Kerncijfers wijken en buurten 2014

Kerncijfers wijken en buurten 2014

Wijken en buurten Regioaanduiding Gemeentenaam (naam) Regioaanduiding Soort regio (omschrijving) Regioaanduiding Codering (code) Bevolking Aantal inwoners (aantal) Energie Gemiddeld elektriciteitsverbruik Naar woningtype Vrijstaande woning (kWh) Energie Gemiddeld aardgasverbruik Naar woningtype Vrijstaande woning (m³) Inkomen Inkomen van personen Aantal inkomensontvangers   (aantal) Inkomen Inkomen van personen Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger  (x 1 000 euro) Inkomen Inkomen van personen Gemiddeld inkomen per inwoner  (x 1 000 euro) Inkomen Inkomen van personen 40% personen met laagste inkomen (%) Inkomen Inkomen van personen 20% personen met hoogste inkomen (%) Inkomen Inkomen van personen Actieven 15-75 jaar (%) Inkomen Inkomen van huishoudens 40% huishoudens met laagste inkomen (%) Inkomen Inkomen van huishoudens 20% huishoudens met hoogste inkomen (%) Inkomen Inkomen van huishoudens Huishoudens met een laag inkomen (%) Inkomen Inkomen van huishoudens Huish. onder of rond sociaal minimum (%) Indelingswijziging wijken en buurten (code)
Wijk 00 Appingedam Wijk WK000300 12.065 3.700 1.900 9.300 25,6 20,2 44,5 14,1 53,8 45,8 13,0 10,8 8,4 1
Wijk 00 Bedum Wijk WK000500 10.495 3.600 2.000 7.800 27,4 21,1 39,9 17,2 58,7 34,7 18,8 6,6 5,0 1
Wijk 00 Bellingwolde Bellingwedde Wijk WK000700 3.980 3.850 1.950 3.100 25,3 19,9 44,1 14,0 50,7 43,6 12,5 11,2 8,1 1
Wijk 01 Oost Bellingwedde Wijk WK000701 955 3.750 1.950 800 25,7 20,8 45,5 14,9 48,7 43,9 16,0 11,2 8,3 1
Wijk 02 Blijham Bellingwedde Wijk WK000702 3.980 3.800 2.000 3.100 26,1 21,0 44,5 14,7 52,3 40,4 16,7 9,1 6,5 1
Wijk 00 West Ten Boer Wijk WK000900 6.090 3.650 1.950 4.400 28,1 20,9 38,3 19,0 61,3 30,3 20,3 6,9 6,1 1
Wijk 01 Oost Ten Boer Wijk WK000901 1.390 3.550 1.900 1.000 27,8 20,4 36,3 17,6 64,4 34,7 19,9 7,9 5,8 1
Wijk 00 Stad Delfzijl Wijk WK001000 17.415 3.700 1.950 13.300 25,4 20,3 46,0 14,2 49,7 47,8 11,9 13,2 10,8 1
Wijk 01 Land Delfzijl Wijk WK001001 725 3.850 2.000 600 31,3 24,2 35,5 25,7 63,9 27,2 27,5 5,8 4,7 1
Wijk 02 Delfzijl Wijk WK001002 3.700 3.650 1.900 2.800 26,8 20,8 39,9 16,8 55,8 35,8 15,6 7,3 4,8 1
Wijk 03 Delfzijl Wijk WK001003 3.855 3.600 2.000 2.900 27,1 20,4 41,1 17,3 57,1 34,0 17,4 7,7 6,0 1
