Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2017

Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2017

Wijken en buurten Perioden Personen per soort uitkering Werkloosheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Bijstandsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Arbeidsongeschiktheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering AOW-uitkering (aantal) Personen per soort uitkering, relatief Werkloosheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Bijstandsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Arbeidsongeschiktheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief AOW-uitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Inwoners Inwoners vanaf 15 jaar (aantal) Inwoners Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd (aantal) Inwoners Inwoners vanaf de AOW-leeftijd (aantal)
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2017 maart 10 0 0 50 2 1 1 24 210 160 50
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2017 juni 0 0 0 50 2 1 1 23 210 160 50
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2017 september 0 0 0 50 1 1 1 24 210 160 50
Verspreide huizen ten westen van Aalten 2017 december 0 0 0 50 2 1 2 25 210 150 50
Van Boetzelaerstraat 2017 maart 40 30 70 400 2 2 3 18 2.160 1.760 400
Van Boetzelaerstraat 2017 juni 40 30 70 400 2 2 3 19 2.150 1.750 400
Van Boetzelaerstraat 2017 september 40 30 70 400 2 2 3 18 2.160 1.760 400
Van Boetzelaerstraat 2017 december 40 30 70 410 2 1 3 19 2.150 1.750 410
G. van Stellingwerfstraat 2017 maart 50 40 70 180 4 3 5 13 1.350 1.170 180
G. van Stellingwerfstraat 2017 juni 40 40 70 170 3 3 5 13 1.320 1.150 170
G. van Stellingwerfstraat 2017 september 30 40 70 180 2 3 5 14 1.340 1.160 180
G. van Stellingwerfstraat 2017 december 20 30 70 180 2 3 5 13 1.330 1.150 180
Juliana van Stolberg 2017 maart 50 100 100 210 4 9 9 18 1.160 950 210
Juliana van Stolberg 2017 juni 40 100 90 210 3 9 8 18 1.160 950 210
Juliana van Stolberg 2017 september 50 100 90 210 4 9 8 18 1.160 950 210
Juliana van Stolberg 2017 december 40 100 90 210 3 9 8 18 1.170 960 210
Van der Leekbuurt 2017 maart 40 30 70 380 2 2 4 21 1.770 1.390 380
Van der Leekbuurt 2017 juni 40 30 70 380 2 2 4 21 1.780 1.400 380
Van der Leekbuurt 2017 september 40 30 70 380 2 2 4 21 1.760 1.390 380
Van der Leekbuurt 2017 december 40 30 70 380 2 2 4 21 1.780 1.390 380
Van Loonbuurt 2017 maart 30 10 20 250 2 0 2 19 1.320 1.070 250
Van Loonbuurt 2017 juni 20 10 20 250 2 1 2 19 1.330 1.080 250
Van Loonbuurt 2017 september 30 10 20 240 2 1 2 18 1.350 1.100 240
Van Loonbuurt 2017 december 20 10 20 240 2 1 2 19 1.280 1.040 240
Van Lennepbuurt 2017 maart 150 460 350 840 2 7 6 13 6.290 5.450 840
Van Lennepbuurt 2017 juni 150 460 340 850 2 7 6 14 6.260 5.410 860
Van Lennepbuurt 2017 september 140 460 340 870 2 7 5 14 6.300 5.420 880
Van Lennepbuurt 2017 december 140 460 330 880 2 7 5 14 6.300 5.420 890
Van der Helstpleinbuurt 2017 maart 90 170 140 290 3 5 4 9 3.370 3.070 300
Van der Helstpleinbuurt 2017 juni 80 170 130 290 2 5 4 9 3.390 3.100 290
Van der Helstpleinbuurt 2017 september 70 160 130 290 2 5 4 9 3.430 3.130 300
Van der Helstpleinbuurt 2017 december 80 170 140 300 2 5 4 9 3.480 3.180 300
Laan van Spartaan 2017 maart 30 90 80 130 2 6 6 9 1.440 1.310 130
Laan van Spartaan 2017 juni 40 90 80 130 2 6 6 9 1.440 1.300 130
Laan van Spartaan 2017 september 30 90 80 130 2 6 5 9 1.470 1.340 130
Laan van Spartaan 2017 december 30 90 80 130 1 5 5 8 1.730 1.590 130
Pieter van der Doesbuurt 2017 maart 50 140 70 160 3 9 4 9 1.670 1.510 160
Pieter van der Doesbuurt 2017 juni 60 140 70 160 3 9 4 10 1.650 1.490 160
Pieter van der Doesbuurt 2017 september 60 140 60 160 3 8 4 10 1.660 1.500 160
Pieter van der Doesbuurt 2017 december 50 140 70 160 3 9 4 10 1.650 1.490 160
Van Galenbuurt 2017 maart 140 600 280 460 2 10 5 7 6.160 5.700 460
Van Galenbuurt 2017 juni 140 590 280 460 2 10 5 8 6.150 5.680 470
Van Galenbuurt 2017 september 130 580 280 460 2 9 5 7 6.210 5.750 460
Van Galenbuurt 2017 december 130 570 280 470 2 9 5 7 6.290 5.820 470
Van Tuyllbuurt 2017 maart 90 100 120 460 3 3 3 13 3.610 3.150 460
Van Tuyllbuurt 2017 juni 80 110 110 450 2 3 3 12 3.640 3.190 450
Van Tuyllbuurt 2017 september 90 100 110 460 2 3 3 13 3.650 3.190 460
Van Tuyllbuurt 2017 december 90 100 110 460 3 3 3 13 3.660 3.200 460
