Personen in institutionele huishoudens; geslacht en leeftijd, 1 januari

Personen in institutionele huishoudens; geslacht en leeftijd, 1 januari

Geslacht Leeftijd Perioden Personen: burgerlijke staat Totaal aantal personen in instellingen (aantal) Personen: burgerlijke staat Ongehuwd (aantal) Personen: burgerlijke staat Gehuwd (aantal) Personen: burgerlijke staat Verweduwd (aantal) Personen: burgerlijke staat Gescheiden (aantal) Personen: soort instelling Verzorgings- en verpleeghuis (aantal) Personen: soort instelling Overige zorginstelling (aantal) Personen: soort instelling Overig soort instelling (aantal)
Totaal mannen en vrouwen Totaal 2020 258.863 128.254 35.040 72.152 23.417 119.911 114.394 24.558
Totaal mannen en vrouwen 0 jaar 2020 694 694 23 308 363
Totaal mannen en vrouwen 1 jaar 2020 596 596 10 298 288
Totaal mannen en vrouwen 2 jaar 2020 533 533 15 225 293
Totaal mannen en vrouwen 3 jaar 2020 497 497 9 200 288
Totaal mannen en vrouwen 4 jaar 2020 533 533 19 204 310
Totaal mannen en vrouwen 5 jaar 2020 493 493 5 183 305
Totaal mannen en vrouwen 6 jaar 2020 491 491 18 184 289
Totaal mannen en vrouwen 7 jaar 2020 515 515 12 184 319
Totaal mannen en vrouwen 8 jaar 2020 533 533 18 206 309
Totaal mannen en vrouwen 9 jaar 2020 548 548 20 237 291
Totaal mannen en vrouwen 10 jaar 2020 610 610 14 281 315
Totaal mannen en vrouwen 11 jaar 2020 650 650 19 323 308
Totaal mannen en vrouwen 12 jaar 2020 621 621 10 319 292
Totaal mannen en vrouwen 13 jaar 2020 782 782 13 490 279
Totaal mannen en vrouwen 14 jaar 2020 941 941 12 632 297
Totaal mannen en vrouwen 15 jaar 2020 1.082 1.082 0 0 0 12 786 284
Totaal mannen en vrouwen 16 jaar 2020 1.349 1.349 0 0 0 11 1.018 320
Totaal mannen en vrouwen 17 jaar 2020 1.643 1.643 0 0 0 19 1.214 410
Totaal mannen en vrouwen 18 jaar 2020 1.864 1.859 5 0 0 29 1.375 460
Totaal mannen en vrouwen 19 jaar 2020 2.225 2.212 13 0 0 48 1.657 520
Totaal mannen en vrouwen 20 jaar 2020 2.371 2.351 20 0 0 33 1.863 475
Totaal mannen en vrouwen 21 jaar 2020 2.508 2.481 24 0 3 44 2.012 452
Totaal mannen en vrouwen 22 jaar 2020 2.568 2.500 59 0 9 51 2.067 450
Totaal mannen en vrouwen 23 jaar 2020 2.554 2.484 54 3 13 51 2.081 422
Totaal mannen en vrouwen 24 jaar 2020 2.723 2.606 103 1 13 54 2.195 474
Totaal mannen en vrouwen 25 jaar 2020 2.844 2.718 112 2 12 59 2.309 476
Totaal mannen en vrouwen 26 jaar 2020 2.866 2.719 132 1 14 56 2.328 482
Totaal mannen en vrouwen 27 jaar 2020 3.045 2.852 154 1 38 54 2.470 521
Totaal mannen en vrouwen 28 jaar 2020 2.822 2.622 165 3 32 60 2.238 524
Totaal mannen en vrouwen 29 jaar 2020 2.826 2.578 209 4 35 57 2.214 555