Wijk 00 Binnenstad Groningen Wijk WK001400 18.695 3.600 2.800 16.000 19,0 17,9 66,8 10,0 36,4 81,1 5,2 24,4 18,8 1
Wijk 01 Schilders- en Zeeheldenwijk Groningen Wijk WK001401 25.055 3.700 2.200 20.700 19,7 17,2 61,5 10,0 38,4 73,4 6,0 19,1 15,2 1
Wijk 02 Oranjewijk Groningen Wijk WK001402 24.640 4.300 2.300 18.900 22,3 18,6 53,9 11,7 44,5 67,3 7,6 19,6 15,7 1
Wijk 03 Korrewegwijk Groningen Wijk WK001403 17.945 3.500 2.050 14.900 18,7 16,3 62,5 7,8 39,7 78,6 3,9 28,8 21,7 1
Wijk 04 Oosterparkwijk Groningen Wijk WK001404 12.260 3.900 1.900 10.200 21,3 18,5 56,3 10,2 45,3 74,7 5,3 26,0 20,6 1
Wijk 05 Oosterpoortwijk Groningen Wijk WK001405 9.635 4.050 1.950 7.600 27,5 23,6 46,4 20,5 54,9 58,7 14,1 15,9 12,6 1
Wijk 06 Herewegwijk en Helpman Groningen Wijk WK001406 25.040 4.900 2.950 19.800 30,0 25,5 41,8 21,9 54,1 56,6 15,1 12,8 9,9 1
Wijk 07 Stadsparkwijk Groningen Wijk WK001407 16.445 4.400 1.950 12.800 30,0 24,5 40,7 21,5 57,3 51,7 16,4 11,9 9,8 1
Wijk 08 Hoogkerk Groningen Wijk WK001408 15.735 4.050 1.850 11.100 30,1 21,6 34,5 21,5 64,1 31,1 22,6 7,9 6,1 1
Wijk 09 Noorddijk Groningen Wijk WK001409 32.855 3.950 1.900 24.600 26,4 20,0 39,9 15,9 57,7 44,8 13,6 15,7 12,1 1
Wijk 00 Grootegast Grootegast Wijk WK001500 5.275 3.900 1.950 3.800 24,6 18,1 46,0 13,0 58,6 40,4 15,4 9,1 7,7 1
Wijk 01 Lutjegast Grootegast Wijk WK001501 1.170 4.000 1.950 800 26,6 18,9 38,7 15,4 63,5 31,1 21,6 9,6 7,5 1
Wijk 02 Opende Grootegast Wijk WK001502 2.860 3.900 1.850 2.100 25,1 18,5 42,5 12,6 58,2 35,3 15,5 8,1 5,3 1
Wijk 03 Oldekerk Grootegast Wijk WK001503 2.860 3.700 1.900 2.100 25,7 19,2 43,1 14,6 63,3 31,4 19,2 6,8 4,6 1
Wijk 00 Centrum Haren Wijk WK001700 17.050 4.500 2.900 12.800 37,0 28,6 34,7 29,1 56,0 33,3 28,7 7,7 5,7 1
Wijk 01 Land Haren Wijk WK001701 1.730 4.700 2.600 1.400 36,7 29,3 36,5 29,2 57,8 26,1 37,9 8,3 6,1 1
Wijk 01 Foxham en Hoogezand-Noord Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001801 6.790 3.800 2.350 5.400 24,0 19,5 46,0 11,0 52,8 55,4 8,0 14,8 11,8 1
Wijk 02 Hoogezand-Zuid Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001802 11.985 3.750 2.150 8.900 21,1 16,0 51,9 7,4 44,2 55,3 5,4 17,9 14,7 1
Wijk 03 Kalkwijk Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001803 3.050 4.000 2.050 2.300 31,2 24,0 35,3 23,8 57,2 23,8 24,9 3,7 4,0 1
