Kerncijfers wijken en buurten 2020

Kerncijfers wijken en buurten 2020

Wijken en buurten Arbeid Nettoarbeidsparticipatie (%) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; Bijstand (aantal) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; AO (aantal) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; WW (aantal) Sociale zekerheid Personen per soort uitkering; AOW (aantal)
Nederland 69 421.110 732.950 238.650 3.122.870
Aa en Hunze 67 380 1.100 310 6.200
Wijk 00 Annen 69 30 110 50 860
Annen 69 30 110 50 820
Verspreide huizen Annen . 0 10 0 40
Wijk 01 Eext 69 20 40 20 280
Eext 70 20 40 20 240
Verspreide huizen Eext 64 0 10 0 50
Wijk 02 Anloo 65 10 20 10 100
Anloo 65 10 10 10 80
Verspreide huizen Anloo . 10 10 0 10
Wijk 03 Gasteren 67 0 10 10 110
Gasteren 67 0 10 10 110
Verspreide huizen Gasteren . . . . .
Wijk 04 Anderen 71 0 10 0 60
Anderen 69 0 10 0 50
Verspreide huizen Anderen . . . . .
Wijk 05 Schipborg 56 10 10 10 200
Schipborg 56 10 10 10 180
Verspreide huizen Schipborg . 0 0 0 20
Wijk 06 Eexterveen 78 0 10 0 60
Eexterveen 77 0 10 0 50
Verspreide huizen Eexterveen . . . . .
Wijk 07 Spijkerboor . 0 0 0 30
Spijkerboor . 0 0 0 30
Verspreide huizen Spijkerboor . . . . .
Wijk 08 Nieuw-Annerveen . 0 10 0 20
Nieuw-Annerveen . 0 10 0 20
Verspreide huizen Nieuw-Annerveen . . . . .
Wijk 09 Oud-Annerveen . 0 10 0 20
Oud-Annerveen . 0 10 0 20
Verspreide huizen Oud-Annerveen . . . . .
Wijk 11 Annerveenschekanaal 73 10 30 10 50
Annerveenschekanaal 73 10 30 10 50
Verspreide huizen Annerveenschekanaal . . . . .
Wijk 12 Eexterveenschekanaal 61 0 20 10 40
Eexterveenschekanaal 61 0 10 10 40
Verspreide huizen Eexterveenschekanaal . . . . .
Wijk 13 Eexterzandvoort . 0 0 0 30
Eexterzandvoort . 0 0 0 20
Verspreide huizen Eexterzandvoort . . . . .
Wijk 14 Gasselte 63 30 50 10 570
Gasselte 64 20 30 10 470
Kostvlies . 0 0 0 40
Verspreide huizen Gasselte 60 0 20 0 60
Wijk 15 Gasselternijveen 63 80 90 20 350
Gasselternijveen 62 80 90 20 340
Gasselterboerveen . . . . .
Verspreide huizen Gasselternijveen . . . . .
Wijk 16 Gasselternijveenschemond 64 20 50 10 120
Gasselternijveenschemond 64 20 50 10 110
Gasselterboerveenschemond . . . . .
Verspr.h. Gasselternijveenschemond . . . . .
Wijk 17 Gieten 65 80 160 70 1.350
Gieten 65 70 150 60 1.310
Verspreide huizen Gieten . 0 0 0 50
Wijk 18 Gieterveen 70 20 50 20 220
Gieterveen 71 20 30 10 100
Bonnerveen . 0 0 0 10
Nieuwediep 68 0 10 10 50
Verspreide huizen Gieterveen 68 0 10 0 50
Wijk 19 Rolde 66 60 350 40 1.430
Rolde 65 60 140 40 1.250
Ballo . 0 10 0 40
Nijlande . 0 0 0 10
Deurze . 0 0 0 10
Verspreide huizen Nooitgedacht 73 10 200 0 80
Verspreide huizen Rolde . 0 10 0 30
Wijk 20 Grolloo 73 20 50 10 220
Grolloo 75 10 20 10 120
Schoonloo . 10 10 0 40
Verspreide huizen Papenvoort . 0 10 0 10
Verspreide huizen Grolloo 71 0 20 0 50
Wijk 21 Ekehaar 72 0 20 0 90
Ekehaar 71 0 10 0 60
Amen . 0 10 0 10
Verspreide huizen Ekehaar . 0 0 0 30
Aalsmeer 76 270 900 400 5.530
Wijk 00 Aalsmeer 74 140 370 140 2.940
Centrum 76 10 50 30 740
Stommeer 74 110 240 70 1.330
Hornmeer 70 20 80 40 680
Uiterweg 78 0 10 10 180
Wijk 01 Kudelstraat en Kalslagen 76 80 290 120 1.380
Kudelstaart 76 80 290 120 1.380
Wijk 02 Oosteinde 77 50 240 150 1.200
Bovenlanden 76 0 30 10 190
Greenpark 75 0 20 10 140
Oosteinde 78 50 190 120 790
Schinkelpolder 74 0 10 10 90
Aalten 72 290 1.140 280 5.600
Wijk 01 Buitengebied Aalten 78 10 90 30 710
Barlo-Kern . 0 0 0 10
Verspreide huizen Barlo 78 0 10 0 90
Verspreide huizen Heurne 81 0 10 0 60
Verspreide huizen IJzerlo 81 0 10 0 80
IJzerlo-kern . 0 0 0 30
Lintelo-kern . 0 10 0 30
Verspreide huizen ten westen van Aalten 77 0 0 0 50
Verspreide huizen Lintelo 79 0 20 10 110
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Overzicht van statistische gegevens van gemeenten, wijken en buurten in Nederland.

