Maatstaven gemeentefonds: Sociaal domein: diverse peildata; regio 2018

Maatstaven gemeentefonds: Sociaal domein: diverse peildata; regio 2018

Regio's Participatiewet Sociale zekerheid Personen met bijstand tot AOW-leeftijd (aantal) Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) Periodieke bijstandsuitkeringen Totaal (aantal) Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) Periodieke bijstandsuitkeringen WWB uitkeringen (aantal) Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) Periodieke bijstandsuitkeringen IOAW uitkeringen (aantal) Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) Periodieke bijstandsuitkeringen IOAZ uitkeringen (aantal) Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) Periodieke bijstandsuitkeringen Uitkeringen aan adreslozen (aantal) Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) Periodieke bijstandsuitkeringen BBZ uitkeringen (aantal)
Nederland 517.910 434.800 400.190 23.370 1.780 5.620 3.850
Aa en Hunze 470 380 320 30 10 0 10
Aalburg 150 120 110 10 0 0 0
Aalsmeer 280 220 200 10 0 0 0
Aalten 410 340 310 30 0 0 0
Achtkarspelen 900 710 630 70 0 0 10
Alblasserdam 400 330 320 10 0 0 0
Albrandswaard 400 270 260 20 0 0 0
Alkmaar 2.930 2.520 2.350 110 10 40 10
Almelo 3.530 2.790 2.590 150 10 0 40
Almere 7.140 6.160 5.610 320 30 90 120
Alphen aan den Rijn 2.080 1.730 1.590 110 20 0 10
Alphen-Chaam 120 100 90 10 0 0 0
Ameland 10 10 10 10 0 0 0
Amersfoort 4.130 3.460 3.120 220 10 80 40
Amstelveen 1.260 1.070 980 80 0 0 10
Amsterdam 47.590 40.770 37.170 1.570 140 1.550 350
Apeldoorn 4.460 3.620 3.370 200 10 10 20
Appingedam 530 460 430 30 0 0 0
Arnhem 9.270 7.870 7.330 390 20 80 50
Assen 2.540 2.090 1.960 80 10 10 30
Asten 240 200 190 10 0 0 0
Baarle-Nassau 110 70 70 10 0 0 0
Baarn 440 360 330 30 0 0 0
Barendrecht 620 480 440 30 0 0 10
Barneveld 700 570 540 20 0 0 10
Bedum 210 170 150 20 0 0 0
Beek (L.) 340 280 270 10 0 0 0
Beemster 90 70 70 0 0 0 0
Beesel 280 230 200 30 0 0 0
Berg en Dal 990 810 740 60 10 0 0
Bergeijk 180 140 130 10 0 0 0
Bergen (L.) 230 190 160 20 0 0 10
Bergen (NH.) 360 290 260 20 0 0 10
Bergen op Zoom 2.200 1.780 1.610 110 10 50 10
Berkelland 750 610 560 40 10 0 10
Bernheze 360 290 270 20 0 0 0
Best 530 430 390 30 0 0 0
Beuningen 500 410 370 40 0 0 10
Beverwijk 1.140 990 940 40 0 0 0
De Bilt 780 650 590 50 0 0 10
Binnenmaas 300 230 220 10 0 0 0
Bladel 190 150 140 20 0 0 0
Blaricum 130 110 100 10 0 0 0
Bloemendaal 240 180 160 10 0 0 0
Bodegraven-Reeuwijk 380 290 250 30 0 0 10
Boekel 130 80 70 10 0 0 0
Ten Boer 120 100 90 10 0 0 0
Borger-Odoorn 650 520 460 50 10 0 10
Borne 420 330 290 20 0 0 10
Borsele 280 230 200 30 0 0 0
Boxmeer 430 350 310 30 0 0 10
Boxtel 500 430 380 40 0 0 10
Breda 5.780 4.830 4.440 320 10 40 30
Brielle 280 230 210 20 0 0 0
Bronckhorst 450 370 320 50 0 0 10
Brummen 380 310 290 20 0 0 0
Brunssum 1.070 910 870 40 0 0 10
Bunnik 170 140 120 10 0 0 0
Bunschoten 210 160 160 10 0 0 0
Buren 300 250 220 20 10 0 0
Capelle aan den IJssel 2.600 2.300 2.160 130 10 0 10
Castricum 410 320 290 20 0 0 10
Coevorden 1.070 860 790 50 0 0 10
Cranendonck 330 260 240 20 10 0 0
Cromstrijen 120 100 90 10 0 0 0
Cuijk 510 430 400 30 0 0 0
Culemborg 730 580 530 40 0 0 10
Dalfsen 320 250 220 20 0 0 0
Dantumadiel 630 520 460 50 10 0 0
Delft 3.720 3.230 2.940 150 0 120 20
Delfzijl 1.150 990 930 50 0 0 0
Deurne 540 430 390 30 0 0 10
Deventer 3.580 3.060 2.820 150 10 60 20
Diemen 610 470 420 40 0 0 10
Dinkelland 290 220 170 40 0 0 10
Doesburg 390 330 300 30 0 0 0
Doetinchem 1.540 1.260 1.150 80 10 20 20
Dongen 380 290 260 30 0 0 0
Dongeradeel 770 630 580 50 0 0 0
Dordrecht 4.890 4.140 3.840 170 10 110 10
Drechterland 190 160 150 10 0 0 0
Drimmelen 240 180 160 20 0 0 0
Dronten 840 670 620 30 10 0 20
Druten 340 290 260 20 0 0 0
Duiven 560 470 420 50 0 0 0
Echt-Susteren 590 460 420 30 0 0 0
Edam-Volendam 390 320 300 10 0 0 0
Ede 2.350 1.920 1.720 130 10 60 0
Eemnes 110 80 70 10 0 0 0
Eemsmond 540 470 440 20 0 0 10
Eersel 190 150 150 10 0 0 0
Eijsden-Margraten 270 220 200 20 0 0 0
Eindhoven 8.570 7.330 6.680 370 30 160 100
Elburg 310 250 230 20 0 0 0
Emmen 4.530 3.770 3.440 240 20 50 30
Enkhuizen 410 360 330 20 0 0 0
Enschede 8.530 6.950 6.540 300 20 10 80
Epe 550 420 380 30 10 0 0
Ermelo 420 340 310 20 0 0 10
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Gemeenten ontvangen geld van de Rijksoverheid uit het gemeentefonds. Hiermee betalen zij een deel van hun uitgaven. Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de Jeugdwet, Participatiewet en WMO (Sociaal domein). Voor de verdeling van het landelijke budget voor de uitvoering van deze drie wetten over de gemeenten zijn verdeelmodellen ontwikkeld. In opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) stelt CBS cijfers samen waarmee deze verdeelmodellen doorgerekend kunnen worden. Deze tabel bevat gegevens die als grondslag dienen bij het bepalen van de verdeling van het landelijk budget over de gemeenten ten behoeve van de Jeugdwet, Participatiewet en Wmo.

