Geldstromen in de zorg; uiteindelijke financiering, 1998-2012

Geldstromen in de zorg; uiteindelijke financiering, 1998-2012

Financieringssectoren Perioden Overige verschillen (mln euro)
Totaal 2012* -2.559
Totaal publieke financiering 2012* -2.342
Overheid 2012*
Zorgkantoren AWBZ 2012* -47
Zorgverzekeraars Zvw 2012* -2.295
Zorgverzekeraars (sociaal) 2012*
Totaal private financiering 2012* -217
Partic. publiekr. zorgverzekeraars 2012*
Zorgverzekeraars aanvullende verzekering 2012* -217
Huishoudens 2012*
Instellingen zonder winstoogmerk 2012*
Bedrijven 2012*
Buitenland 2012*
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel omschrijft waar het geld vandaan komt dat wordt uitgegeven aan de zorg. De geldstroom loopt vanaf de 'financieringsbronnen' naar de 'financieringssectoren'.
In deze tabel worden de geldstromen in lopende prijzen zo veel als mogelijk herleid naar de uiteindelijke herkomst: huishoudens, bedrijven, instellingen, de overheid en het buitenland.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1998

Status van de cijfers:
De in de tabel opgenomen cijfers over het laatste verslagjaar zijn voorlopig en worden niet meer definitief gemaakt.

Wijzigingen per 31 januari 2018:
Deze tabel is stopgezet en is opgevolgd door de tabel 'Geldstromen in de zorg; uiteindelijke financiering' (zie paragraaf 3).

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Overige verschillen
Het verschil tussen de cijfers van de Zorgrekeningen en de cijfers uit externe bronnen.

Verschillen ontstaan doordat bepaalde cijfers (zoals bijvoorbeeld opbrengsten beleggingen en interest uit de overzichten baten/lasten van zorgverzekeraars en fondsen) niet worden opgenomen in de Zorgrekeningen. In het verschil is ook per definitie het resultaat van de verzekeraars op de zorgverzekering opgenomen. Daarnaast rekenen de Zorgrekeningen de uitgaven voor een activiteit toe aan het jaar waarin de activiteit plaatsvindt. Daarentegen zijn bedragen in de baten/lasten overzichten opgenomen die een verrekening zijn met eerdere jaren.

Zo speelt in 2005 de invoering van de bekostiging- en financieringssystematiek voor ziekenhuiszorg, de Diagnosebehandelcombinaties (DBC's). Deze invoering heeft grote gevolgen voor de verantwoordingen van ziekenhuizen en zorgverzekeraars. Als gevolg hiervan moeten ziekenfondsen de lasten van DBC’s eerder verantwoorden, namelijk bij opening van een DBC. Een gedeelte van de lasten die normaal gesproken in 2006 verantwoord zouden worden, komt nu in het financieel fondsverslag ten laste van 2005. In de Zorgrekeningen is echter voor 2005 alleen het deel dat betrekking heeft op verleende zorg in 2005 meegenomen. Volgens het Financieel Jaarverslag fondsen 2005 van het Zorginstituut bedraagt de omvang van deze lastenverschuiving van 2006 naar 2005 circa 1,9 miljard euro.

Eveneens is bij de overgang van de geneeskundige geestelijke gezondheidszorg (GGZ) naar de Zorgverzekeringswet in 2008 besloten om de eerste twee jaren de kosten daarvan volledig te compenseren, waarna de verzekeraars vanaf 2010 risico gingen lopen over de kosten van volwassenen. In 2010 zijn bijvoorbeeld de zorglasten opwaarts met 542 miljoen euro bijgesteld over budgetjaar 2008 met name door de extra lasten voor de GGZ. Dit bedrag is verrekend in 2010.

Belangrijkste externe bronnen voor deze tabel zijn het Financieel Jaarverslag Fondsen (Zorginstituut) voor de overzichten baten/lasten van de fondsen (Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten (AFBZ), Ziekenfonds en Zorgverzekeringsfonds (Zvf)), Begroting en Jaarverslag van het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) voor onder andere cijfers over toeslagen (zorg, kinderopvang) en eigen risico, Jaarcijfers van Vektis met overzicht baten/lasten van Zorgverzekeraars, Beheersverslagen van de Belastingdienst.