16,2 . .
Positie: partner paar 40-65, geen kind Ondergrens 95%-interval 2025 69,5 18,8 4,7 13,9 25,2 3,5 . . . . . . . . 27,1 11,6 14,0 . .
Positie: partner paar 40-65, geen kind Bovengrens 95%-interval 2025 75,4 24,2 7,9 18,7 26,2 6,1 . . . . . . . . 33,1 16,0 18,8 . .
Positie: partner paar >=65, geen kind Waarde 2025 70,0 25,4 4,6 43,4 19,1 17,5 . . . . . . . . 26,8 10,4 14,8 . .
Positie: partner paar >=65, geen kind Ondergrens 95%-interval 2025 67,7 23,3 3,7 40,9 18,6 15,7 . . . . . . . . 24,7 8,9 13,1 . .
Positie: partner paar >=65, geen kind Bovengrens 95%-interval 2025 72,2 27,6 5,8 45,9 19,7 19,5 . . . . . . . . 29,1 12,0 16,6 . .
Onderwijsniveau: wo, master, doctor Waarde 2025 81,4 15,3 3,4 9,6 28,4 0,9 . . . . . . . . 16,2 4,8 7,4 . .
Onderwijsniveau: wo, master, doctor Ondergrens 95%-interval 2025 78,9 13,2 2,5 8,0 28,1 0,5 . . . . . . . . 14,1 3,7 6,0 . .
Onderwijsniveau: wo, master, doctor Bovengrens 95%-interval 2025 83,6 17,5 4,6 11,4 28,6 1,6 . . . . . . . . 18,5 6,3 9,1 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 1e 20%-groep Waarde 2025 66,0 24,1 9,8 27,9 23,7 11,4 . . . . . . . . 33,9 18,1 22,8 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 1e 20%-groep Ondergrens 95%-interval 2025 63,1 21,6 8,1 25,2 23,0 9,6 . . . . . . . . 31,1 15,9 20,4 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 1e 20%-groep Bovengrens 95%-interval 2025 68,9 26,9 11,8 30,9 24,4 13,4 . . . . . . . . 36,9 20,5 25,5 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 2e 20%-groep Waarde 2025 66,9 27,5 5,6 31,6 22,3 14,5 . . . . . . . . 29,9 12,7 17,3 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 2e 20%-groep Ondergrens 95%-interval 2025 64,3 25,1 4,4 29,1 21,7 12,7 . . . . . . . . 27,4 11,0 15,3 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 2e 20%-groep Bovengrens 95%-interval 2025 69,4 30,0 7,1 34,3 22,9 16,5 . . . . . . . . 32,4 14,6 19,4 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 3e 20%-groep Waarde 2025 71,4 23,6 5,0 20,1 25,6 6,2 . . . . . . . . 22,6 9,6 12,4 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 3e 20%-groep Ondergrens 95%-interval 2025 69,1 21,6 4,0 18,2 25,1 5,2 . . . . . . . . 20,7 8,3 10,9 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 3e 20%-groep Bovengrens 95%-interval 2025 73,5 25,7 6,2 22,2 26,0 7,5 . . . . . . . . 24,7 11,1 14,1 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 4e 20%-groep Waarde 2025 75,5 20,8 3,7 14,5 26,9 3,6 . . . . . . . . 20,2 7,4 9,4 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 4e 20%-groep Ondergrens 95%-interval 2025 73,5 19,0 3,0 13,0 26,6 2,8 . . . . . . . . 18,4 6,3 8,2 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 4e 20%-groep Bovengrens 95%-interval 2025 77,3 22,7 4,7 16,2 27,2 4,5 . . . . . . . . 22,0 8,6 10,8 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 5e 20%-groep Waarde 2025 80,7 16,2 3,2 10,7 28,0 1,3 . . . . . . . . 16,2 5,2 7,1 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 5e 20%-groep Ondergrens 95%-interval 2025 79,0 14,7 2,5 9,4 27,8 0,9 . . . . . . . . 14,7 4,4 6,2 . .
Gestandaardiseerd inkomen: 5e 20%-groep Bovengrens 95%-interval 2025 82,3 17,8 4,0 12,1 28,2 1,9 . . . . . . . . 17,8 6,2 8,3 . .
Welvaart: 1e 20%-groep Waarde 2025 64,2 25,5 10,3 29,6 23,4 13,2 . . . . . . . . 34,2 18,6 22,9 . .
Welvaart: 1e 20%-groep Ondergrens 95%-interval 2025 61,1 22,9 8,5 26,7 22,7 11,2 . . . . . . . . 31,3 16,3 20,4 . .
Welvaart: 1e 20%-groep Bovengrens 95%-interval 2025 67,2 28,4 12,3 32,7 24,1 15,4 . . . . . . . . 37,2 21,1 25,6 . .
Welvaart: 2e 20%-groep Waarde 2025 68,0 25,4 6,7 25,9 23,7 10,9 . . . . . . . . 28,4 12,3 16,3 . .
Welvaart: 2e 20%-groep Ondergrens 95%-interval 2025 65,3 23,0 5,4 23,5 23,1 9,3 . . . . . . . . 26,0 10,6 14,3 . .
Welvaart: 2e 20%-groep Bovengrens 95%-interval 2025 70,5 27,8 8,3 28,4 24,3 12,8 . . . . . . . . 30,9 14,3 18,4 . .
Welvaart: 3e 20%-groep Waarde 2025 72,3 23,5 4,2 20,4 25,5 6,7 . . . . . . . . 24,3 10,1 12,8 . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat cijfers over de ervaren gezondheid en medische contacten van de Nederlandse bevolking vanaf 0 jaar in particuliere huishoudens. De cijfers kunnen worden uitgesplitst naar diverse persoonskenmerken.
Voor enkele onderwerpen geldt een afwijkende leeftijdsafbakening. Deze leeftijden worden bij de betreffende onderwerpen vermeld.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2014