Totaal mannen en vrouwen 30 jaar 2020 2.734 2.443 233 3 55 45 2.151 538
Totaal mannen en vrouwen 31 jaar 2020 2.791 2.482 249 2 58 46 2.185 560
Totaal mannen en vrouwen 32 jaar 2020 2.710 2.377 259 2 72 61 2.128 521
Totaal mannen en vrouwen 33 jaar 2020 2.539 2.180 303 4 52 37 1.953 549
Totaal mannen en vrouwen 34 jaar 2020 2.594 2.220 286 8 80 46 1.995 553
Totaal mannen en vrouwen 35 jaar 2020 2.537 2.131 317 4 85 48 1.923 566
Totaal mannen en vrouwen 36 jaar 2020 2.346 1.967 262 5 112 56 1.828 462
Totaal mannen en vrouwen 37 jaar 2020 2.324 1.919 278 3 124 45 1.820 459
Totaal mannen en vrouwen 38 jaar 2020 2.176 1.770 259 6 141 47 1.699 430
Totaal mannen en vrouwen 39 jaar 2020 2.303 1.860 305 8 130 46 1.815 442
Totaal mannen en vrouwen 40 jaar 2020 2.212 1.770 305 3 134 53 1.741 418
Totaal mannen en vrouwen 41 jaar 2020 2.121 1.742 252 5 122 48 1.726 347
Totaal mannen en vrouwen 42 jaar 2020 2.107 1.664 278 6 159 61 1.678 368
Totaal mannen en vrouwen 43 jaar 2020 2.062 1.646 241 11 164 54 1.694 314
Totaal mannen en vrouwen 44 jaar 2020 1.965 1.567 243 9 146 60 1.604 301
Totaal mannen en vrouwen 45 jaar 2020 2.081 1.624 264 14 179 58 1.701 322
Totaal mannen en vrouwen 46 jaar 2020 2.038 1.618 203 13 204 68 1.731 239
Totaal mannen en vrouwen 47 jaar 2020 2.289 1.814 240 12 223 79 1.938 272
Totaal mannen en vrouwen 48 jaar 2020 2.334 1.837 228 11 258 89 2.033 212
Totaal mannen en vrouwen 49 jaar 2020 2.352 1.806 240 14 292 83 2.029 240
Totaal mannen en vrouwen 50 jaar 2020 2.458 1.873 275 13 297 116 2.115 227
Totaal mannen en vrouwen 51 jaar 2020 2.456 1.875 259 17 305 142 2.100 214
Totaal mannen en vrouwen 52 jaar 2020 2.342 1.755 232 29 326 121 2.031 190
Totaal mannen en vrouwen 53 jaar 2020 2.376 1.757 247 18 354 156 2.056 164
Totaal mannen en vrouwen 54 jaar 2020 2.464 1.825 247 32 360 179 2.124 161
Totaal mannen en vrouwen 55 jaar 2020 2.506 1.844 271 27 364 198 2.142 166
Totaal mannen en vrouwen 56 jaar 2020 2.465 1.777 251 29 408 237 2.098 130
Totaal mannen en vrouwen 57 jaar 2020 2.423 1.751 245 35 392 238 2.040 145
Totaal mannen en vrouwen 58 jaar 2020 2.449 1.700 267 53 429 286 2.022 141
Totaal mannen en vrouwen 59 jaar 2020 2.338 1.631 256 46 405 295 1.892 151
Totaal mannen en vrouwen 60 jaar 2020 2.300 1.572 262 55 411 364 1.821 115
Totaal mannen en vrouwen 61 jaar 2020 2.167 1.440 251 66 410 366 1.702 99
Totaal mannen en vrouwen 62 jaar 2020 2.178 1.424 276 65 413 462 1.615 101
Totaal mannen en vrouwen 63 jaar 2020 2.104 1.324 255 88 437 473 1.550 81
Totaal mannen en vrouwen 64 jaar 2020 2.131 1.319 292 103 417 525 1.515 91
Totaal mannen en vrouwen 65 jaar 2020 2.103 1.245 299 112 447 555 1.467 81
