Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2014

Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2014

Wijken en buurten Perioden Personen per soort uitkering Werkloosheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Bijstandsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Arbeidsongeschiktheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering AOW-uitkering (aantal) Personen per soort uitkering, relatief Werkloosheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Bijstandsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Arbeidsongeschiktheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief AOW-uitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar)
Sonnenborgh 2014 maart 60 70 50 260 4 5 3 17
Sonnenborgh 2014 juni 60 70 50 250 4 5 3 17
Sonnenborgh 2014 september 60 70 50 250 4 5 3 17
Sonnenborgh 2014 december 60 80 50 250 4 5 3 17
Wijk 01 Sonnega 2014 maart 20 10 30 170 2 1 4 20
Wijk 01 Sonnega 2014 juni 20 0 30 170 2 0 4 20
Wijk 01 Sonnega 2014 september 20 0 40 180 2 0 4 21
Wijk 01 Sonnega 2014 december 10 0 40 180 2 1 4 21
Sonnega 2014 maart 0 0 10 30 2 2 4 15
Sonnega 2014 juni 0 0 10 30 2 1 4 15
Sonnega 2014 september 0 0 10 30 1 1 5 16
Sonnega 2014 december 0 0 10 30 2 1 5 18
Verspreide huizen Sonnega 2014 maart . . . . . . . .
Verspreide huizen Sonnega 2014 juni . . . . . . . .
Verspreide huizen Sonnega 2014 september . . . . . . . .
Verspreide huizen Sonnega 2014 december . . . . . . . .
Lasonder, Zeggelt 2014 maart 40 80 90 200 3 6 7 15
Lasonder, Zeggelt 2014 juni 40 80 90 200 3 6 7 16
Lasonder, Zeggelt 2014 september 30 80 90 200 2 6 7 15
Lasonder, Zeggelt 2014 december 30 80 90 200 2 6 7 15
Sonnenberg 2014 maart 0 0 0 10 2 0 2 8
Sonnenberg 2014 juni 0 0 0 10 0 0 2 9
Sonnenberg 2014 september 0 0 0 10 0 0 2 8
Sonnenberg 2014 december 0 0 0 10 2 0 2 8
Wijk 06 Sint Marten en Sonsbeek-Zuid 2014 maart 150 160 180 170 4 4 4 4
Wijk 06 Sint Marten en Sonsbeek-Zuid 2014 juni 150 160 180 170 4 4 5 4
Wijk 06 Sint Marten en Sonsbeek-Zuid 2014 september 140 150 190 170 4 4 5 4
Wijk 06 Sint Marten en Sonsbeek-Zuid 2014 december 150 150 190 170 4 4 5 4
Sonsbeek-Noord 2014 maart 40 10 20 210 4 1 3 24
Sonsbeek-Noord 2014 juni 40 0 20 220 4 0 3 24
Sonsbeek-Noord 2014 september 40 0 20 220 5 1 3 25
Sonsbeek-Noord 2014 december 40 0 20 220 4 0 3 25
Sonsbeek, Zijpendaal 2014 maart . . . . . . . .
Sonsbeek, Zijpendaal 2014 juni . . . . . . . .
Sonsbeek, Zijpendaal 2014 september . . . . . . . .
Sonsbeek, Zijpendaal 2014 december . . . . . . . .
Sonnevanck 2014 maart 0 0 10 100 1 0 4 55
Sonnevanck 2014 juni 0 0 10 100 1 0 4 54
Sonnevanck 2014 september 0 0 10 100 1 0 4 55
Sonnevanck 2014 december 0 0 10 100 0 0 4 56
Sonate en omgeving 2014 maart 10 0 10 10 2 0 3 2
Sonate en omgeving 2014 juni 10 0 10 10 3 0 3 2
Sonate en omgeving 2014 september 10 0 10 10 3 0 2 3
Sonate en omgeving 2014 december 10 0 10 10 4 0 3 3
Son en Breugel 2014 maart 310 210 520 3.550 2 2 4 27
Son en Breugel 2014 juni 290 210 510 3.580 2 2 4 27
Son en Breugel 2014 september 310 210 510 3.590 2 2 4 27
Son en Breugel 2014 december 330 210 500 3.600 3 2 4 27
Wijk 00 Son 2014 maart 190 120 380 2.710 2 1 4 29
Wijk 00 Son 2014 juni 190 120 370 2.740 2 1 4 29
Wijk 00 Son 2014 september 200 120 360 2.750 2 1 4 29
Wijk 00 Son 2014 december 210 120 360 2.760 2 1 4 29
Son 2014 maart 80 40 240 1.770 2 1 6 42
Son 2014 juni 80 40 240 1.770 2 1 6 42
Son 2014 september 90 40 230 1.780 2 1 5 42
Son 2014 december 90 50 230 1.790 2 1 5 42
Verspreide huizen Son 2014 maart 20 30 20 50 3 4 3 7
Verspreide huizen Son 2014 juni 20 30 20 60 3 4 3 8
Verspreide huizen Son 2014 september 20 30 20 60 3 4 3 7
Verspreide huizen Son 2014 december 20 30 20 60 3 4 3 7
Wijk 45 Sondel 2014 maart 10 0 10 60 4 0 3 18
Wijk 45 Sondel 2014 juni 10 0 10 60 4 0 3 19
Wijk 45 Sondel 2014 september 10 0 10 70 4 0 3 20
Wijk 45 Sondel 2014 december 10 0 10 70 4 0 3 20
Sondel 2014 maart 10 0 10 60 4 0 3 18
Sondel 2014 juni 10 0 10 60 4 0 3 19
Sondel 2014 september 10 0 10 70 4 0 3 20
Sondel 2014 december 10 0 10 70 4 0 3 20
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft per gemeente, wijk en buurt (indeling 2014), inzicht in het aantal personen met een sociale zekerheidsuitkering. Het betreft de personen met een uitkering voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom, bijstand en bijstandsgerelateerde uitkeringen.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).
Bij de categorie personen met een uitkering (totaal) wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

