Overheidsproductie en -consumptie; transacties, overheidssectoren

Overheidsproductie en -consumptie; transacties, overheidssectoren

Institutionele sectoren Transacties en saldi Perioden Overheidsproductie en -consumptie (mln euro)
Overheid P1 Output 2020 150.107
Overheid P11 Marktoutput 2020 7.652
Overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2020 6.613
Overheid P13 Niet-marktoutput 2020 135.842
Overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2020 12.134
Overheid P132 Overige niet-marktoutput 2020 123.708
Overheid P2 Intermediair verbruik 2020 51.122
Overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2020 98.985
Overheid P51c Verbruik van vaste activa 2020 25.805
Overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2020 73.180
Overheid D1 Beloning van werknemers 2020 72.588
Overheid D11 Lonen 2020 53.603
Overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2020 18.985
Overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2020 1.000
Overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2020 -481
Overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2020 73
Overheid P3 Consumptieve bestedingen 2020 209.743
Overheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2020 142.389
Overheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2020 56.354
Overheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2020 86.035
Overheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2020 67.354
Centrale overheid P1 Output 2020 60.358
Centrale overheid P11 Marktoutput 2020 3.074
Centrale overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2020 5.450
Centrale overheid P13 Niet-marktoutput 2020 51.834
Centrale overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2020 5.179
Centrale overheid P132 Overige niet-marktoutput 2020 46.655
Centrale overheid P2 Intermediair verbruik 2020 20.054
Centrale overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2020 40.304
Centrale overheid P51c Verbruik van vaste activa 2020 12.511
Centrale overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2020 27.793
Centrale overheid D1 Beloning van werknemers 2020 27.535
Centrale overheid D11 Lonen 2020 20.186
Centrale overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2020 7.349
Centrale overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2020 245
Centrale overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2020 -60
Centrale overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2020 73
Centrale overheid P3 Consumptieve bestedingen 2020 55.748
Centrale overheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2020 14.280
Centrale overheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2020 5.187
Centrale overheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2020 9.093
Centrale overheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2020 41.468
Rijksoverheid P1 Output 2020 34.468
Rijksoverheid P11 Marktoutput 2020 1.351
Rijksoverheid P12A Investeringen in eigen beheer 2020 1.131
Rijksoverheid P13 Niet-marktoutput 2020 31.986
Rijksoverheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2020 2.807
Rijksoverheid P132 Overige niet-marktoutput 2020 29.179
Rijksoverheid P2 Intermediair verbruik 2020 12.757
Rijksoverheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2020 21.711
Rijksoverheid P51c Verbruik van vaste activa 2020 6.068
Rijksoverheid B1n Netto toegevoegde waarde 2020 15.643
Rijksoverheid D1 Beloning van werknemers 2020 15.388
Rijksoverheid D11 Lonen 2020 11.055
Rijksoverheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2020 4.333
Rijksoverheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2020 184
Rijksoverheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2020 -2
Rijksoverheid B2n Netto exploitatieoverschot 2020 73
Rijksoverheid P3 Consumptieve bestedingen 2020 37.461
Rijksoverheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2020 10.380
Rijksoverheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2020 2.098
Rijksoverheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2020 8.282
Rijksoverheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2020 27.081
Overige centrale overheid P1 Output 2020 25.890
Overige centrale overheid P11 Marktoutput 2020 1.723
Overige centrale overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2020 4.319
Overige centrale overheid P13 Niet-marktoutput 2020 19.848
Overige centrale overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2020 2.372
Overige centrale overheid P132 Overige niet-marktoutput 2020 17.476
Overige centrale overheid P2 Intermediair verbruik 2020 7.297
Overige centrale overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2020 18.593
Overige centrale overheid P51c Verbruik van vaste activa 2020 6.443
Overige centrale overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2020 12.150
Overige centrale overheid D1 Beloning van werknemers 2020 12.147
Overige centrale overheid D11 Lonen 2020 9.131
Overige centrale overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2020 3.016
Overige centrale overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2020 61
Overige centrale overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2020 -58
Overige centrale overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2020 0
Overige centrale overheid P3 Consumptieve bestedingen 2020 18.287
Overige centrale overheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2020 3.900
Overige centrale overheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2020 3.089
Overige centrale overheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2020 811
Overige centrale overheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2020 14.387
Lokale overheid P1 Output 2020 86.147
Lokale overheid P11 Marktoutput 2020 4.578
Lokale overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2020 1.142
Lokale overheid P13 Niet-marktoutput 2020 80.427
Lokale overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2020 6.955
Lokale overheid P132 Overige niet-marktoutput 2020 73.472
Lokale overheid P2 Intermediair verbruik 2020 29.213
Lokale overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2020 56.934
Lokale overheid P51c Verbruik van vaste activa 2020 13.194
Lokale overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2020 43.740
Lokale overheid D1 Beloning van werknemers 2020 43.411
Lokale overheid D11 Lonen 2020 32.223
Lokale overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2020 11.188
Lokale overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2020 750
Lokale overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2020 -421
Lokale overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2020 0
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over de productie en consumptie van de sector overheid.
De overheidsproductie (output) wordt berekend vanuit de som van de productiekosten, die bestaan uit intermediair verbruik, beloning van werknemers, afschrijvingen, niet-productgebonden belastingen (betaalde), niet-productgebonden subsidies (ontvangen) en het netto exploitatieoverschot. Doordat de ontvangen subsidies de kosten verlagen hebben de subsidies een negatieve waarde in deze tabel.
Het merendeel van overheidsproductie wordt gebruikt als overige niet-marktoutput vrijelijk beschikbaar gesteld aan de burgers via de overheidsconsumptie. Het resterende en kleinere deel van de overheidsproductie wordt verkocht op de markt, gebruikt voor investeringen in eigen beheer, of wordt weliswaar verstrekt als niet-marktoutput, maar met een gedeeltelijke vergoeding.

