Elektriciteitsbalans; aanbod en verbruik

Elektriciteitsbalans; aanbod en verbruik

Perioden Bruto productie (mln kWh) Eigen verbruik bij elektr.productie (mln kWh) Netto productie Netto productie, totaal (mln kWh) Netto productie Kernenergie (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Brandstoffen, totaal (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Kolen (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Olieproducten (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Aardgas (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Biomassa (mln kWh) Netto productie Brandstoffen Overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar) (mln kWh) Netto productie Waterkracht (mln kWh) Netto productie Windenergie Windenergie, totaal (mln kWh) Netto productie Windenergie Windenergie op land (mln kWh) Netto productie Windenergie Windenergie op zee (mln kWh) Netto productie Zonnestroom (mln kWh) Netto productie Overige bronnen (mln kWh) Invoer Invoer, totaal (mln kWh) Invoer België (mln kWh) Invoer Denemarken (mln kWh) Invoer Duitsland (mln kWh) Invoer Verenigd Koninkrijk (mln kWh) Invoer Noorwegen (mln kWh) Uitvoer Uitvoer, totaal (mln kWh) Uitvoer België (mln kWh) Uitvoer Denemarken (mln kWh) Uitvoer Duitsland (mln kWh) Uitvoer Verenigd Koninkrijk (mln kWh) Uitvoer Noorwegen (mln kWh) Distributieverliezen (mln kWh) Netto verbruik (berekend) (mln kWh)
2025 januari* 12.293 378 11.915 362 8.101 1.674 125 5.331 826 145 8 2.943 1.584 1.359 445 56 1.578 157 210 816 4 391 2.261 1.091 115 970 72 13 440 10.791
2025 februari* 12.056 330 11.727 326 7.636 1.756 118 4.875 754 134 15 2.678 1.362 1.317 1.019 52 1.168 107 107 437 172 344 2.832 1.071 199 1.303 257 4 394 9.669
2025 maart* 11.893 326 11.567 361 6.816 1.641 128 4.113 784 150 11 1.855 987 868 2.465 58 1.327 154 159 563 128 323 3.165 1.523 172 1.035 397 37 404 9.325
2025 1e kwartaal* 36.242 1.034 35.208 1.049 22.553 5.071 370 14.319 2.364 429 34 7.477 3.933 3.544 3.930 166 4.072 418 476 1.816 305 1.058 8.258 3.684 486 3.308 726 53 1.238 29.784
2026 januari* 14.185 430 13.755 362 9.276 1.522 106 6.719 807 122 4 3.554 1.684 1.871 501 58 1.195 48 97 764 133 153 3.444 1.540 254 1.203 358 90 439 11.067
2026 februari* 12.015 366 11.649 327 6.882 1.331 79 4.784 573 114 4 3.597 1.750 1.847 787 53 1.234 31 44 891 231 37 2.942 1.460 327 682 247 225 393 9.548
2026 maart* 10.765 334 10.431 357 4.980 1.112 101 3.025 608 135 4 2.805 1.488 1.317 2.227 59 1.975 171 132 1.344 193 135 2.524 1.256 207 591 360 110 405 9.478
2026 1e kwartaal* 36.966 1.130 35.836 1.045 21.138 3.965 285 14.528 1.987 372 11 9.957 4.922 5.034 3.515 169 4.403 249 273 2.999 558 325 8.909 4.256 787 2.476 966 425 1.237 30.093
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft het aanbod van elektriciteit weer. Uit het aanbod wordt het verbruik berekend. Het aanbod van elektriciteit betreft de productie plus invoer minus uitvoer. Het grootste deel van de geproduceerde elektriciteit wordt afgeleverd aan het openbare elektriciteitsnet door bijvoorbeeld elektriciteitscentrales en windmolens. Een kleiner deel wordt door bedrijven zelf opgewekt ten bate van hun eigen bedrijfsprocessen. Zo wekken veel tuinders zelf elektriciteit op voor de belichting van hun kassen.

De netto productie wordt bepaald als bruto productie minus het eigen verbruik van elektriciteit. Het eigen verbruik is de hoeveelheid elektriciteit die een producent of installatie verbruikt bij de elektriciteitsproductie. De netto productie wordt in deze tabel uitgesplitst naar de volgende energiebronnen waaruit de elektriciteit wordt geproduceerd: kernenergie, kolen, olieproducten, aardgas, biomassa, overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar), waterkracht, windenergie, zonnestroom en overige bronnen.

De in- en uitvoer wordt nader uitgesplitst naar het land van herkomst of bestemming.

Het totale netto verbruik van elektriciteit in Nederland wordt berekend als de netto productie plus de invoer verminderd met de uitvoer en de distributieverliezen.

Gegevens beschikbaar vanaf:
Volledige gegevens per maand zijn beschikbaar vanaf 2015. Vanaf 1936 per jaar en vanaf 1976 per maand zijn alleen de totale productie, invoer en uitvoer bekend.

Status van de cijfers:
- tot en met 2023 definitief;
- 2024 is nader voorlopig;
- 2025 en 2026 zijn voorlopig.

Wijzigingen per 29 mei:
Cijfers over maart 2026 toegevoegd.