Totaal mannen en vrouwen 66 jaar 2020 2.190 1.248 315 131 496 667 1.444 79
Totaal mannen en vrouwen 67 jaar 2020 2.156 1.210 298 170 478 735 1.350 71
Totaal mannen en vrouwen 68 jaar 2020 2.055 1.073 359 184 439 792 1.188 75
Totaal mannen en vrouwen 69 jaar 2020 2.072 1.010 370 215 477 929 1.067 76
Totaal mannen en vrouwen 70 jaar 2020 2.259 1.074 407 291 487 1.118 1.074 67
Totaal mannen en vrouwen 71 jaar 2020 2.313 973 520 320 500 1.228 1.020 65
Totaal mannen en vrouwen 72 jaar 2020 2.537 950 562 452 573 1.526 955 56
Totaal mannen en vrouwen 73 jaar 2020 2.752 907 697 559 589 1.788 897 67
Totaal mannen en vrouwen 74 jaar 2020 2.266 615 599 575 477 1.608 599 59
Totaal mannen en vrouwen 75 jaar 2020 2.593 642 687 686 578 1.954 574 65
Totaal mannen en vrouwen 76 jaar 2020 2.788 638 799 857 494 2.168 534 86
Totaal mannen en vrouwen 77 jaar 2020 2.825 537 839 915 534 2.324 428 73
Totaal mannen en vrouwen 78 jaar 2020 3.161 500 877 1.237 547 2.702 381 78
Totaal mannen en vrouwen 79 jaar 2020 3.782 614 1.132 1.429 607 3.255 416 111
Totaal mannen en vrouwen 80 jaar 2020 4.096 636 1.135 1.717 608 3.582 391 123
Totaal mannen en vrouwen 81 jaar 2020 4.395 578 1.182 2.012 623 3.937 325 133
Totaal mannen en vrouwen 82 jaar 2020 4.734 574 1.221 2.357 582 4.333 275 126
Totaal mannen en vrouwen 83 jaar 2020 5.342 599 1.380 2.824 539 4.978 238 126
Totaal mannen en vrouwen 84 jaar 2020 5.594 571 1.404 3.062 557 5.244 224 126
Totaal mannen en vrouwen 85 jaar 2020 6.031 538 1.363 3.573 557 5.709 190 132
Totaal mannen en vrouwen 86 jaar 2020 6.403 560 1.308 4.007 528 6.108 185 110
Totaal mannen en vrouwen 87 jaar 2020 6.970 584 1.361 4.560 465 6.686 148 136
Totaal mannen en vrouwen 88 jaar 2020 7.066 564 1.255 4.806 441 6.813 122 131
Totaal mannen en vrouwen 89 jaar 2020 7.116 547 1.093 5.044 432 6.867 128 121
Totaal mannen en vrouwen 90 jaar 2020 6.428 449 932 4.699 348 6.242 107 79
Totaal mannen en vrouwen 91 jaar 2020 6.041 456 722 4.571 292 5.865 72 104
Totaal mannen en vrouwen 92 jaar 2020 5.290 394 558 4.069 269 5.134 84 72
Totaal mannen en vrouwen 93 jaar 2020 4.719 383 440 3.719 177 4.606 49 64
Totaal mannen en vrouwen 94 jaar 2020 3.856 295 289 3.106 166 3.758 46 52
Totaal mannen en vrouwen 95 jaar of ouder 2020 10.831 893 456 9.059 423 10.557 120 154
Mannen Totaal 2020 119.677 77.489 18.596 12.749 10.843 35.390 69.649 14.638
Mannen 0 jaar 2020 355 355 16 156 183
Mannen 1 jaar 2020 288 288 3 145 140
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat informatie over het aantal personen in institutionele huishoudens in Nederland op 1 januari naar geslacht, leeftijd, burgerlijke staat en soort instelling.