Overheidsconsumptie is onder te verdelen naar individuele en collectieve consumptieve bestedingen. De individuele overheidsconsumptie is gelijk aan de sociale overdrachten in natura van de overheid, die deels door de overheid zelf is geproduceerd en voor ander deel is aangekocht bij marktproducenten. Bij de individuele overheidsconsumptie gaat het om uitgaven voor de rechtstreekse bevrediging van individuele behoeften of wensen van leden van de samenleving. De collectieve overheidsconsumptie is het resterende deel van de overheidsconsumptie en heeft betrekking op de collectieve behoeften en wensen van leden van de samenleving. Het onderscheid tussen de individuele en de collectieve overheidsconsumptie wordt gemaakt op basis van de 'Classification of the Functions of Government' (COFOG).

De gebruikte begrippen sluiten aan bij de Nationale rekeningen. De Nationale rekeningen zijn gebaseerd op de internationale definities van het Europees Systeem van Rekeningen (ESR 2010). Het transactiemoment bepaalt het moment van boeken. De gepresenteerde gegevens sluiten aan bij de publicaties over de Nationale rekeningen. Er kunnen kleine tijdelijke verschillen met de publicaties van de Nationale rekeningen optreden doordat de gepubliceerde cijfers van de overheidsrekeningen soms actueler zijn.

Gegevens beschikbaar vanaf:
Jaarcijfers vanaf 1995.

Status van de cijfers:
Het verslagjaar 2024 heeft de status voorlopig, de verslagjaren 2023 en eerder hebben de status definitief.

Wijzigingen per 24 juni 2025:
Cijfers over het jaar 2024 zijn beschikbaar.
De cijfers over jaar 2023 zijn nu definitief.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De eerste jaarcijfers worden zes maanden na afloop van het verslagjaar gepubliceerd.
Vervolgens worden de jaarcijfers na 18 maanden gereviseerd. Hiernaast kunnen er tussentijdse actualisaties plaatsvinden om eind maart en eind september de meest actuele gegevens over de overheid aan de Europese Commissie te verstrekken.
Informatie over het revisiebeleid van Nationale rekeningen is te vinden onder paragraaf 3 'relevante artikelen'.

Toelichting onderwerpen

Overheidsproductie en -consumptie
Overheidsproductie en overheidsconsumptie

De overheidsproductie (output P1) wordt berekend vanuit de som van de productiekosten, die bestaan uit intermediair verbruik P2, beloning van werknemers D1, afschrijvingen P51c, (betaalde) niet-productgebonden belastingen D29, (ontvangen) niet-productgebonden subsidies D39 en het netto exploitatieoverschot B2n:
P1 = P2 + D1 + P51c + D29 + D39 + B2n
Doordat de ontvangen subsidies de kosten verlagen hebben de subsidies een negatieve waarde in deze tabel.
Een deel van de overheidsproductie P1 wordt verkocht op de markt P11, gebruikt voor investeringen in eigen beheer P12A, of wordt verstrekt met een vergoeding voor de niet-marktoutput P131. Het grootste deel van overheidsproductie wordt gebruikt voor overige niet-marktoutput P132. Er geldt dus:
P1 = P11 + P12A + P131 + P132
Overheidsconsumptie P3 is onder te verdelen naar individuele P31 en collectieve consumptieve bestedingen P32:
P3 = P31 + P32
De individuele overheidsconsumptie is gelijk aan de sociale overdrachten in natura van de overheid, die voor een deel door de overheid zelf is geproduceerd D631 en voor het andere deel is aangekocht bij marktproducenten D632:
P31 = D631 + D632
De collectieve overheidsconsumptie P32 is het deel van overige niet markt-output P132, dat niet aan individuele overheidsconsumptie D631 is besteed. Er geldt dus ook:
P132 = D631 + P32
Voor de saldi geldt:
B1g = P1 - P2 = B1n + P51c
B1n = D1 + D29 + D39 + B2n