Gegevens beschikbaar voor 2018

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief, maar samengesteld op basis van gegevens uit verschillende bronnen, en berekend op verschillende basisjaren. Dit wil zeggen dat de cijfers niet zondermeer vergelijkbaar zijn met reeds gepubliceerde cijfers op StatLine. In de toelichting bij de onderwerpen wordt dit nader verklaard.

Wijzigingen per 31 mei 2018:
Deze tabel is een update van de tabel Maatstaven gemeentefonds; regio 2017.
Ten opzichte van de vorige tabel is de indicator ‘Eenouderhuishoudens met minderjarige kinderen met bijstand’ komen te vervallen.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De nieuwe cijfers komen naar verwachting in mei 2019 beschikbaar.

Toelichting onderwerpen

Participatiewet
De wet regelt in Nederland de ondersteuning bij arbeidsinschakeling en het verlenen van bijstand door gemeenten voor mensen die weinig of geen ander inkomen (waaronder andere uitkeringen) hebben en ook weinig of geen vermogen.
Werk gaat voor inkomen: oogmerk is om mensen met of zonder arbeidsbeperking op de kortste weg naar betaald werk te kunnen zetten.
De gemeenten voeren de wet uit en bepalen, binnen de wettelijke grenzen, hun eigen beleid.
De participatiewet vervangt sinds 1 januari 2015 de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).
Onder dit onderwerp zijn in deze tabel de gegevens terug te vinden die als grondslag dienen bij het bepalen van de verdeling van het landelijk budget over de gemeenten ten behoeve van de Participatiewet.