Gegevens beschikbaar vanaf 1995.

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Met de beschikbare informatie is voor de verslagjaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de drie onderscheiden categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Wijzigingen per 3 september 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het vierde kwartaal van 2026 worden de definitieve cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Personen: burgerlijke staat
Personen in institutionele huishoudens naar burgerlijke staat.

Trendbreuk burgerlijke staat:
Vanaf 2010 is een kleine verschuiving tussen de verschillende burgerlijke staten opgetreden (minder ongehuwd en meer gescheiden en verweduwd). Dit komt omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt. De burgerlijke staten 'verweduwd na partnerschap' en 'gescheiden na partnerschap' worden daardoor binnen deze statistiek binnen deze periode genegeerd. Voor deze statistiek betekent dit dat de burgerlijke staat van vóór het partnerschap is gebruikt wat in de meeste gevallen ongehuwd was. Vanaf 2010 zijn alle burgerlijke staten beschikbaar.

Burgerlijke staat:
Formele positie van een persoon waarbij wordt verwezen naar het huwelijk en het geregistreerd partnerschap.
Doorgaans worden het geregistreerd partnerschap en het huwelijk op dezelfde wijze behandeld.

Huwelijk:
Wettelijke verbintenis tot het samenleven van twee personen.
Sinds april 2001 staat het huwelijk ook open voor personen van hetzelfde geslacht.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Vanaf 2014 worden de personen in institutionele huishoudens in drie categorieën gepresenteerd, te weten:
Verzorgings- en verpleeghuis, overige zorginstelling en overig soort instelling.

Partnerschapsregistratie:
Een op het huwelijk lijkende vorm van vastlegging van een relatie in een akte van de Burgerlijke Stand. De registratie staat open voor paren van gelijk en van verschillend geslacht.
De registratie is ingevoerd in Nederland per 1 januari 1998.

Totaal aantal personen in instellingen
Totaal aantal personen in institutionele huishoudens.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Vanaf 2014 worden de personen in institutionele huishoudens in drie categorieën gepresenteerd, te weten:
Verzorgings- en verpleeghuis, overige zorginstelling en overig soort instelling.
Ongehuwd
Vanaf 2010: burgerlijke staat die aangeeft dat een persoon nog nooit een huwelijk heeft gesloten of een geregistreerd partnerschap is aangegaan.
1998 tot 2010: burgerlijke staat die aangeeft dat een persoon nog nooit een huwelijk heeft gesloten of een geregistreerd partnerschap heeft.
Omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt, zijn de burgerlijke staten 'verweduwd na partnerschap' en 'gescheiden na partnerschap' in deze statistiek binnen deze periode genegeerd. Voor deze statistiek betekent dit dat de burgerlijke staat van vóór het partnerschap is gebruikt. Dat was meestal ongehuwd.
Tot 1998: burgerlijke staat die aangeeft dat een persoon nog nooit een huwelijk heeft gesloten.
Gehuwd
Vanaf 1998: wettig gehuwd plus partnerschap.
Tot 1998: wettig gehuwd.

Wettig gehuwd:
Burgerlijke staat die ontstaat na sluiting van een huwelijk.
Inclusief personen die zijn gescheiden van tafel en bed, want zij blijven formeel gehuwd.

Partnerschap:
Burgerlijke staat die ontstaat na het aangaan van een geregistreerd partnerschap.
Verweduwd
Vanaf 2010: verweduwd na wettig huwelijk plus verweduwd na partnerschap.
Tot 2010: verweduwd na wettig huwelijk.
Omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt, is 'verweduwd na partnerschap' in deze statistiek binnen deze periode niet meegeteld.

Verweduwd na wettig huwelijk:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een wettig huwelijk door overlijden van de partner.

Verweduwd na partnerschap:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een geregistreerd partnerschap door overlijden van de partner.

Gescheiden
Vanaf 2010: gescheiden na wettig huwelijk plus gescheiden na partnerschap.
Tot 2010: gescheiden na wettig huwelijk.
Omdat in de periode 1998 tot 2010 niet alle burgerlijke staten beschikbaar zijn in de bronbestanden die het CBS gebruikt, is 'gescheiden na partnerschap' in deze statistiek binnen deze periode niet meegeteld.

Gescheiden na wettig huwelijk:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een wettig huwelijk door echtscheiding.
Exclusief personen die zijn gescheiden van tafel en bed, want zij blijven formeel gehuwd.

