Elektriciteitsbalans; aanbod en verbruik

Elektriciteitsbalans; aanbod en verbruik

Perioden Bruto productie (mln kWh) Eigen verbruik bij elektr.productie (mln kWh) Netto productie Netto productie, totaal (mln kWh) Netto productie Kernenergie (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Brandstoffen, totaal (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Kolen (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Olieproducten (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Aardgas (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Biomassa (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar) (mln kWh) Netto productie Waterkracht (mln kWh) Netto productie Windenergie Windenergie, totaal (mln kWh) Netto productie Windenergie Windenergie op land (mln kWh) Netto productie Windenergie Windenergie op zee (mln kWh) Netto productie Zonnestroom (mln kWh) Netto productie Overige bronnen (mln kWh) Invoer Invoer, totaal (mln kWh) Invoer België (mln kWh) Invoer Denemarken (mln kWh) Invoer Duitsland (mln kWh) Invoer Verenigd Koninkrijk (mln kWh) Invoer Noorwegen (mln kWh) Uitvoer Uitvoer, totaal (mln kWh) Uitvoer België (mln kWh) Uitvoer Denemarken (mln kWh) Uitvoer Duitsland (mln kWh) Uitvoer Verenigd Koninkrijk (mln kWh) Uitvoer Noorwegen (mln kWh) Distributieverliezen (mln kWh) Netto verbruik (berekend) (mln kWh)
2019 oktober** 10.910 314 10.596 354 8.823 1.631 152 6.530 379 131 5 1.111 753 358 267 36 1.254 283 102 706 37 126 1.679 346 257 532 398 146 434 9.737
2020 juli* 10.765 291 10.474 304 8.174 538 76 6.726 692 143 1 865 580 285 1.095 35 1.154 272 140 348 84 309 2.422 423 152 1.543 294 10 410 8.796
2020 augustus* 11.020 297 10.724 346 8.395 593 83 6.903 676 141 0 871 538 333 1.048 64 1.108 75 61 501 25 446 2.286 703 238 956 388 1 388 9.159
2020 september* 10.117 294 9.823 337 7.717 1.150 75 5.709 653 131 1 970 523 447 745 53 1.427 143 155 646 21 462 1.938 890 101 622 323 3 399 8.913
2020 oktober* 10.442 299 10.142 354 7.468 1.093 81 5.450 714 129 3 1.927 1.007 920 331 60 1.841 145 0 1.160 27 508 1.930 1.127 0 259 540 5 434 9.619
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft het aanbod van elektriciteit weer. Uit het aanbod wordt het verbruik berekend. Het aanbod van elektriciteit betreft de productie plus invoer minus uitvoer. Het grootste deel van de geproduceerde elektriciteit wordt afgeleverd aan het openbare elektriciteitsnet door bijvoorbeeld elektriciteitscentrales en windmolens. Een kleiner deel wordt door bedrijven zelf opgewekt ten bate van hun eigen bedrijfsprocessen. Zo wekken veel tuinders zelf elektriciteit op voor de belichting van hun kassen.

De netto productie wordt bepaald als bruto productie minus het eigen verbruik van elektriciteit. Het eigen verbruik is de hoeveelheid elektriciteit die een producent of installatie verbruikt bij de elektriciteitsproductie. De netto productie wordt in deze tabel uitgesplitst naar de volgende energiebronnen waaruit de elektriciteit wordt geproduceerd: kernenergie, kolen, olieproducten, aardgas, biomassa, overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar), waterkracht, windenergie, zonnestroom en overige bronnen.

De in- en uitvoer wordt nader uitgesplitst naar het land van herkomst of bestemming.

Het totale netto verbruik van elektriciteit in Nederland wordt berekend als de netto productie plus de invoer verminderd met de uitvoer en de distributieverliezen.

Gegevens beschikbaar vanaf:
Volledige gegevens per maand zijn beschikbaar vanaf 2015. Vanaf 1936 per jaar en vanaf 1976 per maand zijn alleen de totale productie, invoer en uitvoer bekend.

Status van de cijfers:
Alle cijfers tot en met verslagjaar 2017 zijn definitief. De cijfers over 2018 en 2019 zijn nader voorlopig, de cijfers over 2020 zijn voorlopig.

Wijzingen per december 2020:
Cijfers over 2018 en 2019 zijn bijgesteld en cijfers over oktober 2020 zijn toegevoegd.


Wijzingen per 4 december 2020:
De cijfers over september 2020 en het derde kwartaal van 2020 zijn toegevoegd.


Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Voorlopige cijfers: de tweede maand na afloop van de verslagperiode.
Nader voorlopige cijfers: uiterlijk in december van het jaar volgend op het verslagjaar.
Definitieve cijfers: uiterlijk in december van het tweede jaar volgend op het verslagjaar.

