Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2013

Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2013

Wijken en buurten Perioden Regioaanduiding Gemeentenaam (naam) Regioaanduiding Soort regio (omschrijving) Regioaanduiding Codering (code) Regioaanduiding Indelingswijziging wijken en buurten (code) Personen per soort uitkering Werkloosheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Bijstandsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Arbeidsongeschiktheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering AOW-uitkering (aantal) Personen per soort uitkering, relatief Werkloosheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Bijstandsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Arbeidsongeschiktheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief AOW-uitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Inwoners Inwoners vanaf 15 jaar (aantal) Inwoners Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd (aantal) Inwoners Inwoners vanaf de AOW-leeftijd (aantal)
Urk 2013 maart Urk Gemeente GM0184 . 200 110 530 1.560 2 1 4 12 13.530 11.950 1.580
Urk 2013 juni Urk Gemeente GM0184 . 180 110 530 1.580 1 1 4 12 13.600 12.010 1.590
Urk 2013 september Urk Gemeente GM0184 . 170 120 540 1.600 1 1 4 12 13.650 12.040 1.610
Urk 2013 december Urk Gemeente GM0184 . 230 110 540 1.620 2 1 4 12 13.710 12.080 1.630
Wijk 00 Urk 2013 maart Urk Wijk WK018400 1 200 110 530 1.560 2 1 4 12 13.530 11.950 1.580
Wijk 00 Urk 2013 juni Urk Wijk WK018400 1 180 110 530 1.580 1 1 4 12 13.600 12.010 1.590
Wijk 00 Urk 2013 september Urk Wijk WK018400 1 170 120 540 1.600 1 1 4 12 13.650 12.040 1.610
Wijk 00 Urk 2013 december Urk Wijk WK018400 1 230 110 540 1.620 2 1 4 12 13.710 12.080 1.630
Urk-Kom 2013 maart Urk Buurt BU01840000 1 30 0 50 240 2 0 3 16 1.540 1.300 240
Urk-Kom 2013 juni Urk Buurt BU01840000 1 30 0 50 240 2 0 3 16 1.540 1.300 250
Urk-Kom 2013 september Urk Buurt BU01840000 1 30 0 50 240 2 0 4 16 1.540 1.300 240
Urk-Kom 2013 december Urk Buurt BU01840000 1 40 0 50 240 3 0 3 16 1.530 1.290 240
Urk-Noord 2013 maart Urk Buurt BU01840003 1 10 20 30 200 1 2 4 25 790 590 200
Urk-Noord 2013 juni Urk Buurt BU01840003 1 10 20 40 200 1 2 5 25 790 590 200
Urk-Noord 2013 september Urk Buurt BU01840003 1 0 20 40 200 0 2 5 25 790 590 200
Urk-Noord 2013 december Urk Buurt BU01840003 1 10 20 40 190 1 2 5 25 780 580 200
Urkerhard 2013 maart Urk Buurt BU01840007 1 50 30 130 330 1 1 4 10 3.420 3.090 330
Urkerhard 2013 juni Urk Buurt BU01840007 1 30 20 130 330 1 1 4 10 3.400 3.080 330
Urkerhard 2013 september Urk Buurt BU01840007 1 30 20 130 330 1 1 4 10 3.410 3.080 330
Urkerhard 2013 december Urk Buurt BU01840007 1 50 30 120 340 2 1 4 10 3.430 3.090 340
Urkerland 2013 maart Urk Buurt BU01840011 1 0 0 0 0 2 0 6 0 50 50 0
Urkerland 2013 juni Urk Buurt BU01840011 1 0 0 0 0 2 0 6 0 50 50 0
