Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2019

Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2019

Wijken en buurten Perioden Personen per soort uitkering Werkloosheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Bijstandsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Arbeidsongeschiktheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering AOW-uitkering (aantal) Personen per soort uitkering, relatief Werkloosheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Bijstandsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Arbeidsongeschiktheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief AOW-uitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Inwoners Inwoners vanaf 15 jaar (aantal) Inwoners Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd (aantal) Inwoners Inwoners vanaf de AOW-leeftijd (aantal)
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2019 maart 0 0 0 50 1 1 1 25 220 160 60
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2019 juni 0 0 0 50 1 0 1 24 220 170 50
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2019 september 0 0 0 60 0 0 1 24 230 170 60
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2019 december 0 0 0 50 1 0 1 24 220 170 50
Van Boetzelaerstraat 2019 maart 40 30 70 380 2 1 3 18 2.160 1.770 380
Van Boetzelaerstraat 2019 juni 40 20 70 380 2 1 3 18 2.170 1.780 380
Van Boetzelaerstraat 2019 september 40 20 80 390 2 1 3 18 2.180 1.790 390
Van Boetzelaerstraat 2019 december 40 20 80 400 2 1 4 18 2.190 1.790 400
G. van Stellingwerfstraat 2019 maart 30 30 70 170 2 2 6 13 1.330 1.150 170
G. van Stellingwerfstraat 2019 juni 30 40 80 180 2 3 6 13 1.330 1.150 180
G. van Stellingwerfstraat 2019 september 30 30 70 180 2 2 5 14 1.320 1.140 180
G. van Stellingwerfstraat 2019 december 30 30 70 190 2 2 5 14 1.320 1.130 190
Juliana van Stolberg 2019 maart 30 90 90 210 2 8 8 18 1.170 960 210
Juliana van Stolberg 2019 juni 30 90 90 220 3 8 8 18 1.170 950 220
Juliana van Stolberg 2019 september 30 90 90 220 3 8 8 19 1.160 950 220
Juliana van Stolberg 2019 december 30 90 90 220 3 7 8 19 1.170 950 220
Van der Leekbuurt 2019 maart 20 30 70 370 1 2 4 21 1.770 1.400 370
Van der Leekbuurt 2019 juni 10 30 70 370 1 2 4 21 1.770 1.390 370
Van der Leekbuurt 2019 september 20 30 70 380 1 2 4 21 1.780 1.400 380
Van der Leekbuurt 2019 december 20 30 70 380 1 2 4 21 1.770 1.400 380
Van Loonbuurt 2019 maart 20 10 20 230 1 1 2 18 1.300 1.070 230
Van Loonbuurt 2019 juni 10 10 20 240 1 1 2 18 1.290 1.060 240
Van Loonbuurt 2019 september 10 10 20 240 1 1 2 18 1.310 1.070 240
Van Loonbuurt 2019 december 20 10 20 240 1 1 2 18 1.300 1.060 240
Van Lennepbuurt 2019 maart 130 470 330 890 2 7 5 14 6.350 5.460 890
Van Lennepbuurt 2019 juni 120 470 330 900 2 7 5 14 6.390 5.490 900
Van Lennepbuurt 2019 september 110 480 320 900 2 7 5 14 6.400 5.490 910
Van Lennepbuurt 2019 december 130 470 330 910 2 7 5 14 6.420 5.510 920
Van der Helstpleinbuurt 2019 maart 60 160 130 310 2 5 4 9 3.400 3.100 310
Van der Helstpleinbuurt 2019 juni 50 170 130 300 2 5 4 9 3.440 3.140 310
Van der Helstpleinbuurt 2019 september 60 160 130 310 2 5 4 9 3.520 3.210 310
Van der Helstpleinbuurt 2019 december 60 160 120 320 2 5 3 9 3.530 3.200 320
Laan van Spartaan 2019 maart 20 90 80 130 1 5 4 7 1.850 1.720 130
Laan van Spartaan 2019 juni 20 90 70 140 1 5 4 7 1.830 1.690 140
Laan van Spartaan 2019 september 30 80 70 140 2 5 4 7 1.830 1.700 140
Laan van Spartaan 2019 december 30 80 70 140 2 5 4 8 1.850 1.710 140
Pieter van der Doesbuurt 2019 maart 30 150 70 160 2 9 4 9 1.670 1.520 160
Pieter van der Doesbuurt 2019 juni 40 140 70 150 2 9 4 9 1.660 1.510 150
Pieter van der Doesbuurt 2019 september 30 140 70 150 2 9 4 9 1.650 1.500 150
Pieter van der Doesbuurt 2019 december 30 150 70 150 2 9 5 9 1.650 1.500 150
Van Galenbuurt 2019 maart 100 560 290 480 2 8 4 7 6.640 6.160 480
Van Galenbuurt 2019 juni 120 530 290 490 2 8 5 7 6.590 6.100 490
Van Galenbuurt 2019 september 140 550 290 490 2 8 4 7 6.650 6.160 490
Van Galenbuurt 2019 december 110 570 280 500 2 9 4 8 6.630 6.130 500
Van Tuyllbuurt 2019 maart 80 100 100 450 2 3 3 12 3.640 3.190 450
Van Tuyllbuurt 2019 juni 70 100 100 440 2 3 3 12 3.660 3.210 450
Van Tuyllbuurt 2019 september 60 90 100 450 2 3 3 12 3.670 3.220 450
Van Tuyllbuurt 2019 december 70 90 100 450 2 3 3 12 3.680 3.230 460