Gegevens beschikbaar over: 2020.

Status van de cijfers:
Definitief, tenzij in de toelichting bij het onderwerp expliciet is vermeld dat het voorlopige cijfers betreft.

Wijzigingen per september 2025
De indelingswijziging van de volgende 3 buurten (BU09951111, BU09951112 en BU09951113) in de gemeente Lelystad is gecorrigeerd. Deze indelingswijziging geeft aan dat deze buurten vergelijkbaar zijn met vorig jaar. Echter omdat de buurten nieuwe codes hadden gekregen t.o.v. voorgaand jaar moest de indelingswijziging de waarde '2' (vergelijkbaar met vorig jaar maar codes zijn veranderd) hebben i.p.v. de waarde '1' (vergelijkbaar en codes zijn gelijk aan vorig jaar).

Wijzigingen per maart 2024
De cijfers over eigendom (huur- en koopwoningen) binnen het thema wonen zijn gecorrigeerd. In 2023 is geconstateerd dat de afleiding van huurwoningen in bezit van woningcorporaties voor de jaren 2019 t/m 2022 niet altijd correct is verlopen, waardoor bij enkele gemeenten in specifieke jaren het aantal huurwoningen in bezit van woningcorporaties is onderschat en het aantal huurwoningen in bezit van overige verhuurders is overschat. De cijfers van 2020 t/m 2022 zijn nu gecorrigeerd. Het voornemen is om ook de cijfers voor 2019 in het tweede kwartaal van 2024 te corrigeren.

Wijzigingen per december 2023
Binnen het thema inkomen zijn de cijfers over het mediane vermogen van particuliere huishoudens herzien naar aanleiding van een fout in de bronbestanden van de studieschulden (=vermogen). Dit levert voor 2019 en 2020 geringe verschillen op in het mediane vermogen.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Elk kwartaal worden er nieuwe cijfers toegevoegd indien deze beschikbaar zijn.

Toelichting onderwerpen

Arbeid
Deze variabelen geven per gemeente, wijk en buurt inzicht in de nettoarbeidsparticipatie en het percentage werknemers en zelfstandigen.