Sociale zekerheid
Het publieke stelsel dat bedoeld is om inkomen en/of verzorging te garanderen voor natuurlijke personen ten tijde van pensioen, ziekte, arbeidsongeschiktheid, overlijden of werkloosheid.
Het bestaat uit werknemersverzekeringen, volksverzekeringen en sociale voorzieningen. De werknemersverzekeringen en de volksverzekeringen worden samen aangeduid als sociale verzekeringen.
Personen met bijstand tot AOW-leeftijd
Het aantal personen tot de pensioengerechtigde (AOW-)leeftijd met een bijstands(gerelateerde) uitkering op 31-12-2016 voor de gemeentelijke indeling van 1-1-2018.
Inbegrepen zijn uitkeringen in het kader van:
- de Wet werk en bijstand (WWB);
- de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW);
- de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ);
- het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) en
- Bijstand aan (overige) adreslozen.

De cijfers over het aantal personen met een bijstandsuitkering in deze tabel kunnen afwijken van soortgelijke cijfers op Statline over het aantal personen met een bijstandsuitkering. Dit komt doordat in deze tabel de gemeentelijke indeling van 2018 is toegepast maar de definitieve cijfers ten behoeve van de Participatiewet over 31 december 2016 gaan.
Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)
Wet maatschappelijke ondersteuning zoals ingegaan op 1 januari 2015.
Deze wet stelt gemeenten verantwoordelijk voor het ondersteunen van de zelfredzaamheid en participatie van mensen met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen.
Onder dit onderwerp zijn in deze tabel de gegevens terug te vinden die als grondslag dienen bij het bepalen van de verdeling van het landelijk budget over de gemeenten ten behoeve van de Wmo.
Periodieke bijstandsuitkeringen
Het aantal uitkeringen op grond van een bijstandswet of bijstandsgerelateerde wet.
Bijstandswetten zijn de Participatiewet (vanaf 2015) en de Wet werk en bijstand (WWB, tot 2015).
Bijstandsgerelateerde wetten zijn de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz).
Een uitkering aan een (echt)paar wordt geteld als één uitkering aan twee personen.
Totaal
Het totaal aantal uitkeringen op grond van een bijstandswet of bijstandsgerelateerde wet op 31 december 2016 voor de gemeentelijke indeling van 1-1-2018.

Bijstandswetten zijn de Participatiewet (vanaf 2015) en de Wet werk en bijstand (WWB, tot 2015).
Bijstandsgerelateerde wetten zijn de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz).

De cijfers over het aantal bijstandsuitkeringen in deze tabel kunnen afwijken van soortgelijke cijfers op Statline over het aantal bijstandsuitkeringen. Dit komt doordat in deze tabel de gemeentelijke indeling van 1-1-2018 is toegepast maar de definitieve cijfers ten behoeve van de Wmo over 31 december 2016 gaan.

WWB uitkeringen
Het aantal uitkeringen aan thuiswonenden jonger dan 65 jaar op grond van de Wet Werk en Bijstand (tot 2015) en de Participatiewet (vanaf 2015) op 31 december 2016 voor de gemeentelijke indeling van 1-1-2018.

Wet werk en bijstand (WWB)
De WWB is een wettelijke sociale voorziening die op 1 januari 2004 in werking is getreden ter vervanging van de Algemene bijstandswet (Abw), de Wet inschakeling werkzoekenden (WIW) en het Besluit In- en Doorstroombanen (ID-banen). Uitgangspunt van de wet is dat mensen zoveel mogelijk zelf in hun eigen onderhoud voorzien. De WWB regelt bijstand voor mensen die hiertoe niet in staat zijn en die geen beroep kunnen doen op een ander socialezekerheidswet. Uitvoering van de wet ligt bij de gemeente, die naast financiële steun ook hulp biedt bij re-integratie in het arbeidsproces. De WWB is per 1 januari 2015 op enkele punten aangepast en vervangen door de Participatiewet.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt per 1 januari 2015 de WWB, de Wet sociale werkvoorziening (WSW) en een deel van de Wet Wajong.
De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
Personen die door lichamelijke, verstandelijke of psychische aandoeningen alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken vallen vanaf 1 januari 2015 onder de Participatiewet en niet meer onder de WSW. Ook jonggehandicapten die nog kunnen werken vallen vanaf die datum onder de Participatiewet en niet meer onder de Wet Wajong.