Van der Kunbuurt 2017 maart 10 50 30 70 2 11 7 16 460 390 70
Van der Kunbuurt 2017 juni 10 50 30 80 2 11 6 17 470 390 80
Van der Kunbuurt 2017 september 10 50 30 80 3 11 6 17 470 390 80
Van der Kunbuurt 2017 december 10 50 30 80 2 11 6 17 480 400 80
Van der Pekbuurt 2017 maart 110 570 290 370 3 14 7 9 3.970 3.600 380
Van der Pekbuurt 2017 juni 110 570 290 380 3 14 7 9 4.020 3.650 380
Van der Pekbuurt 2017 september 110 570 300 380 3 14 7 9 4.040 3.660 380
Van der Pekbuurt 2017 december 100 560 290 370 3 14 7 9 4.060 3.690 380
Plan van Gool 2017 maart 50 310 110 400 2 12 4 16 2.510 2.110 400
Plan van Gool 2017 juni 50 300 110 390 2 12 4 16 2.540 2.140 400
Plan van Gool 2017 september 50 300 110 390 2 12 4 15 2.560 2.160 400
Plan van Gool 2017 december 50 300 100 390 2 12 4 15 2.550 2.160 390
Filips van Almondekwartier 2017 maart 30 50 30 70 3 5 4 7 970 900 70
Filips van Almondekwartier 2017 juni 30 50 40 70 3 5 4 7 950 880 70
Filips van Almondekwartier 2017 september 20 50 40 70 2 5 4 8 950 880 70
Filips van Almondekwartier 2017 december 30 40 30 70 3 5 4 8 950 870 70
Van Brakelkwartier 2017 maart 30 90 50 90 3 10 6 10 860 770 90
Van Brakelkwartier 2017 juni 30 90 50 90 4 10 6 10 860 770 90
Van Brakelkwartier 2017 september 30 80 40 90 3 10 5 10 850 770 90
Van Brakelkwartier 2017 december 30 90 40 90 3 10 5 10 860 770 90
Emanuel van Meterenbuurt 2017 maart 40 100 80 430 2 6 4 24 1.800 1.370 430
Emanuel van Meterenbuurt 2017 juni 40 90 70 440 2 5 4 24 1.820 1.380 440
Emanuel van Meterenbuurt 2017 september 40 100 70 430 2 5 4 24 1.800 1.370 430
Emanuel van Meterenbuurt 2017 december 30 100 80 430 2 5 5 24 1.810 1.380 430
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2017 maart 0 0 10 20 2 1 7 21 80 70 20
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2017 juni 0 0 10 20 2 1 7 20 80 70 20
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2017 september 0 0 10 20 2 1 7 19 80 70 20
Verspr.h. ten zuiden van Eemskanaal 2017 december 0 0 10 20 2 1 6 20 90 70 20
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2017 maart 10 0 10 30 4 3 4 20 130 110 30
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2017 juni 0 0 10 30 2 3 4 20 130 110 30
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2017 september 0 0 10 30 3 2 5 22 130 100 30
Verspr.h. ten N. van het Damsterdiep 2017 december 0 0 10 30 3 3 4 22 130 100 30
Van Verschuerbuurt 2017 maart 20 60 50 30 5 15 14 9 400 360 30
Van Verschuerbuurt 2017 juni 20 60 50 40 4 16 14 9 390 360 40
Van Verschuerbuurt 2017 september 10 70 60 40 3 17 14 9 400 360 40
Van Verschuerbuurt 2017 december 10 60 50 40 3 16 14 10 390 350 40
West van Schaarsbergen 2017 maart 10 20 230 60 1 3 36 10 630 560 60
West van Schaarsbergen 2017 juni 10 20 230 70 1 3 36 10 640 570 70
West van Schaarsbergen 2017 september 10 20 230 70 1 3 35 11 650 580 70
West van Schaarsbergen 2017 december 10 20 230 70 1 4 35 11 660 590 70
N.O. van Schaarsbergen 2017 maart 0 0 10 20 3 1 4 15 140 120 20
N.O. van Schaarsbergen 2017 juni 0 0 10 20 2 1 3 15 150 130 20
N.O. van Schaarsbergen 2017 september 0 0 10 20 2 0 4 15 150 120 20
N.O. van Schaarsbergen 2017 december 0 0 10 20 1 0 4 15 140 120 20
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2017 maart 0 0 10 90 1 0 4 27 340 250 90
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2017 juni 0 0 10 90 1 0 4 27 340 250 90
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2017 september 0 0 10 90 0 0 4 27 340 250 90
Verspr.h. ten Z.W. van Middenbeemster 2017 december 0 0 10 90 1 0 4 27 350 260 90
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2017 maart 0 0 0 20 3 0 1 26 80 60 20
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2017 juni 0 0 0 20 0 0 1 27 80 60 20
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2017 september 0 0 0 20 0 0 1 27 80 60 20
Verspr.h. ten O. en Z. van de spoorlijn 2017 december 0 0 0 20 0 0 1 27 80 60 20
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat cijfers over het aantal personen met een sociale zekerheidsuitkering per gemeente, wijk en buurt (indeling 2017). Het betreft de personen met een uitkering voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom en bijstand.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).
Bij de categorie personen met een uitkering (totaal) wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