De cijfers over aantallen personen met een uitkering per buurt, wijk of gemeente kunnen in geringe mate afwijken van elders op StatLine gepubliceerde cijfers, doordat gebruik wordt gemaakt van de meest recente gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Omdat verschillende StatLine-tabellen op verschillende momenten geactualiseerd worden, kan het voorkomen dat voor de ene tabel een andere versie van de BRP wordt gebruikt dan voor een andere tabel. De laatst gepubliceerde cijfers zijn in dat geval het meest accuraat.

Gegevens beschikbaar vanaf: maart 2014.

Status van de cijfers:
De cijfers van 2014 zijn definitief.

Wijzigingen per 12 februari 2021:
Geen, deze tabelis stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Personen per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en ouderdomsuitkeringen.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW).
Bijstandsuitkering
Personen met een uitkering in het kader Wet werk en bijstand (WWB).
Wet werk en bijstand
Wet die de ondersteuning bij arbeidsinschakeling en bijstand regelt voor mensen die weinig of geen ander inkomen hebben en ook weinig of geen vermogen.
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2021 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.

Na 2021, tussen 2022 en 2024, kan de AOW-leeftijd geleidelijk oplopen naar 67 jaar. Na 2024 wordt beoogd de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen dan de levensverwachting. Dit betekent dat elk jaar levenswinst wordt vertaald in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.


Personen per soort uitkering, relatief
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidwet, Bijstandswet, Arbeidsongeschiktheidswet en de Algemene Ouderdomswet in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder per regio.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een bijstandsuitkering in het kader van Wet werk en bijstand (WWB) ontvangt in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
WWB biedt ondersteuning bij arbeidsinschakeling en regelt bijstand voor mensen die weinig of geen ander inkomen hebben en ook weinig of geen vermogen.
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering.
In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtige leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW.
Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd.
Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering.
Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2021 als volgt:

Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden.

Na 2021, tussen 2022 en 2024, kan de AOW-leeftijd geleidelijk oplopen naar 67 jaar. Na 2024 wordt beoogd de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen dan de levensverwachting. Dit betekent dat elk jaar levenswinst wordt vertaald in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.