Status van de cijfers: definitief

Wijzigingen per 6 maart :
De cijfers over 2025 werden toegevoegd. De tabel werd uitgebreid met informatie over diabetes (ander type dan type 1 of type 2). Het onderwerp ‘Aandoening van nek’ is nieuw en vervangt per 2025 het onderwerp ‘Aandoening van nek of schouder’. Het onderwerp ‘Gewrichtsslijtage/artrose, 12 of ouder’ is ook nieuw en vervangt per 2025 het onderwerp ‘Gewrichtsslijtage heup/knie, 12 of ouder’. Daarnaast werd het persoonskenmerk armoede (ingedeeld in arm, bijna-arm en niet arm of niet bijna-arm) toegevoegd. Tenslotte zijn enkele tekstuele aanpassingen gedaan aan de toelichtingen binnen het persoonskenmerk 'positie in huishouden' en is de categorie 'overig lid' aangepast in 'lid overig huishouden' omdat dat een betere beschrijving is.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In maart 2027 verschijnen de cijfers over verslagjaar 2026.

Toelichting onderwerpen

Mondgezondheid
Mondgezondheid, 12 jaar of ouder
Voor de jaren 2019 t/m 2021 hebben de cijfers betrekking op personen van 15 jaar of ouder. Hierdoor zijn de cijfers van vóór 2022 dus niet één op één te vergelijken met de cijfers vanaf 2022.
Goed of zeer goed
Percentage personen van 12 jaar en ouder dat “goed” of “zeer goed” antwoordt op de vraag: Hoe zou u in het algemeen de gezondheid van uw tanden en tandvlees omschrijven?
Gaat wel
Percentage personen van 12 jaar en ouder dat “gaat wel” antwoordt op de vraag: Hoe zou u in het algemeen de gezondheid van uw tanden en tandvlees omschrijven?
Slecht of zeer slecht
Percentage personen van 12 jaar en ouder dat “slecht” of “zeer slecht” antwoordt op de vraag: Hoe zou u in het algemeen de gezondheid van uw tanden en tandvlees omschrijven?
Gebit en tanden, 18 jaar of ouder
Kunstgebit
Percentage mensen van 18 jaar of ouder met een geheel of gedeeltelijk kunstgebit in boven- en/of onderkaak.
Echte tanden en kiezen
Gemiddeld aantal echte tanden en kiezen in boven- en onderkaak van mensen van 18 jaar of ouder.
Geen echte tanden/kiezen
Percentage mensen van 18 jaar of ouder zonder echte tanden en kiezen in boven- en onderkaak.
Klachten, 12 jaar of ouder
Tand- of kiespijn
Percentage van de bevolking van 12 jaar of ouder dat aangaf in de afgelopen 12 maanden last te hebben gehad van tand- of kiespijn.
Bloedend tandvlees
Percentage van de bevolking van 12 jaar of ouder dat aangaf in de afgelopen 12 maanden last te hebben gehad van bloedend tandvlees.
Functionele problemen, 65 jaar of ouder
Kauwen van voedsel
Percentage van de bevolking van 65 jaar of ouder dat aangaf in de afgelopen 12 maanden weleens problemen te hebben gehad met het kauwen van voedsel.
Doorslikken van voedsel
Percentage van de bevolking van 65 jaar of ouder dat aangaf in de afgelopen 12 maanden weleens problemen te hebben gehad met het doorslikken van voedsel.
Tandenpoetsen, 1 jaar of ouder
Aan respondenten van 12 jaar tot 18 jaar en aan volwassenen die aangaven minstens 1 tand of kies te hebben, is gevraagd: Hoe vaak poetst u meestal uw tanden?
De antwoordopties hierbij waren:
1. Ik poets Niet elke dag  
2. 1 keer per dag  
3. 2 keer per dag  
4. 3 keer per dag of vaker
Voor kinderen vanaf 1 jaar tot 12 jaar werd aan de ouders gevraagd:
Hoe vaak poetst uw kind meestal zijn/haar tanden? Of hoe vaak wordt dit voor hem/haar gedaan? De antwoordopties waren gelijk aan de antwoordopties voor respondenten van 12 jaar of ouder.