Gescheiden na partnerschap:
Burgerlijke staat die ontstaat na ontbinding van een geregistreerd partnerschap anders dan door het overlijden van de partner.

Personen: soort instelling
Personen in institutionele huishoudens naar soort instelling.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Vanaf 2014 worden de personen in institutionele huishoudens in drie categorieën gepresenteerd, te weten:
Verzorgings- en verpleeghuis, overige zorginstelling en overig soort instelling.

Trendbreuk (personen in) institutionele huishoudens
Tot en met 2012 zijn de gegevens over institutionele huishoudens gebaseerd op door gemeenten verstrekte adresinformatie. Het jaar 2013 is een tussenjaar. Startpunt was daar de adresinformatie over 2012 aangevuld met secundaire bronnen, waarbij aangetekend dient te worden dat de cijfers over 2013 mogelijk van wat mindere kwaliteit zijn. Vanaf 2014 is de waarneming van institutionele huishoudens volledig gebaseerd op secundaire waarneming: gegevens over zorggebruik waarvan de kosten voor rekening komen van de Wlz (Wet langdurige zorg, voorheen AWBZ), afkomstig van het CAK, in combinatie met institutionele adressen van de website zorgkaartnederland.nl en adressenlijsten voor de overige typen instellingen zoals bijvoorbeeld asielzoekerscentra en gevangenissen. Zie verder de korte onderzoekbeschrijving. De institutionele huishoudens worden met de nieuwe methodiek die vanaf 2014 is toegepast beter waargenomen. Tevens zijn vanaf 2014 asielzoekers die woonachtig zijn in asielzoekerscentra en als ingezetenen ingeschreven staan in de Basisregistratie Personen (BRP) bij de institutionele huishoudens ingedeeld. Als gevolg van deze wijzigingen worden in 2014 249 duizend personen in institutionele huishoudens geteld, naar schatting circa 35 duizend meer dan met de oude methode geteld zouden worden.
Vanaf 2011 is er voor de samenstelling van huishoudensgegevens gebruik gemaakt van een nieuwe productiemethode. In deze nieuwe methode worden voor het bepalen van de huishoudenssamenstelling naast de gegevens uit het bevolkingsregister ook belastingdienstgegevens over samenwonende paren gebruikt. Het aantal personen in institutionele huishoudens ligt op 1 januari 2011 bijna 11 duizend hoger dan op 1 januari 2010. Ongeveer de helft van deze stijging is veroorzaakt door verbeteringen in de methode van waarneming.


Verzorgings- en verpleeghuis
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Verzorgingshuis:
Permanente wooneenheden ter beschikking gesteld aan bejaarden waarbij naast het verstrekken van maaltijden, het verrichten van schoonmaakdiensten en het eventueel beheren van een alarmsysteem, de persoonlijke begeleiding van de bewoners een wezenlijk onderdeel van de zorg vormt.

Verpleeghuis:
Instelling voor langdurige verpleging.
Overige zorginstelling
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Overige zorginstelling:
- instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, waaronder psychiatrische (afdelingen van) ziekenhuizen, instellingen voor kinder- en jeugdpsychiatrie, klinische verslavingszorg, forensische psychiatrie (Tbs-klinieken);
- instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten;
- opvangcentra voor volwassenen, waaronder daklozen.
Overig soort instelling
Met de beschikbare informatie is voor de verslag jaren 1995, 1996 en 1997 niet eenvoudig een eenduidige toedeling van personen in institutionele huishoudens te maken naar de 3 onderscheidende categorieën instellingen. Om die reden zijn de aantallen op onbekend gezet.

Overig soort instelling:
- gevangenissen en justitiële jeugdinrichtingen;
- opleidingsinternaten en opleidingsscholen voor politie en krijgsmacht;
- kazernes;
- kloosters;
- vanaf 1 januari 2014: asielzoekerscentra (enkel de bewoners die ingeschreven zijn in het bevolkingsregister).