Kalkwijk-Zuid Hoogezand-Sappemeer Buurt BU00180305 145 4.250 2.350 100 31,1 25,6 42,1 24,8 58,3 . . . . 1
Kalkwijk-Noord Hoogezand-Sappemeer Buurt BU00180306 0 . . 0 . . . . . . . . . 1
Wijk 05 Kiel-Windeweer Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001805 890 4.050 2.000 700 28,2 21,9 37,8 20,6 58,9 24,4 21,9 8,0 5,7 1
Wijk 06 Kropswolde Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001806 1.660 4.500 2.300 1.300 41,4 31,6 30,9 33,9 55,7 20,2 41,5 7,7 6,1 1
Wijk 07 Foxhol Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001807 1.010 3.650 2.150 800 23,0 17,3 45,1 10,9 54,7 50,7 6,6 16,9 11,3 1
Wijk 08 Westerbroek Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001808 815 4.100 2.150 600 28,1 22,0 35,9 19,3 62,8 33,3 17,6 7,6 5,6 1
Wijk 09 Waterhuizen Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001809 30 4.000 2.250 0 . . . . . . . . . 1
Wijk 11 Sappemeer Hoogezand-Sappemeer Wijk WK001811 8.065 3.800 2.100 5.800 25,7 20,0 42,6 14,8 57,0 42,3 14,3 11,0 8,0 1
Wijk 00 Leek Leek Wijk WK002200 10.695 4.000 2.000 7.900 26,8 20,5 43,0 15,8 56,0 40,2 16,1 8,7 7,0 1
Wijk 01 Zevenhuizen Leek Wijk WK002201 2.825 4.000 2.050 2.100 27,2 20,6 43,2 16,9 62,0 31,1 22,1 6,7 5,1 1
Drostinnewijk Leek Buurt BU00220102 195 4.250 2.150 100 31,3 21,8 37,0 20,7 66,0 . . . . 1
Wijk 02 Tolbert Leek Wijk WK002202 4.505 4.000 1.950 3.300 28,3 21,6 39,5 19,2 56,6 37,4 18,5 10,3 7,5 1
Wijk 04 Midwolde Leek Wijk WK002204 410 4.050 2.150 300 31,9 25,8 40,5 21,8 61,8 23,6 32,9 5,6 6,3 1
Wijk 05 Lettelbert Leek Wijk WK002205 170 4.050 2.000 100 25,6 21,2 48,9 14,2 57,7 . . . . 1
Wijk 06 Oostwold Leek Wijk WK002206 660 4.300 1.950 500 27,8 21,2 39,2 18,4 60,7 43,0 19,0 10,0 8,1 1
Wijk 07 Enumatil Leek Wijk WK002207 330 3.550 2.000 200 27,3 19,9 34,8 18,9 65,4 32,5 22,8 6,5 5,7 1
Wijk 00 Loppersum Wijk WK002400 3.725 3.600 1.950 2.900 26,7 21,0 42,9 16,8 55,8 39,4 17,4 8,1 6,4 1
Wijk 01 Stedum Loppersum Wijk WK002401 1.655 3.250 2.000 1.300 27,3 21,3 39,4 18,3 62,5 33,7 19,3 8,4 6,1 1
Wijk 02 Middelstum Loppersum Wijk WK002402 2.675 3.400 1.950 2.000 26,1 19,7 42,5 14,5 57,5 43,2 16,9 11,5 8,4 1
Wijk 03 't Zandt Loppersum Wijk WK002403 2.140 3.800 2.000 1.700 26,5 20,6 42,3 16,4 58,2 38,5 17,6 11,6 7,1 1
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Overzicht van statistische gegevens van gemeenten, wijken en buurten in Nederland.

