Elektriciteitsbalans; aanbod en verbruik

Elektriciteitsbalans; aanbod en verbruik

Perioden Bruto productie (mln kWh) Eigen verbruik bij elektr.productie (mln kWh) Netto productie Netto productie, totaal (mln kWh) Netto productie Kernenergie (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Brandstoffen, totaal (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Kolen (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Olieproducten (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Aardgas (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Biomassa (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar) (mln kWh)
2020 januari 11.582 308 11.274 361 9.227 935 147 7.498 513 136
2020 februari 10.334 281 10.054 330 7.574 842 145 5.875 588 125
2020 maart 10.014 294 9.720 360 7.213 920 139 5.337 705 112
2020 1e kwartaal 31.931 883 31.048 1.050 24.015 2.696 431 18.710 1.805 373
2020 april 8.368 260 8.108 347 5.809 472 104 4.542 552 138
2020 mei 9.560 276 9.284 311 6.790 501 77 5.397 661 154
2020 juni 9.216 245 8.971 156 6.815 391 95 5.677 516 137
2020 2e kwartaal 27.144 781 26.363 815 19.414 1.365 276 15.616 1.728 429
2020 juli 10.837 270 10.567 304 8.215 542 105 6.734 695 139
2020 augustus 11.140 296 10.844 346 8.445 600 112 6.915 680 137
2020 september 10.240 293 9.946 337 7.766 1.157 94 5.723 664 128
2020 3e kwartaal 32.217 859 31.357 987 24.425 2.299 311 19.372 2.039 404
2020 oktober 10.564 300 10.264 354 7.559 1.094 109 5.475 744 138
2020 november 10.493 300 10.193 301 7.942 1.071 86 5.911 746 128
2020 december 10.930 317 10.613 357 8.266 1.075 106 6.113 829 143
2020 4e kwartaal 31.987 917 31.070 1.013 23.767 3.240 301 17.498 2.319 408
2020 123.278 3.440 119.838 3.865 91.621 9.601 1.319 71.196 7.891 1.615
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft het aanbod van elektriciteit weer. Uit het aanbod wordt het verbruik berekend. Het aanbod van elektriciteit betreft de productie plus invoer minus uitvoer. Het grootste deel van de geproduceerde elektriciteit wordt afgeleverd aan het openbare elektriciteitsnet door bijvoorbeeld elektriciteitscentrales en windmolens. Een kleiner deel wordt door bedrijven zelf opgewekt ten bate van hun eigen bedrijfsprocessen. Zo wekken veel tuinders zelf elektriciteit op voor de belichting van hun kassen.

De netto productie wordt bepaald als bruto productie minus het eigen verbruik van elektriciteit. Het eigen verbruik is de hoeveelheid elektriciteit die een producent of installatie verbruikt bij de elektriciteitsproductie. De netto productie wordt in deze tabel uitgesplitst naar de volgende energiebronnen waaruit de elektriciteit wordt geproduceerd: kernenergie, kolen, olieproducten, aardgas, biomassa, overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar), waterkracht, windenergie, zonnestroom en overige bronnen.

De in- en uitvoer wordt nader uitgesplitst naar het land van herkomst of bestemming.

Het totale netto verbruik van elektriciteit in Nederland wordt berekend als de netto productie plus de invoer verminderd met de uitvoer en de distributieverliezen.

Gegevens beschikbaar vanaf:
Volledige gegevens per maand zijn beschikbaar vanaf 2015. Vanaf 1936 per jaar en vanaf 1976 per maand zijn alleen de totale productie, invoer en uitvoer bekend.

Status van de cijfers:
- tot en met 2023 definitief;
- 2024 is nader voorlopig;
- 2025 is voorlopig.

Wijzigingen per december 2025
Cijfers over oktober 2025 toegevoegd.

Wijzigingen per 28 november 2025
Cijfers over september 2025 toegevoegd.

Wijzigingen per 18 november 2025:
Cijfers over 2023 en 2024 zijn verbeterd.

Wijzigingen per 31 oktober 2025
Cijfers over augustus 2025 toegevoegd.

Wijzigingen per 30 september 2025:
Cijfers over juli 2025 toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Voorlopige cijfers: de tweede maand na afloop van de verslagperiode.
Nader voorlopige cijfers: uiterlijk in december van het jaar volgend op het verslagjaar.
Definitieve cijfers: uiterlijk in december van het tweede jaar volgend op het verslagjaar.

Toelichting onderwerpen

Bruto productie
De totale hoeveelheid opgewekte elektriciteit in Nederland. Dit is zonder aftrek van het eigen verbruik van de installaties waarmee de elektriciteit is geproduceerd.
Eigen verbruik bij elektr.productie
De hoeveelheid elektriciteit die een producent of installatie verbruikt bij de elektriciteitsproductie.
Netto productie
De totale hoeveelheid opgewekte elektriciteit in Nederland minus het eigen verbruik van de installaties waarmee de elektriciteit is geproduceerd.
Netto productie, totaal
Kernenergie
Energie die vrijkomt bij splitsing of fusie van atoomkernen. Door verhitting van water wordt deze energie omgezet in stoom onder hoge druk. Vervolgens kan met deze stoom elektriciteit worden opgewekt met behulp van een stoomturbine.
Brandstoffen
Stof waaruit door middel van verbranding energie wordt gewonnen.
Brandstoffen, totaal
Kolen
Kool bestaat uit steenkool, bruinkool en koolproducten. Steenkool en bruinkool zijn vaste fossiele brandstoffen die bestaan uit verkoolde plantenresten. Het verkolen is een gevolg van langdurige blootstelling aan hoge temperatuur en druk. De belangrijkste koolproducten in Nederland zijn cokesovencokes, cokesovengas, hoogovengas en steenkoolteer. Voor elektriciteitsproductie wordt in Nederland gebruik gemaakt van steenkool (ketelkool), cokesovengas en hoogovengas.
Olieproducten
Vloeibare en gasvormige brandstoffen gemaakt uit aardoliegrondstoffen zoals ruwe olie en aardgascondensaat. Voorbeelden van aardolieproducten zijn benzine, gasolie/diesel, kerosine, zware stookolie, LPG, nafta en olierestgassen. Voor elektriciteitsproductie wordt in Nederland gebruik gemaakt van olierestgassen en een klein beetje andere olieproducten.
Aardgas
Gas van natuurlijke oorsprong dat vooral bestaat uit methaan. Het ontstaat bij hetzelfde proces dat tot de vorming van aardolie leidt. Voor vervoer over lange afstanden per schip wordt aardgas vloeibaar gemaakt.
Biomassa
Plantaardig of dierlijk materiaal van recente oorsprong in gebruik voor de productie van energie. Voorbeelden zijn hout, mest en afval uit de voedselverwerkende industrie.
Overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar)
Het niet-hernieuwbare deel van huishoudelijk en industrieel afval.