Vermogen van huishoudens; huishoudenskenmerken, regio (indeling 2022)
| Kenmerken huishoudens | Regio's | Perioden | Particuliere huishoudens (x 1 000) | Particuliere huishoudens relatief (%) | Totaal vermogen (mld euro) | Gemiddeld vermogen (1 000 euro) | Mediaan vermogen (1 000 euro) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Particuliere huishoudens | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Type: Eenpersoonshuishouden | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Type: Meerpersoonshuishouden | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Type: Eenoudergezin | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Type: Paar, totaal | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Type: Paar, met kind(eren) | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Type: Paar, zonder kind | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Type: Meerpersoonshuishouden, overig | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Hoofdkostwinner: tot 25 jaar | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Hoofdkostwinner: 25 tot 45 jaar | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Hoofdkostwinner: 45 tot 65 jaar | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Hoofdkostwinner: 65 jaar of ouder | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Inkomen als werknemer | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Inkomen als zelfstandige (totaal) | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Overdrachtsinkomen | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Uitkering inkomensverzekering | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Uitkering werkloosheid | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Uitkering arbeidsongeschiktheid | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Uitkering pensioen | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Uitkering sociale voorziening | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: Studiefinanciering | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Woningbezit: eigen woning | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Woningbezit: huurwoning | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Woningbezit: huurwoning met huurtoeslag | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Woningbezit: huurwoning geen huurtoeslag | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Gestandaardiseerd inkomen: 1e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Gestandaardiseerd inkomen: 2e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Gestandaardiseerd inkomen: 3e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Gestandaardiseerd inkomen: 4e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Gestandaardiseerd inkomen: 5e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 1e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 2e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 3e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 4e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 5e 20%-groep | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: tot -5 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: -5 000 tot 0 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 0 tot 1 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 1 000 tot 5 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 5 000 tot 10 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 10 000 tot 20 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 20 000 tot 50 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 50 000 tot 100 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 100 000 tot 200 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 200 000 tot 500 000 euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 500 000 tot 1 miljoen euro | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Vermogen: 1 miljoen euro of meer | Gemeenten; niet in te delen | 2021* | 0,0 | . | . | . | . |
| Bron: CBS. | |||||||
Tabeltoelichting
Deze tabel bevat gegevens over het vermogen van huishoudens naar kenmerken als samenstelling van het huishouden en leeftijd van de hoofdkostwinner, voornaamste inkomensbron, woonsituatie, inkomensgroep, vermogensgroep en vermogensklasse. De gegevens zijn beschikbaar naar diverse regionale indelingen gebaseerd op de gemeentelijke indeling per 1 januari 2022.
Gegevens beschikbaar van 2006 tot en met 2021.
De gegevens betreffen de stand van het vermogen per 1 januari.
Status van de cijfers:
De cijfers over 2006 tot en met 2020 zijn definitief. De cijfers over 2021 zijn voorlopig.
Wijzigingen per 3 november 2023:
Geen, deze tabel is stopgezet.
Deze tabel wordt opgevolgd door de tabel 'Vermogen huishoudens; regio (indeling 2023)'. Zie paragraaf 3.
Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
Toelichting onderwerpen
- Particuliere huishoudens
- Aantal particuliere huishoudens met vermogen per 1 januari van het verslagjaar.
Een particulier huishouden bestaat uit één of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf niet-bedrijfsmatig voorzien van de dagelijkse behoeften. - Particuliere huishoudens relatief
- Het percentage huishoudens met het geselecteerde kenmerk. De percentages tellen op tot 100% per regio.
- Totaal vermogen
- Totale som van het vermogen van particuliere huishoudens.
Vermogen is het saldo van bezittingen en schulden. Bezittingen worden gevormd door bank- en spaartegoeden, effecten, de eigen woning, overig onroerend goed, ondernemingsvermogen, aanmerkelijk belang en de overige bezittingen. De schulden omvatten onder meer schulden ten behoeve van een eigen woning en consumptief krediet. - Gemiddeld vermogen
- Gemiddeld vermogen van particuliere huishoudens.
Vermogen is het saldo van bezittingen en schulden. Bezittingen worden gevormd door bank- en spaartegoeden, effecten, de eigen woning, overig onroerend goed, ondernemingsvermogen, aanmerkelijk belang en de overige bezittingen. De schulden omvatten onder meer schulden ten behoeve van een eigen woning en consumptief krediet. - Mediaan vermogen
- Mediaan vermogen van particuliere huishoudens.
De mediaan is het middelste getal wanneer alle getalen van laag naar hoog worden gesorteerd.
Vermogen is het saldo van bezittingen en schulden. Bezittingen worden gevormd door bank- en spaartegoeden, effecten, de eigen woning, overig onroerend goed, ondernemingsvermogen, aanmerkelijk belang en de overige bezittingen. De schulden omvatten onder meer schulden ten behoeve van een eigen woning en consumptief krediet.