Gegevens beschikbaar: over 2014.

Status van de cijfers
Definitief, tenzij in de toelichting bij het onderwerp expliciet is vermeld dat het voorlopige cijfers betreft.

Wijzigingen per 18 december 2020:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Regioaanduiding
De gemeenten in Nederland zijn onderverdeeld in wijken en buurten. Buurten vormen het laagste regionale niveau. Wijken zijn optellingen van één of meer aaneengesloten buurten. De gemeente bepaalt zelf de indeling in wijken en buurten. Het CBS coördineert landelijk deze indeling.

Wijk:
Onderdeel van een gemeente waarin een bepaalde vorm van bodemgebruik of bebouwing overheerst. Bijvoorbeeld: industriegebied, woongebied met hoogbouw of laagbouw. Een wijk bestaat uit één of meerdere buurten.

Buurt:
Onderdeel van een gemeente, dat vanuit bebouwingsoogpunt of sociaaleconomische structuur homogeen is afgebakend. Homogeen wil zeggen dat één functie dominant is, bijvoorbeeld woonfunctie (woongebied), werkfunctie (industriegebied) of recreatieve functie (natuurgebied). Functies kunnen echter ook gemengd voorkomen.
Gemeentenaam
De naam van de bestuurlijke gemeente. Deze naam volgt de officiële schrijfwijze.
Soort regio
De gekozen regioaanduiding betreft: Gemeente, Wijk of Buurt.
Codering
Gemeentecode heeft 4 posities, voorafgegaan door ‘GM’.
Wijkcode heeft 6 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2), voorafgegaan door ‘WK’.
Buurtcode heeft 8 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2) + buurtcode (2), voorafgegaan door ‘BU’.
Bevolking
Aantal inwoners
Het aantal inwoners op 1 januari. Dit gegeven is ontleend aan de Structuurtelling Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). De standcijfers van het aantal inwoners kunt u niet gebruiken voor een correcte weergave van de ontwikkeling in de tijd. De grenzen of codes van wijken en buurten kunnen jaarlijks wijzigen waardoor adressen van een andere code worden voorzien.
De cijfers zijn afgerond op vijftallen.
Energie
Gemiddeld elektriciteitsverbruik
Het gemiddeld jaarverbruik voor elektriciteit op individuele aansluitingen van particuliere woningen, berekend uit gegevens van de aansluitingenregisters van de energienetbedrijven. Collectieve verbruiken van bijvoorbeeld liftinstallaties of hal-/galerijverlichting zijn hierbij niet inbegrepen. Het verbruik is exclusief elektriciteit die eventueel in de particuliere woningen zelf wordt opgewekt bijvoorbeeld door zonnepanelen.

De cijfers zijn afgerond op vijftigtallen en worden vermeld bij 6 of meer (bewoonde) woningen per woningtype of type eigendom (huur- of koopwoning).
Naar woningtype
De volgende typen worden onderscheiden: appartement, tussenwoning, hoekwoning, twee-onder-één-kap-woning en vrijstaande woning.
De typering wordt bepaald door het Kadaster.
Vrijstaande woning
Gemiddeld aardgasverbruik
Het gemiddeld jaarverbruik voor aardgas van particuliere woningen berekend uit gegevens van de aansluitingenregisters van de energienetbedrijven.
De berekening is inclusief woningen die zijn aangesloten op stadsverwarming. Deze woningen hebben een zeer laag of zelfs nulverbuik voor aardgas. Hierdoor valt in gebieden waar stadsverwarming aanwezig is het gemiddeld aardgasverbruik van woningen lager uit dan in gebieden zonder stadsverwarming.

De cijfers zijn afgerond op vijftigtallen en worden vermeld bij 6 of meer (bewoonde) woningen per woningtype of type eigendom (huur- of koopwoning).

Naar woningtype
De volgende typen worden onderscheiden: appartement, tussenwoning, hoekwoning, twee-onder-één-kap-woning en vrijstaande woning. De typering wordt bepaald door het Kadaster.
Vrijstaande woning
Inkomen
Deze tabel geeft informatie over het persoonlijk inkomen van personen in particuliere huishoudens waarvan het inkomen bekend is en het inkomen van particuliere huishoudens met een bekend inkomen. De gegevens komen uit het Regionaal Inkomensonderzoek (RIO) van het voorgaande jaar.

Het Regionaal Inkomensonderzoek van het CBS is voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van Financiën (de fiscale registers) en de bevolkingsregisters van de Nederlandse gemeenten (Basisregistratie personen). De Basisregistratie personen is een register waarin alle inwoners van een gemeente behoren te zijn ingeschreven. Uitgezonderd zijn:
- inwoners van Nederland die gebruik maken van uitzonderingsregels die gelden met betrekking tot opneming in de bevolkingsregisters (niet-Nederlandse diplomaten en niet-Nederlandse NAVO militairen). Zij mogen zelf bepalen of zij in de bevolkingsregisters ingeschreven worden of niet.
- asielzoekers die korter dan zes maanden in de centrale opvang verblijven en nog geen verblijfsvergunning hebben gekregen.
Inkomen van personen
De doelpopulatie bestaat uit personen in particuliere huishoudens.