Niet elke dag
Eén keer per dag
Minstens twee keer per dag
Flossen, stoken, ragen, 1 jaar of ouder
Percentage dat aangeeft 1 keer per dag of vaker de ruimte tussen tanden en kiezen schoon te maken met flosdraad, tandenstokers of ragers. Deze vraag is gesteld aan respondenten van 12 tot 18 jaar en volwassenen die aangaven minstens 1 tand of kies te hebben .
Voor kinderen vanaf 1 jaar tot 12 jaar werd aan de ouders gevraagd:
Hoe vaak maakt uw kind de ruimte tussen zijn/haar tanden en kiezen schoon met flosdraad, tandenstokers of ragers? Of hoe vaak wordt dit voor hem/haar gedaan? De antwoordopties waren gelijk aan de antwoordopties voor respondenten van 12 jaar of ouder.
Pijn, 12 jaar of ouder
Pijn
Percentage personen van 12 jaar of ouder met de antwoordcategorie ‘niet veel maar ook niet weinig’, ‘veel’ of ‘heel veel’ op de vraag ‘Hoeveel pijn heeft u de afgelopen 4 weken gehad? Is dat ‘geen’, ‘heel weinig’, ‘weinig’, ‘niet veel maar ook niet weinig’, ‘veel’, ‘heel veel’.
Pijn: (heel) veel
Percentage personen van 12 jaar of ouder met de antwoordcategorie ‘veel’ of ‘heel veel’ op de vraag ‘Hoeveel pijn heeft u de afgelopen 4 weken gehad? Is dat ‘geen’, ‘heel weinig’, ‘weinig’, ‘niet veel maar ook niet weinig’, ‘veel’, ‘heel veel’.
Belemmerd door pijn
Percentage personen van 12 jaar of ouder die aangaven dat pijn hen de afgelopen 4 weken nogal, veel, of heel veel heeft belemmerd bij hun normale werkzaamheden, zowel werk buitenshuis als huishoudelijk werk.
Slaapproblemen, 12 jaar of ouder
In de gezondheidsenquête wordt gevraagd in welke mate mensen, in de afgelopen 2 weken, last hebben gehad van problemen met slapen? Hierbij kan gedacht worden aan moeite met in slaap vallen, moeite om door te slapen, of te vroeg wakker worden. De antwoordopties hierbij waren:
1. Helemaal niet
2. Een beetje
3. Nogal
4. Veel
5. Heel veel
Aan de mensen die aangaven dat ze last hebben gehad van problemen met slapen werd gevraagd in welke mate de slaapprobleem, de afgelopen 2 weken, het dagelijks functioneren belemmerd hebben. Hierbij kan men denken aan: vermoeidheid overdag, functioneren op het werk, uitvoeren van dagelijkse taken, concentratie, geheugen, stemming. De antwoordopties hierbij waren:
1. Helemaal niet
2. Een beetje
3. Nogal
4. Veel  
5. Heel veel

Vanaf 2023 worden de vragen over slaap iedere 2 jaar gesteld (in de even jaren).

Slaapproblemen, 12 jaar of ouder
Percentage personen van 12 jaar of ouder met de antwoordcategorie ‘nogal’, ‘veel’ of ‘heel veel’ op de vraag ‘In welke mate heeft u in de afgelopen 2 weken last gehad van problemen met slapen? Denkt u hierbij aan moeite met in slaap vallen, moeite om door te slapen, of te vroeg wakker worden.
Belemmerd door slaapproblemen
Percentage personen van 12 jaar of ouder die in de afgelopen twee weken belemmerd waren in het dagelijks functioneren. Dit zijn de mensen met de antwoordcategorie ‘nogal’, ‘veel’ of ‘heel veel’ op de vraag ‘In welke mate heeft u in de afgelopen 2 weken last gehad van problemen met slapen? Denkt u hierbij aan moeite met in slaap vallen, moeite om door te slapen, of te vroeg wakker worden. En op de vraag ‘In welke mate hebben uw slaapprobleem u de afgelopen 2 weken belemmerd bij uw dagelijks functioneren?’ ook antwoordden met ‘nogal’, ‘veel’ of ‘heel veel’.