Toelichting onderwerpen

Bruto productie
De totale hoeveelheid opgewekte elektriciteit in Nederland. Dit is zonder aftrek van het eigen verbruik van de installaties waarmee de elektriciteit is geproduceerd.
Eigen verbruik bij elektr.productie
De hoeveelheid elektriciteit die een producent of installatie verbruikt bij de elektriciteitsproductie.
Netto productie
De totale hoeveelheid opgewekte elektriciteit in Nederland minus het eigen verbruik van de installaties waarmee de elektriciteit is geproduceerd.
Netto productie, totaal
Kernenergie
Energie die vrijkomt bij splitsing of fusie van atoomkernen. Door verhitting van water wordt deze energie omgezet in stoom onder hoge druk. Vervolgens kan met deze stoom elektriciteit worden opgewekt met behulp van een stoomturbine.
Brandstoffen
Stof waaruit door middel van verbranding energie wordt gewonnen.
Brandstoffen, totaal
Kolen
Vaste fossiele brandstof die bestaat uit verkoolde plantenresten. Het verkolen is een gevolg van langdurige blootstelling aan hoge temperatuur en druk. Van kool kunnen diverse producten worden afgeleid, zoals steenkoolcokes en hoogovengas. Soorten steenkool zijn antraciet, cokeskool en ketelkool.
Olieproducten
Een vloeibare, fossiele brandstof bestaande uit ketens van koolwaterstoffen. Ruwe aardolie wordt gewonnen uit de natuur. In raffinaderijen wordt ruwe aardolie omgezet in diverse aardolieproducten.
Aardgas
Gas van natuurlijke oorsprong dat vooral bestaat uit methaan. Het ontstaat bij hetzelfde proces dat tot de vorming van aardolie leidt. Voor vervoer over lange afstanden per schip wordt aardgas vloeibaar gemaakt.
Biomassa
Plantaardig of dierlijk materiaal van recente oorsprong in gebruik voor de productie van energie. Voorbeelden zijn hout, mest en afval uit de voedselverwerkende industrie.
Overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar)
Het niet-hernieuwbare deel van huishoudelijk en industrieel afval.
Waterkracht
Energie, opgewekt met behulp van vallend of stromend water.
Windenergie
Windenergie, totaal
Energie, opgewekt met een windmolen of windturbine.
Windmolens staan op land of in binnenwateren of op zee. Windmolens geplaatst in binnenwateren, zoals het IJsselmeer, worden gerekend bij windenergie op land.

Het op zee plaatsen van windmolens is veel duurder dan op land. Daar staat tegenover dat het op zee harder waait en dat de landschappelijke inpasbaarheid vaak als minder problematisch wordt ervaren.
Windenergie op land
Windenergie afkomstig van windmolens op land.

Ook de windmolens geplaatst in binnenwateren, zoals het IJsselmeer, vallen hieronder.
Windenergie op zee
Energie afkomstig van windmolens op zee.

In het najaar van 2006 is het eerste windpark op zee in gebruik genomen.
Zonnestroom
Zonnestraling omgezet in elektriciteit. Ook bekend als fotovoltaïsch opgewekte zonne-energie.
Overige bronnen
Bijvoorbeeld expansieturbines (waarin gassen onder hoge druk uitzetten, waardoor de turbine elektriciteit produceert), (rest)stoom, voedingwater.
Invoer
Elektriciteit die via het hoogspanningsnet het land binnenkomt. Nederland heeft rechtstreekse verbindingen met België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Noorwegen. Een verbinding met Denemarken in aanbouw. Deze wordt volgens planning in 2019 in gebruik genomen.
Invoer, totaal
België
Denemarken
Duitsland
Verenigd Koninkrijk
Noorwegen
Uitvoer
Elektriciteit die via het hoogspanningsnet het land uitgaat. Nederland heeft rechtstreekse verbindingen met België, Duitsland, Engeland en Noorwegen. Een verbinding met Denemarken in aanbouw. Deze wordt volgens planning in 2019 in gebruik genomen.
Uitvoer, totaal
België
Denemarken
Duitsland
Verenigd Koninkrijk
Noorwegen
Distributieverliezen
Elektriciteit die verloren gaat. Dit betreft de totale netverliezen, dus het fysieke verlies door het transport van elektriciteit en het administratieve verlies door fraude, meetfouten en onvolkomenheden in de administratie.
Netto verbruik (berekend)
Het totale netto verbruik van elektriciteit in Nederland wordt berekend als de netto productie plus de invoer verminderd met de uitvoer en de distributieverliezen.