Urkerland 2013 september Urk Buurt BU01840011 1 0 0 0 0 2 0 6 2 50 50 0
Urkerland 2013 december Urk Buurt BU01840011 1 0 0 0 0 2 0 6 2 50 50 0
Natuurkundigenbuurt 2013 maart Velsen Buurt BU04530104 3 40 30 100 390 2 2 6 22 1.800 1.410 390
Natuurkundigenbuurt 2013 juni Velsen Buurt BU04530104 3 40 30 100 400 2 2 6 22 1.800 1.400 400
Natuurkundigenbuurt 2013 september Velsen Buurt BU04530104 3 40 30 100 400 2 2 6 22 1.790 1.400 400
Natuurkundigenbuurt 2013 december Velsen Buurt BU04530104 3 40 40 100 400 2 2 6 22 1.790 1.400 400
Natuurkundigenbuurt 2013 maart Schiedam Buurt BU06060102 1 40 50 70 220 4 5 7 21 1.010 800 220
Natuurkundigenbuurt 2013 juni Schiedam Buurt BU06060102 1 40 50 60 220 4 5 6 21 1.010 800 220
Natuurkundigenbuurt 2013 september Schiedam Buurt BU06060102 1 30 50 60 220 3 5 6 22 1.010 790 220
Natuurkundigenbuurt 2013 december Schiedam Buurt BU06060102 1 40 50 60 220 4 5 6 21 1.010 800 220
Urkhoven 2013 maart Eindhoven Buurt BU07721334 1 0 20 10 20 1 11 4 15 140 120 20
Urkhoven 2013 juni Eindhoven Buurt BU07721334 1 0 10 10 20 1 9 4 17 140 120 20
Urkhoven 2013 september Eindhoven Buurt BU07721334 1 0 10 10 20 1 10 4 17 140 110 20
Urkhoven 2013 december Eindhoven Buurt BU07721334 1 0 20 10 20 1 11 4 15 140 120 20
Hurk 2013 maart Eindhoven Buurt BU07721621 1 10 0 0 10 7 1 4 10 70 70 10
Hurk 2013 juni Eindhoven Buurt BU07721621 1 0 0 0 10 4 4 4 10 70 60 10
Hurk 2013 september Eindhoven Buurt BU07721621 1 0 0 0 10 3 4 4 10 70 60 10
Hurk 2013 december Eindhoven Buurt BU07721621 1 0 0 0 10 4 6 4 10 70 70 10
Natuurkundigenbuurt 2013 maart Oosterhout Buurt BU08260502 1 60 60 80 340 4 4 5 21 1.650 1.300 350
Natuurkundigenbuurt 2013 juni Oosterhout Buurt BU08260502 1 50 70 80 350 3 4 5 21 1.650 1.300 350
Natuurkundigenbuurt 2013 september Oosterhout Buurt BU08260502 1 70 60 80 350 4 4 5 21 1.620 1.270 350
Natuurkundigenbuurt 2013 december Oosterhout Buurt BU08260502 1 70 70 80 350 5 4 5 22 1.620 1.270 350
Verspreide huizen Spurk en 't Woud 2013 maart Sint-Michielsgestel Buurt BU08450207 1 10 0 10 100 2 0 3 23 440 340 100
Verspreide huizen Spurk en 't Woud 2013 juni Sint-Michielsgestel Buurt BU08450207 1 10 0 10 100 2 0 3 22 440 340 100
Verspreide huizen Spurk en 't Woud 2013 september Sint-Michielsgestel Buurt BU08450207 1 10 0 10 100 2 0 3 23 440 340 100
Verspreide huizen Spurk en 't Woud 2013 december Sint-Michielsgestel Buurt BU08450207 1 10 0 10 100 2 0 3 22 440 340 100
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft per gemeente, wijk en buurt (indeling 2013), inzicht in het aantal personen met een sociale zekerheidsuitkering. Het betreft de personen met een uitkering voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom, bijstand en bijstandsgerelateerde uitkeringen.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).
Bij de categorie personen met een uitkering (totaal) wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