Van der Kunbuurt 2019 maart 10 50 30 70 2 9 6 14 550 470 70
Van der Kunbuurt 2019 juni 10 50 30 80 1 9 6 13 560 480 80
Van der Kunbuurt 2019 september 10 50 30 70 1 10 6 13 540 470 70
Van der Kunbuurt 2019 december 10 50 30 70 1 10 7 13 520 450 70
Van der Pekbuurt 2019 maart 70 530 280 370 2 13 7 9 3.970 3.600 380
Van der Pekbuurt 2019 juni 80 520 280 370 2 13 7 9 3.990 3.620 370
Van der Pekbuurt 2019 september 90 500 280 370 2 13 7 9 4.010 3.640 370
Van der Pekbuurt 2019 december 70 490 280 370 2 13 7 9 3.940 3.570 370
Plan van Gool 2019 maart 50 290 100 370 2 11 4 15 2.550 2.180 370
Plan van Gool 2019 juni 50 290 110 370 2 11 4 15 2.560 2.190 380
Plan van Gool 2019 september 50 290 100 370 2 11 4 15 2.550 2.170 380
Plan van Gool 2019 december 50 300 100 380 2 12 4 15 2.570 2.190 380
Filips van Almondekwartier 2019 maart 20 40 30 80 2 4 4 8 950 870 80
Filips van Almondekwartier 2019 juni 20 40 30 70 2 4 4 8 950 880 70
Filips van Almondekwartier 2019 september 20 40 40 70 2 4 4 8 960 890 70
Filips van Almondekwartier 2019 december 20 40 30 80 2 4 3 8 970 890 80
Van Brakelkwartier 2019 maart 20 90 40 90 3 10 5 11 850 760 90
Van Brakelkwartier 2019 juni 20 80 40 90 2 10 5 11 840 750 90
Van Brakelkwartier 2019 september 20 90 40 90 2 10 5 11 840 750 90
Van Brakelkwartier 2019 december 20 80 40 90 2 9 5 11 840 750 90
Emanuel van Meterenbuurt 2019 maart 30 90 80 390 2 5 4 21 1.800 1.420 390
Emanuel van Meterenbuurt 2019 juni 30 90 80 380 2 5 4 21 1.800 1.430 380
Emanuel van Meterenbuurt 2019 september 40 90 70 380 2 5 4 21 1.820 1.440 380
Emanuel van Meterenbuurt 2019 december 40 90 80 380 2 5 4 21 1.830 1.450 380
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2019 maart 0 0 10 20 1 1 6 20 90 70 20
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2019 juni 0 0 10 20 0 1 6 20 90 70 20
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2019 september 0 0 10 10 0 1 6 16 90 80 10
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2019 december 0 0 10 10 0 1 6 15 90 80 10
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2019 maart 0 0 0 30 2 2 2 19 130 110 30
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2019 juni 0 0 0 30 2 2 2 20 130 110 30
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2019 september 0 0 0 30 2 2 2 20 130 110 30
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2019 december 0 0 0 30 2 2 2 20 130 110 30
Van Verschuerbuurt 2019 maart 10 60 60 30 2 15 15 9 390 360 30
Van Verschuerbuurt 2019 juni 10 60 60 30 2 15 15 9 380 350 30
Van Verschuerbuurt 2019 september 10 60 60 30 2 15 15 8 380 350 30
Van Verschuerbuurt 2019 december 10 50 60 30 3 14 14 9 390 350 30
West van Schaarsbergen 2019 maart 10 10 220 80 1 2 32 11 700 620 80
West van Schaarsbergen 2019 juni 10 10 220 80 1 2 32 12 680 600 80
West van Schaarsbergen 2019 september 10 10 220 80 1 2 32 12 680 590 90
West van Schaarsbergen 2019 december 10 10 210 90 1 1 28 12 760 670 90
N.O. van Schaarsbergen 2019 maart 10 0 10 30 4 0 4 17 150 120 30
N.O. van Schaarsbergen 2019 juni 0 0 10 30 1 1 3 16 160 130 30
N.O. van Schaarsbergen 2019 september 0 0 10 30 1 0 4 16 170 140 30
N.O. van Schaarsbergen 2019 december 0 0 10 30 1 0 3 16 180 150 30
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2019 maart 0 0 10 90 1 0 4 25 340 260 90
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2019 juni 0 0 10 90 1 0 3 26 340 250 90
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2019 september 0 0 10 90 1 0 3 26 340 250 90
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2019 december 0 0 10 90 1 0 4 25 340 260 90
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2019 maart 0 0 0 20 1 0 1 24 90 70 20
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2019 juni 0 0 0 20 0 0 1 24 90 70 20
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2019 september 0 0 0 20 0 0 1 23 90 70 20
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2019 december 0 0 0 20 1 0 1 23 90 70 20
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat cijfers over het aantal personen met een sociale zekerheidsuitkering per gemeente, wijk en buurt (indeling 2019). Het betreft de personen met een uitkering voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom en bijstand.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).
Bij de categorie personen met een uitkering (totaal) wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