De inkomensgegevens zijn gebaseerd op het persoonlijk inkomen. Dit omvat de volgende bestanddelen van het bruto-inkomen van een persoon:
- inkomen uit arbeid;
- inkomen uit eigen onderneming;
- uitkering inkomensverzekeringen;
- uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Aantal inkomensontvangers  
Personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens.
De cijfers zijn afgerond op honderdtallen.
Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger 
Het rekenkundig gemiddeld persoonlijk inkomen per persoon op basis van personen met persoonlijk inkomen die deel uitmaken van particuliere huishoudens.
De waarde is vermeld bij minimaal 100 personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens per regio.
Gemiddeld inkomen per inwoner 
Het rekenkundig gemiddeld persoonlijk inkomen per persoon op basis van de totale bevolking in particuliere huishoudens.
De waarde is vermeld bij minimaal 100 personen in particuliere huishoudens per regio.
40% personen met laagste inkomen
Aandeel personen in particuliere huishoudens die behoren tot de landelijke 40% met laagste persoonlijk inkomen.
Personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens zijn ingedeeld naar hoogte van het persoonlijk inkomen.
De indeling vindt plaats nadat alle personen landelijk zijn gerangschikt van laag naar hoog persoonlijk inkomen. Tot de laagste 40-procent-groep worden de veertig procent personen met het laagste persoonlijk inkomen gerekend.
Het persoonlijk inkomen omvat inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen onderneming, uitkering inkomensverzekeringen en uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens per regio.
20% personen met hoogste inkomen
Aandeel personen in particuliere huishoudens die behoren tot de landelijke 20% met hoogste persoonlijk inkomen.
Personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens zijn ingedeeld naar hoogte van het persoonlijk inkomen.
De indeling vindt plaats nadat alle personen landelijk zijn gerangschikt van laag naar hoog persoonlijk inkomen. Tot de hoogste 20-procent-groep worden de twintig procent personen met het hoogste persoonlijk inkomen gerekend.
Het persoonlijk inkomen omvat inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen onderneming, uitkering inkomensverzekeringen en uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens per regio.
Actieven 15-75 jaar
Het aandeel personen van 15 tot 75 jaar in particuliere huishuishoudens met als persoonlijke voornaamste inkomensbron inkomen uit arbeid of inkomen uit eigen onderneming, uitgedrukt in hele procenten van het totale aantal personen van 15 tot 75 jaar in particuliere huishoudens.
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 personen van 15 tot 75 jaar in particuliere huishoudens.
Inkomen van huishoudens
De doelpopulatie bestaat uit particuliere huishoudens waarvan het inkomen bekend is.
40% huishoudens met laagste inkomen
Aandeel particuliere huishoudens die behoren tot de landelijke 40% huishoudens met laagste huishoudensinkomen.
Particuliere huishoudens zijn ingedeeld naar hoogte van het besteedbaar huishoudensinkomen.
De indeling vindt plaats nadat huishoudens landelijk zijn gerangschikt van laag naar hoog besteedbaar huishoudensinkomen. Tot de laagste 40-procent-groep worden de veertig procent huishoudens met het laagste besteedbaar inkomen gerekend.
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 particuliere huishoudens per regio.

Het besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens bestaat uit het bruto-inkomen verminderd met:
- betaalde inkomensoverdrachten, zoals alimentatie van de ex-echtgeno(o)t(e);
- premies inkomensverzekeringen zoals premies betaald voor sociale verzekeringen, volksverzekeringen en particuliere verzekeringen in verband met werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ouderdom en nabestaanden;
- premies ziektekostenverzekeringen;
- belastingen op inkomen en vermogen.
20% huishoudens met hoogste inkomen
Aandeel particuliere huishoudens die behoren tot de landelijke 20% huishoudens met hoogste huishoudensinkomen.
Particuliere huishoudens zijn ingedeeld naar hoogte van het besteedbaar huishoudensinkomen.
De indeling vindt plaats nadat huishoudens landelijk zijn gerangschikt van laag naar hoog besteedbaar huishoudensinkomen. Tot de hoogste 20-procent-groep worden de twintig procent huishoudens met het hoogste besteedbaar inkomen gerekend.
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 particuliere huishoudens per regio.

Het besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens bestaat uit het bruto-inkomen verminderd met:
- betaalde inkomensoverdrachten, zoals alimentatie van de ex-echtgeno(o)t(e);
- premies inkomensverzekeringen zoals premies betaald voor sociale verzekeringen, volksverzekeringen en particuliere verzekeringen in verband met werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ouderdom en nabestaanden;
- premies ziektekostenverzekeringen;
- belastingen op inkomen en vermogen.
Huishoudens met een laag inkomen
Bij de bepaling van laag inkomen is van de particuliere huishoudens een aantal groepen niet meegenomen. Dit betreft enerzijds studentenhuishoudens en anderzijds huishoudens met een onvolledig jaarinkomen. De doelpopulatie bestaat dan ook uit particuliere huishoudens waarvan de hoofdkostwinner (of eventuele partner) het gehele jaar inkomen heeft en niet afhankelijk is van studiefinanciering.