De cijfers over aantallen personen met een uitkering per buurt, wijk of gemeente kunnen in geringe mate afwijken van elders op StatLine gepubliceerde cijfers, doordat gebruik wordt gemaakt van de meest recente gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Omdat verschillende StatLine-tabellen op verschillende momenten geactualiseerd worden, kan het voorkomen dat voor de ene tabel een andere versie van de BRP wordt gebruikt dan voor een andere tabel. De laatst gepubliceerde cijfers zijn in dat geval het meest accuraat.

Gegevens beschikbaar vanaf: maart 2013.

Status van de cijfers:
De cijfers van 2013 zijn definitief.

Wijzigingen per 12 februari 2021:
Geen, deze tabel is opgeheven.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Regioaanduiding
De gemeenten in Nederland zijn onderverdeeld in wijken en buurten. Buurten vormen het laagste regionale niveau. Wijken zijn optellingen van één of meer aaneengesloten buurten. De gemeente bepaalt zelf de indeling in wijken en buurten. Het CBS coördineert landelijk deze indeling.

Wijk:
Onderdeel van een gemeente waarin een bepaalde vorm van bodemgebruik of bebouwing overheerst. Bijvoorbeeld: industriegebied, woongebied met hoogbouw of laagbouw. Een wijk bestaat uit één of meerdere buurten.

Buurt:
Onderdeel van een gemeente, dat vanuit bebouwingsoogpunt of sociaaleconomische structuur homogeen is afgebakend. Homogeen wil zeggen dat één functie dominant is, bijvoorbeeld woonfunctie (woongebied), werkfunctie (industriegebied) of recreatieve functie (natuurgebied). Functies kunnen echter ook gemengd voorkomen.
Gemeentenaam
De naam van de bestuurlijke gemeente. Deze naam volgt de officiële schrijfwijze.
Soort regio
De gekozen regioaanduiding betreft: Gemeente, Wijk of Buurt.
Codering
Gemeentecode heeft 4 posities, voorafgegaan door ‘GM’.
Wijkcode heeft 6 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2), voorafgegaan door ‘WK’.
Buurtcode heeft 8 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2) + buurtcode (2), voorafgegaan door ‘BU’.
Indelingswijziging wijken en buurten
Deze indicator geeft per wijk en buurt aan of de cijfers uit deze tabel zonder problemen kunnen worden gekoppeld aan en vergeleken met de cijfers van een jaar eerder, of dat er wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling zijn waardoor dit niet kan. Detailinformatie over wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling kan worden verkregen door de wijk- en buurtkaart van twee opeenvolgende jaren met elkaar te vergelijken.

De indicator kent drie mogelijke waarden:
1: De codering en afbakening van deze wijk/buurt is ongewijzigd ten opzichte van het voorgaande jaar. Het is wel mogelijk dat een naamswijziging heeft plaatsgevonden. De cijfers kunnen worden gekoppeld en vergeleken met die van het voorgaande jaar.
2: De codering van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. De afbakening is ongewijzigd. Om te kunnen koppelen met cijfers van het voorgaande jaar zal eerst moeten worden achterhaald wat de codering van het voorgaande jaar was. Is de koppeling eenmaal geslaagd dan kunnen de cijfers alsnog met elkaar worden vergeleken.
3: De afbakening van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. Dit kan gepaard zijn gegaan met een gewijzigde codering. De cijfers kunnen niet zonder meer worden vergeleken met die van het voorgaande jaar. Verschillen kunnen immers samenhangen met de verandering in de afbakening van de wijk of buurt.

Voor een wijk of buurt wordt alleen een wijziging in de afbakening geconstateerd wanneer een grens circa 5 meter of meer is verlegd. Kleinere grenswijzigingen worden niet als significant beschouwd.
Personen per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en ouderdomsuitkeringen.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.
Werkloosheidsuitkering
Personen die een uitkering ontvangen op grond van de Werkloosheidswet (WW).
Bijstandsuitkering
Personen met een uitkering in het kader Wet werk en bijstand (WWB).
Wet werk en bijstand
Wet die de ondersteuning bij arbeidsinschakeling en bijstand regelt voor mensen die weinig of geen ander inkomen hebben en ook weinig of geen vermogen.
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Personen per soort uitkering, relatief
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidwet, Bijstandswet, Arbeidsongeschiktheidswet en de Algemene Ouderdomswet in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder per regio.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een bijstandsuitkering in het kader van Wet werk en bijstand (WWB) ontvangt in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
WWB biedt ondersteuning bij arbeidsinschakeling en regelt bijstand voor mensen die weinig of geen ander inkomen hebben en ook weinig of geen vermogen.
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners
De inwoneraantallen van een gemeente, wijk en buurt.
Inwoners vanaf 15 jaar
Het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Inwoners vanaf 15 jr tot AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf 15 jaar tot de AOW-leeftijd.

De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Inwoners vanaf de AOW-leeftijd
Het aantal inwoners vanaf de AOW-leeftijd.

De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.