De cijfers over aantallen personen met een uitkering per buurt, wijk of gemeente kunnen in geringe mate afwijken van elders op StatLine gepubliceerde cijfers, doordat gebruik wordt gemaakt van de meest recente gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Omdat verschillende StatLine-tabellen op verschillende momenten geactualiseerd worden, kan het voorkomen dat voor de ene tabel een andere versie van de BRP wordt gebruikt dan voor een andere tabel. De laatst gepubliceerde cijfers zijn in dat geval het meest accuraat.
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagmaand.

Gegevens beschikbaar vanaf: maart 2017

Status van de cijfers:
De cijfers van 2017 zijn definitief.

Wijzigingen per 20 maart 2025:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Personen per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en ouderdomsuitkeringen.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW).
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet (PW).
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt sinds 1 januari 2015 de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Personen per soort uitkering, relatief
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidwet, Bijstandswet, Arbeidsongeschiktheidswet en de Algemene Ouderdomswet in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder per regio.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een bijstandsuitkering in het kader van de Participatiewet (PW) ontvangt in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt per 1 januari 2015 de WWB, de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een deel van de Wet Wajong.
De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
Personen die door lichamelijke, verstandelijke of psychische aandoeningen alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken vallen vanaf 1 januari 2015 onder de Participatiewet en niet meer onder de Wsw.
Ook jonggehandicapten die nog kunnen werken vallen vanaf die datum onder de Participatiewet en niet meer onder de Wet Wajong.
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners
Het aantal inwoners van een gemeente, wijk en buurt.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners vanaf 15 jaar
Het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf 15 jaar tot de AOW-leeftijd.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners vanaf de AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf de AOW-leeftijd.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.