De cijfers over het aantal bijstandsuitkeringen in deze tabel kunnen afwijken van soortgelijke cijfers op Statline over het aantal bijstandsuitkeringen. Dit komt doordat in deze tabel de gemeentelijke indeling van 1-1-2018 is toegepast maar de definitieve cijfers ten behoeve van de Wmo over 31 december 2016 gaan.

IOAW uitkeringen
Het aantal uitkeringen op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) op 31 december 2016 voor de gemeentelijke indeling van 1-1-2018.

Wet inkomensvoorziening oudere gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW)
De IOAW biedt een inkomensgarantie op het niveau van het sociaal minimum aan oudere werkloze werknemers, van wie het recht op uitkering op grond van de Werkloosheidswet is geëindigd. De wet is in werking getreden op 1 januari 1987 en is ingrijpend gewijzigd met ingang van 1 januari 1996. Het recht op een IOAW-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.

De cijfers over het aantal IOAW-uitkeringen in deze tabel kunnen afwijken van soortgelijke cijfers op Statline over het aantal IOAW-uitkeringen. Dit komt doordat in deze tabel de gemeentelijke indeling van 1-1-2018 is toegepast maar de definitieve cijfers ten behoeve van de Wmo over 31 december 2016 gaan.

IOAZ uitkeringen
Het aantal uitkeringen op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) op 31 december 2016 voor de gemeentelijke indeling van 1-1-2018.

Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ)
De IOAZ biedt een inkomensgarantie op het niveau van het sociaal minimum aan gewezen zelfstandigen van 55 jaar en ouder, van wie het inkomen duurzaam minder bedraagt dan het sociaal minimum en die als gevolg daarvan het bedrijf of beroep hebben beëindigd. De wet is in werking getreden op 1 januari 1987 en is ingrijpend gewijzigd met ingang van 1 januari 1996. Het recht op een IOAZ-uitkering vervalt bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.

De cijfers over het aantal IOAZ-uitkeringen in deze tabel kunnen afwijken van soortgelijke cijfers op Statline over het aantal IOAZ-uitkeringen. Dit komt doordat in deze tabel de gemeentelijke indeling van 1-1-2018 is toegepast maar de definitieve cijfers ten behoeve van de Wmo over 31 december 2016 gaan.
Uitkeringen aan adreslozen
Het aantal uitkeringen aan bijstandsontvangers zonder adres als bedoeld in artikel 1 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op 31 december 2016 voor de gemeentelijke indeling van 1-1-2018.

Een beperkt aantal gemeenten is aangewezen om bijstand te verlenen aan adreslozen. Deze gemeenten zijn aangewezen in het Bijstandsbesluit adreslozen. Met ingang van 1999.

De cijfers over het aantal uitkeringen aan adreslozen in deze tabel kunnen afwijken van soortgelijke cijfers op Statline over het aantal uitkeringen aan adreslozen. Dit komt doordat in deze tabel de gemeentelijke indeling van 1-1-2018 is toegepast maar de definitieve cijfers ten behoeve van de Wmo over 31 december 2016 gaan.
BBZ uitkeringen
Het aantal uitkeringen aan zelfstandigen ingevolge het Besluit Bijstandverlening Zelfstandigen (Bbz) op 31 december 2016 voor de gemeentelijke indeling van 1-1-2018.

Het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) is ingesteld om een zelfstandige tijdelijk een uitkering te verstrekken totdat hij weer in zijn eigen levensbehoeften kan voorzien. Degenen die in aanmerking komen voor het Bbz zijn gevestigde zelfstandigen die tijdelijk in financiële problemen verkeren, of startende zelfstandigen. Daarnaast biedt het Bbz ook hulp aan oudere zelfstandigen met een niet-levensvatbaar bedrijf of hulp wanneer zelfstandigen hun bedrijf willen beëindigen.

De cijfers over het aantal BBZ-uitkeringen in deze tabel kunnen afwijken van soortgelijke cijfers op Statline over het aantal BBZ-uitkeringen. Dit komt doordat in deze tabel de gemeentelijke indeling van 1-1-2018 is toegepast maar de definitieve cijfers ten behoeve van de Wmo over 31 december 2016 gaan.