De cijfers over aantallen personen met een uitkering per buurt, wijk of gemeente kunnen in geringe mate afwijken van elders op StatLine gepubliceerde cijfers, doordat gebruik wordt gemaakt van de meest recente gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Omdat verschillende StatLine-tabellen op verschillende momenten geactualiseerd worden, kan het voorkomen dat voor de ene tabel een andere versie van de BRP wordt gebruikt dan voor een andere tabel. De laatst gepubliceerde cijfers zijn in dat geval het meest accuraat.
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagmaand.

Gegevens beschikbaar vanaf: maart 2019

Status van de cijfers:
De cijfers van 2019 zijn definitief.

Wijzigingen per 20 maart 2025:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Personen per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en ouderdomsuitkeringen.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW).
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet (PW).
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt sinds 1 januari 2015 de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Personen per soort uitkering, relatief
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidwet, Bijstandswet, Arbeidsongeschiktheidswet en de Algemene Ouderdomswet in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder per regio.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een bijstandsuitkering in het kader van de Participatiewet (PW) ontvangt in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt per 1 januari 2015 de WWB, de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een deel van de Wet Wajong.
De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
Personen die door lichamelijke, verstandelijke of psychische aandoeningen alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken vallen vanaf 1 januari 2015 onder de Participatiewet en niet meer onder de Wsw.
Ook jonggehandicapten die nog kunnen werken vallen vanaf die datum onder de Participatiewet en niet meer onder de Wet Wajong.
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners
Het aantal inwoners van een gemeente, wijk en buurt.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners vanaf 15 jaar
Het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf 15 jaar tot de AOW-leeftijd.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners vanaf de AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf de AOW-leeftijd.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.