Om te bepalen of een huishouden een laag inkomen heeft, wordt het inkomen van een huishouden omgerekend tot het gestandaardiseerde inkomen (exclusief eventueel ontvangen huurtoeslag). Vervolgens wordt dit gestandaardiseerde inkomen (met het prijsindexcijfer) herleid naar het prijspeil in 2000. Het resulterende gestandaardiseerde en gedefleerde inkomen is laag wanneer het minder is dan 9249 euro. Deze grens komt ongeveer overeen met de koopkracht van een bijstandsuitkering voor een alleenstaande in 1979 toen deze op zijn hoogst was.
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 particuliere huishoudens behorende tot de doelpopulatie per regio.
Huish. onder of rond sociaal minimum
Huishoudens onder of rond het sociaal minimum.

Bij de bepaling van het sociaal minimum is van de particuliere huishoudens een aantal groepen niet meegenomen. Dit betreft enerzijds studentenhuishoudens en anderzijds huishoudens met een onvolledig jaarinkomen. De doelpopulatie bestaat dan ook uit particuliere huishoudens waarvan de hoofdkostwinner (of eventuele partner) het gehele jaar inkomen heeft en niet afhankelijk is van studiefinanciering.

Het sociaal minimum is het wettelijk bestaansminimum zoals dat in de politieke besluitvorming is vastgesteld. Om te kunnen beoordelen hoe het inkomen zich verhoudt tot het minimum, is aan de hand van de regelgeving vastgesteld welke norm voor het desbetreffende huishouden van toepassing is. De norm voor een (echt)paar met uitsluitend minderjarige kinderen is bijvoorbeeld gelijkgesteld aan de bijstandsuitkering van een echtpaar, aangevuld met de (leeftijdsafhankelijke) kinderbijslag. Bij 65-plussers is het bedrag aan AOW-pensioen als norm gekozen.
Het waargenomen inkomen van huishoudens, die uitsluitend op een bijstandsuitkering zijn aangewezen, wijkt in veel gevallen in geringe mate af van de vastgestelde normbedragen. Zouden de normbedragen als inkomensgrens worden gehanteerd, dan valt een deel van deze huishoudens met hun inkomen net boven het sociale minimum. Daarom is niet 100%, maar 101% van het sociaal minimum als inkomensgrens gehanteerd.
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 particuliere huishoudens behorende tot de doelpopulatie per regio.
Indelingswijziging wijken en buurten
Deze indicator geeft per wijk en buurt aan of de cijfers uit deze tabel zonder problemen kunnen worden gekoppeld aan en vergeleken met de cijfers van een jaar eerder, of dat er wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling zijn waardoor dit niet kan. Detailinformatie over wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling kan worden verkregen door de wijk- en buurtkaart van twee opeenvolgende jaren met elkaar te vergelijken.

De indicator kent drie mogelijke waarden:
1: De codering en afbakening van deze wijk/buurt is ongewijzigd ten opzichte van het voorgaande jaar. Het is wel mogelijk dat een naamswijziging heeft plaatsgevonden. De cijfers kunnen worden gekoppeld en vergeleken met die van het voorgaande jaar.
2: De codering van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. De afbakening is ongewijzigd. Om te kunnen koppelen met cijfers van het voorgaande jaar zal eerst moeten worden achterhaald wat de codering van het voorgaande jaar was. Is de koppeling eenmaal geslaagd dan kunnen de cijfers alsnog met elkaar worden vergeleken.
3: De afbakening van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. Dit kan gepaard zijn gegaan met een gewijzigde codering. De cijfers kunnen niet zonder meer worden vergeleken met die van het voorgaande jaar. Verschillen kunnen immers samenhangen met de verandering in de afbakening van de wijk of buurt.

Voor een wijk of buurt wordt alleen een wijziging in de afbakening geconstateerd wanneer een grens circa 5 meter of meer is verlegd. Kleinere grenswijzigingen worden niet als significant beschouwd.