Wijzigingen per 30 april:
Cijfers over februari 2026 toegevoegd.

Wijzigingen per 31 maart 2026:
Cijfers over januari 2026 toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Voorlopige cijfers: de tweede maand na afloop van de verslagperiode.
Nader voorlopige cijfers: uiterlijk in december van het jaar volgend op het verslagjaar.
Definitieve cijfers: uiterlijk in december van het tweede jaar volgend op het verslagjaar.

Toelichting onderwerpen

Bruto productie
De totale hoeveelheid opgewekte elektriciteit in Nederland. Dit is zonder aftrek van het eigen verbruik van de installaties waarmee de elektriciteit is geproduceerd.
Eigen verbruik bij elektr.productie
De hoeveelheid elektriciteit die een producent of installatie verbruikt bij de elektriciteitsproductie.
Netto productie
De totale hoeveelheid opgewekte elektriciteit in Nederland minus het eigen verbruik van de installaties waarmee de elektriciteit is geproduceerd.
Netto productie, totaal
Kernenergie
Energie die vrijkomt bij splitsing of fusie van atoomkernen. Door verhitting van water wordt deze energie omgezet in stoom onder hoge druk. Vervolgens kan met deze stoom elektriciteit worden opgewekt met behulp van een stoomturbine.
Brandstoffen
Stof waaruit door middel van verbranding energie wordt gewonnen.
Brandstoffen, totaal
Kolen
Kool bestaat uit steenkool, bruinkool en koolproducten. Steenkool en bruinkool zijn vaste fossiele brandstoffen die bestaan uit verkoolde plantenresten. Het verkolen is een gevolg van langdurige blootstelling aan hoge temperatuur en druk. De belangrijkste koolproducten in Nederland zijn cokesovencokes, cokesovengas, hoogovengas en steenkoolteer. Voor elektriciteitsproductie wordt in Nederland gebruik gemaakt van steenkool (ketelkool), cokesovengas en hoogovengas.
Olieproducten
Vloeibare en gasvormige brandstoffen gemaakt uit aardoliegrondstoffen zoals ruwe olie en aardgascondensaat. Voorbeelden van aardolieproducten zijn benzine, gasolie/diesel, kerosine, zware stookolie, LPG, nafta en olierestgassen. Voor elektriciteitsproductie wordt in Nederland gebruik gemaakt van olierestgassen en een klein beetje andere olieproducten.
Aardgas
Gas van natuurlijke oorsprong dat vooral bestaat uit methaan. Het ontstaat bij hetzelfde proces dat tot de vorming van aardolie leidt. Voor vervoer over lange afstanden per schip wordt aardgas vloeibaar gemaakt.
Biomassa
Plantaardig of dierlijk materiaal van recente oorsprong in gebruik voor de productie van energie. Voorbeelden zijn hout, mest en afval uit de voedselverwerkende industrie.
Overige brandstoffen (niet-hernieuwbaar)
Het niet-hernieuwbare deel van huishoudelijk en industrieel afval.
Waterkracht
Energie, opgewekt met behulp van vallend of stromend water.
Windenergie
Windenergie, totaal
Energie, opgewekt met een windmolen of windturbine.
Windmolens staan op land of in binnenwateren of op zee. Windmolens geplaatst in binnenwateren, zoals het IJsselmeer, worden gerekend bij windenergie op land.

Het op zee plaatsen van windmolens is veel duurder dan op land. Daar staat tegenover dat het op zee harder waait en dat de landschappelijke inpasbaarheid vaak als minder problematisch wordt ervaren.
Windenergie op land
Windenergie afkomstig van windmolens op land.

Ook de windmolens geplaatst in binnenwateren, zoals het IJsselmeer, vallen hieronder.
Windenergie op zee
Energie afkomstig van windmolens op zee.

In het najaar van 2006 is het eerste windpark op zee in gebruik genomen.
Zonnestroom
Zonnestraling omgezet in elektriciteit. Ook bekend als fotovoltaïsch opgewekte zonne-energie.
Overige bronnen
Bijvoorbeeld expansieturbines (waarin gassen onder hoge druk uitzetten, waardoor de turbine elektriciteit produceert), (rest)stoom, voedingwater.
Invoer
Elektriciteit die via het hoogspanningsnet het land binnenkomt. Nederland heeft rechtstreekse verbindingen met België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen en Denemarken.
Invoer, totaal
België
Denemarken
Duitsland
Verenigd Koninkrijk
Noorwegen
Uitvoer
Elektriciteit die via het hoogspanningsnet het land uitgaat. Nederland heeft rechtstreekse verbindingen met België, Denemarken, Duitsland, Engeland en Noorwegen.
Uitvoer, totaal
België
Denemarken
Duitsland
Verenigd Koninkrijk
Noorwegen
Distributieverliezen
Elektriciteit die verloren gaat. Dit betreft de totale netverliezen, dus het fysieke verlies door het transport van elektriciteit en het administratieve verlies door fraude, meetfouten en onvolkomenheden in de administratie.
Netto verbruik (berekend)
Het totale netto verbruik van elektriciteit in Nederland wordt berekend als de netto productie plus de invoer verminderd met de uitvoer en de distributieverliezen.