De nettoarbeidsparticipatie is vermeld als percentage van het totaal aantal personen van 15 tot 75 jaar en vermeld bij minimaal 150 inwoners in een buurt. Het percentage werknemers en het percentage zelfstandigen zijn vermeld bij minimaal 150 werkenden (van 15 tot 75 jaar) in een buurt.
Nettoarbeidsparticipatie
Het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Sociale zekerheid
Deze variabelen geven per gemeente, wijk en buurt inzicht in het aantal personen dat een uitkering ontvangt op grond van arbeidsongeschiktheid, bijstand, werkloosheid en ouderdom.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.

Personen per soort uitkering; Bijstand
Personen die een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet ontvangen.
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt sinds 1 januari 2015 de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet Sociale Werkvoorziening (WsW) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
De wet regelt in Nederland de ondersteuning bij arbeidsinschakeling en het verlenen van bijstand door gemeenten voor mensen die weinig of geen ander inkomen (waaronder andere uitkeringen) hebben en ook weinig of geen vermogen. Gemeenten voeren de wet uit en bepalen, binnen de wettelijke grenzen, hun eigen beleid.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.
Personen per soort uitkering; AO
Personen die een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong) en de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).

Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)
Wet die als doel heeft om personen in loondienst te verzekeren van een loonvervangende uitkering bij langdurige arbeidsongeschiktheid. De WAO is met ingang van 29 december 2005 vervangen door de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), maar blijft bestaan voor mensen die al een WAO-uitkering hadden of binnen 5 jaar na het beëindigen van de uitkering opnieuw arbeidsongeschikt worden door dezelfde oorzaak.

Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ)
Een verplichte verzekering voor zelfstandigen, beroepsbeoefenaren, directeuren-grootaandeelhouders en meewerkende echtgenoten tegen de financiële gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid.
De WAZ is met ingang van 1 augustus 2004 geblokkeerd, maar blijft bestaan voor mensen die al een WAZ-uitkering hadden.

Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong)
Wettelijke voorziening in de financiële gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid van mensen die geen aanspraak kunnen maken op de WAO/WIA omdat er geen arbeidsverleden is opgebouwd.
Dit zijn mensen die arbeidsongeschikt zijn voor de dag dat zij 17 jaar worden of na hun 17e jaar arbeidsongeschikt worden en een opleiding of studie volgen.

Met ingang van 1 januari 2010 is de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong) in werking getreden, ter vervanging van de oude Wajong.
In tegenstelling tot de 'oude' Wajong hebben jongeren met een ziekte of handicap in de eerste plaats recht op hulp bij het vinden en houden van werk. Daaraan gekoppeld kunnen ze een inkomensondersteuning krijgen. De 'oude' Wajong blijft gelden voor jongeren die voor 1 januari 2010 een uitkering hebben aangevraagd.

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA)
De wet geeft werknemers die na een wachttijd van twee jaar nog minstens 35 procent arbeidsongeschikt zijn, recht op een uitkering.
De wet is zo opgezet dat een persoon gestimuleerd wordt om naar vermogen te werken.
De WIA kent twee regelingen: de regeling inkomensvoorziening volledig arbeidsongeschikten (IVA) en de regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA).
De IVA regelt een loonvervangende uitkering voor werknemers die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn.
De WGA regelt een aanvulling op het met arbeid verdiende inkomen of een minimumuitkering als men niet of onvoldoende werkt.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.
Personen per soort uitkering; WW
Personen die een uitkering ontvangen op grond van de Werkloosheidswet (WW).

Werkloosheidswet (WW)
De wet heeft tot doel werknemers te verzekeren tegen de financiële gevolgen van werkloosheid.
De wet voorziet in een uitkering die gerelateerd is aan het laatstverdiende inkomen uit dienstbetrekking. De duur van de uitkering is afhankelijk van het arbeidsverleden van de verzekerde. Het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) beoordeelt of men voor een WW-uitkering in aanmerking komt.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.
Personen per soort uitkering; AOW
Personen die een basispensioen van de Rijksoverheid ontvangen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW).

Algemene Ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.

Op het gebied van sociale zekerheid vinden er regelmatig revisies plaats. Via het thema sociale zekerheid in StatLine vindt u altijd de meest recente cijfers.